Woensdag 05/08/2020

BoekenMisdaad

Voortaan maken vrouwen het mooie weer in thrillerland

Acteurs Ben Affleck en Rosamund Pike in 'Gone Girl', de verfilming van het gelijknamige boek geschreven door Gillian Flynn. De roman zette in 2012 de wereld van de misdaadliteratuur op zijn kop.Beeld AP

Tijd om jullie biezen te pakken, beste Stephen King, Michael Connelly, John Grisham en Ian Rankin. Vrouwelijke thrillerauteurs veroveren en veranderen de misdaadliteratuur.

Dat hadden ze down-under nog nooit meegemaakt, dat de drie belangrijkste Australische prijzen voor misdaadliteratuur naar vrouwen gingen. Maar dat is wel wat eind vorig jaar gebeurde, toen Jane Harper voor The Lost Man - in het Nederlands vertaald als Verlaten - de Ned Kelly Award voor het beste misdaadboek kreeg, en Dervla McTiernan en Bri Lee respectievelijk de prijs voor het beste debuut en die voor de beste true crime in de wacht sleepten. Verrassend, reageerden kenners, maar ook niet helemaal onverwacht, want in de wereld van de misdaadliteratuur is een vervrouwelijking te merken, en niet alleen in Australië.

Natuurlijk waren er ook vroeger al vrouwen die thrillers schreven. Om Agatha Christie kan bijvoorbeeld niemand heen, al leek haar Miss Marple af en toe wel een man in vrouwenkleren en kon je de ietwat fatterige Hercule Poirot met de beste wil van de wereld niet serieus nemen. Dit was eerder schooltoneel dan crime writing, en de boeken van Agatha Christie staken dan ook schril af tegen die van haar mannelijke collega’s Dashiell Hammett en Raymond Chandler. Toegegeven, dat waren Amerikanen en geen Britten, maar hun hard boiled detectives toonden een andere, minder onschuldige en vooral ook vuilere wereld die in de achterbuurten van Londen, Manchester of Liverpool ongetwijfeld net zo springlevend was als in de VS.

Sara Paretsky, Sue Grafton, Patricia Cornwell en Ruth Rendell maakten in de laatste decennia van de twintigste eeuw de oversteek naar de hard boiled wereld en kwamen opzetten met hun eigen privédetectives en politie-inspecteurs, zonder daar evenwel veel origineels aan toe te voegen. Kijk eens hoe stoer wij wel zijn, leken ze uit te willen roepen, alsof ze hun mannelijke collega’s op hun eigen terrein wilden verslaan. Maar de wereld veranderde. Net zoals John Wayne van een icoon een persiflage op het westerngenre werd, leek er ook steeds minder ruimte weggelegd voor de Philip Marlowes van de misdaadliteratuur. Mythisch waren ze, maar wie wil er vandaag nog een mythe schrijven? Superhelden vind je alleen nog in stripverhalen.

Herkenbaarheid

Er was een paradigmawissel nodig en die kwam er in 2012, met Gone Girl van Gillian Flynn, een roman over het machtsspel tussen een man en een vrouw waarbij wel een dode valt, maar dat is geen van de twee hoofdrolspelers. Au fond gaat het boek over Amy die uit haar traditionele vrouwenrol wil breken en haar man Nick wil laten veroordelen voor zijn moord op haar. Ze zet allerhande bewijzen uit en verbergt zich, maar krijgt uiteindelijk toch spijt en weet Nick door middel van een kind aan zich te binden - en onderdanig te maken. Gone Girl sloeg in als een bom en de drukkerij zag iedere dag een paar vrachtwagens verse Gillian Flynns de loskade verlaten. En dat allemaal omdat de schrijfster ervoor gekozen had om vanuit haar eigen psychologie te vertrekken.

“Wanneer je als vrouw over straat loopt, let je er onbewust op of er niemand achter je aan komt, zeker wanneer het donker is,” zei Mel McGrath, auteur van Give me the Child en The Guilty Party ooit. “dat heb je van kleins af aan geleerd. Wanneer we iemand op een straathoek zien rondhangen, vragen we ons af wat hij van plan is, en wanneer we de sleutel in het slot steken en de voordeur openzwaaien, zijn we altijd een beetje bang dat er iemand op ons zit te wachten met een mes in zijn handen. Die soort chronische lage-drempel-angst is een constante in het leven van een vrouw en niet in dat van een man, en daarom schrijven wij een heel ander soort misdaadromans.” Boeken die dichter bij het reële leven staan dus, waarin psychologie een grotere rol speelt en er niet per se tien doden moeten vallen. En dat zou trouwens wel eens de reden kunnen zijn waarom er de laatste decennia steeds meer vrouwen misdaadromans zijn gaan lezen, omdat ze er iets in herkennen uit hun eigen leven.

Vlaamse misdaad

Niet alleen die Australische vrouwen zorgden trouwens recent voor een primeur, dat deden ook de Vlaamse misdaadauteurs door dit jaar zowel de Gouden strop als de Schaduwprijs in de wacht te slepen, de twee belangrijkste misdaadliteratuurprijzen van Nederland. Dominique Biebau kreeg die Strop voor Russisch voor beginners en Bettie Elias zijn Schaduw voor Het tuinfeest, allebei boeken trouwens waarin het klassieke stramien doorbroken wordt en er van detectives of politie-inspecteurs geen sprake is. In het eerste boek komt een jongeman via een cursus Russisch in een bizar complot terecht, terwijl het tweede beschrijft hoe een vriendenkring uit elkaar valt nadat op een tuinfeest een lijk wordt ontdekt.

De Vlaamse misdaadroman is duidelijk mee met zijn tijd, ook wat de in het oog springende genre-overschrijdende uitstapjes betreft trouwens. Zo schreef Roel Van Espen, deel van elektrokitschband Vive La Fête, met Dood spoor een grappige persiflage op de thriller, over een kaartjesknipper die ontdekt dat de reeks zelfmoorden waardoor zijn trein keer op keer vertraging oploopt in feite moorden zijn. Hij gaat op zoek naar de bende achter die misdaden en bezweert hen dat ze een en ander toch beter kunnen aanpakken, waarna hij hen ook toont hoe. En dan is er nog voormalig literatuurcriticus Mark Cloostermans, die zich liet inspireren door leven en werk van Hendrik Conscience bij het schrijven van Conscience, De terugkeer, het eerste deel van wat een reeks moet worden. Het boek speelt in het Turnhout van 1869 dat geteisterd wordt door smokkelaars en andere geweldenaren. Burgemeester Gerard Conscience beslist zijn zoon Henri, die in Engeland criminologie studeert, terug naar huis te halen om dit zaakje op te lossen, maar die blijkt meer interesse te tonen in vrouwelijk schoon dan in mannelijk kwaad.

Deze vrouwen doen je sidderen en beven met hun schrijfsels

Het nieuwste boek van Ane Riel lijkt al net zo’n succes te zullen worden als haar vorige, Hars. Beest speelt alvast op net zo’n onwereldse en onvatbare locatie. Daar woont Leon, die heel erg van muizen houdt, maar ze met zijn onbesuisde kracht nogal eens vergruizelt. Zijn beste vriend is Mirko, die een oogje heeft op de moeder van Leon en daarbij het gevaar van haar man onderschat. Het beest uit de titel zit in ieder van ons.

Ane Riel, Beest, Prometheus, 432 p., 24,99 euro

Het aan de kaak stellen van geweld tegen vrouwen is een constante in het werk van Karin Slaughter. In Verzwegen, haar nieuwste en inmiddels ook al twintigste misdaadroman denkt een jonge hardloopster achtervolgd te worden in een bos. Het verkrachtingsuur, weet ze, maar te laat. Wanneer de dader al jaren achter de tralies zit wordt een andere vrouw op net dezelfde manier aangepakt. Hadden ze de verkeerde te pakken?

Karin Slaughter, Verzwegen, Harper Collins, 542 p., 21,99 euro

Als Karin Slaughter de Amerikaanse queen of crime is, dan is Saskia Noort haar Nederlandse gelijke. In Bonuskind gaat een meisje van vijftien achter haar verdwenen moeder aan. Volgens de ex van de vrouw had ze het psychisch moeilijk met de echtscheiding, maar daar gelooft de dochter niets van, en dus neemt ze het heft zelf in handen en dreigt zo meegesleurd te worden in een spiraal van geweld.

Saskia Noort, Bonuskind, The House of Books, 272 p., 21,99 euro

Attica Locke gaat maatschappelijke controverses niet uit de weg in haar misdaadromans. Duistere wortels speelt in Texas, waar het zoontje van een leider van de Aryan Brotherhood spoorloos verdwijnt en er nogal makkelijk in de zwarte gemeenschap op zoek gegaan wordt naar een dader. In hoeverre werkt het verleden door in het heden en is het voor een zwarte politieman in het zuiden van de VS veilig om de regels te volgen?

Attica Locke, Duistere wortels, Volt, 304 p., 20,99 euro

Jane en Marnie zijn hartsvriendinnen sinds hun elfde, al is die relatie voor de eerste belangrijker dan voor de tweede. Wanneer Marnie, eens volwassen, haar eigen weg dreigt te gaan, door een succesvolle food vlogster te worden en een relatie aan te knopen met een man, slaan bij Jane de stoppen door. Barbertje moet hangen. Elizabeth Kay laat Jane, waarvan je van bij de aanvang weet dat ze een dwangleugenaar is, haar eigen verhaal vertellen.

Elizabeth Kay, Zeven leugens, Ambo/Anthos, 352 p., 21,99 euro

De achtjarige Linus kruipt achter het stuur van de auto van zijn vader, krijgt die in beweging en rijdt er de overbuurman mee dood, meester Dieter, die hem een schooljaar eerder vreselijk koeioneerde. In haar tweede psychologische misdaadroman focust Tine Bergen niet op Linus, maar wel op zijn moeder Esther, die voortdurend laveert tussen haar man en haar minnaar. Misschien was de dood van Dieter toch geen ongeluk, ziet ze door hen in.

Tine Bergen, Zullen we het liefde noemen?, Vrijdag, 264 p., 19,95 euro

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234