Maandag 09/12/2019

Televisie

Waarom ‘Hoe zal ik het zeggen?’ bijna niet meer bestond: ‘Jens Dendoncker is te bekend geworden’

Jens Dendoncker in ‘Hoe zal ik het zeggen’. Beeld RV

BV’s met achtervolgingswaan en een presentator met een veel te bekend gezicht zetten het derde seizoen van Hoe zal ik het zeggen? op de helling. Waarom het er dan toch gekomen is en hoe dat precies in zijn werk ging, leggen de makers zelf uit. 

De jongens en meisjes van Shelter, het productiehuis achter Hoe zal ik het zeggen?, zijn in een uitgelaten bui. Ze hebben net hun allerlaatste verborgen-cameraboodschap van het nieuwe seizoen ingeblikt: een groots opgezet web van intriges met als enige bedoeling Olga Leyers op weinig subtiele wijze duidelijk te maken dat ze haar auto wat vaker moet opruimen. 

Dat Hoe zal ik het zeggen? een nieuw seizoen kreeg, is eigenlijk een klein mirakel. Bij Shelter houden ze er niet van de levensduur van hun producties onnodig te rekken. “We wilden er zeker van zijn dat het derde seizoen minstens zo goed zou worden als de vorige twee”, zegt Sofie Peeters, die het programma produceert. Tim Van Aelst, haar partner in crime, vult aan: “Het was ook een kwestie van goesting. Was die er nog wel? Of deden we liever iets nieuws?”

Opgedroogde lijm

En dan was er nog dat andere probleem. Toen Jens Dendoncker drie jaar geleden het gezicht van het programma werd, was hij nog een nobele onbekende. Ondertussen is hij uitgegroeid tot de favoriete knuffelbeer van televisiekijkend Vlaanderen. En dat heeft zo zijn bijwerkingen. “Zodra mensen me in de gaten krijgen beginnen ze al te roepen: ‘Hey Jens, waar hangen de camera’s’”, vertelt Dendoncker. “Dan wordt het moeilijk om een verborgen-cameragrap tot een goed einde te brengen.” 

Niets dat een dikke laag schmink, een valse neus of een pruik niet zou kunnen oplossen, dachten ze aanvankelijk bij Shelter. “Ze hebben me bijvoorbeeld eens heel oud gemaakt”, vertelt Dendoncker. “Dat zag er van op een afstand heel realistisch uit. Maar van dichtbij was het dat al veel minder. Het minste stukje opgedroogde lijm dat blijft zitten, zorgt ervoor dat mensen argwaan krijgen.” 

“Welke vermomming we ook gebruikten, de stem en het postuur van Jens bleven ook heel herkenbaar”, vult Peeters aan. Om daar iets aan te doen werd de hulp van stemmenimitator Guga Baúl ingeroepen. Maar veel zoden zette dat niet aan de dijk. Dendoncker: “Hij gaf me wel wat tips, maar het was te kort dag om nog iets wezenlijks aan mijn stem of mijn houding te veranderen. Er speelde ook wat onzekerheid mee, ik was er niet van overtuigd dat ik ermee weg zou raken.” 

Vers blik acteurs

“Jens heeft enorme kwaliteiten, maar als hij ervan overtuigd is dat iets niet werkt, zal hij ook weinig moeite doen om het te doen marcheren”, lacht Van Aelst. “Iemand als Matteo Simoni zit wat dat betreft anders in elkaar. Die  zal blijven proberen om zichzelf opnieuw uit te vinden. Daar haalt hij energie uit.”

En dus verdwijnt Dendoncker in het derde seizoen noodgedwongen iets meer uit beeld. Enkel tijdens de ‘reveal’, wanneer het slachtoffer duidelijk wordt gemaakt dat hij erin is geluisd, verschijnt de presentator ten tonele. “Natuurlijk is dat jammer, maar ik kan gelukkig wel nog mijn ding doen in de presentaties tussen de candids. Daarin laat ik me dit seizoen volledig gaan.”

Niet alleen het gezicht van Dendoncker doet steeds vaker een belletje rinkelen. Ook sommige van de acteurs die in de eerste twee seizoenen mochten opdraven, hebben ondertussen fors aan naamsbekendheid gewonnen. Terwijl Janne Desmet twee jaar geleden nog een heel geloofwaardige politieagente kon neerzetten, is dat dankzij haar rol in Studio Tarara nu niet meer het geval. Elk seizoen moeten de makers dus een nieuw blik acteurs zien open te trekken. Dendoncker: “Ik sta er telkens van versteld hoeveel steengoede acteurs er in Vlaanderen rondlopen die blijkbaar niemand kent.” 

Kaartavond

Niet alleen televisiekijkend Vlaanderen is na twee seizoenen Hoe zal ik het zeggen? op zijn of haar hoede voor verborgen camera’s. Ook bekend Vlaanderen gaat argwanender dan ooit door het leven, wat van het strikken van die BV’s een titanenwerk maakt.

“In de eerste aflevering doen we Niels Destadsbader geloven dat zijn telefoon is gehackt”, vertelt Peeters. “Om die telefoon in handen te krijgen, organiseerden we een kaartavond in zijn stamcafé waar we dat ding hebben gepikt. Maar die telefoon stelen is nog maar het begin. Je moet er dan bijvoorbeeld ook voor zorgen dat Niels de volgende dag geen aangifte gaat doen bij de politie.” 

Van Aelst: “Die mensen komen echt in een web van leugens terecht. Die setting is heel belangrijk. Je moet het zo groots mogelijk aanpakken. De BV in kwestie moet denken: het kan niet dat ze al die moeite hebben gedaan om mij in de val te lokken.” 

Al zijn er ook BV’s aan wie zelfs de makers van Hoe zal ik het zeggen? zich niet durven te wagen. Staf Coppens bijvoorbeeld. “Die was er te hard mee bezig”, zegt Van Aelst.  “Hij zat echt te wachten tot we zouden langskomen.” Ook het recentste slachtoffer Olga Leyers was op haar hoede. Van Aelst: “Ze heeft me deze zomer zelfs een paar keer gebeld: ‘Er gebeuren hier vreemde dingen, zitten jullie daar voor iets tussen?’ Daarom hebben we haar twee weken geleden via via laten influisteren dat de opnames er op zaten. Dat heeft gewerkt, want nu hebben we haar toch te pakken.” 

Hoe zal ik het zeggen? is vanavond om 20.35 uur te zien op VTM

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234