Donderdag 17/10/2019
Sachli Gholamalizad: ‘Ik ben geen sloganfeminist.’

Theater

Theatermaker Sachli Gholamalizad: ‘Ik ben mijn eigen laboratoriumrat’

Sachli Gholamalizad: ‘Ik ben geen sloganfeminist.’ Beeld Charlie De keersmaecker

Hoe moet ik zijn? Als kunstenaar, als vrouw? Theatermaker Sachli Gholamalizad is een zoeker en een denker. Een die zich regelmatig kwaad maakt ook over alle hokjes waarin mensen haar proberen te steken. ‘Ik zal pas stoppen met mijn verhalen als we er klaar voor zijn de ‘ander’ als een mens te zien.’

De Belgisch-Iraanse Gholamalizad (37) ontvangt me in het smalle herenhuis in Antwerpen dat ze samen met haar vriend opgeknapt heeft. “Voor mij is nooit iets forever, want ik ben niet trouw aan plekken of landen, een grens of een vlag zegt me niks. Maar dit is voor mij toch mijn ‘thuiste’ thuis. Het is nog niet af, maar sinds dit huis heb ik eindelijk weer het gevoel dat ik nog eens mensen kan uitnodigen. Ik merk dat ik het heel fijn vind om gastvrouw te zijn. Ik geniet ervan mensen een veilige, welkome plek te bieden. Het is misschien een soort antigebaar in een wereld die toch heel vijandig aanvoelt. Zou de tijd waarin we leven niet de roerigste in de menselijke geschiedenis zijn?”

De actrice voelt weinig behoefte om veel in de pers te komen en het liefst van al zou ze gewoon de persmap die KVS samenstelde uitdelen als iemand graag iets over haar werk wil weten. “Ik heb moeite met dingen helder formuleren. Ik ben altijd jaloers op mensen die zuinigjes gedoseerd exact het juiste antwoord geven.”

Ze zit in een intens maak- en repetitieproces en ik tref Gholamalizad aan in de onzalige fase waarin volgens mij iedere kunstenaar op een bepaald ogenblik even in verzeilt: “Op dit moment voel ik geen enkele euforie. Ik denk nu: ik suck als kunstenaar. Voor wie maak ik eigenlijk iets? Wat voor een actrice ben ik? Behoor ik tot een bepaalde categorie? Welke dan? En wil ik dat wel? Waarom maak ik eigenlijk theater? En wie zit daar in godsnaam op te wachten?”

Popdiva Googoosh

Zij spreekt over haar demonen. Onzekerheid. “Terwijl ik mijn tekst aan het schrijven ben, moet ik constant vechten tegen die stemmen die de hele tijd fluisteren: ‘Zeg, wat is dit voor bullshit?’ (lacht) Ik mis een zeker basisvertrouwen dat de mensen met wie ik samenwerk gelukkig wel hebben. Jan De Vroede bijvoorbeeld, iemand die als producer met namen als John Parish en PJ Harvey heeft gewerkt, maakt fantastische muziek voor mijn voorstelling. We zetten liedjes van de Iraanse popdiva Googoosh en gedichten van Forough Farrokhzad om in hedendaagse liedjesteksten en muziek. De bedoeling is om na de voorstelling ook verder te gaan met de muziek die we aan het maken zijn, om een plaat te maken en optredens te gaan geven, ook met eigen muziek en teksten.

“Dus dat is misschien mijn grootste verwezenlijking, dat ik erin geslaagd ben een team rond mij te vormen van mensen die mij vol vertrouwen dragen en die ik ook honderd procent vertrouw. Ik ben geweldig aan het twijfelen, maar ik voel me niet eenzaam.”

Ze wil onzekerheid niet bestempelen als iets typisch vrouwelijks. Maar toch. “Het patriarchale systeem leert vrouwen beleefd te zijn, niet te assertief, niet te brutaal. Ben je dat wel, ben je een bitch, een slet, dan word je werk ontzegd. Natuurlijk word je daar onzeker van. De vrouwen over wie ik nu lees, hebben zich door hun onzekerheden geschreven. Ze hebben geworsteld binnen een maatschappij waarin zij onzichtbaar werden gemaakt of niet leken te bestaan en dat geeft een soort van kracht om na te denken over mijn positie in de maatschappij.

Voeling met ons lichaam

“Er is de constante vraag: hoe moet ik zijn? Hoe moet ik leven? Hoe kan ik zijn als kunstenaar? Hoe kan ik zijn als vrouw? Een vrouw is nooit één bepaald type vrouw. We belichamen allemaal verschillende vrouwbeelden en die veranderen ook tijdens je leven. Maar soms blijf je hangen in een bepaald denkbeeld van hoe een vrouw moet zijn. Een narratief waarin je vastgeroest raakt. Het blijft als vrouw vechten om te durven op te komen voor je eigen lichaam en je eigen seksuele ontplooiing zonder als goedkoop te worden afgeschilderd. Die balans vinden, vind ik een grote uitdaging. Ik vind het dan ook leuk om naar andere mensen te kijken die niet worstelen met hun lichaam. Daar leer ik dan van.’

Van reizen leert ze ook, naar het Midden-Oosten bijvoorbeeld.

“Misschien is het een cliché, maar ik heb toch zelf ondervonden dat mensen in warmere klimaten zich bewuster zijn van hun lichaam. Wij moeten ons vaak verstoppen onder dikke lagen kleren waardoor we vaak letterlijk voeling verliezen met ons lichaam. Contact maken met je lichaam betekent jezelf beter leren kennen en dat leidt volgens mij ook tot aanvaarding van dat lichaam. Dat is heel empowering.

Seksueel genot

“Dé Midden-Oosterse vrouw bestaat natuurlijk niet, maar ik heb toch het idee dat veel vrouwen ginds minder preuts zijn. Ze lijken er ook makkelijker over te praten dat ze ook op zoek gaan naar seksueel genot. Dat interesseert me en in een volgende voorstelling wil ik het nog meer hebben over relaties en seks. Het fascineert me hoe we daarover communiceren. Over hoe vaak en wat dan de norm is. Seksueel genot is ook een van die dingen waarvan de maatschappij ons in bepaalde narratieven probeert te dwingen. Terwijl het zo belangrijk is, zeker als vrouw, zeker als je ouder wordt, dat je denkt fuck, nu moet ik het wel gaan meemaken anders is het misschien te laat (lacht).

“Hoewel, ik ken vrouwen van in de vijftig die over hun seksleven praten en die fantastische dingen meemaken!”

Hoe is de band inmiddels met jou en je moeder?, vraag ik dan en daarmee raak ik een gevoelige snaar. Dit is precies zo’n vraag die kranteninterviews geven frustrerend maakt voor haar.

Spiegel voor ons eigen leven

“Ik heb er geen probleem mee om het te hebben over wie ik ben, waar ik vandaan kom. Anders zou ik er ook geen voorstellingen over maken, maar waar ik het wel moeilijk mee heb is dat het gesprek altijd daar blijft hangen: alsof er niets meer te zeggen valt, alsof ik telkens opnieuw moet verantwoorden waarom ik ook verhalen vertel, waarom ik kunstenaar ben, waarom ik ‘hier’ ben. Als je me vraagt over mijn relatie met mijn moeder, ontneem of ontken je voor een deel mijn auteurschap. Men vraagt me niet waarom ik die vorm heb gekozen, wat ik er precies mee wil vertellen. Men wil details weten uit mijn persoonlijke leven, alsof mijn voorstelling een aflevering van een serie is die abrupt gestopt is. Maar die ‘ik’ die ik in voorstellingen ben is ook een constructie, heel specifiek gekozen om dat specifieke verhaal te vertellen. Mijn werk gaat vaak over een ‘exploration’, een onderzoek naar ‘het zelf’. Naar mijzelf dus ook. Maar wat ik toon ‘van mezelf’ is slechts een momentopname, een fractie van wat en wie ik ben. Dat opzoeken tussen ‘echtheid’ en ‘theatraliteit’, dat boeit mij er veel meer in dan dat ik laat binnenkijken in mijn leven.

“Wat ik beoogde met mijn voorstelling, daar wordt in interviews vaak aan voorbijgegaan: waarom vind ik het belangrijk om dat soort voorstellingen te maken? Omdat mijn realiteit, die van mijn moeder, die van mensen zoals ‘wij’, niet lijkt te bestaan, niet lijkt vertegenwoordigd te worden. Ik zal pas stoppen met dit soort verhalen als we klaar zijn de ‘ander’ als een gewoon mens te zien, als iemand voor wie we empathie kunnen voelen, iemand die we als een spiegel voor ons eigen leven kunnen zien.”

Als slachtoffer gecast

Een catch 22, noemt Gholamalizad het. Ze wil het niet hebben over haar afkomst of over ‘anders’ zijn. Ze wil niet als slachtoffer gecast worden, maar erover zwijgen is onmogelijk.

“Omdat ik mezelf en mensen als mijzelf weinig of niet gerepresenteerd heb gezien en nog steeds bitter weinig zie, ondanks alle inspanningen die volgens mij nog steeds oppervlakkig blijven en vanuit een wit denkkader, moet ik mezelf ‘onderzoeken’, als in een laboratorium. Ik ben mijn eigen laboratoriumrat.

“Omdat er nog te weinig psychologische bijstand is voor mensen van kleur die met heel specifieke problematieken kampen in Europese maatschappijen, voel ik me verantwoordelijk om zelf dat onderzoek te doen, omdat niemand anders mij kan helpen met deze specifieke problematiek en vragen waar ik mee worstel, en samen met mij zovelen.

De ‘intelligente’ allochtoon

“Vooral als acteur voel ik me vaak verstikt in het kader van waaruit vaak gekeken wordt in het Vlaamse film- en televisielandschap. Alsof er geen ander kader bestaat van waaruit je naar mensen kunt kijken die ‘anders’ zijn; het anders zijn wordt altijd benadrukt, wordt altijd een ‘ding’, is niet iets dat verder reikt dan enkel die eerste laag van interpretaties van een buitenwereld. Ik wil daar niet meer aan beantwoorden, ik wil geen marionet meer zijn. Ik ben ontgoocheld omdat al mijn inspanningen voor deze samenleving geminimaliseerd worden, gemarginaliseerd lijken te worden. Wij dienen enkel om het narratief van de witte persoon te dienen, die zichzelf als universeel ziet. Alles daarrond is en blijft opvulling. Er zijn ontwikkelingen bezig, maar belachelijk weinig. Regisseurs proberen zich te sussen door rollen te schrijven voor je waarin je de ‘intelligente’ allochtoon mág spelen, nog steeds als opvulling voor hun eigen narratief. Wat dat narratief vertelt, is dat je er eigenlijk pas bij hoort, in de maatschappij, als je je gedraagt en kleedt en praat als ons. 

Sachli Gholamalizad: ‘Vrouw, man, wit, kleur, hond, boom, natuur, cultuur, ratio, emotie, alles verdient evenveel respect.’ Beeld Charlie De keersmaecker

“Wat voor mij een ideale samenleving is, en waar dus inclusiviteit voor staat, is net dat mensen die ook anders denken, anders praten, anders leven, als volwaardige medeburger kunnen worden gezien en geapprecieerd, en dat zij vaker nieuwe manieren van samenleven en inzichten kunnen bespiegelen waar we misschien onszelf mee kunnen verrijken. Inclusiviteit staat voor mij voor mensen erkennen met andere talenten, niet noodzakelijk volgens jouw blik op wat schoonheid of universaliteit of talent is.”

Op de tafel voor ons ligt een stapel literatuur waarin Gholamalizad zich het afgelopen jaar heeft verdiept voor haar voorstelling. Ze neemt er twee boeken uit: een essay over de Iraanse popdiva Googoosh en een dichtbundel van Forough Farrokhzad. Beide vrouwen zijn Iraanse iconen. “Het was voor mij logisch om hen in mijn werk te betrekken, ze maken deel uit van mijn culturele bagage. Bovendien wil ik de westerse canon die iedereen zomaar als standaard vooropstelt, openbreken. Hun werk behoort ook tot een canon.”

Vooral de teksten van Farrokhzad zijn momenteel belangrijk voor de actrice. “Zij is mijn gids in het gevecht om van mezelf en mijn lichaam te leren houden. Los van maatschappelijke verwachtingen en normen. Ze heeft het aangedurfd om radicaal met de traditie te breken door openlijk over haar seksuele verlangens te schrijven. Ze noemde zichzelf geen feminist, maar voor mij is ze dat wel.

Ecofeminist

“Het typische is dat het publiek in die tijd vooral bezig was met speculeren over welke mannen ze precies schreef. Er waren zelfs mannen die schreven: dat gaat over mij! Op die manier werd haar het auteurschap ontnomen, precies waar ik het net over had. Het overkomt vrouwelijke kunstenaars zo vaak.”

Het woord feminisme is gevallen. Ik vraag wat die term voor haar betekent. “Dat is natuurlijk zo’n beladen term. Ik ben geen sloganfeminist, en al helemaal geen feminist die tegen mannelijkheid is of die gaat afbakenen wat mannelijkheid moet betekenen. Ik wou eigenlijk dat we voorbij dit hele gedoe van feminisme waren, dan kon ik mezelf humanist noemen, maar zover zijn we gewoon nog niet. Ik noem mezelf graag ecofeminist. Vrouw, man, wit, kleur, hond, boom, natuur, cultuur, ratio, emotie, alles verdient evenveel respect en niets hoeft op elkaar te lijken.”

Gholamalizad maakt zich toch nog eens kwaad. Van het woord ‘boom’ gaat het naadloos over naar het bestuur van de stad waarin ze woont. Dat bestuur heeft namelijk bomen laten omhakken in de stad en Gholamalizad maakt zich daar druk over. “Ik ben absoluut niet de juiste persoon om over politiek te praten”, probeert ze de boot af te houden. “Maar als je het echt wil weten: ik kan me bijvoorbeeld kwaad maken over Darya Safai (Iraanse tandheelkundige die zich onlangs verkiesbaar heeft gesteld voor N-VA, JDB). Ze komt op voor vrouwenrechten. Bravo, dat horen we hier graag, zo geïntegreerd. Terwijl die vrouw spreekt vanuit haar eigen trauma’s, als kind werd ze gedwongen een hoofddoek te dragen. Ik begrijp haar dus wel, maar als je in de politiek gaat, moet je niet redeneren vanuit je eigen oogkleppen. Zij is een feminist en ik ook, maar zij strijdt voor de rechten van één type vrouw. Als vrouw die zichzelf ‘verlicht’ durft noemen en andere vrouwen dingen gaat opleggen of afpakken, dat is niet mijn soort feminisme.’

Let Us Believe in the Beginning of the Cold Season gaat op 11 mei in première in de KVS en is ook te zien tijdens het Kunstenfestivaldesarts.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234