Donderdag 22/08/2019

Concertrecensie

U2 in het Koning Boudewijnstadion: de magie van het Grote Gebaar

Van “Bruxelles ma belle” over de Amerikaanse canyons tot de gruwel in Jordanië en Syrië: U2 nam je op wereldreis in het Koning Boudewijnstadion. Het Grote Gebaar overheerste dinsdagavond, tijdens een meeslepende show die je deed wegdromen, huiveren en luidkeels meezingen.

Beeld ANP

Het zou makkelijk zijn om U2 weg te zetten als een nostalgie-act, na hun overweldigende doortocht in het Koning Boudewijnstadion. Niet alleen haalde de Ierse groep in Brussel het drie decennia oude The Joshua Tree integraal van onder het stof, maar tegelijk bleek het jongste nummer in de set liefst dertien jaar oud. Daarmee behandelde U2 haar laatste twee albums verrassend stiefmoederlijk, en bleef ze bewust in het roemrijke verleden hangen.

Toch begreep je meteen waarom de groep haar publiek zo ver terug in de tijd wierp. Exact dertig jaar geleden groeide het Ierse viertal uit van vendelzwaaiende activisten tot stadiongroep met een geweten dankzij The Joshua Tree. En met de technologie van vandaag konden Bono en co eindelijk een show neerzetten die paste bij het cinematische geluid van diezelfde langspeler.

Op een scherm van liefst zestig meter op veertien, projecteerde Anton Corbijn - het vijfde lid van U2, eigenlijk - een soort road movie. Daarmee oogde de show even groots en panoramisch als de plaat indertijd klonk. ‘With or Without You’ bood een magisch zicht op de canyons, terwijl je in ‘Where the Streets have no Name’ over een verlaten desert road reed, terwijl je acteurs die migranten moesten verbeelden, zag dolen langs de kant van die woestijnweg. De visuals van de plant waar de groep zijn plaatnaam aan ontleende, kreeg dan weer ogenschijnlijk drie dimensies mee tijdens ‘In God’s Country’.

Beeld Alexander D'Hiet

Wat natuurlijk ook meespeelde in de beslissing om een trip down memory lane te ondernemen: de thematiek van The Joshua Tree is opnieuw brandend actueel. De politieke en sociale onrust van toen echoot immers na in deze dagen: het rechtse beleid van Ronald Reagan en Margaret Thatcher, racisme en ongelijkheid hebben andermaal de kop opgestoken in tijden van Brexit, Donald Trump en gespannen relaties met Rusland.

Hoewel Trump geen enkele keer bij naam genoemd werd, kreeg de president trouwens een niet mis te interpreteren sneer mee, vlak voor ‘Exit’. Toen werd een fragment uit de fifties-serie Trackdown geprojecteerd: daarin zag je een oplichter (geen grap: we zochten zijn naam op, en die is… Walter Trump!) spreken over een muur die mensen zou moeten beschermen tegen de vijand van buitenaf.

Hoewel de gepassioneerde, withete, ja zelfs huiveringwekkende versie van ‘Exit’ je benen zowat tot flanel herleidden, zou ‘Miss Sarajevo’ je tijdens de bisronde pas écht tegen het canvas drukken. Tijdens de inleiding zag je een vijftienjarig Syrisch meisje vertellen over haar dromen en ambities op de verschroeide aarde waar ze opgroeit, waarna de beeltenis van het moedige kind op een levensgrote tifo door het stadion werd gestuurd. Het mocht duidelijk wezen: U2 schuwt na al die jaren nog steeds het Grote Gebaar niet. Zélfs al cijferden de groepsleden zichzelf volledig weg tijdens de eerste zes songs, door de visuals te laten primeren op het scherm achter hen. Tot dan leek het zowaar alsof je Lego-mannetjes over de bühne zag benen. 

Beeld ANP

Vlak voor ‘Bad’, waarin ‘Heroes?’ en ‘Where are we Now’ van David Bowie binnengesmokkeld werden, had Bono - half manische predikant, half bezielende frontman - iedereen al een “epic night of rock-’n-roll” beloofd. Spoiler alert? Hij hield woord. Zowat in élke song dwong hij het publiek tot meeklappen, waardoor de parterre een betoverend zicht vormde, terwijl de oh-oh-ohkoortjes je meer dan eens om de oren vlogen.

Soms gaf hij een song zelfs carrément uit handen: het eerste couplet en refrein van ‘I Still Haven't Found What I'm Looking For’ werd integraal door het publiek gedragen (een màchtig moment), terwijl ‘Pride (In the Name of Love)’ net zo goed een massaal koor op de been bracht. Tijdens ‘Red Hill Mining Town’ kreeg de groep dan weer bijstand op het grote scherm van het Ierse Leger des Heils, dat met een vijftienkoppige blazerssectie de song voorzag van extra punch.

Zoveel bijstand had de megagroep nochtans niet van doen. Eerder werd het optreden al met brute kracht ingezet door de legendarische drumroffel van ‘Sunday Bloody Sunday’. Zou Larry Mullen Jr. trouwens een vampier zijn? Daar lijkt het wel op. De drummer oogde nauwelijks een dag ouder uit dan in 1987. Bijna hetzelfde kon je beweren van The Edge, die geen spat veranderd leek sinds de jaren negentig. Die laatste maakte vooral een onvergetelijke indruk tijdens ‘Bullet the Blue Sky’. Zijn gitaarspel sneed zowat door onze huid en bloedbaan heen, terwijl we net zoveel postrock als Led Zeppelin in zijn solo’s bespeurden.

Beeld Alexander D'Hiet

‘Trip through your Wires’ vormde dan weer een onverwacht hoogtepunt in de set, al stak Bono vooraf royaal de draak met zichzelf: “Dit kleinood is uitgevonden door een Duitser, geperfectioneerd in Amerika… and murdered by an Irish man,” grinnikte hij voor de song ingezet werd op mondharmonica. Ernstiger klonk de frontman voor ‘Ultraviolet (Light My Way)’, dat hij aan alle vrouwen opdroeg die zich doorheen de geschiedenis hebben kunnen weren in een verraderlijk mannenbastion.

Portretten van Marie Curie, Pussy Riot, de Suffragettes, Virginia Woolf of Patti Smith (die trouwens tegelijkertijd in het Rivierenhof optrad) passeerden de revue. Maar ook de Belgische meerkampster Nafissatou Thiam of Koningin Mathilde werden voor de gelegenheid aan de portretreeks toegevoegd. De intentie was mooi, maar met goede bedoelingen alleen komt een mens natuurlijk nergens: ‘Ultraviolet (Light My Way)’ kreeg helaas een beroerde versie mee, waarbij Bono zich vocaal serieus mispakte. Maar dat bleek gelukkig slechts een lichte smet op zijn blazoen. Na twee maanden touren - in België werd het Europese luik van de tour afgesloten - klonk hij nog steeds opvallend vitaal en goed bij stem.

Ons land werd trouwens meermaals gefêteerd door de zanger. Brussel noemde hij niet alleen “Bruxelles, ma belle”, maar ook de bakermat en hoofdstad van “het geweldige idee dat Europa is”. Daarnaast bedankte hij uitvoerig het Belgische Stageco dat het prachtige podium (met een catwalk in de vorm van een joshua tree) maakte, net als de West-Vlamingen van PRG Projects die de videowall ontwierpen en Stefaan 'Smasher' Desmedt die al jaren U2's vaste videoregisseur is. De allerlaatste bis, ‘I Will Follow’, droeg Bono ook nog op aan Rock Werchter waar de kiem voor hun internationale carrière werd gelegd. Très sympa.

Na de integrale opvoering van The Joshua Tree werd diezelfde bisronde gedomineerd door songs uit How to Dismantle an Atomic Bomb uit 2004, All that you can Leave Behind uit 2000 en Achtung Baby uit 1991. Het van kitscherige visuals voorzien ’Beautiful Day’, het duizelingwekkende ballet van cirkels in ‘Vertigo’ en uit nachtduister en gsm-lichtjes opgetrokken ‘One’ zorgden voor een hevige opflakkering van animo in het stadion.

Beeld ANP

“Here we are now,” hadden we Bono eerder op de avond horen zeggen voor ‘I Still Haven't Found What I'm Looking for’. Waarna hij met een dramatische trilling in zijn stem vervolgde: “So nothing has changed? EVERYTHING has changed.” Klopt waarschijnlijk. Maar de magie die we als zevenjarige uk voelden toen The Joshua Tree uitkwam, is onveranderd gebleven. Topconcert. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden