Zondag 13/06/2021

InterviewHendrik Willemyns (Arsenal)

‘Toen ik de beelden zag van Ter Kamerenbos, kreeg ik goesting om erbij te zijn’

null Beeld © Stefaan Temmerman
Beeld © Stefaan Temmerman

In het ruim twintigjarige bestaan van Arsenal was de spanning tussen stichters Hendrik Willemyns en John Roan meermaals te snijden. De twee maakten er nooit een geheim van een disfunctioneel koppel te zijn. Hoe disfunctioneel precies, ziet u in The Rhythm of the Band op Canvas. Met regisseur Hendrik Willemyns doorkruisen we de hoogtes en laagtes van twee decennia Arsenal nog eens.

In The Rhythm of the Band, een eigenzinnige mix van documentaire en fictie, gaat Hendrik Willemyns op zoek naar de essentie van muziek, terwijl hij drie afleveringen lang zijn band van de ondergang probeert te redden. Tip van de sluier: de bijbehorende en gelijknamige nieuwe Arsenal-plaat maakte Willemyns zonder John Roan. Die legt op dit moment de laatste hand aan een… blackmetalplaat.

Dit had een zeldzaam dubbelinterview met jou en John moeten worden, maar hij zegde op het laatste nippertje af. Logische openingsvraag: is John nog deel van Arsenal?

Hendrik Willemyns (beslist): “Ja. Arsenal is al lang veel meer dan John en ik. Vroeger stond er op onze platen: ‘Produced by Hendrik Willemyns and John Roan’. Gaandeweg werd Arsenal een groep, de hele band zit ook in de reeks: Mirko (Banovic, bassist, red.), Bruno (Fevery, gitarist, red.), Leonie (Gysel, zangeres, red.)… Ik ben ook naar Nigeria getrokken om er te praten met de Nigeriaanse muzikanten met wie we al op twee Arsenal-platen hebben samengewerkt. Ook zij zijn voor mij intussen groepsleden. Arsenal is in mijn ogen nu zelfs meer dan een groep. Ik zie het zo: onze nieuwe plaat is een tv-serie, waar ook nieuwe muziek bij hoort.

“De glansrol van John binnen dat ‘consortium’ is die van liveperformer. Normaal gezien waren we nu aan het repeteren voor een reeks AB-shows, en dat zou hij fantastisch hebben gevonden. Maar het enige waarvoor hij nu wordt gevraagd, is wat hij het meest haat: interviews geven (lacht).”

De spanningen tussen jullie zijn niet nieuw. In de Belpop-aflevering over Arsenal uit 2018 noemt Mirko Banovic jullie ‘een disfunctioneel koppel’.

Willemyns: “Eerder al, toen we onze plaat Lotuk (uit 2008, red.) aan het maken waren, stonden we op het punt te splitten. Fysiek vechten hebben we nooit gedaan, maar John kan het heel moeilijk hebben met mij. Doordat hij niet zo verbaal is, kan hij heel explosief zijn. En daar kan ik dan weer niet zo goed tegen.

“Na verloop van tijd ontstond er een te groot contrast tussen het ‘pauwmannetje’ vooraan op het podium, John, en het vrouwtje dat achter de schermen alles beredderde, ik dus. Dan voelde ik weleens een gebrek aan erkenning. Al heb ik het ook moeilijk om de controle uit handen te geven.”

In de eerste aflevering van The Rhythm of the Band neem je John mee naar de miljoenenstad Chongqing in China, om het over jullie toekomst te hebben. Het noodlot schonk jullie meteen een dramatische wending: de uitbraak van het coronavirus.

Willemyns: “We hebben daar Chinees nieuwjaar gevierd, op 25 januari 2020. Daarna is John naar huis gevlogen – ik wilde nog twee dagen langer blijven om te filmen. Ik had John nog gevraagd om me te laten weten hoe het was op de luchthaven, want intussen hadden ze Wuhan hermetisch afgesloten. Ik hoorde niks en dacht dus: het zal wel oké zijn. Maar ineens begon ik van iedereen berichten te krijgen. Mijn Chinese gids sms’te: ‘Je moet nu weg, ze gaan alles dichtgooien.’ Mijn vrouw: ‘Waarom vertrek je niet?’ Chongqing was intussen een spookstad geworden. Mijn hotelkamer keek uit op een enorme brug, en daar reden geen auto’s meer over, behalve één: een politiewagen met zwaailichten. Toen begon ik toch licht te panikeren. Ik heb ook een vlucht vroeger naar huis genomen.”

‘Toen ik de beelden zag van dat feest in het Ter Kamerenbos, bekroop me de zin om erbij te zijn.’ Beeld Carmen De Vos
‘Toen ik de beelden zag van dat feest in het Ter Kamerenbos, bekroop me de zin om erbij te zijn.’Beeld Carmen De Vos

Chongqing is de snelst groeiende miljoenenstad van China, maar telt maar één muziekclub. Is muziek dood in het hyperkapitalisme van de toekomst, was de vraag die je naar daar lokte.

Willemyns: “Ik was er al eerder geweest, in 2015, en die stad had me toen geshockeerd. 30 miljoen inwoners en maar één muziekclub, nog kleiner dan de Charlatan in Gent. De optredens waren stuk voor stuk kopieën van westerse muziek, Chinese copycats van de Ramones of Céline Dion. Chongqing is een stad waar het kapitalisme z’n volle gang is kunnen gaan, met Gucci- en Prada-winkels, H&M’s en Apple Stores. Supervuil ook: ik zag er een appartementsgebouw waar de bewoners hun rommel gewoon naar beneden gooiden, de eerste verdieping zat helemaal onder het vuilnis.

“In Chongqing kreeg ik ook de inspiratie voor mijn film Birdsong (uit 2016, red.), over een meisje dat droomt van een muziekcarrière en zich prostitueert om muzieklessen te kunnen betalen. Op een avond nam mijn gids me mee naar een karaokebar voor zakenlui. Daar zag ik eerst een soort modellenparade van vrouwen én mannen, waarna die zakenlui een model mochten uitkiezen om samen mee te zingen en te drinken. Zulke karaokebars bestaan in heel China en zijn een niet eens zo verhullende dekmantel voor prostitutie: die zakenlui konden ook met zo’n model naar boven gaan, naar een kamertje.

“Chongqing heeft me sindsdien niet meer losgelaten: is de dystopie van zo’n Chinese metropool de toekomst voor de hele wereld? Zijn die Chinese copycats de toekomst van de muziekindustrie? Het leek me gepast om in die setting gesprekken met John te filmen over de toekomst van Arsenal.”

COOL PROBEREN ZIJN

In de reeks zien we ook hoe John in Gent in de studio zit met onder meer Brent Vanneste, om een blackmetalplaat te maken. Naam van zijn project: Lalma. Begin jaren 90 zat John in de Gentse grungemetalband Feed. Liggen daar de roots van zijn huidige project?

Willemyns: “Mensen zullen er misschien van schrikken, maar zijn muzikale roots liggen sowieso in het hardere werk. Enkele jaren geleden vertelde John me al dat hij enkel nog naar black metal luisterde, eigenlijk maar naar één plaat, zelfs: Transilvanian Hunger van Darkthrone. Ik hoor niks in die muziek, maar John leefde helemaal op toen hij me erover vertelde. Ik was de serie ook het liefst geëindigd met beelden van John op het podium met zijn blackmetalgroep, maar corona stak er een stokje voor.”

Terwijl John aan zijn plaat werkte, maakte jij The Rhythm of the Band volledig zonder hem. Felix Machtelinckx van de Antwerpse band Tin Fingers, die te horen is op de mooie nieuwe Arsenal-single ‘Animal’, was je kompaan in de studio. Heb je je band écht weten te redden?

Willemyns: “Alleen de toekomst kan uitwijzen of je je relatie na een crisis écht hebt gered.

“Ik was alleen aan de plaat begonnen en ben naar Nigeria gegaan om er ritmes op te nemen. Tijdens de eerste lockdown werden dat nummers, en toen kwam Felix erbij. We hebben hetzelfde management en het klikte. Het is interessant om met een jong iemand samen te werken. Felix is 27, ik ben een ouwe gast van 49. Zo’n jonge muzikant kiest toch voor de theatraliteit waar je zelf niet meer zo snel voor gaat. De grote gevoelens, hè. Inspirerend.”

Jullie kunnen op dit moment niet spelen of repeteren, en John werkte niet mee aan de plaat. Is er nog sprake van vriendschap? Zien jullie elkaar buiten de muziek?

Willemyns: “Toch wel. We gaan de laatste tijd vaak wandelen (lacht). In het Zoniënwoud, waar Arsenal ooit is ontstaan. Onze allereerste ontmoeting was ergens eind jaren 90 op een technofeest in Gent, maar pas na een wandeling in het Zoniënwoud, waar ook wel wat drank aan te pas kwam, begon John in mijn studio in Brussel op mijn synthesizers te tokkelen. Diezelfde nacht hebben we onze eerste twee nummers gemaakt. We heetten toen nog Gearbox, maar dat is niks geworden. We probeerden te hard anderen na te apen, Underworld en consorten. Eigenlijk dachten we toen al: het wordt niks.”

Maar in 1999 forceerde Arsenal een doorbraak in de wereld van de deephouse, dankzij een compilatie van de iconische loungebar Café del Mar op Ibiza, waarop jullie ‘Release’ stond.

Willemyns: “Correctie: een remix van ‘Release’ door Attaboy haalde die compilatie. Maar die compilatie van Café del Mar gooide inderdaad alle deuren open: we werden in de Fuse gedraaid en belandden op nog meer compilaties…

“We hebben dat allemaal te danken aan de intussen al lang overleden dj St. Dic (Pascal Saint-Dic pleegde in 2006 op 32-jarige leeftijd zelfmoord, red.), die een goeie vriend van me was. Op één van de laatste optredens van Gearbox – John en ik hadden besloten ermee te stoppen – kwam hij naar me toe: ‘Hendrik, jullie muziek trekt op niks, maar dit nummer is geweldig!’ ‘Release’ was wat trager, wat sexyer. We móésten er van hem mee naar Koenie van Wally’s Groove World in Antwerpen, om het uit te brengen. Koenie zorgde voor die remix door Attaboy, en de bal ging aan het rollen.

“Oké, dachten we, misschien hebben we een ader aangeboord, laten we nog wat voortdoen. En toen liep het gelukkige toeval genaamd Mario Vitalino Dos Santos mijn appartement binnen. Mario, een Braziliaan die in België woonde, moest eigenlijk bij mijn bovenbuurvrouw zijn, maar trok per ongeluk mijn deur open en zag mijn studio. ‘Ik maak ook liedjes,’ zei hij, ‘wil je die van mij niet opnemen?’ Zo hebben we ‘A Volta’ gemaakt.”

Een radiohit in 2000 die het tot de soundtrack van Six Feet Under zou schoppen: het nummer is te horen in de allerlaatste aflevering van die HBO-cultserie.

Willemyns: “We werden de talk of the town in dat kleine maar internationale wereldje van de deephouse. Er kwam een plaat van, een livegroep, we bleven maar groeien. Van twee mannen achter knopjes à la Underworld groeiden we uit tot een band waarvan John de frontman werd. Een gigantisch keerpunt was Werchter 2004, waar we een concert speelden dat in zowat alle kranten tot het beste van het festivalweekend werd uitgeroepen.”

Het bijzondere aan Arsenal was altijd de mix van exotische ritmes en klanken met ‘koelere’ indierockstemmen en -gitaren. Hoe kwamen jullie op die vreemde mix van uitersten, die vijftien jaar geleden helemaal niet ‘cool’ was?

Willemyns: “We hadden al geprobeerd om cool te zijn, hè. Ik denk aan mijn eerste groep Thin Line Men, die bluesrock speelde à la The Black Crowes. Of aan Gearbox, waarmee we Underworld probeerden te zijn. We wisten al dat dat niet werkte. Dit was ons geluid, een weerspiegeling van wie wij écht waren.”

OREN OPBLAZEN

Arsenal werkt dikwijls samen met gastzangers. Een jeugdheld van je die je twee keer hebt kunnen strikken voor een samenwerking, was Grant Hart van Hüsker Dü en Nova Mob. Op de plaat Lotuk is hij de stem in ‘The Letter’, in het Canvas-boekenprogramma Paper Trails liet je hem vertellen over de roman Tender Is the Night van F. Scott Fitzgerald.

Willemyns: “Mijn dierbaarste bezit is een lange brief die Grant Hart me heeft geschreven, op de achterzijde van het gedicht ‘Bomb’ van Beat poet Gregory Corso. Mocht mijn huis afbranden, dan red ik eerder die brief dan alle notitieboekjes die ik intussen zelf heb volgeschreven.”

Toen Hart in 2017 overleed aan kanker, postte je op de Facebook-pagina van Arsenal: ‘We are most grateful for what he did when we were sixteen and miserable.’ Had je als 16-jarige durven te dromen dat je op een dag een brief van hem zou ontvangen?

Willemyns: “Zot, natúúrlijk was dat ondenkbaar. Je helden ontmoeten gaat ook op volwassen leeftijd gepaard met mixed feelings. Je bent fan, maar je moet ook streng durven te zijn. Maar ik durf dat wel, zeggen dat een take opnieuw moet.

“Ik heb wel ooit iets héél stoms gedaan met Gavin Friday, nog zo’n held van me. Voor onze plaat Furu had hij toegezegd om ‘Not Yet Free’ in te zingen, en hij stond erop om daarvoor naar België te komen. Ik was natuurlijk onder de indruk toen hij de studio binnenwandelde, en omdat ik zo zenuwachtig was, deed ik iets heel stoms. ‘Ik hoor niks in mijn koptelefoon,’ zei hij, waarop ik aan allerlei knoppen begon te draaien. Er gebeurde nog steeds niks, dus gaf ik aan één knop een ferme draai, waarop er een megaluide feedback door zijn koptelefoon werd gejaagd. Hij gooide dat ding af en ik zag het vuur in zijn ogen, waarna hij zich toch maar inhield: nee, ik ga hem niet vermoorden (lacht). Ik kon door de grond zakken: dan heb je je held in de studio, blaas je bijna z’n oren op.”

Drie gastzangers van Arsenal lieten de voorbije jaren het leven: behalve Grant Hart stierven ook Mario Vitalino Dos Santos en Shawn Smith, die bij Arsenal de songs ‘Lotuk’ en ‘Melvin’ inzong. Doen die overlijdens je nadenken over je eigen sterfelijkheid?

Willemyns: “Dat waren telkens enorme dreunen. Ik ben daar wel mee bezig, ja: wat is de volgende fase? In mijn geval wordt dat de laatste fase van mijn leven, dat besef ik op mijn 49ste maar al te goed. En ik vind dat ik in die laatste fase nog meer moet durven. Dat lijkt me het grote gevaar aan ouder worden: niks meer durven.”

‘Dat we nooit in het buitenland zijn doorgebroken, ligt volgens mij aan die rare constructie van Arsenal: twee mannen, een groep én een hoop gastzangers. Dat is te moeilijk.’ Beeld Carmen De Vos
‘Dat we nooit in het buitenland zijn doorgebroken, ligt volgens mij aan die rare constructie van Arsenal: twee mannen, een groep én een hoop gastzangers. Dat is te moeilijk.’Beeld Carmen De Vos

Droom je stiekem nog van een doorbraak in het buitenland?

Willemyns: “Ik ga niet ontkennen dat die droom er was, met name toen we met ‘A Volta’ op de soundtrack van Six Feet Under belandden. Die song werd ook gedraaid op KCRW, de hippe college radio in Amerika. Ik stond klaar om de VS te veroveren en begon druk te zetten op onze entourage, maar merkte al snel dat het zo niet werkt: druk zetten werkt averechts.

“Volgens mij ligt het aan die rare constructie van Arsenal: twee mannen, maar ook een groep én een hoop gastzangers. Dat is te moeilijk voor het buitenland. Hier in België werkte het wel, omdat de mensen onze hele evolutie hebben kunnen volgen. Als John of Leonie nummers zingen die op plaat door Aaron Perrino of Shawn Smith werden ingezongen, dan is het publiek daar niet minder enthousiast om. Arsenal is altijd een Belgisch verhaal geweest, en ik ben daar niet rouwig om.”

VERBODEN TE DANSEN

Je had het daarnet al even over je film ‘Birdsong’ uit 2016. Die opent met een gedicht van jezelf: ‘The music industry is an animal / That devours the dreamers / Together with the feathers / In which they were flying’. Zijn die verzen autobiografisch?

Willemyns: “Het is in elk geval mijn ongenadige blik op iets waar ik diep van hou. Ik hou van de muziekindustrie, omdat ze gebaseerd is op de dromen van jonge mensen. Prachtig. Maar er wordt ook misbruik gemaakt van die dromers. Formats als The Voice zijn de verchinizisering van de muziek. Mijn film was géén veroordeling van het meisje dat zich prostitueert om muzieklessen te kunnen betalen, want dat is net eigen aan dromers: ze hebben er alles voor over. Dat maakt hen ook zo mooi.”

Heb je zelf ooit het gevoel gehad dat je je als muzikant moest ‘prostitueren’?

Willemyns: “Ik wilde lang niet op Spotify zitten, ik was daar enorm tegen. Maar je móét gewoon zwichten: als je als muzikant niet op Spotify zit, besta je niet. Het is als internetporno: je hebt nul verantwoordelijkheid, want je betaalt niks. Vroeger had je een contract met een band: je betaalde 10 of 15 euro voor een plaat of cd. En als die je dan ontgoochelde, was dat heel erg: fucking hell, 15 euro!”

Tot slot: in 2015 tourde Arsenal met de door jou geregisseerde film Dance! Dance! Dance!, het verhaal van een Japanse dj die moet plooien voor een wet die mensen verbiedt om te dansen. Heb je er al bij stilgestaan dat de realiteit de fictie intussen overtreft?

Willemyns: “Tijdens de eerste lockdown sms’ten meerdere vrienden me: ‘Je film wordt werkelijkheid!’ En ik moet toegeven: toen ik de beelden zag van die party in het Ter Kamerenbos, bekroop me toch ook de zin om erbij te zijn. Maar ze hadden me wellicht niet toegelaten, ik ben te oud (lacht).”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234