Maandag 23/11/2020

MuziekCoronavirus

Wat je verliest wanneer kleine concertzalen de deuren sluiten: ‘Hoe kleiner de show, hoe legendarischer’

Captain Kaiser.Beeld Joke Vleminckx

Al de balzalen van mijn jeugd zijn nu bestoft en door velen verlaten. De coronamaatregelen zorgen ervoor dat er amper bewegingsvrijheid is voor kleine muziekvenues. Een ramp voor beginnende artiesten, de punk- en hardcorescene en voor dat samenhorigheidsgevoel op steroïden. 

Enkele mannen hangen aan de spanten van het plafond. Het zweet druipt van hun rode hoofden op de reeds bezwete massa onder hen, die over elkaar heen kruipt in een poging zich een weg tot het podium te klauwen waar een zanger in de microfoon schreeuwt als ware het de enige levenslijn uit deze mensenzee. Je ziet het niet op de foto, maar enkele seconden later zou hij diezelfde microfoon tegen de mond van een van zijn enthousiaste fans duwen. Ergens in de zaal wordt een fles Jägermeister doorgegeven. Sascha Vansant zucht. “Het lijkt zo surreëel nu.” Vansant is de frontman in beeld, een prent vastgelegd tijdens de laatste liveshow van zijn punkband Captain Kaiser voor het coronavirus dit soort taferelen voor onbekende tijd beteugelde. Acht lange maanden zijn er ondertussen gepasseerd, maanden waarin de band zich heeft gesmeten op het schrijven van nieuw materiaal.

Captain Kaiser.Beeld Joke Vleminckx

Het album The Drovers Inn, waaruit de derde single ‘Rocket Science’ begin deze week geboren werd, is volledig opgebouwd rond verboden liefdes (van dezelfde fles drinken, iemand?) en rond ontlading na ontbering. De metaforen met de huidige lockdown zijn makkelijk te trekken, al is het moeilijk in te schatten of die ontlading überhaupt kan beleefd worden wanneer de Kempenpunkers komend voorjaar die plaat, als het even mag, met een liveshow zullen voorstellen aan het publiek. “We hebben nog geen idee of het zal doorgaan en zo ja, hoe, maar we vrezen wel dat het de meest bevreemdende ervaring van onze muzikale carrière zal zijn”, zegt Vansant. “We hebben een volledig coronaproof event in de steigers staan, just in case, maar dat op zich klinkt al dissonant. Een punkshow is doorgaans niet aan banden gelegd door regels, een punkshow is niet zittend, het is moshen, elkaar vastnemen, samen in dezelfde micro schreeuwen, een punkshow is… welja, dit”, gesticuleert hij naar de foto.

Kilometers afleggen

Het is u misschien niet opgevallen, maar toen de cultuursector zichzelf deze zomer aan luttele strohalmen van perspectief en steunmaatregelen uit het graf trok, bleef het oorverdovend stil in de krappe kelders en de achterafzaaltjes, de jeugdhuizen en de scoutslokalen, de ruimtes die smeken om gevuld te worden met gekrioel. Het is hier, en niet aan hoofdpodia of handelsbeurzen, waar mijn liefde voor muziek ontstaan is. Waar ik nieuwe bands leerde kennen en bestaande artiesten wist te respecteren. Waar ik vrienden voor het leven en partners voor de pit heb gemaakt, waar ik bespuwd en opgetild werd, de longen uit mijn lijf schreeuwde en mijn hart vulde met herinneringen die me door deze lockdown sleepten. O de balzalen van mijn jeugd, wee de venues zonder verhoog waar je schouder aan schouder staat, waar alles mocht en nu niets meer kan.

“Hier mocht vier à tien man binnen, afhankelijk van wat de toen geldende definitie van bubbel was”, lacht Lindsi Dendauw, projectmedewerker van het kleine doch legendarische Gentse muziekcentrum Kinky Star, een tikje groen. “Officieel hebben we een capaciteit van 49, maar afgelopen zomer konden we geen twee bubbels op anderhalve meter van elkaar in dezelfde ruimte plaatsen. We zijn dan maar getransformeerd naar digitaal muziekcentrum, in afwachting tot we de deuren weer fysiek mogen openen.”

Dendauw benadrukt het belang van bescheiden venues voor de volledige muzieksector. “Hun rol is niet te onderschatten. Allereerst zijn ze een belangrijke ontmoetingsplek, zeker voor muzikanten, waar je achteraf aan de toog kan napraten met de band die je net bezig hebt gezien. We organiseerden ook jams waar mensen gewoon à l’improviste bij elkaar op het podium springen. Het is geen verrassing dat er uit die letterlijke en figuurlijke laagdrempeligheid ook nieuwe bands ontstaan.” Daarnaast hebben beginnende artiesten ook een plek nodig om te starten, zegt Dendauw. “Live ervaring opdoen is essentieel. Tegenwoordig worden nieuwe bands heel snel op clubpodia gegooid, bijvoorbeeld nadat ze een muziekwedstrijd hebben gewonnen. Het is ongetwijfeld tof om te kunnen zeggen dat je al in de AB gespeeld hebt, maar als je voor dat optreden in die grote zaal amper live ervaring hebt opgedaan, zal die show weinig kunnen losmaken”, weet Dendauw. “Een muzikale carrière gaat verder dan een hitsingle. Het is belangrijk dat je er live ook stáát, dat je je kilometers aflegt.”

Animal Club.Beeld Kevin Vankeirsbilck

No barriers

Een kleine venue is meer dan een kladblad. Heel wat bands verkiezen knusse kelders boven ampele auditoria. “Voor de releaseshow in maart hebben we twee locaties vastgelegd”, zegt Vansant. “Een grote zaal als het moet, een kleine zaal als het mag.” Ook voor het publiek is een optreden met een beperkt aantal toeschouwers vaak memorabeler dan een doortocht in een grote zaal. Niet alleen voor de “ik was erbij”-badge. Een ervaring die je met minder mensen deelt, is intiemer, en ligt je daarom ook meer na aan het hart.

“Hoe kleiner de show, hoe legendarischer”, vindt ook de Gentse youth crew hardcoreband Animal Club, die vorig jaar nog support speelde van het Koreaanse FLUSH in, jawel, de douches van een brandweerkazerne. “De kans dat de sfeer goed zit in een kleine ruimte is veel groter”, weet vocalist Davy Beeckman. “Wanneer je een capaciteit van dertig, veertig man hebt, kan je er meestal wel vanop aan dat iedereen in die ruimte er ook écht bij wil zijn. Dat iedereen komt voor de muziek. Tegenwoordig is publiek veel passiever geworden, ze willen alles vastleggen met hun smartphonecamera, waardoor de magie ook wat verloren gaat. Voor ons is het essentieel dat het publiek méé is”, zegt Beeckman. “Hardcore is intensieve muziek, bands geven heel veel van zichzelf en verwachten diezelfde energie terug.”

No barriers is dan ook het geheim van een goede show. Letterlijk en figuurlijk. Als er al een verhoogd podium in de venue staat, wordt dat niet met hekken afgeschermd van het publiek, dat gewoon mee on stage kan klauteren en vervolgens in de kolkende massa springt. “Onze muziek draait om gedeelde waarden en normen, om een connectie maken”, zegt Beeckman. “Het zou vreemd zijn als je die connectie live dan niet kan voelen.”

Eenzelfde zeel

Animal Club.Beeld Kevin Vankeirsbilck

“De beleving is kenmerkend”, beaamt Kristof Van den Eede, oprichter van concertorganisator Flood Floorshows dat zich specialiseert in alternatieve subgenres. “Ik vergelijk het soms met de sportwereld: je hebt sporten waarbij de spelers gewoon allemaal individueel hun ding doen, en dan heb je de contactsporten. Punk en hardcore zijn contactgenres; dat zijn geen shows waar je gewoon naar staat te kijken, de groepsbeleving staat voorop.” Flood Floorshows heeft zijn werking tijdelijk gestopt en plant niet opnieuw op te starten vooraleer de beperkingen zo goed als opgeheven zijn. Het is financieel onhaalbaar om opkomende bands in een grote zaal te plaatsen, maar ook bij bands die wel een groter publiek trekken, ontbreekt de aantrekkingskracht om te spelen voor immobiele gemondmaskerde toeschouwers. “We hebben uiteraard aanbiedingen gehad om coronaproof te spelen, maar dat zagen we niet zitten”, klinkt het bij Animal Club. “Dat is hetzelfde niet. We wachten liever tot alles voorbij is.”

De scene, die doorgaans prat gaat op het DIY-principe en binnen de georganiseerde chaos van moshpits en stagedives haar eigen voorschriften en regels handhaaft, ligt dus al maanden op haar niet-zo-zittend gat. Maar, zo klinkt het overal luid en duidelijk: de maatregelen zijn belangrijk en moeten gerespecteerd. “We willen allemaal dit virus zo snel mogelijk klein krijgen zodat de beperkingen worden opgeheven en we weer de shows kunnen beleven zoals we dat gewoon zijn”, laat Captain Kaiser optekenen. “Iedereen binnen de scene trekt op dat vlak aan hetzelfde zeel.” Nu illegale optredens organiseren waarbij de gezondheid van anderen op het spel komt te staan, druist regelrecht in tegen het maatschappelijk engagement dat de punk- en hardcoregenres drijft. “Corona heeft heel wat pijnpunten van de moderne maatschappij blootgelegd, niet enkel in de cultuursector”, zegt Lindsi Dendauw. “Het huidige systeem werkt gewoon niet, en ik ben er zeker van dat die realisatie de activistische scene een nieuwe wind zal geven.”

Animal Club.Beeld Kevin Vankeirsbilck

Uiteraard worden niet enkel de punk- en hardcorebands geraakt. Het slot op de deur van kleine venues sluit ook beginnende artiesten en zowat alles wat er beweegt in de alternatieve genres buiten. Zonder al te veel perspectief. Volgens Van den Eede is het voorlopig koffiedik kijken. “Het is sowieso al niet rooskleurig gesteld met de undergroundscene in België, zeker de laatste jaren. Tegenwoordig draait het in de sector meer om business in plaats van om beleving. Wanneer wij bijvoorbeeld een (internationale) act willen booken, moeten we al zorgen dat het voorprogramma een band is die op zichzelf ook al wat ticketverkoop op gang brengt, terwijl we vroeger kansen konden geven aan veeleer onbekende lokale support acts. Ik ben benieuwd hoe dat gaat evolueren nu alles een jaar stilgelegen heeft en er heel wat nieuwe bands ontstaan zijn, maar ook bestaande groepen met nieuwe muziek op de proppen komen. Kleine venues die bands kansen willen geven en muziek nog echt om de muziek willen laten draaien, zullen meer dan ooit onontbeerlijk blijken.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234