Zondag 25/08/2019

Tienerzorgen

Wie bekommert zich nog om tienermeisjes?

Cartoon uit 'Sommige meisjes houden niet van roze' van Christina De Witte. Beeld RV

Missen Vlaamse tienermeisjes de Joepie niet? Influencers en nieuwsbrieven doen nu de job. En cartoonist Christina De Witte (22) schreef 'het boek dat ik zelf had willen lezen': "Onze wereld is heus wel groter dan wie ons leuk vindt op school." 

Het zal u wellicht nog niet zijn opgevallen, maar Joepie is al een tijdje niet meer. Het eens zo alom­tegen­woordige weekblad met pop­nieuws, relatie­tips, foto­strip en heftige verhalen ging drie jaar geleden van maandblad naar weekblad, om meteen daarna in een louter online­bestaan geduwd te worden. Vandaag is het een aanhangsel van het showbizz­gedeelte van HLN.be, een sub­sectie op de site waar geen eigen content meer voor gemaakt wordt. Wanneer de krant een foto­special over Pukkelpop maakt, zal die ook wel aan het Joepie-gedeelte gehangen worden, maar voor de rest levert de webstek enkel krekel­geluiden op.

Rest het Vlaemsche media­landschap nog ‘Fashionista’, een website die af en toe ook thema­nummers op papier uitbrengt en die het ondanks de tenen­krullende titel best wel goed doet in Nederland. Eind 2015 werd Fashionista (bij onze noorderburen ondertussen onder de noemer ‘Fashion­chick Girl’) ook aan de Belgische Sanoma-portefeuille toegevoegd, voornamelijk om de Flair-redactie te laten zien dat de doelgroep waarvoor zij schreven ouder was. Met andere woorden: als je zin hebt om het liefdes­leven van Selena Gomez op te kalken, tof, maar pleur dat dan bij het jongere zusje. 

“De voornaamste reden waarom Fashionista kan blijven bestaan, is omdat er een synergie is met een bestaand Nederlands merk en een bestaand Belgisch merk”, aldus toenmalig hoofd­redacteur Frederik De Swaef. “Ik zie geen enkel media­huis nog een stand­alone blad opstarten gericht op tiener­meisjes. De doelgroep is te klein – ik denk dat ze maar met een honderdvijftigtal zijn in Vlaanderen – om digitaal los van Flair te vermarkten.”

Sommige meisjes houden niet van roze

“Waarom zou ik telkens naar één website surfen die mij moet zeggen wat ik wel of niet moet doen of moet weten wanneer het internet zo groot is?”, vraagt Leila (15) zich af. “Ik volg een paar kranten­sites op Facebook – niet De Morgen, sorry – en voor de rest haal ik mijn informatie van Instagrammers en YouTubers die ik tof en slim vind.”

Een van die online-persoon­lijk­heden is de 22-jarige Christina De Witte uit Mechelen, wereldwijd bekend als Chrostin. Zij timmert al een paar jaar aan de weg als cartoonist met eerlijke, herkenbare en grappige comics die ze vroeger in
Flair en nu met haar meer dan 57.000 volgers op Instagram deelt. Vorig jaar haalde ze haar eerste boeken­deal binnen bij een grote Amerikaanse uitgeverij. Haar The Ultimate Survival Guide to Being a Girl gaat in de States al vlot over de toonbank, en wordt onder andere ook vertaald in het Italiaans, Hebreeuws, Tsjechisch en Pools.

Christina De Witte. Beeld RV

“Ik heb net te horen gekregen dat er ook een Koreaanse vertaling zal uitkomen – dat is een scoop voor jullie”, lacht de prille twintiger. De Nederlandse versie van haar boek, Sommige meisjes houden niet van roze, ligt komende woensdag in België in de rekken. Net zoals in haar comics beschrijft De Witte op een openhartige manier thema’s als relaties, de band met je ouders, studiekeuzes en omgaan met het internet, maar evengoed wat serieuzere topics als mentale gezondheid, gender­stereotypen, lichaamsbeeld, diversiteit en racisme. Haar vlotte teksten, geschreven vanuit het standpunt van het ene jonge meisje aan een ander, worden doorspekt met haar comics.

Oeps, schaamhaar

“Ik kon vroeger nergens terecht voor informatie over dat soort onderwerpen”, vertelt De Witte. “Ik kreeg van mijn oma wel zelfhulpboeken, maar die gingen vooral over praktische, voor de hand liggende dingen als ‘oeps, je krijgt schaamhaar’. Dat weet ik zelf ook wel. En als ik daarover vragen zou hebben, dan googelde ik dat.”

“Ze bedoelen het vast goed hoor, de volwassenen die die boeken schrijven”, haast de cartoonist zich te zeggen. “Maar ze gingen nooit over wat er écht in ons omging. Eigenlijk heb ik gewoon het boek geschreven dat ik zelf graag had willen lezen.”

Het is dezelfde motivatie die ook de 26-jarige Ilona Lodewijckx en Aurike Quintelier er bijna twee jaar geleden toe aanzette om naast hun uren een tweewekelijkse nieuwsbrief voor tiener­meisjes te starten, genaamd Fille Folle.

De nieuwsbrief wordt thematisch opgesteld – zo is er een editie over seksueel geweld, eentje over maand­stonden, eentje over depressie – en kan naast pennenvruchten van de oprichtsters rekenen op bijdragen van de Fille Folle-community. Van, voor én door jonge meisjes dus.

“We willen een reactie en een aanvulling zijn op het bestaande aanbod”, zei Lodewijckx destijds.
“Fille Folle gaat je niet zeggen hoeveel kilootjes je moet verliezen of wat je moet doen om een jongen je leuk te doen vinden. In plaats daarvan zeggen we dat je goed bent zoals je bent, en focussen we op topics die echt belangrijk zijn.” Vorig jaar kon het tweetal hun wijsheden bundelen in het Fille Folle-boek.

“Tieners en jongeren in het algemeen worden te vaak onderschat”, zegt De Witte. “We volgen het nieuws – misschien zelfs meer dan onze ouders op onze leeftijd omdat het zich ook via onze sociale media verspreidt – en we zijn begaan met de maatschappij. Het is logisch dat we dan ook over maatschappelijke thema’s willen lezen. Onze wereld is heus wel breder dan wie ons leuk vindt op school.”

Bubbel van lipgloss

Het is een besef dat al langer wereldwijd aan het kiemen was. Na de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2016 schreef journaliste Lauren Duca het veelgelezen stuk: ‘Donald Trump is gas­lighting America’. Het was een sterke politieke observatie, een goed uiteengezet duidings­artikel dat je van serieuze kwaliteits­media als The New York Times of Vox had kunnen verwachten. In plaats daarvan verscheen het op TeenVogue. “Men lijkt er nog steeds van overtuigd dat tienermeisjes in een bubbel van lipgloss leven”, aldus de journaliste op de verbazing dat het blad zo’n politieke analyse publiceerde, een reactie die ze terecht neerbuigend vond. “Jonge vrouwen hebben het recht om deel te nemen aan en op de hoogte te zijn van de politieke conversatie.”

Dat klinkt ook bij Generation M, het jongerenprogramma van radiozender MNM dat jongeren on air en online een stem wil geven. “Er wordt vaak gezegd dat jongeren onverschillig zijn, maar wij merken dat als je ze een kans geeft om hun zegje te doen, dat ze net heel bevlogen kunnen zijn”, zegt presentatrice Dorianne Aussems. Samen met haar team brain­stormt zij dagelijks over het thema van de uitzending – vaak is dat een onderwerp uit de actualiteit, maar ook op Twitter vindt de redactie een rechtstreekse inkijk in de gedachten van jongeren. “Op de socials vind je de rauwe bedenkingen. Generation M moet het platform zijn om dat open te gooien en te delen”, vindt Aussems.

“Er is vandaag heel veel bespreekbaar, zoals de hele discussie over gender­neutrale toiletten bijvoorbeeld. Het is logisch dat jongeren die thema’s ook oppikken en daar een mening over vormen. Door het internet zijn ze ook meer op de hoogte”, weet ze. “Op Facebook zien we jongeren elkaar taggen onder berichten, omdat iets herkenbaar is, of omdat ze vinden dat die vriend of vriendin dat ook moet lezen. Ze gaan er ook met elkaar in discussie. Nieuwe media laten dat soort interactie veel meer toe.”

“Tijdschriften lees ik alleen maar wanneer ik in de wachtkamer van de dokter zit”, lacht Rania (18). “Ik heb nog een vage herinnering aan tienerbladen als Joepie, maar ik heb vooral onthouden dat ze heel typisch waren. Heel blank, heel meisjes­achtig. Terwijl we in een super­diverse maatschappij leven. Jongeren zijn echt wel op de hoogte van bijvoorbeeld de lgbtq-gemeenschap. Ik denk dat er vandaag heel wat tieners boos zouden worden wanneer er nooit eens een donkerder meisje of iemand met een hoofddoek op de cover zou staan.”

Hoewel de bestaande tienerbladen zoals Fashionista, Seventeen of CosmoGirl hun best doen om hun diverse doelpubliek alsnog aan zich te binden, geeft ook Merel (17) toe dat ze zich door het huidige aanbod niet aangesproken voelt, en dat ze niet zit te wachten op een nieuw, gespecialiseerd tienerblad. “Ik zoek wat ik wil weten zelf wel op online. In België zijn het vooral influencers zoals Flo die mij op de hoogte houden van bijvoorbeeld mode­trends en goede nieuwe muziek, maar ook van maatschappelijke thema’s zoals het racisme op Pukkelpop.”

N-woord

Flo, dat is Flo Windey, de 22-jarige voormalige Snapchat-queen van Studio Brussel die door de zender als reporter naar de festival­weides wordt gestuurd. Ze gebruikt haar platform van 18.600 followers op Instagram niet alleen voor haar humoristische observaties, haar passie voor muziek en filmpjes van haar kat Oscar, maar ook om thema’s als body positivity en discriminatie aan te kaarten. “Dat zijn onderwerpen die heel belangrijk zijn voor mij. Ik heb een diverse vriendengroep en het doet mij echt pijn om te zien wanneer zij lastig­gevallen worden omdat ze als man een jurk dragen, of nageroepen worden omdat hun huid een andere kleur heeft. Wanneer ik mensen op een concert van Kendrick Lamar het n-woord hoor meezingen, dan zal ik die persoon daar niet alleen zelf op aanspreken, maar zorg ik ook dat ik het op mijn social media smijt, zodat het nog meer mensen bereikt”, zegt Windey. “Zwijgen en toekijken? Dat kan ik niet.”

Flo Windey. Beeld Stefaan Temmerman

De twintiger is zich bewust van haar publiek. “Ik weet dat er veel mensen naar me kijken, maar dat sommigen naar me opkijken, daar denk ik liever niet te veel over na. Ik wil geen prekende moeder zijn, ik ben en blijf gewoon mezelf.” De studente journalistiek gelooft dat er nog plaats is voor tiener­nieuws­media “maar dat moet ruimer, niet gewoon over oogschaduw en pop­idolen. Ik merk dat tiener­meisjes echt nog wel om info verlegen zitten, vooral dan over vagina’s en seks. Ik krijg soms vragen via privé­bericht waarvan ik denk: ‘Gasten, ik ben de Joepie niet hé!’”

Ook de Fille Folles merkten op dat hun lezers nood hadden aan iemand die hen begrijpt en raad kan geven. “Steeds meer meisjes vertelden me hoe alleen op de wereld ze zich voelden”, zegt Lodewijckx. “Daarom hebben we een paar maanden geleden de ‘Fille Folle Bubbel’ opgericht, een gesloten Facebook-groep waar ze met elkaar konden converseren. Ik moest mezelf wat afschermen van al dat verdriet, en het lag ook voor de hand dat die meisjes heel veel zouden hebben aan elkaar. De respons was enorm positief.”

Te betuttelend

“Tieners hebben heel hard het gevoel dat er te weinig naar hen geluisterd wordt, naar wat ze willen, naar wat ze vinden en wat ze voelen”, weet De Witte. “Ze krijgen enkel maar te horen dat ze moeten zwijgen en luisteren. Daarom vind ik het ook belangrijk om met hen in dialoog te gaan. Ik wou mijn boek niet vanuit een verheven standpunt schrijven, alsof ik alle wijsheid van de wereld in pacht heb. Ik ben zélf nog maar net de tienerfase ontgroeid.”

De Witte vindt dat traditionele media tieners vaak te betuttelend benaderen. Daarom schrijft ze openlijk over fouten die ze vroeger zelf maakte. “Ik heb lang geleden eens gezegd dat iets ‘zo gay’ was. Ik schaam mij daar vandaag nog steeds voor, maar ik beschrijf het wel in het boek, om mijn lezers erop te wijzen dat woorden kwetsen enerzijds, maar anderzijds ook dat iedereen fouten maakt en dat het belangrijk is om daarover te spreken en daaruit te leren.”

Haar Chrostin-inbox puilt regelmatig uit met vragen van fans over verschillende onderwerpen. “Ik doe mijn best om op ieder bericht te antwoorden, maar dat gaat niet altijd. Ik lees wel alles. De mooiste reactie die ik ooit heb gekregen, was van een Amerikaanse lezeres die net mijn boek uit had. Ze zei dat ze al jaren met depressie en een slecht zelfbeeld worstelde, maar dat mijn boek haar heeft doen inzien dat ze wel aan zichzelf zal wennen, en dat ze uniek en belangrijk is. Dat is waarvoor ik het doe. Die reacties. Ik geef niet om sales, ik hoop gewoon een verschil te kunnen maken.”

Christina De Witte, Sommige meisjes houden niet van roze, Van Halewyck, 19,99 euro. Verschijnt op 19 september.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden