Maandag 21/10/2019

Cinema

Vlaamse stadsbioscoop met uitsterven bedreigd? "Het publiek is er, maar wordt niet bediend"

Cinema Lumière in Brugge heeft een nieuwe filmzaal die zal dienen voor arthouse films. Beeld CREDIT: ID/ Lieven Van Assche

De opening van een nieuwe zaal in de Brugse stadsbioscoop Lumière is goed nieuws voor Belgische arthouse, maar geen reden voor een hoerastemming. Directeur Jan De Clerq pleit voor overheidssteun.

Juicht en jubelt, West-Vlaamse filmliefhebbers: de Brugse stadsbioscoop Lumière heeft er net een vierde zaal bij gekregen. “Om in te spelen op de noden van het publiek en de ontwikkelingen in de markt”, klinkt het. Maar het mag ook geen reden zijn tot vreugde. Want de sector van arthousecinema’s in Vlaanderen zit niet meteen in een bloeiperiode, integendeel. Met Cartoon’s in Antwerpen (3), Lumière in Brugge (4), Studio Skoop en Sphinx in Gent (samen 10), CinemaZed in Leuven (1) en Buda in Kortrijk (3) zijn de Vlaamse stadsbioscopen goed voor 21 schermen.

Vergelijk dat maar eens met onze noorderburen: in Nederland zijn er een dertigtal steden met stadsbioscopen. Amsterdam alleen heeft er al zes. “Een middelgrote auteursfilm als L’avenir trekt in Vlaanderen 5.000 kijkers”, vertelt Jan De Clerq, bestuurder van filmdistributeur en bioscoopuitbater Lumière. “In Nederland, waar we die film op 35 schermen in een twintigtal steden uitbrengen, haalt die film in twee weken 25.000 kijkers.”

Dat ligt niet alleen aan de grotere markt, maar ook aan het beleid: boven de Moerdijk kunnen bioscoopuitbaters rekenen op forse, structurele steun van het stadsbestuur. In Vlaanderen gebeurt dat zelden: de nieuwe bioscoop die Lumière met steun van het stadsbestuur bouwt in Mechelen, is een uitzondering. Daarom pleit De Clerq voor een beter beleid vanuit de overheid, met werkingssubsidies. “Veel stadsbioscopen draaien net break-even, of draaien een beetje winst of verlies. Dat moet beter, opdat uitbaters het risico durven te nemen om nieuwe zalen te bouwen.”

Cinema Lumière in Brugge heeft een nieuwe filmzaal. Beeld CREDIT: ID/ Lieven Van Assche

Wie immers weinig voelt voor de commerciële popcornbioscopen aan de rand van de stad en meer voelt voor kleinere zalen in de stad, waar auteursfilms, publieksfilms en arthouse naast elkaar worden geprogrammeerd, blijft vaak op zijn honger zitten. “In steden als Leuven en Hasselt bestaat er een publiek voor stadsbioscopen, maar het wordt niet bediend.” In Nederland leidde de bouw van een dozijn nieuwe bioscopen op vijf jaar tijd tot een toename met 500.000 tot een miljoen verkochte kaartjes op jaarbasis, zegt De Clerq.

Cultuurcentra

Directe steun vanuit de overheid lijkt er echter niet meteen in te zitten voor de Vlaamse stadsbioscoop. Buda en CinemaZed zijn uitzonderingen: zij behoren tot een non-profitkunstencentrum dat wordt gesubsidieerd via het Kunstendecreet. “Het is waar dat de arthousesector bij ons bijzonder klein is en niet door de overheid wordt ondersteund”, erkent Pierre Drouot, intendant van het Vlaams Audiovisueel Fonds (VAF), dat momenteel wel een onderzoek uitvoert naar de culturele bioscopen in Vlaanderen. “Maar het is ook een verhaal van de nodige middelen, en die zijn er niet. Natuurlijk zou het een goede zaak zijn als er geld wordt vrijgemaakt om stadsbioscopen te stimuleren, maar dat is een beleidsbeslissing.”

Zo’n beslissing zit er echter niet meteen aan te komen. In plaats daarvan wordt ingezet op gemeentelijke cultuurcentra, als “sterk tweede vertoningscircuit”. In 2014 waren die goed voor 380.000 verkochte tickets, zo blijkt uit cijfers van het kabinet van Vlaams cultuurminister Sven Gatz (Open Vld), tegenover 370.000 verkochte kaartjes in de arthousebioscopen.

Beeld CREDIT: ID/ Lieven Van Assche

Maar op die manier worden cultuurcentra ook een concurrent voor de stadsbioscopen. “Dat klopt”, zegt Drouot. “Maar onze opdracht is om een zo breed mogelijke publiekswerking te bekomen met de middelen die we hebben.” De boodschap: het kost minder geld om een dicht netwerk aan cultuurcentra te stimuleren dan om een nieuw circuit aan bioscopen te ontwikkelen.

De stadsbioscopen moeten voorlopig dus hun eigen hachje redden. “Vroeger was ik ook van mening dat bioscopen zelfbedruipend moesten zijn”, zegt De Clerq. “Maar daar kom ik nu van terug. Ook al omdat het een goede zaak zou zijn voor de Vlaamse film. Binnenkort komen de nieuwe films van Fien Troch en Nathalie Teirlinck uit, en die hebben een betere infrastructuur nodig. Anders wordt het uitbrengen van zulke films verlieslatend.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234