Zondag 20/09/2020
Quentin Tarantino op de set van 'Once Upon a Time... in Hollywood', met Brad Pitt en Elise Nygaard Olson.  In de film staat de nostalgie van Tarantino naar de Golden Age of Hollywood centraal.

Achtergrond

Weinig filmmakers hadden zo’n grote invloed als Quentin Tarantino

Quentin Tarantino op de set van 'Once Upon a Time... in Hollywood', met Brad Pitt en Elise Nygaard Olson.  In de film staat de nostalgie van Tarantino naar de Golden Age of Hollywood centraal. Beeld rv

‘Hij is een voorloper in de filmwereld’, zegt Jamie Foxx aan het einde van QT8, een nieuwe documentaire over Quentin Tarantino. De Django Unchained-acteur is niet de enige met die mening. Weinig filmmakers hebben de laatste dertig jaar zo’n grote invloed uitgeoefend als Tarantino.

“Er is niemand als Quentin Tarantino.” Het zijn de eerste woorden die je hoort als je je neervlijt voor QT8: The First Eight, de nieuwe documentaire waarin regisseur Tara Wood de eerste acht films – van Reservoir Dogs (1992) tot The Hateful Eight (2015) – van Quentin Tarantino (57) onder de loep neemt. Even later hoor je een voice-over nogmaals benadrukken dat de regisseur met de grote kin “absoluut uniek” is. “Hij is de stem van een generatie.”

Het is inmiddels ruim 28 jaar geleden sinds Reservoir Dogs op het Filmfestival van Cannes in première ging. Sindsdien heeft Tarantino een diepe stempel gedrukt op Hollywood en de filmgeschiedenis. Niet alleen brachten zijn negen films (we tellen, net als Tarantino zelf, Kill Bill Vol. 1 en Vol. 2  even als één film) alles tezamen een kleine 1,9 miljard dollar (ruim 1,6 miljard euro) op, hij heeft ook filmmakers na hem beïnvloed, in hoe ze films maken en wat voor soort films ze maken. “Hij is een voorloper in de filmwereld”, zegt Django Unchained-ster Jamie Foxx in QT8.

In 2018 werd ‘Tarantinoesque’, een adjectief dat al ruim twintig jaar werd gebezigd in filmrecensies, opgenomen in de Oxford English Dictionary. Dat wil zeggen dat Tarantino, ten eerste, wel degelijk een unieke stijl heeft – anders zou hij geen persoonlijk adjectief krijgen – en, ten tweede, dat velen hem proberen na te bootsen – anders zou het woord niet zo vaak gebruikt worden. De definitie luidt: “Gekenmerkt door grafisch en gestileerd geweld, non-lineaire verhaallijnen, cineliteraire referenties en scherpe dialogen.”

Voor elk deeltje van die definitie heeft Tarantino de mosterd bij andere filmmakers gehaald. Het grafisch geweld komt uit Hongkong-films, spaghettiwesterns en blaxploitation-films. Non-lineaire verhaallijnen werden al door Orson Welles gebruikt in zijn meesterwerk Citizen Kane (1941). Voor scherpe dialogen ging Tarantino inspiratie zoeken in de screwball comedies uit de jaren 30 en 40. En cineliteraire referenties raakten in zwang na het studiotijdperk, in de jaren 60 en 70, met de komst van de nouvelle vague.

Tarantino (2de v.l.) in 'Reservoir Dogs' (1992). Na het succes van de film werd Tarantino in de filmpers al meteen omschreven als de spilfiguur in een nieuwe nouvelle vague.Beeld DOCUMENTATION

Maar, nog opvallender: elk deeltje van die definitie werd de afgelopen 28 jaar geïmiteerd door andere cineasten. Met het expliciete geweld blijft Hollywood, ondanks het succes van brute blockbusters als Logan (2017), het moeilijk hebben. Veel bloed staat doorgaans garant voor een R-rating en dus minder bezoekers. Zelfs Tarantino zelf moet zich nog vaak verantwoorden voor zijn voorliefde voor graphic violence. Maar zijn neiging om verhalen op een atypische manier te vertellen, heeft wel een ingang gevonden naar de mainstream.

Denk maar aan Christopher Nolan, die verliefd werd op de niet-chronologische verhaallijn van Tarantino’s Gouden Palm-winnaar Pulp Fiction (1994) en al sinds zijn eigen doorbraakfilm Memento (2000) experimenteert met non-lineaire verteltechnieken – het recentst in de pas uitgekomen kaskraker Tenet. Zelfs een door de tijd springende romcom als (500) Days of Summer (2009) kun je aanvoeren om Tarantino’s invloed op verhaalvertelling te beargumenteren.

‘Like a Virgin’

Die invloed had Tarantino al bijna van in het prille begin van zijn carrière. En die invloed geldt ten goede én ten slechte. Een mens hoeft maar naar de output van de Britse regisseur Guy Ritchie te kijken om op te merken hoe Tarantino, eerst met het bescheiden Reservoir Dogs (1992) en nadien met prijsbeest en box office-hit Pulp Fiction (1994), meteen een impact had. Films als Lock, Stock & Two Smoking Barrels (1995) en Snatch (2000) lijken Britse, maar vooral fletse kopieën van Tarantino’s doorbraakfilms. Ze namen halfbakken en vlot babbelende gangsters als hoofdpersonage, hadden een gelijkaardige focus op gratuit geweld en hanteerden een gelijkaardige, opvallende stijl. Maar Ritchies films hebben niet half zo veel panache als het werk van Quentin Tarantino.

In QT8 vertelt Louis Black, filmcriticus en medeoprichter van South By Southwest: “Door Tarantino zijn halfbakken filmmakers slechte films gaan maken. Omdat ze zijn films niet vatten, missen ze de poëzie, de verfijndheid en de welbespraaktheid van zijn films.” Het hield jonge regisseurs met ambitie, zoals Ritchie, niet tegen om het toch te proberen. Eli Roth, een goede vriend van QT zelve die meespeelde in Death Proof (2007) en Inglourious Basterds (2009), is een ander voorbeeld. In door hem geregisseerde horrorfilms als The Green Inferno (2015) toont hij zich een trouwe adept van zijn vriend en voorbeeld, maar kwalitatief weegt zijn werk veel te licht. Ook een film als The Boondock Saints (1999) voelt aan als een flauw afkooksel.

Uma Thurman in 'Kill Bill'. Beeld kos

In zijn invloed op jonge regisseurs speelt Tarantino’s achtergrondverhaal een cruciale rol: hij was een videotheekbediende die de ene film na de andere verslond, van de grootste klassiekers tot de meest obscure B-films. Een filmopleiding heeft hij nooit gehad, en zijn eerste twee scripts, True Romance en Natural Born Killers, verkocht hij om de huur te kunnen betalen en nadien Reservoir Dogs te kunnen opstarten. “If you just love movies enough,” citeert QT8 Tarantino zelf, “you can make a good one.” Alleen blijkt die leuze dus niet voor iedereen te gelden. “Duizenden kids in videotheken dachten dat ze de nieuwe Tarantino zouden worden”, hoor je in QT8. “Maar er is maar één Tarantino.”

Parodie op parodie

Tarantino’s obsessieve liefde voor films en popcultuur, en zijn bereidheid om daar in zijn eigen werk mee uit te pakken, waren een van de meest opvallende elementen aan het begin van zijn carrière. De eerste door Tarantino geschreven en geregisseerde scène die bioscoopgangers te zien kregen, toont ruim een half dozijn gangsters (onder wie Tarantino zelf) die koffie drinken en discussiëren over de betekenis van Madonna’s ‘Like a Virgin’. Personages verklaren openlijk hun liefde voor acteur Lee Marvin, en verwijzen zelf naar films als The Great Escape en Le Doulos. Op de soundtrack prijkten vergeten popklassiekers en flarden muziek uit oudere films.

Die intertekstualiteit heeft Tarantino niet uitgevonden. Zo zocht Martin Scorsese inspiratie in het oeuvre van Italiaanse filmmakers als Roberto Rossellini en Michelangelo Antonioni. De filmmakers van de Franse nouvelle vague, François Truffaut op kop, waren nog een stuk zelfbewuster in het stelen van en refereren aan de films van hun voorbeelden – na het succes van Reservoir Dogs werd Tarantino in de filmpers niet toevallig omschreven als de spilfiguur in een nieuwe nouvelle vague.

'Pulp Fiction', met John Travolta en Samuel L. Jackson.Beeld AP

Hij stond daar niet alleen in. In de late jaren 80 en de jaren 90 werden verwijzingen naar en de invloed van andere films veel duidelijker. De Coen Brothers refereerden, zij het een stuk minder expliciet dan Tarantino, aan filmklassiekers uit de jaren 30, 40 en 50. Australiër Baz Luhrmann maakte collages van allerlei invloeden in films als Romeo + Juliet (1996). En twee jaar na Pulp Fiction was er de horrorhit Scream (1996), een griezelpastiche waarin de personages voortdurend leuteren over clichés uit Pyscho (1960) en Halloween (1978). Maar de kunst van het knipogen werd nadien gemassacreerd in miskleunen als Scary Movie (2000), een parodie op de parodie die Scream was.

Maar parodie en pastiche zijn twee dingen die Tarantino altijd heeft vermeden. “Ik steel van alles”, aldus de beroemde filmmaker. “Grote artiesten stelen. Ik doe geen hommages.” Nu de eerste golf van goedkope Tarantino-namaak een stille dood is gestorven, zijn er meer filmmakers die dat citaat ter harte nemen: zelfbewustzijn is goed, maar hommage, parodie of pastiche zijn te vermijden.

Eenvoudig is dat nog altijd niet. Enerzijds zijn er regisseurs als Drew Goddard: een getalenteerde regisseur wiens adoratie voor Tarantino in de weg zit in films als Cabin in the Woods (2012) en Bad Times at the El Royale (2018). Anderzijds zijn er filmmakers als Edgar Wright, die in Hot Fuzz (2007) en Baby Driver (2017) zijn eigenheid weet te vinden en tegelijk het voorbeeld van Tarantino volgt, met hippe soundtracks, zelfbewuste personages en eindeloos veel knipogen naar andere films.

Maar misschien nog belangrijker om Tarantino’s impact op Hollywood te meten, zijn de grote successen; films die het braver aanpakken dan compromisloze wraakfilms als Kill Bill (2003-’04) en Django Unchained (2012), maar evenzeer rond liefde voor cinema draaien. The Artist (2011), een ‘nieuwe’ stille film over het vroege Hollywood, won de Oscar voor Beste Film; het onder prijzen bedolven La La Land (2016), van het nieuwe wonderkind Damien Chazelle, is een moderne musical die volledige shots afkijkt uit klassieke musicals – ‘Singin’ in the Rain’ op kop. De film speelt zich af in Hollywood en de twee hoofdpersonages zijn nostalgisch naar films als Casablanca en Rebel Without a Cause.

Eenzelfde nostalgie, naar de Golden Age of Hollywood, stond centraal in Tarantino’s negende film, Once Upon a Time... in Hollywood. De cirkel is zo bijna rond: de regisseur heeft altijd beweerd dat hij er na zijn tiende film mee ophoudt. Als dat zo is, laat hij met die tien films wel een indrukwekkende erfenis na. Want, zoals The Last Picture Show-regisseur Peter Bogdanovich in 2012 vertelde in het MoMa in New York, waar die filmnerd uit de videotheek werd geëerd: “Quentin Tarantino is de meest invloedrijke regisseur van zijn generatie.”

Vanaf 16 september in de bioscoop.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234