Donderdag 09/04/2020

Vlaanderen, koester uw literair erfgoed (bis)

Beeld PHOTO_NEWS

Koen Van Bockstal, directeur van het Vlaams Fonds voor de Letteren, zegt "wat Yves T'Sjoen en Benno Barnard (DM 24/1) er niet bij hebben gezegd".

Het Vlaams Fonds voor de Letteren (VFL) is méér dan overtuigd van het belang van ons literair erfgoed. Een behoorlijk beleid om de gerichte heruitgave van klassieke boeken mogelijk te maken staat zeker op onze agenda, net zoals een structurele ondersteuning van non-fictie en biografieën, de aanwezigheid van onze literatuur en auteurs op buitenlandse podia, een regeling voor debutanten, de verdere uitbouw van een residentiebeleid en een inhaalbeweging voor de historische achterstand van het literaire middenveld. Dat vraagt echter om veel meer middelen dan we vandaag vanwege de overheid krijgen, maar we gaan daar vooral niet over zaniken. We roeien met de riemen die we hebben en we maken keuzes binnen die financiële beleidsruimte., Die mogen uiteraard leiden tot debat of kritische vragen. Maar dan wel graag gebaseerd op volledige kennis van de feiten en met aandacht voor nuances.

In hun polemiserende bijdrage (DM 24/1) zeggen Yves T'Sjoen en Benno Barnard dat er - ondanks een vermeend non-beleid van het VFL - gelukkig nog uitgevers zijn die tekstuitgaven van klassiekers opnieuw beschikbaar maken. Ze verzwijgen echter zedig dat het VFL voor diezelfde uitgaves van Marcel Wauters en Albert Bontridder telkens een uitgeverssubsidie toekende. En dat laat die uitgever toe om dit nagenoeg risicoloos op de markt te brengen. Dankzij het VFL worden onze klassiekers overigens vertaald en gelezen over heel de wereld: enkel al de afgelopen maanden verschenen er vertalingen van Boon, Claus en Gilliams, en dankzij bemiddeling van het VFL is zonet de 30ste (!) vertaling van Willem Elsschots Kaas verschenen (in Polen, als u het zich zou afvragen).

Beetje geschiedenis
Dat vermelden T'Sjoen en Barnard niet. Wat ze wel zeggen, is dat het VFL moet stoppen om levende auteurs te subsidiëren, en in de plaats daarvan uitgevers van klassieke tekstedities ondersteunen (wat we dus al doen), en universitaire onderzoeksgroepen financieren. Welaan. Even een beetje geschiedenis. Aan het verzameld werk van Louis Paul Boon spendeerde eerst minister Anciaux - overigens volkomen terecht - een flinke duit, en vervolgens ook het VFL. Vier jaar na elkaar liefst 60.000 euro editeurssubsidie, en per gepubliceerd deel (het worden er uiteindelijk 24) ook nog gemiddeld 1.500 euro subsidie voor de uitgever. Samen is dat 276.000 euro. Goed besteed geld, laat daar geen twijfel over bestaan, maar wat beide heren vergeten te vermelden is dat het VFL meer dan 240.000 euro loon heeft betaald aan postdoctorale universitaire medewerkers voor een - overigens schitterende - teksteditie. Als je weet dat een gemiddelde werkbeurs voor een auteur bij het VFL in 2013 zo'n 9.100 € bedroeg (daar word je niet rijk of lui van), dan is de steun aan het Boonproject het equivalent van meer dan 30 werkbeurzen voor hedendaagse, levende auteurs. Niet alleen werken de meesten daarvan aan het literair erfgoed van morgen, maar de ondersteuning van auteurs "bij leven en welzijn" is ook de eerste decretale opdracht van het VFL. In onze beheersovereenkomst met de Vlaamse Overheid staat echter niets over de financiering van universiteiten, hoezeer wij hun teksteditie en literatuuronderzoek ook waarderen en noodzakelijk achten.

Kom op universiteiten, als die teksteditie van eerbiedwaardige oude oeuvres echt zo belangrijk is, dan stuur je die factuur toch niet naar een derde, omdat je zelf ook de tering naar de nering moet zetten? En waarom wil iedere universiteit zo graag zijn eigen aparte onderzoeksgroep voor tekstkritische editie? Laat het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (gehuisvest binnen de KANTL), het Booncentrum (UA) en de onderzoeksgroep Teksteditie Literatuur in Vlaanderen (UGent) daadkrachtig samenwerken aan een gezamenlijk programma voor onze grote klassiekers. Delen van mensen en middelen kan een constructieve oplossing opleveren voor literair wetenschapsbeleid in tijden van schaarste.

En over diezelfde belangrijke Booneditie ook nog even dit. Het trage verschijningstempo van het verzameld werk van Boon bij De Arbeiderspers is symptomatisch voor het worstelen van de uitgever met deze belangrijke heruitgave. Voor de centen hoeft hij het alvast niet te doen. Stoner mocht na mond-aan-mond reclame rekenen op een slimme, virale marketingcampagne, bij Vlaamse klassiekers hebben wij dat geluk nog nauwelijks mogen beleven. Zelfs naar de nieuwe editie van Het geuzenboek is het moeilijk zoeken op het rek, en dat is heus ook niet de schuld van een passieve boekhandelaar. Boekhandels zijn geen literaire musea en zonder uitzicht op verkoop van hun voorraad, bestellen ze een boek niet. Wij vinden dit minstens zo jammer als jullie, maar papier drukken als dure palletvoorraad in een distributiecentrum, of erger nog, verramsjing na enkele maanden, is onzorgvuldig omspringen met schaarse overheidsmiddelen.

Blijvende aandacht en beschikbaarheid zijn voor het VFL dan ook cruciaal. Wat beschikbaarheid betreft, zijn er tegenwoordig uiteraard opportuniteiten als printing-on-demand en e-boeken, zowel qua aankoop als ontlening. Maar wat blijvende aandacht voor ons erfgoed betreft, zullen alle betrokken ook met open vizier de discussie moeten voeren over de plaats en zingeving van de literaire canon in 2014. Om misverstanden te voorkomen, betekent dit dus ook de plaats en het belang van (klassieke) Nederlandstalige literatuur in een onderwijscontext, binnen de eindtermen en binnen de lerarenopleiding, en dan bij voorkeur op een manier waarop men jongeren prikkelt tot graag lezen. Want wat de boer niet kent, dat vreet hij niet, en dan bieden zelfs e-boeken weinig soelaas.

En ten slotte: de suggestie dat het VFL ieder nieuw psychologisch romannetje subsidieert ten koste van eerbiedwaardige oude oeuvres is, vriendelijk gezegd, erg flauw. Ze maakt ook een karikatuur van onze adviescommissie Proza, die jaar na jaar keihard werkt en zeer weloverwogen adviezen formuleert, iets wat ook de Vlaamse Auteursvereniging erkent en gunstig stemt. En ook te oordelen aan het historisch lage aantal beroepsprocedures levert die commissie uitstekend werk. Literair erfgoed verdient betere argumentatie dan een droevige poging om de relevantie van generaties auteurs op een apothekersschaaltje af te wegen.

Nu de puntjes op de i zijn gezet, stelt het VFL voor om op korte termijn én op een constructieve wijze de discussie eens ten gronde te voeren. Met tekstediteurs, literatuuronderzoekers, het Letterenhuis, de DBNL, de Nederlandse Taalunie, de uitgevers en de overheid. Met voldoende goede wil, realiteitszin en langetermijnvisie komen we er wel uit. De formele uitnodiging daarvoor vertrekt in de komende weken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234