Donderdag 27/01/2022

Dans

Wie is er bang van De notenkraker?

null Beeld Joris Casaer
Beeld Joris Casaer

Ballet Vlaanderen waagt zich voor het eerst in zestien jaar aan klassieker der klassiekers De notenkraker. Aan de jonge gastchoreograaf Demis Volpi om de platgedanste paden te omzeilen. Verslag vanuit de repetitieruimte.

LOTTE BECKERS

Alain Honorez (37) raast als een vervaarlijke wervelwind door de dansstudio. Zijn smal, pezig lijf springt, loopt en draait als een nijdige kat, zijn lange zwarte jas wappert in de lucht. Zijn bewegingen zijn snel, snedig en bijzonder expressief. Zijn blik is priemend en intens, zijn glimlach uitdagend. Hij danst ongrijpbaar en onheilspellend.

Het is een maandagmiddag, begin december. De compagnie heeft nog anderhalve maand te gaan voor de première in de Antwerpse Stadsschouwburg. De Argentijnse choreograaf Demis Volpi waarschuwt ons, zwarte ringmap met aantekeningen onder de arm: het zal een wat saaie repetitie worden. Het eerste bedrijf is zogoed als klaar, vandaag worden de laatste haperingen bijgeschaafd. Negen dansers - zes gespierde mannen en drie kleine, tengere vrouwen - herhalen keer op keer dezelfde bewegingen. Afwisselend zullen deze 'principals' de drie hoofdrollen vertolken in de dansproductie, die met een jonge, opkomende choreograaf probeert te ontsnappen aan de clichés van het wereldwijd platgedanste repertoirestuk.

Het verhaal speelt zich af op kerstavond. Honorez danst op de première de rol van Drosselmeier, de mysterieuze peetvader van Clara. Van hem krijgt ze een houten notenkraker cadeau. 's Nachts belandt het meisje in een dromerige trip (of is het toch allemaal echt?) en wordt de notenkraker een prins. Er breekt een hevig gevecht uit tussen muizen en speelgoedsoldaatjes, aangevoerd door de prins.

Als die strijd beslecht is (de prins wint, uiteraard), volgt Clara haar held naar een besneeuwd woud en uiteindelijk naar snoepgoedland. Passeren daar de revue: een suikerfee, een bloemenwals en dansende sneeuwvlokken en cupcakes.

"Zíj moet je hand loslaten, Alain. Nog eens." Honorez knikt en lijkt de danspassen nog eens uit te voeren in zijn hoofd. Hij reikt zijn linkerhand aan Clara, of Fiona McGee, een twintigjarige Britse ballerina, klein en tenger genoeg om een jong meisje te vertolken. Ze duwt haar pointe stevig in de grond en wipt omhoog in arabeske, waarbij ze haar andere been kaarsrecht naar achteren gooit, de lucht in.

Hij grijpt onder haar oksel en laat haar in een boog pivoteren naar zijn rechterhand. Alle gewicht komt op haar voet terecht, bijna dubbelgeplooid in de pointe. Op haar kuiten vormen haar spieren duidelijke lijnen. Als ze weer op beide benen staat, kijkt ze haar danspartner aan en trekt ze een gezicht dat verbazing moet uitdrukken. De twee dansers laten elkaar los, McGee trippelt weg. "Oké, opnieuw."

Hier moet een hand iets sneller verplaatst worden, daar mag een beweging met de voet agressiever. Het zijn centimeters en seconden in een choreografie die ruim anderhalf uur duurt. De pianiste wacht geduldig tot de aanwijzingen overgemaakt zijn en de dansers weer op adem zijn gekomen, en heft dan weer een halve minuut Tsjaikovski aan, tot ze opnieuw onderbroken wordt. De dansers creëren de illusie van bijna-moeiteloze elegantie en gewichtloosheid. Het publiek zal het zweet niet zien, het diepe gehijg niet horen.

De Britse ballerina Fiona McGee, die gestalte geeft aan Clara, wordt een kleedje aangemeten. Beeld Joris Casaer
De Britse ballerina Fiona McGee, die gestalte geeft aan Clara, wordt een kleedje aangemeten.Beeld Joris Casaer

Gehaktbrood

Voor de leken: veel klassieker dan De notenkraker wordt het niet. Het ballet, gebaseerd op een sprookje van de Duitse schrijver E.T.A. Hoffmann en muziek van Pjotr Tsjaikovski, is een wervelwind van tutu's en het betere pointewerk. Maar rond de kerstklassieker hangt ook een zeemzoet en duf imago, niet geheel onterecht. Veelal zijn de uitvoeringen traditioneel en de decors kitscherig.

Sarah Kaufmann, danscriticus van The Washington Post met een Pulitzer in de kast, formuleerde het een paar jaar geleden treffend in een stuk over de "tirannie van De notenkraker". "Elk jaar werpt De notenkraker zijn lange schaduw over het najaarsseizoen van de dans, elke voorpret smorend met de dreigende marteling om weer iets fris te moeten melden over het balletequivalent van een gehaktbrood."

"We mogen niet bang zijn voor De notenkraker", zegt Sidi Larbi Cherkaoui. Deze liefhebber van abstracte, niet-verhalende choreografieën werd bijna een jaar geleden aangesteld als artistiek directeur om een frisse wind door Ballet Vlaanderen te jagen. Zelf heeft hij niets te maken met De notenkraker, de productie werd besteld door zijn voorganger Assis Carreiro. Maar de man die pas volgend seizoen duidelijk zijn stempel op de compagnie zal drukken, zegt dat er binnen het huis ruimte is voor klassiekers van dit kaliber. Zelf werkt hij mee aan De notenkraker voor de Opéra National de Paris, die in maart in première gaat. Maar: "Ofwel breng je een historisch relevante versie - er zijn revolutionaire producties die heel boeiend zijn - ofwel breng je een nieuwe kijk naar het podium."

Demis Volpi maakt zich sterk dat hij het ballet de 21ste eeuw in heeft getrokken door het libretto stevig af te stoffen. Daarmee heeft hij enige logica in het verhaal gebracht, maar ook een kindersprookje van meer gelaagdheid voorzien. "We zijn te rade gegaan bij Hoffmann, die een psychologisch verhaal schetste over een familie. De notenkraker gaat evengoed over familiale dynamieken of de angsten van ouders met opgroeiende kinderen. De moeder van Clara ziet haar omgang met de prins, maar wil niet dat haar dochter al bepaalde dingen voelt of ziet."

Honorez, die de compagnie twee jaar geleden verliet maar nu als gast meedanst, is enthousiast over zijn rol: "Volpi heeft het verhaal een twist gegeven. Bepaalde personages, zoals Drosselmeier, hebben een belangrijkere rol gekregen. Hij wordt een Johnny Depp-achtige figuur. Volpi is net een kind, zo veel verbeelding heeft die man."

Deze versie heeft iets magisch, vindt hij, maar wel met een duister randje. Voor de kostuums, die nog onder de naaimachine liggen, willen ze de flair van een Vivienne Westwood, de wat conservatieve balletliefhebber wordt gepaaid met een kerstboom op de scène, een obligaat decorstuk in De notenkraker.

Ook de houten notenkrakerpop moet naar de visagie. Beeld Joris Casaer
Ook de houten notenkrakerpop moet naar de visagie.Beeld Joris Casaer

Nieuwe taal

McGee en Honorez laten voor de zoveelste keer elkaars hand los. Volpi hamert erop: "Dit is een sleutelmoment." In deze scène lonkt de droomwereld en vraagt Clara haar peetvader Drosselmeier om een bemoedigende blik. Dat moet het publiek meteen vatten. "Jullie blikken verklaren dit hele stuk. Je moet echt in elkaars ogen kijken, anders geloof ik het niet." Tegen McGee: "Je gestrekt been op het einde van die frase is minder belangrijk dan wat je uitstraalt."

Het bleek al tijdens de repetitie: eerder dan de virtuositeit van de dansers uitspelen, wil Volpi een helder theatraal verhaal vertellen. Voor de dansers voelt het aan als een nieuwe taal aanleren. "Als kinderen van de balletschool zijn we grootgebracht met een duidelijk vocabulaire. Als je een prins bent, dan beweeg je op een bepaalde manier", legt Honorez uit.

"Nu zijn de bewegingen niet vloeiend, maar heel statisch en soms minuscuul. De drang is er bij de dansers om zoveel meer te doen. Volpi zei het daarnet nog op de repetitie: het is te veel en te groot, dat wil hij niet, zo wordt de vertolking te vlak. Het publiek moet vergeten dat het in een stoeltje zit te kijken naar vier pirouetten, een sprong en een lift."

Dansers Alain Honorez (l.), Wim Vanlessen en Fiona McGee repeteren tot in de kleinste details. Beeld Joris Casaer
Dansers Alain Honorez (l.), Wim Vanlessen en Fiona McGee repeteren tot in de kleinste details.Beeld Joris Casaer

Kersttraditie

Wim Vanlessen (40), de notenkraker in het stuk, stelt vast dat de dansers in het eerste bedrijf veel acteren. "Dansers zijn vaak alleen met beweging bezig. Ze willen de pirouette goed afwerken en het been mooi hoog houden. Ik vind het best een knappe keuze van Volpi, omdat zijn aanpak veel aandacht vraagt, terwijl hij amper tijd heeft." Maar ook: "Het tweede bedrijf, dat we nog moeten creëren, leent zich voor meer dans. Anders blijven we wat op onze honger zitten."

"Het is de enige manier waarop dans logisch is", legt de choreograaf uit. Voor hem geen ballerina's die elkaar moeten aankijken en dan een halve meter te hoog in het ijle turen. "Schoonheid, elegantie en poëzie hebben absoluut hun plaats, maar ik wil geen lege bewegingen als ik een verhaal vertel. Mij is het te doen om echte emotie en een zweem van spontaniteit. Al de rest is pretentieus en ijdel."

De allereerste uitvoering van De notenkraker, in december 1892 door het Mariinsyki in het Russische Sint-Petersburg, verliep in mineur. Het libretto werd onduidelijk bevonden en de dansprestaties werden veeleer lauw onthaald. Na amper veertien voorstellingen werd het ballet al afgeserveerd. De muziek overleefde wel.

Later werd het ballet opnieuw opgepikt, en vandaag is De notenkraker wellicht het meest gedanste stuk. In de Verenigde Staten hoort het ballet net zo bij kerst als de kerstboom zelf en is het een populair uitje voor gezinnen op zoek naar topentertainment badend in kerstsfeer. Ter illustratie: de grote Amerikaanse compagnies jagen er elk jaareinde vlotjes tientallen voorstellingen door met wisselende casts, de productie is goed voor 40 procent van hun jaarlijkse ticketverkoop.

"Een goede Notenkraker is een belangrijke pion in je repertoire", zegt Honorez. "Het publiek gaat ervoor, net als bij Het zwanenmeer." Wim Vanlessen knikt overtuigd. "Je kunt je de balletwereld niet inbeelden zonder De notenkraker. We hebben het lang links laten liggen, net omdat het altijd en overal geprogrammeerd werd. Maar het ballet spreekt tot de verbeelding en is gezinsvriendelijk. Van de muziek krijg ik nog steeds kippenvel. Als het goed gedaan wordt, heb ik er echt geen moeite mee."

De recente dubbelaffiche Van Manen/Cherkaoui met hedendaagse, conceptuele stukken was voor Ballet Vlaanderen een van de succesvolste producties in jaren. Maar er is ook een duidelijk publiek voor klassiek ballet zoals Romeo en Julia (vorig seizoen uitverkocht met 15.024 tickets) en Don Quichot (ruim 12.000 toeschouwers). Overigens ligt de gemiddelde leeftijd op 48, wat vrij jong is.

Voor McGee langs de kostuumafdeling gaat voor een pasbeurt - haar kleed is vaalwit, het moet nog geverfd en geknipt worden - is ze bij de fysiotherapeut geweest. Ze toont haar voet, waarvan de wreef is ingetapet. Zorgen maakt ze zich niet, vertelt ze, geheel volgens het cliché: pijn hoort bij de job.

Het tempo ligt hoog. McGee danst mee in Fall van Cherkaoui, er staan nog een aantal voorstellingen op de agenda. Die moderne choreografie vraagt veel grondwerk, belastend voor de knieën, en de dansers werden aangemoedigd om te experimenteren met de ruimte achter hun lichaam, wat leidde tot veel gebogen ruggen en naar achter geplooide armen.

Die fysieke aanpassingen vergen steeds tijd, volharding en bezoeken aan de fysiotherapeut. Voor Honorez is dat net een reden waarom De notenkraker zijn plaats heeft naast hedendaags werk. "Voor een repertoirecompagnie is het absoluut noodzakelijk om één keer per jaar een klassiek ballet te programmeren, om de dansers op peil te houden. Zo'n ballet vergt een heel andere omgang met lichaam en spieren."

Stresserend

Honorez dept aan de barre zijn bezweet gelaat met een handdoek, McGee overloopt in een hoekje nog enkele passen. Vanlessen heeft zijn gevoerde broek, die zijn spieren warm moeten houden, uitgetrokken en buigt naar voren, armen hoekig gebogen. Dit is de scène waarin de notenkraker tot leven komt. Het is nacht, nog even en Clara zal toenadering zoeken tot de pop.

De pianiste zet in, Vanlessen beweegt houterig en hoekig, elke tel is een beweging. Fluisterend telt hij mee: "...vijf, zes, zeven, acht."

Vanlessen hoopt dat hij in het tweede bedrijf, als hij transformeert tot prins, vrijer zal kunnen dansen, vertelt hij achteraf. "Dit is heel stresserend. Eens je uit de tel valt..." Hij knipt met zijn vingers. "Shit, een black-out, waar ga ik opnieuw inpikken? En je mag echt niet uit je rol vallen. Maar als ik het goed krijg, dan zal het zeer indrukwekkend zijn."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234