Donderdag 21/11/2019

Festivalrecensie

Weezer op Rock Werchter 2019: Niets mis met het spelen van de eigen jukebox ★★★☆☆

Weezer op Rock Werchter. Beeld Koen Keppens

Net voor Weezer begon op het hoofdpodium, zagen we een bordje in het publiek: ‘Teenage Dirtbag!’ ‘Als Weezer met zichzelf mag lachen, dan wij ook’, dat was de gedachte.

Een kwarteeuw geleden kwam Weezer de neus aan het venster steken net nadat de dokter grunge terminaal had verklaard: toen hun naamloze debuut verscheen in 1994, voor het gemak ‘The Blue Album’ genoemd door fans, was Kurt Cobain nog maar een maandje koud. In het asielcentrum dat Rivers Cuomo ermee op poten zette, was iedereen welkom, maar vooral zij die nergens anders binnen mochten - zelfs niet in de grunge: zij die net als hun collega’s uit Seattle gepest werden op school, maar die daar niet noodzakelijk boos van werden. In plaats van ziedend te worden omdat ze er niet bijhoorden, knikten ze eens, schoven ze de deur van hun ouders’ garage dicht, die ze geannexeerd hadden als repetitieruimte, en speelden ze wel in hun eentje.

Opvolger ‘Pinkerton’, de persoonlijkste Weezer-plaat, volgens velen de beste, flopte gigantisch. Jaren later werd ze herontdekt: Rolling Stone schreef acht jaar na release zelfs een tweede recensie om hun eerste, vernietigende bespreking recht te zetten. Maar time waits for no one: Weezer had tegen die tijd al de wind uit de zeilen laten ontsnappen, waren een stuk ouder en - helemaal tragisch - ze leken zich bewust te zijn geworden van hun status van aimabele nerds, die ze vervolgens nog harder gingen uitspelen. Toen was dat nog een origineel idee: The Big Bang Theory was immers nog niet uitgevonden. Maar met elke plaat - anno 2019 zitten ze aan dertien - nam Weezer zichzelf nog minder serieus, alsof ze de eersten wilden zijn om met zichzelf te lachen. Dit jaar brachten ze ‘The Teal Album’ uit, hoofdzakelijk samengesteld uit foute eighties-covers, met daarop hun intussen welbekende cover van Toto’s ‘Africa’: een grap die kwam nadat iedereen alweer vrijwel uitgelachen was. We durven niet met zekerheid zeggen of er op dat punt nog ironie in het spel was.

Nog een bordje gezien in het publiek voor het Werchterse hoofdpodium: ‘Play the Windows 95 song!’ Ze speelden het: Weezer kwam namelijk op met de ‘Happy Days’-intro van hun videoclip van ‘Buddy Holly’, die destijds geïnstalleerd stond op de cd-rom van Windows 95. Volgde: ‘My Name is Jonas’, mét mondharmonicasolo. Daarna: ‘Undone (‘The Sweater Song)’. Samengevat: de drie grootste hits van Weezers bekendste plaat. We hebben ooit Iggy Pop in vol daglicht zijn Werchter-concert zien beginnen door al zijn hits er als eerste door te jagen. Iggy ging toen met alle sterren naar huis, voor Weezer hielden we eerlijk gezegd ons hart vast.

‘I Want You To’ van ‘Raditude’ volgde: niet bepaald een klassieker, van niet bepaald een klassieke plaat, maar de stijfheid waarmee Cuomo (elk jaar lijkt hij een beetje sterker op Woody Allen) zijn concert begon, liet hij er wel eindelijk in achter. Moet gezegd: sinds de 21e eeuw aanbrak, vertoont Weezer de vervelende gewoonte slechts anderhalve à twee goeie nummers te schrijven per plaat. Moet òòk gezegd: Weezer wist ze wel telkens terug te vinden voor hun Werchter-beurt. ‘Make Believe’ leverde ‘Perfect Situation’ en ‘Beverly Hills’ (mét talkbox-solo), ‘The Red Album’ vaardigde ‘Pork and Beans’ af, en van ‘The Green Album’ mochten ‘Island in the Sun’ en ‘Hash Pipe’ meekomen. Nadeel: ook ‘Pinkerton’ werd in dat stramien meegenomen, en mocht enkel ‘The Good Life’ sturen. Van recentere platen ‘Hurley’, ‘Everything Will Be Alright In The End’, ‘The White Album’, ‘Pacific Daydream’, en zelfs het dit jaar uitgekomen ‘The Black Album’: niéts. Weezer had er duidelijk geen problemen mee om hun eigen jukebox te spelen. Als zij dat oké vinden, dan wij zeker.

Even, ter hoogte van ‘Hash Pipe’ leek Weezer zelfs achteloos op weg naar de vier sterren, maar helaas, gatenkaas: dat was buiten die hardnekkige lachstuip gerekend waar ze zich al jaren in bevinden, en die alsnog de kop opstak toen ze uit ‘The Teal Album’ begonnen te graaien. Passeerden: ‘Take on Me’ van A-Ha, een platgeslagen ‘Happy Together’ van The Turtles, en ‘Africa’. Natùùrlijk ‘Africa’. Beetje wrang: op hetzelfde podium waar The Cure die avond zouden komen tonen dat er goud te rapen viel in de jaren tachtig, wou Weezer hardnekkig die kant van dat decennium vieren dat mee ten onder had mogen gaan met de Herald of Free Enterprise.

Afsluiten werd gelukkig gedaan met een lichtjes triomfantelijk ‘Say It Ain’t So’, wat in Weezers eigen kleine wereld àltijd een concert zou moeten afsluiten. Eind goed, al goed. Alles weer vergeven, maar daarom nog niet vergeten. Opvallend: Weezer wist zelf ook hoe lang het geleden was dat ze nog eens op Werchter stonden. Van 2001 namelijk. ‘You do the maths’, zei Cuomo. Deden we: achttien jaar is dat. Lang genoeg om geboren te worden, op te groeien, het foute pad op te gaan, terug te komen om te leren uit je vergissingen, en alsnog af te studeren en je rijbewijs te halen. ‘Volgend jaar komen we terug’, voegde Cuomo eraan toe. ‘Als headliner’. Dat tweede, daar twijfelen we grondig aan. Maar dat eerste: welja, graag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234