Vrijdag 22/11/2019

poëzie

Wie wint de vernieuwde Herman de Coninckprijs voor poëzie? Dit zijn kanshebbers

Met de klok mee, van linksboven: Joost Baars, Hester Knibbe, Tonus Oosterhoff, Ester Naomi Perquin en Marije Langelaar, Beeld rv

Vrijdagavond 8 juni wordt door Peter Verhelst, de laureaat van vorig jaar, de nieuwe Herman de Coninckprijs uitgereikt, een initiatief van Behoud de Begeerte. De Coninck was tegen hokjesdenken en zou ongetwijfeld blij zijn geweest met de shortlist: zes sterke dichters, zes noorderburen. Op de uitreiking in de Arenberg in Antwerpen zullen ze hun favoriete gedicht uit hun genomineerde dichtbundel voorlezen. U krijgt ze hier als primeur.

Marije Langelaar

Marije Langelaar (1978) zet zich af tegen de vergankelijkheid en de zinloosheid van het bestaan, die in haar leven gestalte kreeg door een relatiebreuk. Er is een kind dat Langelaar nog aan haar leven met haar vorige geliefde herinnert en haar dus naar beneden trekt, het verleden in. Tegelijk schenkt het haar ook energie om verder te kunnen. Dat resulteert in knetterende gedichten in de bundel Vonkt, zoals het volgende.

Stoel

Ik stond naast een tafel en het verontrustte mij dat ik zo

alleen was en opeens hoorde ik het kloppen erg

zachtjes weliswaar maar iets maakte zich kenbaar.

Het was zo subtiel dat ik moest knielen, zo vond ik de

stoel en ik raakte het hout zoals je een tong raakt, ik

legde mijn vinger in een nerf, het begon onmiddellijk te

schemeren en dieren stonden om ons heen.

Inmiddels was ik al niet veel groter dan een speldenpunt

en innerlijk dronken de stoel zond mij zijn gedachten, vrij

technisch maar gevolgd door het ruisen van bomen

voor even, een seconde of drie werd ik stoel. Het was zalig, zalig

dat hout in mijn wervels! De klop in mijn been, een bestaan

zonder bloed of gedachten. En stil te staan eeuwig. En

opgetild. En altijd die functie en een

innerlijk waaien van de bomen afkomstig.

Marije Langelaar, 'Vonkt', De Arbeiderspers, 88 p., 17,99 euro. Beeld rv Ivonne Zijp

Tonnus Oosterhoff

Tonnus Oosterhoff (1953) is gefascineerd door de ontregeling: hoe we met taal moeilijk vat kunnen krijgen op de werkelijkheid, zeker wanneer we door ouderdom, ziekte of een fysiek probleem belemmerd worden. Zijn gedichten zijn vaak tragikomisch, maar soms ook gewoon schrijnend. Emotionaliteit wordt hier bevraagd. En net daar word je als lezer emotioneel van. 

(zonder titel)

kijk uit de schelp naar de krab uit het gras naar de koe

uit het nieuws naar de krant uit de bal naar de stok

uit de koe naar de man met het mes en de bloedgeur

kijk uit het stof naar de nacht uit het hol

dat niet hol is het vol dat niet vol is de regen

Tonnus Oosterhoff, 'Ja Nee', De Bezige Bij, 96 p., 17,99 euro. Beeld rv Ellen Karelse

Ester Naomi Perquin

In Celinspecties kroop Ester Naomi Perquin (1980) in de huid en het hoofd van misdadigers die ze een aantal jaren geleden als cipier moest bewaken. Niet evident. Net als de afwezigheid onderzoeken dat is, want zij is, schrijft Perquin, zodanig ‘afhankelijk’ van ons verdwijnen, ‘dat zij niet valt waar te nemen.’ Perquin reflecteert in Meervoudig afwezig over aanwezigheid en verdwijnen, door concrete situaties neer te zetten.

Wegens Logistieke Problemen

Op woensdag ontvingen we een doos

waarin zich onze toekomst bevond.

Dat was natuurlijk een vergissing, we hadden het direct begrepen.

De fabrikant klonk paniekerig aan de telefoon.

Niet openmaken, wat u ook doet, niet openmaken. Er komt direct

iemand aan om de doos open te maken.

We wachtten. We zetten de doos intussen midden in de kamer,

op het kleed. Het was een flinke doos. En zwaar.

We trokken conclusies, dronken thee.

Toen legden we om beurten een oor tegen het karton. Er was,

heel zacht, muziek te horen. Het geluid van kraanvogels

die hoog overvliegen. Geroezemoes. Een stoomtrein,

duidelijk een stoomtrein die vertrok.

Toen er werd aangebeld hadden we juist het plakband doorgesneden.

Er stroomde licht tevoorschijn, als vocht uit een wond.

‘Ik kom de doos ophalen,’ schreeuwde iemand

door de brievenbus. ‘Doe open.’

Maar wij stapten voorzichtig de doos in en zagen

dat we mooier dan ooit vergeten zouden wat we

dachten dat ons te wachten stond.

Ester Naomi Perquin, 'Meervoudig afwezig', Van Oorschot, 40 p., 16,99 euro. Beeld rv Tessa Posthuma de Boer

Hester Knibbe

‘Oerwoorden’ zijn woorden die al meer dan vijftienduizend jaar bestaan en aantonen dat talen van Europa tot Azië met elkaar verbonden zijn. De woorden as en vuur die de titel van Hester Knibbes bundel vormen, horen daarbij. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Knibbe (1946) niet alleen de taal tot haar essentie herleidt, maar ook de mens, met zijn verlangens en driften en zijn angsten. Deze bundel geeft je vuur. 

Dit

Dit,

maar leg er je vinger eens op, ontglipt het

aan zicht en moment, verbergt het zich

achter een ander dit en was het dit wel. Of

het hecht zich hardnekkig, wil niet uit je

denken. Dit: zeg het na en het verandert

zomaar van klank. Het is kijken tegen de zon in

en nog lang erna niets zien dan die rode

blinde verdoving van licht in je ogen. Of

dit: verwaaiende afdruk van vogelpootjes

richting de branding.

Hester Knibbe, 'As, vuur', De Arbeiderspers, 80 p., 17,99 euro. Beeld rv Tineke de Lange

Nachoem M. Wijnberg

Het lijkt erop dat Nachoem M. Wijnberg (1961) in Voor jou, van jou met de lezer op zoek wil gaan naar coherentie, om vat te krijgen op herinneringen en op de manier waarop we met elkaar proberen om te gaan, vanuit het besef dat we het echte overzicht en inzicht altijd zullen missen.

Zwaar, Licht

Je kan honderden voorbeelden geven

van wat gewicht is, maar je herinnert je

er maar één.

Wanneer je honderdtwintig

kilo weegt omdat je

tegen iemand op wilde lopen

die tegen je zegt: je kan niet altijd

zo zwaar zijn.

En dan nóg een: een kind

met elk van zijn handen

in een hand van een van zijn ouders

die hem samen optillen en laten schommelen

terwijl zij verder lopen.

Je maakt het lichte zwaar,

omdat je er niet goed in bent,

en niet van anderen wil leren.

Daarna word je enkel

om wat zwaar is gevraagd

en je hoopt dat je ondertussen

- je kan niet zeggen hoe -

beter zal worden in het lichte.

Nachoem M. Wijnberg, 'Voor jou, van jou', Atlas Contact, 102 p., 21,99 euro. Beeld rv Merlijn Doomernik

Joost Baars

In zijn bundel Binnenplaats, waarvoor hij de VSB-poëzieprijs kreeg, probeert Joost Baars (1975) met mystiek greep op de dingen te krijgen. Hij laat zien dat de dingen wringen, maar dat er altijd mogelijkheden bestaan als tegenwicht voor het vallen, dat zo eigen is aan het leven. 

Theologie van de stoel

Voor Estelle

omdat de stoel niet samenvalt met de naam van de stoel

omdat de naam van de stoel alles wat niet stoel is aanwezig stelt

omdat onder de naam van de stoel het universum in zijn geheel bestaat uit wat wel en wat niet stoel is

omdat het noemen van namen een daad is

gaan zitten bijvoorbeeld

omdat gaan zitten de naam van de stoel bevestigt

en daarmee alles wat niet stoel is

en daarmee het universum onder de naam van de stoel

omdat de wet van het universum eindeloos vallen is

omdat lichamen vallen

omdat onder de naam van het lichaam alles voorbij het lichaam aanwezig wordt gesteld

omdat ons bestaan belichaamd is

omdat ons belichaamde zijn het noemen is van een naam

omdat niemand zijn eigen lichaam benoemt

en onder de naam van het lichaam het vallen besloten ligt

omdat elke zoon een gebroken zoon voortbrengt

omdat taal ons bewoont en ontvalt

bevallen het eindeloos vallende lichaam zijn naam geeft

omdat in bevallen de naam van het vallen besloten ligt

omdat de naam van het vallen alles wat niet vallen is aanwezig stelt

omdat het vallen niet samenvalt met de naam van het vallen

omdat onder de naam van het vallen het universum in zijn geheel bestaat uit wat wel en niet vallen is

omdat vallen de wet van het universum is

omdat het eindeloos vallen materie voortbrengt

stoelen bijvoorbeeld

omdat onder de naam van de stoel het eindeloos vallen vraagt om een naam

omdat een naam je ontvalt als een antwoord

als je gaat zitten

als je je zoon in je armen neemt

omdat de gebroken zoon een verrezen zoon in je mond legt

heilig zij zijn onwettige naam

Joost Baars, 'Binnenplaats', Van Oorschot, 96 p., 16,99 euro. Beeld rv Tessa Posthuma de Boer
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234