Woensdag 16/10/2019

Interview

"We wisten niet of onze zoon ongedeerd was na de aanslagen op Zaventem. Dat was het waanzinnigste uur van mijn leven"

Tom Lenaerts. Beeld Marco Mertens

Over de zaak-Bart De Pauw wil Tom Lenaerts geen woord meer kwijt, daarvoor zitten er te veel webredacteuren en grossiers in clickbaits op vinkenslag om die woorden uit hun context te lichten en er een smeuïge draai aan te geven. Des te meer over Kalmte kan u redden, waarvan hij vanavond een nieuw seizoen op gang trapt. En in december gaat Over water op antenne, Lenaerts langverwachte, gitzwarte fictiereeks over een gevallen televisievedette. Tussendoor zal Lenaerts de kaap van 50 ronden: "Ik denk vaak dat ik nog altijd one of the guys ben. Maar ik besef heel goed dat the guys dat steeds vaker níét vinden."

Het was me de zomer wel. Doorwaakte nachten. Een wespenplaag. Badinerende zomerse talkshows met Bruno Wyndaele. Ben je de hondsdagen enigszins waardig doorgekomen?

"Het programma van Bruno heb ik helaas nog niet gezien, maar ik heb een sluitend alibi: ik ben pas eergisteren teruggekeerd uit vakantie. En het eerste deel van de zomer heb ik ook gemist, omdat ik in juli dertien afleveringen van Kalmte kan u redden heb opgenomen. Daarvoor heb ik gewerkt aan de scenario’s van de tweede reeks van Over water – we hebben een eerste reeks afleveringen al opgenomen, volgende week beginnen we aan het tweede blok."

Mag de lezer weten waar het gezin Lenaerts de vakantie heeft doorgebracht?

"We zijn naar Zimbabwe en Zambia getrokken. We proberen elk jaar een grote reis te maken. Telkens denken we dat het de laatste keer is dat de kinderen mee willen, maar voor die lange reizen sluiten ze graag aan.

"Mijn vrouw en ik reizen ongelofelijk graag naar Afrika. Dit jaar stond het nationaal park van Virunga, in Congo, bovenaan op de lijst. Een unieke plek: je kunt er berggorilla’s zien en op een vulkaan overnachten. We keken er al heel lang naar uit, maar we hebben de reis te elfder ure moeten afgelasten."

Virunga is vergeven van de stropers, houtkappers en rebellen. De Belgische prins Emmanuel de Merode is er directeur en werd in 2014 neergeschoten.

"De laatste maanden leek het veiliger, maar eind mei werden er twee Britse toeristen gekidnapt, en hun chauffeur en ranger werden vermoord. Dat staat haaks op het vakantiegevoel, maar we dachten: ‘De kans dat het nog eens gebeurt, is klein.’ Toen heeft De Merode zelf beslist om het park te sluiten.

"Maar in Zimbabwe kun je ook uitstekend naar dieren kijken. Je kunt er ook de Zambezi afvaren – het is de mooiste afvaart van de wereld, na die van de Lesse – en je hebt er de Victoria-watervallen."

De zomer van 2018 was ook een bewogen Belgische sportzomer: heb je tussen alle werk en vakantie door je hart kunnen ophalen?

"Ik heb alleen het WK voetbal gevolgd, voor de rest had ik geen tijd."

Wat is er fout gelopen tegen de Fransen?

"Je wilt een échte analyse? Ik denk dat de Fransen geslepener waren dan wij (lacht). Ik vind het nobel om van je eigen kracht uit te gaan, maar tegen de Fransen werkt dat niet. Ze beschikken over enkele supertalenten die enerzijds zelf kunnen flitsen en anderzijds uitgekookt genoeg zijn om onze supertalenten uit de match te houden."

De sportzomer was van begin tot einde live en in uitgesteld relais te volgen op tv. Kwatongen beweren dat het een weerslag heeft op het zendschema van het najaar, Het Laatste Nieuws had het over een ‘sobere televisieherfst’.

"Omdat er te veel geld naar sport is gegaan, bedoel je? (Denkt na) Dat kan."

Eén speelt Zelfde deur, 20 jaar later als troefkaart uit. Martin Heylen belt opnieuw aan waar hij voor Man bijt hond al eens is geweest. Het heeft iets van recyclage en laaghangend fruit.

"Ik heb het programma nog niet gezien, maar het is niet omdat je terugkeert naar een plek, dat het geen goed, origineel programma kan zijn. Het is zo klaar als pompwater dat de VRT moet besparen, en de commerciële zenders hebben op financieel vlak hun beste periode achter de rug: het is normaal dat je dan wat meer recyclage ziet. Het komt erop aan om dat dan zo creatief mogelijk te doen. Overigens, in september komt Kalmte kan u redden op de buis. Dat is nog eens iets om naar uit te kijken (lacht)."

Over water, de fictiereeks die je samen met Paul Baeten Gronda hebt geschreven, is de kraker van het najaar, maar de eerste aflevering wordt pas in december uitgezonden: kijk je er halsreikend dan wel nerveus naar uit?

"Zó halsreikend dat ik het niet erg zou vinden als die eerste aflevering nooit wordt uitgezonden (lacht). Je kunt met hart en ziel aan iets werken, maar je hebt niet in de hand of het goed wordt bevonden. Het is niet omdat we er hard aan gewerkt hebben en overtuigd zijn van de intrinsieke kwaliteiten, dat we ook goede punten zullen krijgen. Maar van één ding ben ik zeker: er wordt op topniveau geacteerd."

Alles draait rond het personage John Beckers, een rol van Tom Dewispelaere.

"John Beckers is een gevallen tv-vedette. Het verhaal begint wanneer hij uit een ontwenningskliniek komt waar hij werd behandeld voor een drank- en gokverslaving. Hij krijgt een laatste kans van zijn vrouw en kinderen, en hij gaat aan de slag bij het havenbedrijf van zijn schoonvader. Zijn belangrijkste doel is clean blijven, maar hij komt terecht in een wereld waar alles voorhanden is, want in de haven loeren de verleidingen om elke hoek. De reeks toont het gevecht van John Beckers: kan hij de verlokkingen weerstaan?"

 ‘Iedereen verdient een tweede kans,’ zucht Beckers in de trailer. De suggestie: hij zal die verprutsen.

"Ja, dat zul je ook snel zien. Het is geen whodunit, maar hopelijk blijf je kijken omdat je wilt weten hoe hij het hoofd boven water houdt."

Beckers neemt de ene verkeerde beslissing na de andere en merkt op een dag dat hij verstrikt is geraakt in zijn eigen leugens: ‘Waarom overkomt het mij altijd?’

"We wilden een verhaal vertellen over de keuzes die mensen maken. Als je een beslissing neemt, gaat iedereen ervan uit dat het de juiste is, want anders zou je ze niet nemen. Dat betekent niet dat je later nog altijd het gevoel hebt dat je de juiste keuzes hebt gemaakt. Als jij morgen een affaire begint met een vrouw, dan maak je een keuze wanneer je de eerste keer in bed duikt: de keuze die je op dat moment het hardst wílt maken. Maar die keuze staat soms wel haaks op de consequenties."

John Beckers doet denken aan het personage van Geert Van Rampelberg in De parelvissers.

"Ja, ze raken elkaar, dat klopt. Populaire figuren die zwalpen: een leitmotiv, zowaar! Maar natuurlijk kennen Paul en ik de televisiewereld beter dan de verzekeringssector. Ik voeg er meteen aan toe dat John Beckers niet op één iemand is gebaseerd, hij is een assemblage van de trekken van vijftien mensen. Het is de kunst om er dan een gaaf, voldragen personage van te maken."

Wat fascineert je aan zulke zelfdestructieve mensen?

"Wat ik daarnet zei: weersta je alle verleidingen of niet? En als je het niet doet, ben je er dan eerlijk over of niet? Want het wordt pas echt interessant wanneer mensen ervoor kiezen om te liegen."

 Ik hoorde een criminologe zeggen dat iedereen zich een weg door het leven liegt. Het gaat meestal om onschuldige leugentjes.

"Zo’n leugentje om bestwil stelt op zich niet veel voor, maar je maakt het jezelf wel moeilijker, omdat je het moet volhouden. En toch doet iedereen het, verschillende keren per dag, zonder dat we er erg in hebben: liegen en verzwijgen vind ik geweldig fascinerend. Om te liegen moet je een goed geheugen hebben."

Zondagskind

 Ben je ooit al in zo’n penibele situatie als die van John Beckers terechtgekomen?

"Nee. Natuurlijk put ik altijd uit mijn eigen leven als ik schrijf. Te veel, volgens mijn vrouw: ‘Je moet niet alles prijsgeven.’ Waarop ik zeg: ‘Tineke, niemand weet toch dat wij die dialoog ooit letterlijk hebben uitgesproken?’ Dat gaat over kleine dingen, de manier waarop mensen babbelen, ruziemaken of elkaar uit de weg gaan. Het grappige is dat de vrouw van Paul van exact dezelfde scènes dacht dat het over hen ging (lacht). Maar op een hoger plan schrijf ik eigenlijk altijd over dingen die ik niet wil meemaken. Alsof ik zo de realiteit wil bezweren: als ik erover schrijf, kan het mij niet meer overkomen. Hoewel, bij ‘De parelvissers’, een reeks over een groep hechte vrienden die samen een productiehuis oprichten en ten onder gaan, had ik ook die illusie: mijn toekomst ziet er dus somber uit (lacht)."

Maar hoe werkt die bezwering? Hoop je al schrijvend de valkuilen te ontwaren?

"Ja, om ze dan te proberen omzeilen. Het is zoals de denkoefening maken: wat is het ergste dat mij nu zou kunnen overkomen?"

Wat is dat voor jou?

"Dat mijn vrouw nu belt en zegt dat één van mijn kinderen is overleden."

Ik probeer zulke gedachten zoveel mogelijk uit mijn hoofd te bannen.

"Positief naar de dingen kijken: daar ben ik redelijk goed in. Zo’n denkoefening is ook heel prikkelend voor de verbeelding. Hoe moet je je uit een noodlottige situatie redden? Ik kan van geluk spreken, ik ben nog nooit in een do or die-situatie terechtgekomen. Alhoewel: twee weken geleden ben ik tijdens de afvaart van de Zambezi uit mijn boot gekatapulteerd, en ondanks mijn goddelijke lichaam ben ik niet de allerbeste zwemmer. Ik ben misschien drie seconden kopje-onder gegaan, maar het leken vijf minuten. Pas achteraf merkte ik aan mijn ademhaling dat ik bang was geweest."

Was je zoon niet op de luchthaven van Zaventem toen er bommen ontploften?

"Onze Willem vertrok die dag met zijn klas op Romereis. Een uur lang wisten we niet of hij ongedeerd was, het waanzinnigste uur van mijn leven. Om negen uur hoorden we gelukkig dat alles in orde was, maar de dag erna kon ik nauwelijks stappen. Mijn hele lichaam was verkrampt, alsof ik vier marathons had gelopen. Dat is het ergste wat me ooit bijna is overkomen. Ik ben verder gespaard gebleven van al te grote noodlottigheden."

Omdat je consequent de juiste keuzes maakt, of omdat je een zondagskind bent?

"Ik ben sowieso een zondagskind, dat geef ik toe. (Denkt na) Of beter: ik voel mezelf zo. Ik denk dat er mensen zijn die precies hetzelfde leven leiden als ik, en die toch zwaarmoedig in de wereld staan. Tenzij het over extreme dingen zoals kanker gaat, geloof ik dat het niet gaat om wat je overkomt, maar hoe je ermee omgaat. Nu klink ik als een boeddhist, maar het klopt wel. Ik heb het voorbije jaar veel te hard gewerkt, waardoor ik de dingen die ik graag doe, niet meer graag deed. Ik moest ze allemaal tegelijk doen en het werd op den duur ondraaglijk: ik heb maanden aan een stuk zeven dagen per week gewerkt en maar vijf, zes uur per nacht geslapen. Je zou dan kunnen blokkeren en eronderdoor gaan, maar ik ben overeind gebleven omdat ik wist dat het tijdelijk was. Ik prijs me gelukkig voor mijn competentie om overal hoop en licht te zien."

In de tv-trailer zien we iemand Beckers influisteren: ‘Het is geen schande om een extra centje te kunnen gebruiken.’ Is hebzucht ook een thema?

"Ja, maar in het geval van John Beckers is dat een hunkeren naar macht en aanzien, wat evengoed verslavend kan zijn. De verslaafde kan wel van verslaving veranderen, maar hij blijft verslaafd."

Heb je dat zelf ondervonden?

"Als je 50 bent, heb je veel mensen zien ontsporen. En ik ben zelf ook heel gevoelig voor verslavingen. Tot tien jaar geleden rookte ik veertig sigaretten per dag. Nu is mijn werk het belangrijkste risico. Mijn vrouw heeft het voorbije jaar letterlijk gezegd: ‘Je bent eraan verslaafd.’ Ik heb dat weggelachen, maar ze had gelijk. Als je bezig bent met iets wat je heel graag doet, dan kan dat je bedwelmen, net als alcohol of drugs. Het kan je ook afsluiten van een andere realiteit, waardoor je je ongelukkig voelt: ‘Verdomme, ik ben te weinig thuis.’ Het is heel moeilijk."

Beeld Marco Mertens

Hoe innig is je omgang met alcohol?

"Ik kan veel drinken, maar ik heb wel een ingebouwde rem. Ik ben een controlefreak: als je veertig sigaretten rookt, ben je nog altijd in charge, maar bij alcohol komt er altijd een moment waarop je jezelf verliest. Ik slaag er altijd in om net daarvoor te stoppen. Dat is een zegen, want ik zie veel vrienden, leeftijdsgenoten, die erover gaan. Ik heb nog nooit moeten zeggen: ‘Ik weet niet hoe ik thuis ben geraakt.’"

Er wordt gesnoven in 'Over water': ben je zelf ooit in de verleiding gekomen?

"Ik heb weleens wiet gerookt, maar ik vond dat eerlijk gezegd niet lekker. Coke schijnt vrijelijk te circuleren in televisiekringen, zegt iedereen me, maar ik heb het nog nooit gezien. Dat ik het nooit heb geprobeerd, heeft waarschijnlijk ook met angst te maken. Ik wil gewoon geen brol in mijn lijf."

Zondag begint het derde seizoen van Kalmte kan u redden. Eerder deed je al acht jaargangen van De pappenheimers, en nog vroeger Tien voor taal. Hoe spannend is zo’n quiz nog?

"Presenteren blijft nog altijd heel spannend voor mij. Ik ben iemand die sociaal kan doen, maar eigenlijk ben ik geen sociaal mens: ik moet enkele drempels over. Ook al heb ik al duizend opnames gedaan, ik ben de eerste vijf minuten nog altijd bloednerveus. Als die goed zitten, weet ik dat ik goed kan zijn. Maar als het níét klopt, ben ik niet de man die die scheve situatie kan rechttrekken. Dan moet de schminkster om de vijf minuten komen bijpoederen. Je kunt voorspellen hoe een uitzending zal verlopen door na zes minuten het beeld stil te zetten en de zweetparels op mijn hoofd te tellen. Op dat vlak ben ik een niet-professionele presentator. Een professionele presentator monteert in zijn hoofd mee tijdens de opname. Als een mop slecht valt, denkt hij: knippen. Waarna hij de mop nog eens vertelt, het publiek wél lacht en ze weer gelanceerd zijn. Ik ben een slechte acteur: ik kan iets maar één keer geloofwaardig brengen. Daarom bereid ik mijn moppen niet voor."

Maar je hebt toch geacteerd? Ik herinner me een bijrol in Brylcream Boulevard, een film van Robbe De Hert.

"Ja, maar hou het stil, want dat was eerlijk gezegd echt niet goed. Ik heb dat gedaan uit nieuwsgierigheid. Door zelf fictie te maken is mijn bewondering voor acteurs alleen maar groter geworden. Ik weet niet hoe ‘Over water’ zal scoren, maar er wordt onwaarschijnlijk sterk in geacteerd. We hebben echt het voorrecht gehad om met de strafste mensen te kunnen samenwerken. Het is bijna niet te geloven, maar Tom Van Dyck heeft zich nog maar eens heruitgevonden én overtroffen."

Evolueer je nog als presentator?

(blaast) "Ik hoop het. Ik denk het. Maar ik ben nu bezig met de montage van Kalmte kan u redden, en mezelf bekijken is het minst favoriete onderdeel van de job."

Een ex-collega zei me dat je je vaker lijkt in te tomen, en dat je de kandidaten minder vaak schoffeert.

"O, dat denk ik niet. Bij deze reeks zeker niet, en twee jaar geleden was ik al veel stouter dan tien jaar geleden. Laten we zeggen dat ik soms hard plaag."

En je komt ermee weg.

"Omdat ik zo on-ge-lo-fe-lijk charmant ben, natuurlijk (buldert). Nee, weet ik veel. Ik weet alleen dat we veel tijd investeren in onze kandidaten. Als we om acht uur opnemen, heb ik al vijf uur met hen doorgebracht. In het beste geval zijn ze dan overtuigd dat ik in vrede kom. Ik kondig aan dat ik ga plagen en uitlachen, maar alleen in good spirit. Ik leg ook uit dat wij er geen belang bij hebben dat iemand een slechte beurt maakt. Af en toe is een kandidaat wat wantrouwend en argwanend. Dat is niet leuk, want het mooiste wat je op tv kunt zien, is iemand die zich kwetsbaar opstelt. Ik stel mijzelf ook kwetsbaar op doordat ik maar wat doe, met wisselend succes."

Je schrijft scenario’s, je regisseert, presenteert en leidt een bedrijf. Welke eigenschap ligt aan de basis van dat succes?

"Je moet altijd de goede mensen vinden met wie je kunt samenwerken. Ja, dat is weer zo’n antwoord waarmee ik weiger om de pluimen in mijn eigen gat te steken, maar het is wel waar."

‘Tom Lenaerts twijfelt nooit,’ zei iemand me.

"Ik wou dat het waar was. Als de context niet goed zit, ben ik evengoed een kaal, onzeker vogeltje. Dat vind ik wel straf, dat mensen denken dat ik nooit twijfel, want ik lig ’s nachts ook wakker. Maar ik ben niet het soort mens dat snel zijn onzekerheden uitdrukt. Dat wil niet zeggen dat ik het niet durf, maar eerder: ‘Waarom zou ik iemand anders daarmee lastigvallen?’"

Het format van Kalmte kan u redden kwam onder meer uit jouw koker, nadat je eerder al mee De mol en De pappenheimers had bedacht.

"Ik ben van nature een spelletjesmens, maar het heeft ook met geluk te maken. En met hard werk. Net als bij Woestijnvis vroeger wordt hier bij productiehuis Panenka in de eerste plaats hard gewerkt."

Rond dat harde werk was bij Woestijnvis een soort cultus ontstaan. Luc Kempen, de eerste eindredacteur van ‘Man bijt hond’, zei in Humo’s artikelenreeks over 20 jaar Woestijnvis: ‘Als er niet ’s nachts was gemonteerd, kon het niet goed zijn.’

"Dat betekent niet dat het niet waar is dat we onder andere daarmee het verschil maakten. Maar het is juist dat er op den duur een sfeertje is ontstaan waarin je je schuldig voelde als je om halfacht naar huis ging. Dat waren de uitwassen, dat is nooit de bedoeling geweest. En vaak vergeet iedereen erbij te zeggen dat de meesten pas om tien uur ’s ochtends binnen struikelden."

Is er ook een moment geweest waarop je dat harde werk niet graag meer deed?

"Ja. Toen we De kruitfabriek maakten. We werkten ons te pletter, maar vochten tegen de bierkaai. Natuurlijk maakten we geen perfect programma en hebben we geprobeerd om bij te sturen, maar het is niet gelukt. Ik heb vier maanden geleden nog eens een aflevering bekeken, en dat was goed. Het was natuurlijk niet perfect, maar succes moet je ook gegund worden. Een aantal journalisten hebben snel een negatieve toon gezet, en dan kom je in een neerwaartse spiraal terecht. Dat is erg lastig voor een controlefreak als ik. Je kunt alleen maar wachten, de negativiteit uitzitten en het tijd geven tot de mensen je weer met een andere bril willen bekijken."

De kruitfabriek is vroegtijdig stopgezet, niet veel later vertrok je met slaande deuren bij Woestijnvis. Wilde je daarom niet meewerken aan de Humo-reeks over de twintigste verjaardag?

"Ik was niet de enige. Laten we zeggen dat het afscheid toen nog te vers in het geheugen lag. We hebben zeventien jaar met hart en ziel samengewerkt: dat is uniek in deze emotionele sector. Ik beschouw die zeventien jaar als een wereldrecord en een onwaarschijnlijk mooi cadeau. Ik hoop dat we daar snel weer met trots op kunnen terugkijken. En dat laatste half jaar snel vergeten, want dat was… kak."

Was het na Woestijnvis een optie om níét zelf een productiehuis op te richten?

"Ja. Ik heb alles overwogen, zelfs een ander beroep of een jaar niksdoen."

Heb je ook met andere productiehuizen gepraat?

"Ja."

Welke?

"Alleen met Paul Jambers (lacht). Nee, ik ben zelf iets begonnen omdat ik anders weer snel zou worstelen met het gebrek aan controle. Ik wilde mijn eigen speeltuin creëren, zelf de speeltuigen kiezen waar ik het liefst op speel."

Het is hard gegaan.

"Ja, enorm. En té hard gaan is een reëel gevaar, ik moet vaak vechten tegen de goesting. Goede tv bestaat bij gratie van goede mensen, en wij hebben het geluk dat we fantastische mensen hebben die het verschil kunnen maken, maar hun werkkracht is ook eindig. Het is frustrerend, maar er gaan veel goede ideeën de diepvriezer in bij Panenka. Ook dat is een keuze, want als je je op groei richt, moet je meer mensen aannemen. Maar dan zul je gefrustreerd zijn omdat sommige programma’s onder de lat door gaan."

Op welk programma ben je het meest trots?

"Op Panenka zelf. Ja, dat is weer het flauwe antwoord, maar op die vraag kan ik echt niet antwoorden. (Denkt na) Ik was het afgelopen seizoen supertrots op Taboe, omdat er veel onzekerheden en angsten aan voorafgingen – volgend seizoen komt er trouwens zeker een nieuwe reeks. Het was een hybride programma: geen human interest, geen klassiek entertainment en geen pure comedy. Ik vergelijk het met de conceptie van De mol: pionierswerk is plezant, maar je hebt geen ijkpunten of houvast. Als je iets maakt, vraag je je constant af: ‘Wat werkt en wat niet?’ Bij Taboe konden we die vraag niet stellen. Als dan blijkt dat mensen erin zien wat wij erin zien, dan is dat fantastisch. En – permitteer me enige hoogdravende woorden – ik vond het ook een relevant programma. Het deed mensen op een andere manier kijken naar dingen waarvan ze dachten dat ze die al kenden. Ik ben ervan overtuigd dat onder andere de aflevering over mensen met een andere huidskleur ogen heeft geopend.

"Ik ben geweldig trots dat 1,8 miljoen mensen kijken naar een programma dat niet flitsend gemonteerd is, dat veertig minuten human interest bevat over zes mensen in een huis. Dat is een teken dat je méér dan een snaar hebt geraakt. En ook dat Philippe Geubels daarvoor het ultieme glijmiddel bleek."

Beeld Marco Mertens

Het meest besproken fragment kwam uit de aflevering over godsdienst: ‘Mag je grappen maken over Allah?’ De moslim vond van niet, en Geubels besliste om het ook niet te doen.

"Ik vond dat respectvol. Je kunt het angstig noemen, maar is dat zo verkeerd op een moment dat mensen zich opblazen als je wél grappen maakt over Allah?"

Maak jij ze zelf?

"Ik denk dat ik laf genoeg ben om moppen te maken over Allah als er geen islamiet in de buurt is, of hoogstens één van wie ik weet dat hij me niet zal kapotmaken. Het was nooit de bedoeling van Taboe om te vragen waar we níét mee mochten lachen, en het vervolgens wél te doen en mensen te schofferen. We wilden ze beter leren kennen en weten wat moeilijk ligt en wat niet."

Je bent bij Panenka niet meer alleen maker: je bent ook aandeelhouder en bedrijfsleider. Vind je het zakelijke aspect van de business plezierig?

"Laten we zeggen dat het past in de controledwang. Maar ik kan dat natuurlijk niet alleen: ik heb het grote geluk dat Kato Maes mee is gesprongen, een vrouw die niet alleen briljant is in wat ze doet, maar ook nog eens tof.

"Als je een tv-programma verzint, is de tweede, derde of vierde vraag altijd: ‘Wat gaat dat kosten?’ Concreter: ‘Hoeveel moeten we aan de zender vragen om het programma op een goede manier te kunnen maken?’ Dat is niet de tofste fase, dat is sowieso het verzinnen – ‘En dan komen er vijf olifanten de kamer binnen’ – maar soms is het prettig om weer even te landen en de vraag te stellen: ‘Is er geld genoeg voor vijf olifanten?’ Dat is evengoed creatief werk: je tekent de contouren van de fantasie."

Dat klinkt ook als: de vleugels knippen.

"Dat is niet erg: je verzint niet noodzakelijk slechter als je vrijheid beperkt wordt. Het kan zelfs een geruststelling zijn."

Bruno Wyndaele zei onlangs in Humo dat het geen goede tijd is voor productiehuizen. Heeft hij gelijk?

"De jaren 90 waren florissanter dan nu. Er waren wel minder productiehuizen, maar ze waren veel groter. Nu zijn ze kleiner, wat aangenamer is voor de zenders: ze kunnen niet zo snel gegijzeld worden door een productiehuis."

Zoals Woestijnvis dat heeft gedaan.

"Woestijnvis was groot en machtig. Ook omdat ze zo goed waren, maar hoe dan ook was het niet ideaal voor de zender."

In oktober word je 50. Noopt dat tot terugblikken?

"Nee. Ik heb het op geen enkele manier lastig met mijn leeftijd. Ik begin wel te twijfelen om toch maar een feest te geven. Als iedereen je constant vraagt: ‘Ga je een feest geven?’, dan denk je op den duur: ‘Ik zal maar een feest geven, zeker?’ Bovendien realiseerde ik me vorige week op het feest voor de 60ste verjaardag van Tom Lanoye dat ik vaker het moment moet aangrijpen. Ook hier bij Panenka. Als een programma succesvol is, moeten we dat niet te vals bescheiden relativeren, we moeten durven vieren en feesten. Champagne opentrekken en klinken, verdomme!"

Sta je vaker dan vroeger stil bij je sterfelijkheid?

"Minder. In de tijd van De parelvissers is mijn beste vriend gestorven: dat heeft me geweldig geraakt. Maar mijn ouders en al mijn vrienden leven nog. Ik denk dat ik er daarom niet mee bezig ben: ik word er niet mee geconfronteerd.

"Er is iets anders waar ik me wel bewust van word. Bij Panenka werken veel jonge mensen. Kato en ik hebben één half ernstige regel: onze mensen mogen niet ouder zijn dan de helft van onze leeftijd plus tien. Er zijn uitzonderingen, maar de meesten zijn tussen de 23 en 35 jaar. Ik voel me bij hen nog altijd vaak one of the guys, maar ik besef heel goed dat zij dat niet zo zien (lacht)."

Dan hebben we het over millennials. Waarin verschilt die generatie van de jouwe?

"Ik denk dat ze een beter evenwicht vinden tussen werk en privé, wat je niet mag begrijpen als een gebrek aan engagement. Dat is een vooruitgang in vergelijking met mijn generatie."

Millennials heten ook verwaand te zijn.

"Dat sowieso. En lui (lacht luid). Wat niet wil zeggen dat ze minder getalenteerd zijn, maar verwend zijn ze absoluut. Mochten er trouwens millennials zijn die a) Humo lezen, b) wel nog hard willen werken, en c) mee zijn met de moderne tijd, dan mogen ze altijd een gele briefkaart sturen naar Panenka."

© Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234