Zaterdag 21/09/2019

Interview TaxiWars

‘We zijn TaxiWars nooit begonnen om onze andere projecten weg te cijferen’

Tom Barman en Robin Verheyen van TaxiWars. ‘We spelen met TaxiWars ook al eens zes avonden op rij, maar deze groep is gelukkig minder belastend voor mijn stem.’ Beeld Damon De Backer

Volgende donderdag stelt TaxiWars zijn nieuwe album Artificial Horizon in avant-première voor, in de Beursschouwburg in Brussel. Wij geven duotickets weg voor die exclusieve De Morgen-showcase. Wat u daar mag verwachten van Barman en Robin? Kapow! Boom! Krunch! Wij lagen alvast in de touwen bij het beluisteren van hun derde plaat.

“Wie speelt nu zes avonden op één plek? Daarvoor moet je toch al een idioot zijn?!” Tom Barman lacht zijn tanden bloot, wanneer saxofonist Robin Verheyen, zijn copiloot bij TaxiWars, vertelt over zijn ambitie om ooit in het roemruchte Village Vanguard in New York te spelen. Zijn persoonlijke heiligdom in the Big Apple, waar het kruim van de jazzwereld zes avonden op rij twee sets mag spelen. “Als je zoiets te vroeg probeert als muzikant, zou je je weleens voor eeuwig kunnen verbranden”, verzucht Verheyen. “Geef me dus nog een paar jaar.”

Barman weet beter dan wie ook hoe zo’n concertreeks algauw op een olympische discipline gaat lijken. “Bij de achtste en laatste avond met dEUS in de AB, naar aanleiding van tien jaar The Ideal Crash, was mijn stem compleet naar de vaantjes. Tot op de laatste knip wisten we niet of de medicatie zou aanslaan en we hadden die reeks dus voor hetzelfde geld in mineur kunnen eindigen met een afzegging. Maar een béétje drama kan nooit kwaad, hè. (lacht) We hadden daarvoor in het buitenland natuurlijk ook al twaalf shows op dertien dagen gespeeld. Dat was te véél. Nu spelen we met TaxiWars ook al eens zes avonden op rij, maar die groep is gelukkig minder belastend voor mijn stem.”

Eeuwige popreflex

Dat valt nog te bezien met die nieuwe plaat. ‘Irritated Love’ en ‘They’ll tell You You’ve Changed’ doen ons zelfs een beetje aan de meest melodieuze en breekbare dEUS denken. “Dat zou goed kunnen”, geeft Barman grif toe. “Robin speelt in die songs voor het eerst piano en ik zing. Dan krijg je dat gevoel al snel. We zijn TaxiWars nooit begonnen om onze andere projecten weg te cijferen. Het was eerder de bedoeling een fusie tussen al die verschillende zaken te vinden. Ik wil trouwens ook voor dEUS een song schrijven met de titel ‘They’ll Tell You You’ve Changed’. Gewoon, om te zien of ik die songs met elkaar kan laten corresponderen. Wat dEUS wel duidelijk van TaxiWars onderscheidt, is dat ik in deze groep meestal bij een soort parlando zweer, en het zingen overlaat aan Robin met zijn sax. Van dag één was het mijn opzet om die eeuwige popreflex van me af te schudden. Ik ben de melodieman binnen dEUS, maar nu kan ik het refrein al eens vaker aan Robin doorspelen.”

TaxiWars. De derde langspeler ‘Artificial Horizon’ klinkt meer punky dan de vorige albums. Beeld rv

Vorig jaar stelde TaxiWars die twee nieuwe songs al voor op Jazz Middelheim, wat recensenten meteen deed besluiten dat Artificial Horizon een intimistische, rustige plaat zou worden. Daar blijkt niet veel van in huis gekomen. De derde langspeler klinkt vaak zelfs méér punky en puntig dan de vorige albums. “Door de ballads toen naar voren te schuiven, gaven we een vertekend beeld van Artificial Horizon”, knikt Verheyen. Maar de plaat maakt een fraaie spagaat: hun persoonlijke helden Pharaoh Sanders, Archie Shepp en Charles Mingus worden op een voetstuk geplaatst, maar Artificial Horizon kiest ook voor, welja, verdere horizonten.

Luie vergelijking

De laatste keer dat we elkaar spraken, viel de naam Morphine. “Een luie vergelijking,” vond Barman toen. Ook nu moeten we de fabuleuze groep van wijlen Mark Sandman in het gesprek zien binnen te smokkelen. “Ga je nu alwéér over Morphine beginnen, Gunter? Dzjiezes!”, plaagt hij vandaag. We luisteren samen naar ‘The Glare’ waar je zo’n twee minuten ver de geest van Morphine hoort waren. “Ik moet je zowaar gelijk geven”, klinkt het verrast. “Maar Mark zit sowieso in mij. Hij was in de eerste plaats een bijzonder goede vriend, zoals je weet. Maar ik vond zijn muziek ook zo onwerkelijk. Het kan dus niet anders dan dat ik daar veel van geïnternaliseerd heb. Hij is een grote invloed voor mij. Wat hem zo geweldig maakte in mijn ogen: Mark maakte nauwelijks woorden vuil aan zijn teksten. Die waren simpel, maar nooit banaal. Maar de vergelijking met TaxiWars gaat in mijn ogen nog steeds niet helemaal op. Het doet me denken aan hoe dEUS in het begin met The Velvet Underground werd vergeleken, terwijl onze violist Klaas Janzoons nog nooit van John Cale of die groep had gehoord. Het punt is: we gaan nooit klinken als deze of gene artiest, omdat Robin of ik die vergelijking meteen de vernieling zullen inspelen voor elkaar. Met de grootste eerbied, natuurlijk. (lacht) We klinken intussen zó ‘TaxiWars’ dat het tijd wordt dat men groepen met óns gaat vergelijken. Shit, wat heb ik nu weer gezegd! Dat wordt zeker de kop? Zet er dan op zijn minst achter: zoals Róbin beweert.” (lacht)

Een minder luie vergelijking: Barman en Verheyen hebben allebei een sportief, competitief verleden. Barman had ooit een carrière als professioneel tennisser in het vooruitzicht en Verheyen zou voetballer worden, tot een knieblessure bij de cadetten van KFC Turnhout die droom aan flarden knalde. “Wat zei de dokter?”, polst Barman ginnegappend. “Don’t give up your night job?” Verheyen lacht: “Het was inderdaad een snuggere move om van voetbal over te schakelen op muziek. Het klopt wel niet dat ik daardoor competitiever zou zijn. Ik hou echt niet van dat woord. Toegegeven: je moet jezelf wel harden als je het wil maken in New York, maar ik geloof niet in ‘de beste’ te willen zijn. Ik geloof in heel hard werken, en tonen dat je persoonlijkheid hebt. Anders overleef je het niet in die stad: je hoeft echt niet te wachten tot ze jou zullen bellen, neem dat gerust van me aan.”

Barman is het daar niet helemaal mee eens: “Persoonlijkheid en hard werk zijn belangrijk, maar de drive die sporters hebben, is toch ook essentieel? Al was het maar om in competitie met jezelf te gaan. Jij staat toch ook vroeger op om te gaan joggen, scherp te staan en genoeg longinhoud te hebben als saxofonist? Als muzikant moet je ook een beetje sportief zijn. Ik had er onlangs nog een discussie met Tom Van Laere over: nobody needs a fat singer. (hilariteit) In de opera is dat natuurlijk anders.”

Dubbele persoonlijkheid

Tijdens het gesprek komt Verheyen ingetogen en bedachtzaam over, maar in TaxiWars lijkt hij liefst van al de teugels te laten vieren. Een kwestie van dubbele persoonlijkheid? Barman wuift die theorie weg: “Een stationschef klinkt thuis toch ook anders? Robin put uit verschillende delen van zijn persoonlijkheid, denk ik.” Verheyen knikt. “Ik heb een palet aan expressies opgebouwd en ik volg de muziek. Als de compositie vraagt om een extreme kant van mijn persoonlijkheid, komt dat er automatisch uit. Dat kost me weinig moeite meer. Woede is geen deel van dat palet: zelfs als ik heel hard speel, is het eerder extatisch en spiritueel. Woede heeft voor mij geen plaats in muziek. Ik zou alleszins niet in het publiek willen zitten, als iemand zijn kwaadheid en agressie ventileert via zijn instrument.  (glimlacht) Dat is niet mijn idee van sensatie.” Barman grinnikt: “Ik denk dat je net de hele carrière van Henry Rollins met de grond gelijk hebt gemaakt.”

Tom Barman en Robin Verheyen van TaxiWars. Verheyen: ‘Ik hou echt niet van het woord competitief, al moet je jezelf wel harden als je het wil maken in New York.’ Beeld Damon De Backer

Wat meteen opvalt bij Artificial Horizon: de plaat klinkt zowaar als een soundtrack, ook wanneer je de volgorde van de songs in acht neemt. “Good call,” knikt Barman bedachtzaam. “Ik was – en ben nog altijd – heel hard aan het schrijven aan mijn nieuwe film. Die sfeer en mindset zitten dus onvermijdelijk ook in deze TaxiWars. Zonder songtitels weg te geven, denk ik dat een paar nummers zelfs in die film zullen belanden. Ook heel wat outtakes, trouwens. De beelden die ik oproep in sommige songs, verwijzen naar ‘dat andere’ waarmee ik bezig ben. En nee, ook nu ga ik je nog niet vertellen waar de film precies over gaat. Niet zolang ik er nog mee bezig ben. Ik kan alleen zeggen dat er zeker jazz in zal zitten: geen dankbaarder sound of stijl voor een soundtrack dan jazz. Jazz maakt een film altijd beter. (lacht) Nee, serieus: dat is een gouden huwelijk.”

Loner 

In de opener ‘Drop Shot’ hoor je niet toevallig een fragment uit Le samouraï (1967), een Franse misdaadfilm van Jean-Pierre Melville, die het pad effende voor heel wat regisseurs, zoals John Woo en Quentin Tarantino. “Die film is mega! Ik zocht nog een kort tekstfragment voor die song, en stootte op die vrouwenstem. Om er pas maanden later achter te komen dat de song – net als de film – over een loner gaat, die door een ogenschijnlijk faits-divers een andere kijk op het leven krijgt. Het was niet bewust, maar ongetwijfeld geen toeval. Met andere woorden: als je niet te veel nadenkt over de zaken, valt alles in de juiste plooi. Een beetje zoals in dromen: dan komen ook de beste ideeën. Vannacht nog gebeurd. Maar ik ben niet opgestaan.” (lacht) Verheyen kent het gevoel: “Dat is de ultieme nachtmerrie van elke muzikant. Vaak lig ik in bed, goed wetende dat ik nu eindelijk eens wat slaap moet inhalen, maar dan lig ik plots geërgerd voor me uit te staren. Want ik weet dat ik moet en zal opstaan om dat idee op papier te zetten.”

In de Belgische jazzwereld staan al een paar jaar onwaarschijnlijk spannende groepen op. Maar terwijl je heel wat van die acts kan onderbrengen in één soort enclave, lijkt TaxiWars een parallelle koers te varen. “Ik weet niet of dat waar is, maar het doet me ongelooflijk veel plezier om te horen”, klinkt Barman oprecht verguld. “Ik heb heel weinig connectie met Belgische jazzartiesten”, knikt Verheyen. “Ik heb de laatste jaren zelfs nauwelijks tot niet geluisterd naar Belgische releases. Niet eens uit desinteresse. Maar mijn leven speelt zich af in New York. En misschien telt het generatieverschil mee: ik merk dat in de Europese scene niet zo’n grote kennis van de hele jazzgeschiedenis is. Dat hoeft niet per se negatief te zijn, maar dat is  dus wel anders bij Tom of mij.”

Een discussie ontspint zich: “Ik vind dat een gevaarlijke uitspraak, Robin.” Verheyen: “Ik wijs niemand met de vinger, hè. Maar ik merk tijdens masterclasses aan jonge muzikanten vaak dat hun kennis van de geschiedenis heel beperkt is.” Barman glimlacht: “Dat doet me stiekem hopen op een tijdloos jazzmeesterwerk van zo’n jonge kerel, die nog nooit van Mingus of Coltrane heeft gehoord. Hoe mooi zou het zijn als zo’n idiot savant jouw theorie onderuit slaat?” 

Artificial Horizon verschijnt op 6/9 bij Sdban

Download de app van De Morgen en maak kans op één duoticket voor de exclusieve showcase van TaxiWars.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234