wetenschap

Duurzame oplossing voor gifgasstort in Noordzee veraf

1 © Lode Delputte

Op de Paardenmarkt, een zandbank voor de kust van Knokke-Heist, ligt 35.000 ton Duitse restmunitie uit WO I, waaronder 400 ton mosterdgas. Omdat uitgraven uiterst riskant is voor mens en milieu, volgen overheid en specialisten een 'don't touch'-aanpak. Maar op termijn zal een duurzame oplossing nodig blijken.

Zaterdag in 'Reporter': "Tot nu toe zijn er nooit verontrustende metingen afgenomen. Maar wie zegt dat dat zo blijft?"
 
Stel, er scheurt een schip door de zandbank en de boel barst open, dan hebben we uiteraard een probleem
Jan Seys (Vlaams Instituut voor de Zee)

Ofschoon de Paardenmarkt de jongste decennia op gezette tijden het nieuws haalde, zijn maar weinig mensen op de hoogte van het bestaan ervan: op de zandbank, een kleine kilometer voor het strand van Duinbergen ligt sinds 1919-20 naar schatting 35.000 ton ongebruikte munitie uit WOI gedeponeerd.

Een derde van de lading zou uit gifgasgranaten bestaan. Die bevatten naast het beruchte mosterdgas ook het uiterst toxische Clark I en II. De koperen omhulsels niet meegerekend ligt er vermoedelijk zo'n 400 ton mosterdgas voor de kust.

Geen archieven
Dat overheid noch deskundigen over precieze cijfers beschikken, heeft alles te maken met het ontbreken van archieven: na de Groote Oorlog kende de Belgische administratie een moeilijke doorstart maar was het terzelder tijd zaak de restmuntie, die veel slachtoffers maakte, op te ruimen. Van november 1919 tot mei 1920 opteerde ons land voor dumpen op de zeebodem.

"Doordat we maar weinig weten over de exacte omstandigheden waarin het deponeren destijds plaatsvond, zou het hachelijk zijn om in de Paardenmarkt te gaan roeren", zegt Jan Seys van het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ). "Berging van de munitie wordt niet overwogen", zegt ook Tine Missiaen van het Renard Centre of Marine Geology (UGent). "Het zou een bijzonder dure onderneming worden met forse risico's, zowel voor het betrokken personeel als voor het milieu. De kans dat ongecontroleerde hoeveelheden schadelijke stoffen in het leefmilieu belanden, is erg groot."

'Don't touch'-aanpak
Sinds jaren kiest België dan ook voor de 'don't touch'-aanpak, een strategie die als de "minst slechte van de slechte oplossingen" bestempeld wordt. De Paardenmarkt wordt gemonitord, er vinden periodieke geofysische en geochemische metingen plaats, en in opdracht van het Directoraat-Generaal Leefmilieu controleren wetenschappers de evolutie van de zandbank. In dat verband is het een relatieve meevaller dat de munitie voor onze kust in de loop der jaren steeds dieper ingesedimenteerd raakte, en inmiddels een paar meter onder de zeebodem ligt.

Het neemt niet weg: onvermijdelijk zijn aan de Paardenmarkt risico's verbonden, en aanraking met vrijgekomen klonters mosterd- of ander gifgas kan dodelijk zijn. Bovendien, de met oranje boeien afgebakende zandbank ligt op een erg drukke scheepsroute, bij de haven van Zeebrugge. "Stel, er scheurt een schip door de zandbank en de boel barst open, dan hebben we uiteraard een probleem", zegt Seys.

Vroeg of laat zal ons land alsnog aan een finale oplossing moeten denken, zeggen specialisten. Eén optie zou erin bestaan de Paardenbank in te kapselen, met dijken te omgeven en er een eiland van te maken.

nieuws

cult

zine