Zondag 25/08/2019

Concertrecensie

Thom Yorke in de AB: Verkillende aanval op de zintuigen

Thom Yorke in de AB. Beeld Koen Keppens

Thom Yorke zong loepzuiver in de AB en danste bij momenten stuiptrekkend over het podium. De elektronica ronkte en ratelde. Fans van melancholische Radiohead-songs mochten evenwel op hun kin kloppen.

Yorke - koddig dotje in het haar, opvallend goed geluimd en erg beweeglijk - trok dit razendsnel uitverkochte concert op gang met het weeë ‘Interference', een haast transparant ambientlied uit Tomorrow’s Modern Boxes, zijn tweede soloplaat die hij vier jaar geleden via BitTorrent aanbood. ‘A Brain in a Bottle’, één van de hoogtepunten uit dat album, deed de extatische Yorke-adepten in Brussel haast naar adem snakken. 

De basdrum kroop tot onder onze borstkas en Yorke vroeg waarom God hem had verlaten. “See God laugh and pick the bones”, klonk het. Tja, wie niet aan zijn lippen hangt, vindt hem meestal een onverbeterlijke zeur. Wij kennen bovendien fans die niet hoog oplopen met Yorke sinds hij zijn moederschip Radiohead opzadelde met experimentele elektronica.

Beeld Koen Keppens

Kid A, de Radiohead-plaat waarmee de Britse rockgigant zichzelf achttien jaar geleden een tweede adem schonk, joeg de aan melancholische gitaarliedjes verknochte fans toen de gordijnen in. Diezelfde hardleerse fanatici voelden zich ongetwijfeld erg verweesd in de AB. Met alleen boezemvriend en officieuze zesde Radiohead-lid Nigel Godrich aan zijn zijde, ploegde Yorke door het materiaal van zijn twee soloplaten, die eveneens in laptoppop grossieren.

Klap op het hoofd

Ook op het podium: videokunstenaar Tarik Barri, die al met Yorke werkte in Atoms For Peace, het nevenproject waarin ook Flea van Red Hot Chili Peppers speelde. Terwijl Yorke van gitaar naar elektronische apparatuur fladderde en Godrich van laptop naar basgitaar, toverde Barri wazige belletjes op het videoscherm, van het soort dat een mens aan zijn geestesoog ziet voorbijtrekken na een klap op het hoofd, vlak voor hij het bewustzijn verliest. Abstracte beelden als van een slecht afgestelde kleurentelevisie uit de eighties sierden de schermen tijdens ‘Black Swan’, faux-hiphop à la Madlib, vol verkrampte, lijkbleke funk.

Beeld Koen Keppens

‘I Am a Very Rude Person’ werd opgebouwd uit een geloopte zangharmonie, een uitgebeend elektroritme en een gitaar die twijfelde tussen new wave en Malinese blues. “I’m breaking up your turntables / Now I’m gonna watch your party die”, zong Yorke als een overjaars pestjochie, terwijl achter hem een zonsverduistering implodeerde. ‘Two Feet Off The Ground’ werd dan weer begeleid door een soort in uitgelopen inkt verwelkende Rorschachtest. Onnodig te zeggen dat het visuele luik voor Yorke een cruciale component van zijn artistieke verhaal is. Denk ook aan het iconische grafische werk van Stanley Donwood voor Radiohead.

Onder stroom

Deze show stotterde halverwege wat, vlak na een fenomenaal ‘The Clock’ waarin Yorke over het podium stuiterde als een schooljongetje met een suikeroverdosis. De dreinende beat waande zich in de Berlijnse techno-underground van de jaren negentig, het dolle publiek wellicht ook. Wat volgde was altijd interessant en soms ronduit fascinerend maar niet altijd beklijvend. Zeker, we genoten van Yorkes vibrerende lichaam dat over het podium kronkelde alsof het onder stroom stond. De nummers die voor die elektrocutie zorgden waren vooral ritmisch en op vlak van textuur hoogstaand, maar lieten songtechnisch weinig aan de verbeelding over.

‘The Axe’, met zijn huiveringwekkende synths en sputterende dieselmotorgroove: cool maar het verankerde zich niet in je trommelvlies. ‘Traffic, ‘Twist’ , 'Truth Ray' en ‘Pink Section’? Fans van avant-gardebeats hyperventileerden er wellicht bij - en terecht - maar repetitief experiment kent zijn grenzen. Liever hadden we Yorke ‘The Eraser’ of ‘Harrowdown Hill’ horen zingen, futuristische treurliederen die bij het beste horen wat hij al schreef. Of ‘The Mother Lode’, een fel onderschatte song uit Tomorrow’s Modern Boxes. Daar vinden de ultradigitale softwarebeats en zijn kwellende Weltschmerz het ideale evenwicht.

Beeld Koen Keppens

James Bond

In de bissen kwam alles goed. Yorke liet ons waterogen met zijn fabelachtige falset in ‘Atoms for Peace’ en hij danste zich het pleuris in een dodelijk ploegend ‘Default’. ‘Spectre’, Radioheads afgewezen James Bond-thema voor de gelijknamige film, werd tot op het bot uitgekleed door Yorke en Godrich. Een bitterzoete elektrische piano, een synth en Yorkes door existentiële twijfel verteerde klaagzang bleven over. Meer moest dat niet zijn. WAT.EEN.SONG. Fuck Ian Fleming. En fuck Sam Smith.

Thom Yorke in de AB? Een verkillende aanval op de zintuigen. Geen spek voor ieders bek, zij het over heel de lijn onnavolgbaar.
Take it or leave it. Een meesterlijk huwelijk van feeëriek en onbehaaglijk. Verfrissend imperfect. Het moet niet altijd ‘Karma Police’ zijn, toch?

Beeld Koen Keppens
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden