Woensdag 19/06/2019

review

Waarom fotografen zich zo graag aan de rand van een zwembad ophouden

Schoonspringster Blandine Fagedet in 1962. Beeld Gamma-Keystone via Getty Images

Fotografen hebben zich altijd verlekkerd aan het zwembad als decor voor uitgesproken geësthetiseerde beelden. In het boek The Swimming Pool in Photography valt dit sensuele spel met licht en water in ruim 200 adembenemende beelden te bewonderen.

Een mini-evocatie van de zee of tenminste: een ingedijkte imitatie ervan, zo is het zwembad weleens met een knipoog genoemd. Het is een plek waar tal van functies – letterlijk – samenvloeien. Voor de ene is het een summum van relaxatie en heilzame beweging, anderen beschouwen het als een ideale biotoop voor sportieve glorie. En dan heb je de lome zielen die naar het zwembad schuifelen voor het sociale vertier, voor wat loos gekout of verkoeling aan de waterkant. Of voor wat vergelijkend onderzoek naar de strakheid van de in badpak gehulde lijven, zeker als de zon ongenadig brandt.

‘Baden’ of ‘zwemmen’? Het is een subtiele nuance. Met de opkomst van wellness zijn zwembad en sauna trouwens uitgegroeid tot gesofisticeerde tempels van lichaamscultuur. Privaat en publiek gaan er een ongewone alliantie aan. En terwijl het openbare bassin een oord van democratisering en volks vermaak is, geldt een zwembad aan huis nog steeds als een uithangbord van sociale status.

Al deze functies komen op overvloedige wijze aan bod in The Swimming Pool in Photography, net als de verfijnde architectuur van het zwembad, van infinity pool tot de niervormige Californische pronkbaden, de Londense lido’s van weleer of de Széchenyi-warmwaterbaden in Boedapest, hier gefotografeerd door Guy Le Querrec of Ferdinando Scianna.

Een model showt een badpak aan het Parijse zwembad Molitor, 1949. Beeld www.bridgemanimages.com

Hedonisme

De symboliek van zuiverheid, metamorfose en reiniging, zo schrijft fotografieprofessor Francis Hodgson (universiteit van Brighton) in zijn voorwoord, is altijd nauw verbonden geweest met zwembadcultuur. En hij benadrukt hoezeer het zwembad “een opwindende fotografische ruimte” is, wat zijn selectie met verve bewijst.

Aan welgevormde lichamen geen gebrek in dit boek, dat en passant een geïllustreerde geschiedenis van de badmode biedt. Dartel duiken de lijven van springplanken, sierlijk glijden ze door het water of gestileerd liggen ze rank en gezond te wezen aan de zwembadrand. Fotografen als Jacques-Henri Lartigue, George Hoyningen-Huene, Martine Franck, Herbert List en Philippe Halsman wisten er wel raad mee. En zelfs nazifotografe Leni Riefenstahl, zelf een fervent zwemster, krijgt hier een plek met haar Körperkultur.

Toch valt een instant zomergevoel moeilijk te onderdrukken bij dit kundig samengestelde boek, waarin de barre werkelijkheid compleet buitenspel wordt gezet en hedonisme de boventoon voert. Beroemde foto’s van onder meer Alec Soth, Joel Meyerowitz, René Burri, Harry Gruyaert (in Las Vegas) en Elliott Erwitt (een prachtig panoramisch shot uit 1976 van een witte Buick nabij een nachtelijk bassin) gaan hand in hand met verrassender keuzes, soms van anonymussen uit de prille jaren van de camera.

Van de voluptueuze boezem van Jayne Mansfield aan een zwembad met dobberende replica’s van haarzelf en Bob Gomels spartelende Beatles in Miami, gaat het naar de satirische beelden van Martin Parr, waarin hij de volgepropte Ocean Dome in het Japanse Miyazaki vastlegt. Om uit te komen bij de vrijgevochten en zelfbewuste lichamen van Deanna Templeton of de desoriënterende luchtopnames van Stephan Zirwes of Allan McLean.

Een zwembad in de Alpen. Beeld Spaarnestad

Urban explorers

Slim Aarons, meesterfotograaf van de zonovergoten jetset en het onbezorgde luxeleven, is natuurlijk ruim vertegenwoordigd. Zijn foto’s van the rich and famous zijn van een perfectie die bijna pijn doet aan de ogen. Het zijn opnames waaruit elk sprankeltje ongemak deskundig is weggepolijst, maar waarop tegelijk veel sociologisch speurwerk te verrichten valt. Zo hoppen we van de ene groen-blauwe oase vol wuft vertier naar de andere. Let vooral ook op de prachtige kodachromes van David Noble of Ernest Nägele, postkaartfoto’s van Britse naoorlogse vakantieresorts. En wat te denken van dat springconcours in Albu­quer­que waarbij ezels zomaar in zwembaden werden gedumpt?

Zwembaden genereren bij avond een onbestemde melancholie. Wie kent niet die kleine siddering van angst bij het aanschouwen van een verlaten wateroppervlak? Kijk naar het beeld van Michiel Hendryckx uit 2003 van het aalgladde strandzwembad in Saint-Malo. Zwem­baden zijn ook geliefkoosde plekkken voor filmregisseurs om spanning mee op te wekken. Denk maar aan La piscine, de film die Alain Delon en Romy Schneider nog beroemder maakte dan ze al waren en waarvan we hier een idyllische setfoto te zien krijgen.

Toch spat de zwembaddroom aan het einde van het boek uit elkaar. Urban-explorerfotografen kennen maar al te goed de aantrekkingskracht van lege, vervallen zwembaden. Gigi Cifali, Jim Goldberg en Paolo Pellegrin geven er hier fraaie staaltjes van. Is het zwembad de ultieme leegte die we telkens weer moeten zien op te vullen?

Francis Hodgson (tekst), The Swimming Pool in Photography, uitgeverij Hannibal, 240 pagina’s, 35,95 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden