Donderdag 20/02/2020

Tijdsperceptie

Waarom januari eindeloos lijkt te duren

Beeld Elise Vandeplancke

Duurt januari stiekem eigenlijk 310 dagen in plaats van 31, of is er meer aan de hand waarom we collectief aanvoelen dat deze maand niet vooruit te branden lijkt? De wetenschap biedt verrassend genoeg antwoorden.

Leuk weetje voor wanneer u ooit nog eens een barkruk met uw billen verblijdt: zowat alle maanden van onze gregoriaanse kalender tellen tussen de 28 en de 31 dagen, met uitzondering van januari, dat 73 dagen tot zo’n drieënhalf jaar in beslag kan nemen. Althans, dat zegt het internet.

Sociale media puilen uit van memes waarin geklaagd wordt hoe lang de maand januari duurt, en ook ikzelf maak er de gewoonte van om regelmatig ‘GOEIEMORGEN HET IS NOG STEEDS JANUARI!!!’ de wereld in te sturen. Jawel, het is vandaag nog steeds ‘maar’ 20 januari, en dat terwijl u – geef toe – dacht toch ook al een flinke 24 weken in de eerste maand van het jaar te vertoeven.

Hoe komt het dat januari eindeloos lijkt? 

Zelfs voor muizen

“Heel veel heeft te maken met de manier waarop wij tijd aanvoelen en dat is bijzonder subjectief”, zegt professor neurowetenschappen aan de Universiteit van Groningen Hedderik van Rijn, die zich heeft gespecialiseerd in tijdsperceptie. “Het bijzondere aan tijd is dat het geen eigen unieke set receptoren heeft, zoals ons gezichtsvermogen of gehoor. We hebben wel een soort van centraal tijdscentrum in onze hersenen, maar de info die daar bij elkaar komt halen we uit allemaal andere zintuigen en hersengebieden. Wanneer we dus bijvoorbeeld iets zien of horen voegen we daar een bepaalde tijdscomponent aan toe, die we dan gaan ‘uitlezen’ om te weten hoeveel tijd er voorbij is.”

Die interne klok is echter bijzonder gevoelig. Zaken als cafeïne, plezier, angst of ook bepaalde drugs kunnen het arme ding ontregelen en ons doen aanvoelen dat de tijd sneller of trager voorbijgaat. Het aloude gezegde ‘time flies when you’re having fun’? Dat is psychologisch ook echt zo. In studies bij muizen werd al aangetoond dat hogere levels dopamine, ook weleens het gelukshormoon genoemd, een duwtje geven aan de wijzers van onze interne klok, waardoor het voor de muizen leek alsof de tijd sneller voorbij leek te gaan. Yep. Zelfs voor muizen is januari een slopende belevenis.

Citytrip versus misviering

Ook wanneer je heel wat nieuwe informatie te verwerken krijgt gaat je interne klok sneller tikken. Daarom dat een weekend waarin je een citytrip doet voorbij lijkt te vliegen, terwijl je een weekend thuiszitten en naar een saaie misviering gaan met je groottante voorbij kruipt. Paradoxaal genoeg zal dat weekendje weg achteraf, wanneer je erop terug kijkt, wel langer lijken dan dat weekend thuis, omdat je veel nieuwe dingen doet en ziet die opgeslagen worden in je geheugen, terwijl een weekend thuis hetzelfde als altijd verloopt en er dus minder opgeslagen wordt en het dus minder (tijds)volume in beslag neemt. 

“Dat is volgens mij de voornaamste reden waarom januari zo traag lijkt vooruit te gaan”, aldus Van Rijn. “Na december, een maand die gevuld is met feest, met mensen terugzien, met nieuwe sensaties zoals bijvoorbeeld de ijsbaan die weer in de stad is, lijkt januari wel heel erg saai. Bovendien moet je ook heel wat klusjes klaren die minder fijn zijn als de kerstboom zetten, cadeautjes kopen of dessert maken voor je geliefden.”

Zogezegd even lang als december

Dat klopt. Januari is even donker en guur als december, telt (zogezegd) even veel dagen, maar toch lijkt de voorbije maand in een flits voorbij te zijn gegaan. Ik weet niet wat met u, maar mijn januari wordt gekleurd door dingen die ik liever had genegeerd. Ik moet mijn financiën weer wat op orde brengen, nadat ik in december iets te enthousiast ben gaan cadeaushoppen. Ik snoer de broeksriem weer aan, nadat ik in december iets te enthousiast mijn liefde voor kaas heb omarmd. En ik breng mijn avonden grotendeels door tussen de taxibonnen en kassatickets omdat het spook van de belastingen weer om de hoek gluurt. 

Waarschijnlijk hebben uw vrienden ook geen zin om af te spreken, omdat ze  in december een overload aan sociaal contact hebben gehad, en de kans is groot dat als uw makkers toch de koude willen trotseren en buiten komen, ze uw inderhaast aangemaakte feestvreugde overgieten met een Spa rood. Heel wat mensen drinken deze maand immers geen alcohol of wagen zich voor het eerst op een fitnesstoestel. Aangezien het zo’n zes weken duurt eer een goed voornemen min of meer een gewoonte wordt en u er daadwerkelijk plezier uit haalt (of: er op zijn minst geen last meer van ondervindt) maakt dat van januari nu ook niet bepaald de meest plezierige maand. 

Blue Monday

Het is dan ook niet toevallig dat marketeers vandaag, de derde maandag van januari, hebben uitgekozen om pseudowetenschappelijk tot ‘Blue Monday’ om te dopen, “de meest depressieve dag van het jaar”. Ondertussen is al gebleken dat Blue Monday een stunt van een reisbureau was om mensen aan te sporen een vakantie te boeken tijdens deze periode, maar het psychologische concept van de winterblues is u allicht niet vreemd. De Amerikaanse psychiater Norman Rosenthal beschreef in 1984 voor het eerst het Seasonal Affective Disorder – toepasselijk genoeg tot SAD afgekort. Rosenthal bestudeerde lange tijd de impact van seizoenswissels op ons gemoed en was ervan overtuigd dat zo’n één op de vijf Amerikanen last heeft van een vorm van SAD – een ziekte die hij op een spectrum ziet, waarbij het kan gaan van een dipje tot een serieuze depressie. De symptomen, zoals prikkelbaarheid, lusteloosheid en neerslachtigheid starten in de herfst en nemen weer af in de lente. 

Gebrek aan daglicht wordt gezien als de grootste boosdoener. Daglicht helpt met de productie van het stemmingshormoon serotonine en het slaaphormoon melatonine, dat is al wetenschappelijk aangetoond, maar het causale verband met een daadwerkelijke depressie wordt nog steeds in vraag gesteld. “Lichttherapie blijkt vrij effectief te zijn, maar werkt volgens studies ook voor een depressie die niet seizoensgebonden is”, zei klinisch psycholoog en KU Leuven-professor Filip Raes in 2016 hierover in deze krant. “Dat betekent dus niet dat een gebrek aan zonlicht per se ook de oorzaak van de depressie is. Je kan het vergelijken met hoofdpijn: aspirines zijn effectief tegen hoofdpijn, maar dat betekent niet dat hoofdpijn wordt veroorzaakt door een gebrek aan aspirines.” 

Hoewel Rosenthal ervoor pleitte dat SAD op een andere manier benaderd wordt als een ‘klassieke’ depressie, zijn er steeds meer studies die het bestaan van een specifiek seizoensgebonden depressie ontkrachten. 

Januari is op de bus wachten

Toch moeten we de marketeers achter Blue Monday krediet geven: het boeken van een tripje in januari is geen slecht idee. Januari heeft geen feestdagen of verlofdagen, en de maand die erop volgt, februari, is ook maar suf tenzij u een fan bent van Valentijn of (godbetert) carnaval. Iets om naar uit te kijken zal ervoor doen zorgen dat de tijd toch iets sneller lijkt te gaan, meent ook Van Rijn. 

“Maar het feit dat iedereen de hele tijd zit te tweeten dat januari zo lang duurt helpt de zaken niet vooruit, letterlijk”, lacht de professor. “Wanneer je constant memes tegenkomt waarin mensen zeggen dat deze maand eindeloos duurt, beïnvloedt dat niet alleen je eigen mening, maar zorgt dat er ook voor dat je telkens opnieuw op je interne klok kijkt, waardoor het langer lijkt te duren.” 

De Israëlische psycholoog Dan Zakay poneerde in 1992 al dat een groter bewustzijn van tijd, de tijd ook trager doet gaan. Voor wie kijkt naar seconden die wegtikken zal een minuut bijvoorbeeld altijd langer duren. Hetzelfde voor mensen die in de file staan en nerveus de klok in het oog houden omdat ze niet te laat willen komen. “Een halfuur op de bus wachten lijkt langer te duren dan een halfuur een aflevering van je serie kijken”, vult Van Rijn aan. “Januari is op deze manier een beetje het op de bus wachten van het jaar.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234