Dinsdag 15/10/2019

Netflix

Vunzig, maar allesbehalve porno: ‘Big Mouth’ doorbreekt taboes over pubertrauma's

Scène uit ‘Big Mouth’, de nieuwe Netflix-serie voor pubers.

Grote thema's als seks behapbaar maken, dat kunnen cartoons als de beste. Zoals de nieuwe puberserie Big Mouth op Netflix. Het is allemaal een béétje vunzig, maar o zo bevrijdend.

Goed, bij een eerste aflevering die ‘Ejaculation’ is getiteld (zaadlozing, dus), moet je natuurlijk niet vreemd opkijken als het snel wat ongemakkelijk wordt. Zeker als je er met een kind van twaalf naar zit te kijken.

In de nieuwe Amerikaanse cartoonserie Big Mouth klappen de puberproblemen er vanaf de allereerste scène hard in. De vrienden Nick en Andrew - ook een jaar of twaalf - zitten op de schoolbankjes, in de biologieles. De juf legt iets uit over de uterus, met de aanwijsstok voor een grote tekening. “Hé, dat is toch de vagina?”, fluistert Nick tegen Andrew. Dat had hij dus beter niet kunnen zeggen. Het bloed stijgt Andrew naar het hoofd en wordt en passant ook even naar dat ene andere lichaamsdeel gepompt. De opwinding bonkt tegen de onderkant van het lesbankje aan. “Nee toch”, denkt Andrew. “Niet nu!”

Hormoonmonster

Te laat. Het mannetje (grote bril, vijf aarzelende vlasharen op de bovenlip) rent naar het toilet om daar de hand maar weer aan zichzelf te slaan, voor de dertigste keer vandaag. Achter hem vliegt ‘het hormoonmonster’, een fantasiewezen dat Andrew in zijn hoofd heeft vormgegeven en dat zijn oversekste gedachten verwoordt. Het duiveltje op zijn schouder, dat hem aanspoort tot al die dwangmatige masturbaties. “Kom op Andrew, opschieten”, zegt het hormoonmonster. “Straks ziet je broek eruit als een schilderij van Jackson Pollock.” Andrew: “Wie?” “Laat maar. Rukken jij.”

De eerste reactie is een reflex van het menselijke afweermechanisme. Mag dit uit? Kan deze problematiek nog even buiten de deur blijven? Waar is die verdomde afstandsbediening? Maar dan blijf je toch hangen bij de volgende scène. Omdat die nu eenmaal vrij hilarisch is. Andrew logeert bij Nick. Na het douchen wandelt hij door de badkamer, met een handdoekje om zijn middel. Ineens springt Nick uit de badkamerkast, om zijn maatje te laten schrikken. Paniek, het handdoekje fladdert op de grond en Nick staart in ontzetting naar dat wat zijn vriend tussen de benen heeft bungelen. Aargh! En er zit al haar op!

Seksnachtmerrie

Deze confrontatie trapt een reeks kwalijke gedachten af in het hoofd van de arme, kleine Nick. Waarom ziet het er bij hem nog heel anders, en vooral erg onschuldig uit? Komt dat mannenlichaam van hem nog een beetje op gang of hoe zit dat?

Toch ook wel schattig. Vooruit, nog een aflevering. En voor je het weet zit je in gezinsverband in de puberachtbaan en raas je langs ontluikende homoseksualiteit, de eerste, zéér onfortuinlijke ongesteldheid van vriendinnetje Jessi tijdens een schoolreisje naar het Vrijheidsbeeld, natte dromen en desastreuze tongzoenpartijen, een spontane ejaculatie tijdens een schuifeldansje op het schoolfeest en - o, ja - wilde seks met een kussen.

Big Mouth is taboedoorbrekend, en niet zo'n beetje ook. In de laatste aflevering van het eerste seizoen, genaamd ‘The Pornscape’, raakt Andrew van het juiste pad af omdat hij totaal verslaafd is geraakt aan porno op zijn computer. Zijn leven wordt een langgerekte seksnachtmerrie waarin hij als een soort pornokoning op een troon zit temidden van een krioelende sm-orgie waarin iedereen het doet met iedereen (en alles) en Sylvester Stallone (in zijn rol van Italiaanse dekhengst) met een bootje door een waterval van menselijke afscheiding vaart.

Grensoverschrijdend

Bizar, en je zou het in deze seksueel problematische tijden ook best grensoverschrijdend kunnen noemen, maar Big Mouth is tegelijkertijd ongelooflijk grappig. En hoe extremer de getekende taferelen worden, hoe ontspannender je er eigenlijk naar kunt kijken. De makers van de serie, de Amerikaanse komiek Nick Kroll en de schrijver Andrew Goldberg, die zichzelf dus als personages in hun serie hebben verwerkt, overdrijven de puberproblemen zo grotesk dat de ellende ineens grappig en overzichtelijk wordt. En daardoor bespreekbaar. Op een geniepige manier lijkt Big Mouth zelfs iets leerzaams te hebben - al zijn er, te oordelen naar de woedende commentaren van erg bezorgde ouders bij clips op YouTube, mensen die er beslist anders over denken. “Walgelijk!” “Kinderporno!”

De boodschap van bijvoorbeeld die laatste aflevering, over pornoverslaving, is eigenlijk vrij helder. Weet wat je doet als je naar de ranzigheid op internet gaat kijken; je kunt er letterlijk ziek van worden. Daarbij: pubers van een jaar of veertien, met een computer op de kamer, komen toch wel in aanraking met die smerigheid. Of je daar als ouder nu bovenop zit of niet. Je kunt een lastig onderwerp als pornografie op internet misschien beter overdrijven en belachelijk maken, dan er flauw over doen óf de ellende maar dood te zwijgen.

Ongesteldheid

De aflevering over de ongesteldheid van vriendinnetje Jessi is - hoe schokkend het ongemak ook wordt uitvergroot - eigenlijk ook één grote goede bedoeling in animatievorm. Jessi, die van haar moeder - je zult het net zien - een sportief wit broekje heeft gekregen voor haar schoolreis naar Liberty Island, wordt door de populaire meiden uit de klas genadeloos uitgelachen. Ze sluit zich op in het toilet - shit, geen wc-papier - en daar wordt ze uit gered door Andrew, die voor haar wat absorberend textiel heeft geregeld in de souvenirshop: een enorme badhanddoek met de Twin Towers en de tekst ‘9-11, Never Forget’ erop.

Oftewel: doe even aardig jongens, als meisjes ook zo hun puberproblemen hebben. Andrew, Nick en Jessi moeten uiteindelijk samen de puberhel zien te overleven, ze kunnen elkaar maar beter een beetje steunen en lachen om de barre transformaties van dat vreselijke lichaam. De grensoverschrijding van Big Mouth zorgt er feitelijk voor dat de kaders, en dus de afspraken tussen mannen en vrouwen, juist wat duidelijker worden. Louterend materiaal in ons #MeToo-tijdperk, zou je zeggen.

Precies zo is Big Mouth bedoeld, zegt Nick Kroll in een interview met het Amerikaanse blad Vanity Fair. “Dit zijn de dingen die er met je gebeuren als je twaalf of dertien bent, het zijn traumatische ervaringen. Wij hopen dat deze serie het gesprek op gang brengt, tussen vrienden onderling maar ook tussen kinderen en hun ouders. Zelfs al gaat het over dit soort enórme onderwerpen.”

Alcoholistische opa

Net zulke grote thema's worden behandeld in een andere Netflix-cartoonserie, waarvan net een derde seizoen is verschenen. Twee van de grootste getekende cultkinderhelden van het moment zijn Rick en Morty uit de serie Rick and Morty; een alcoholistische opa en zijn kleinzoon. Opa Rick is het type gestoorde wetenschapper dat zijn kleinkind meeneemt op interdimensionale reizen, bij zijn eindeloze strijd tegen demonen. Klinkt allemaal nog vrij onschuldig - op de alcoholverslaving van opa na dan - maar dat is Rick and Morty zeker niet. Ook deze serie, van de Amerikaanse schrijvers Justin Roiland en Dan Harmon, verpulvert taboes en schopt tegen de schenen van de brave burger. De grappen zijn schunnig en niet alleen omdat de karakters in de serie bizarre namen hebben als Mr. Poopybutthole. Daarnaast is de filosofie in Rick and Morty zwartgallig. Het motto van Rick luidt: “Nothing matters, we're all gonna die”, en in alle afleveringen waait een kille, existentialistische wind.

De mens stelt niets voor en het leven is volslagen zinloos, is de hardnekkig volgehouden boodschap. Het duo gaat het gevecht aan met buitenaardse horrormonsters maar uiteindelijk vooral met de eigen angsten. Opa Rick is een soort nihilistische Nietzsche, die zijn kleinzoon leert dat er geen leven is na de dood en dat je er dus maar beter een feestje van kunt maken zolang je het licht nog in de ogen hebt. Dus trek - 'borps' - die fles whisky maar weer open. Best pittig, voor kinderen.

Debat

In de Verenigde Staten is over Rick and Morty en Big Mouth een stevig debat op gang gekomen, bijvoorbeeld op websites als commonsensemedia.org, waarop ouders series aan- of afraden voor kinderen. Beide series hebben een leeftijdsadvies van twaalf jaar meegekregen, maar daar zijn veel ouders het niet mee eens. “De serie Rick and Morty is walgelijk en vulgair en leert kinderen vooral dat ouderen leven in een gestoorde wereld”, schrijft iemand. Waarop een andere ouder reageert: “Ja, het geweld in de serie is excessief en intens, en soms zie je een blote kont. Maar kom op: het is getékend. Wat maakt het uit?”

Dat laatste is natuurlijk een goed punt, en eigenlijk de grote drijfveer achter het betere animatiewerk. Cartoonseries zijn altijd taboedoorbrekend geweest, al vanaf het begin van het filmtijdperk. In de vroege jaren vijftig schokte de tekenfilmserie Tom and Jerry ouders én kinderen, omdat het geweld minstens zo intens was als dat in Rick and Morty. Maar vooral omdat muis Jerry zo kon genieten van het leed dat hij kat Tom aandeed. Tom and Jerry dreef op leedvermaak en puur sadisme, en ouders vroegen zich af of het wel oké was om kinderen te laten lachen om de doodsstrijd van twee beesten.

Die werd voortgezet in The Ren and Stimpy Show uit het begin van de jaren negentig. In deze cartoonreeks stonden de psychotische chihuahua Ren en de domme dikke kat Stimpy elkaar naar het leven. Ook deze serie was taboedoorbrekend. Omdat de afleveringen meestal verzandden in psychedelische hallucinaties over tijd en ruimte, maar vooral omdat de gewelds- en wraakfantasieën soms gierend uit de hand liepen.

Maar in de Verenigde Staten werd de serie eerst gecensureerd en daarna van cartoonzender Nickelodeon verwijderd. In de aflevering ‘Sammy and Me’, waarin Ren mijmert over het uit de schedel trekken van zijn eigen ogen, waren de makers volgens het Amerikaanse televisienetwerk echt te ver gegaan.

Dat vinden cartoonmakers zelf zelden. Tekenfilmseries als Family Guy en South Park zien het overschrijden van grenzen eerder als een artistieke taakopvatting dan als een bedrijfsfout. De series zijn weliswaar bedoeld voor oudere kijkers maar doen het toch vooral goed bij kinderen, die juist door de volwassen humor en toch ook de maatschappelijke satire van bijvoorbeeld South Park worden geprikkeld. Als in het dorpje South Park katten illegaal worden verklaard omdat kinderen high blijken te worden van kattenpis, is dat voor kijkende kinderen natuurlijk ook erg grappig, al zien ze misschien de verwijzingen naar het repressieve drugsbeleid van de overheid niet direct.

Scène uit T‘he Ren and Stimpy Show’.

Cartoons kunnen de grenzen oprekken, omdat het geweld en de seks in getekende vorm toch altijd in een wolk van onschuld zijn gehuld. Het is getekend, dus is het niet zo erg. Met dat artistieke krediet kunnen de makers onbespreekbare onderwerpen kennelijk ineens behapbaar maken, en toch ook wat minder problematisch. En zelfs grappig.

Lachen om seksuele frustraties in Big Mouth, om de eigen pubertrauma's te verwerken en die van de kinderen te voorkomen: het is in ieder geval het proberen waard. En dat vindt ook seksuoloog Inger Tempels, die op ons verzoek naar Big Mouth keek. “Ik denk dat de serie goed aansluit bij de belevingswereld van pubers, als ze het gevoel voor humor van de makers tenminste delen. Er komen problemen voorbij die kinderen zelf ervaren, en omdat het verhaal verteld wordt door leeftijdsgenoten komt de boodschap volgens mij goed over.”

Tempels moest aanvankelijk wat wennen aan de animaties en de grappen. “Ook omdat ik niet vaak naar tekenfilmseries kijk. Ik vond het hormoonmonster, dat in de serie symbool staat voor oncontroleerbare gedachten, eerst vrij hard en grof. Maar na een paar afleveringen pakte de serie mij toch in. De aflevering ‘Girls Are Horny Too’ vond ik zeer sterk omdat die een paar grote misverstanden uit de wereld helpt, op een grappige manier maar tegelijk heel indringend. In dit hoofdstuk komt Jessi naar school in een rode BH. Volgens sommige klasgenoten vraagt ze er dan om, en is ze dan zomaar even ‘toegankelijk’ voor de jongens. Maar er wordt heel goed uitgelegd dat dat dus helemaal niet het geval is. Ik werd daar echt door geraakt.”

Ook mooi, volgens Tempels: “De kinderen zijn onderling erg open over hun geheimen. Dat is natuurlijk een positief voorbeeld. En in de loop van de serie krijgen de kinderen hun hormoonmonsters toch ook onder controle. Uiteindelijk spreken de karakters hun hormoonmonster zelfs tegen, dat vond ik erg sterk. Zo gaat het in de pubertijd ook: kinderen krijgen op een gegeven moment ook weer vat op hun gevoelens.”

Een uitstekende voorlichtingsserie, dus. “Voorlichting krijgen van een biologieleraar of je ouders is natuurlijk leuk, maar toch vaak ook wat ongemakkelijk. Omdat je die mensen de volgende dag nu eenmaal weer ziet. Bovendien zijn ouders vaak geneigd wat te voorzichtig en opvoedkundig te handelen.”

En voorzichtig is Big Mouth zeker niet.

Big Mouth en Rick and Morty zijn te zien op Netflix. Van Rick and Morty verscheen ook een comicserie bij Oni Press.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234