Maandag 23/09/2019

Film

The Man Who Killed Don Quixote: eindelijk gerechtigheid voor Monty Python-acteur Terry Gilliam

Adam Driver en Jonathan Pryce in 'The Man Who Killed Don Quichote'. Beeld rv

Woensdag besliste een rechter dat The Man Who Killed Don Quixote van Terry Gilliam volgend weekend het filmfestival van Cannes mag afsluiten. Met een beetje geluk – eerst zien en dan geloven – komt daarmee een einde aan een lijdensweg van net geen twintig jaar, “en kan ik eindelijk verder met mijn leven”.

“Schrijf op: de nieuwe making of zal een pak minder interessant zijn.”

Het is april 2017 en Terry Gilliam staat op de set van The Man Who Killed Don Quixote, in een 12de-eeuws klooster in het Portugese dorp Tomar. Maar dat mag op dat moment totaal niet geweten zijn. Op voorhand krijgen we te horen dat van de set geen foto’s gemaakt mogen worden – logisch – maar al snel blijkt dat fotoverbod te gelden voor ons verblijf in Tomar, een gehucht van twintigduizend man, in zijn geheel.

“Er staat een foto van het dorpsplein op jouw Instagram”, belt een pr-verantwoordelijke op de tweede dag in paniek.

“Ik weet het, maar het was pittoresk, en daar wordt toch helemaal niet gedraaid?”

Kan zijn, zegt de vrouw, maar de producenten willen geen enkel risico nemen. In zoverre iemand met een staat van dienst als Terry Gilliam weet wat dat is, moet hij in alle rust zijn film kunnen afwerken. “Er staat te veel op het spel, en toen we in Spanje aan het draaien waren, hebben de paparazzi ons gevonden.”

Champagne

Het lijkt vrij vergezocht dat niet zozeer het circus dat in Tomar is neergestreken (inclusief een gigantische tent met honderden 17de-eeuwse kostuums, en die gast uit Girls), maar onze Instagram-account een nieuwe paparazzigolf op gang zou brengen. Maar goed: ver het enige wat de afgelopen decennia nog niet in de weg van Terry Gilliam heeft gestaan om zijn Don Quichot-film af te werken, is mogelijk onze Instagram-account. En wie de puike documentaire Lost in La Mancha heeft gezien, weet dat niets helemaal uit te sluiten valt. Vrij letterlijk: niets.

Voor wie compleet uit de lucht komt vallen: Lost in La Mancha is de making of waar Terry Gilliam tijdens ons interview op de set naar verwijst. Al is unmaking of een betere omschrijving. 

De film van Keith Fulton en Louis Pepe uit 2002 laat zien hoe Gilliam al in 2000 probeerde de roman Don Quichot van Miguel de Cervantes te verfilmen, met Johnny Depp als Sancho Panza en de inmiddels overleden Jean Rochefort als het titelpersonage. 

Maar als achtereenvolgens een NAVO-oefening de eerste draaidag verpest, een groot deel van de set op de tweede dag wordt weggespoeld door een overstroming, en Rochefort op dag zes in het ziekenhuis belandt met een dubbele hernia, wordt de productie stilgelegd en verhuizen de filmrechten naar de verzekeringsmaatschappij die moest opdraaien voor het debacle van vijftien miljoen dollar. Kort samengevat.

“Na de zesde draaidag hebben we deze keer de champagne laten aanrukken”, aldus een zichtbaar opgetogen Gilliam in april vorig jaar. In 2008 slaagde hij erin de rechten opnieuw te verwerven, en sindsdien heeft hij verschillende pogingen ondernomen om het project weer op de rails te krijgen. Zonder succes. Tot Amazon in 2015 besloot dat het zich op filmproductie zou storten en het bedrijf van Jeff Bezos het gat in Gilliams filmbegroting dichtreed. 

Terry Gilliam. Beeld AFP

“En wie weet,” zegt de regisseur enthousiast, “werken we hem deze keer zelfs af.”

Brokkenpiloot

Elke andere filmmaker had The Man Who Killed Don Quixote al lang opgegeven, maar het voormalige lid van Monty Python is wel wat gewoon. Meer nog: in feite is zijn carrière één groot brokkenparcours. 

Op Monty Python and the Holy Grail, Time Bandits en 12 Monkeys na wordt het cv van Gilliam gekenmerkt door commerciële flops – zelfs zijn chef d’oeuvre Brazil had in 1985 moeite om uit de kosten te komen. 

De regisseur werkte zich geregeld in nesten door overdreven ambitieuze projecten met te weinig middelen van de grond te proberen krijgen, om uiteindelijk – verrassing – over het budget te gaan, met de producers te bakkeleien of een film af te leveren die een schim was van wat hij had kunnen zijn.

En dan had hij natuurlijk ook vaak gewoon brute pech. Zoals toen Heath Ledger overleed tijdens het draaien van
The Imaginarium of Doctor Parnassus. Of die keer dat zijn Don Quichot dus met een dubbele hernia moest worden afgevoerd.

“Mijn vrouw zegt dat ik onnozel ben om dit project koste wat het kost tot een goed einde te willen brengen”, biecht Gilliam op. “Ze heeft gelijk: iedereen die de roman heeft gelezen, weet dat er geen goed einde in zit! Maar de Don Quichot in mij kan niet anders, en inmiddels is dit niet langer een filmproject, maar een aandoening, een tumor. En die moet er nu eerst uit voor ik verder kan met de rest van mijn leven.”

Een mirakel!

Het positieve, zegt hij zelf, is dat het scenario er in al die jaren alleen maar beter op is geworden. “Het is intussen ook een reflectie op de filmindustrie geworden, en hoe die levens kan verwoesten. Dat van mij, bijvoorbeeld.” Het negatieve, geeft hij toe, is dat het gevaar bestaat dat de rek er op den duur uit is. “De voorbije twintig jaar hebben mij niet creatiever gemaakt, wel oud en moe.”

Het valt op hoe snel het humeur van de intussen 77-jarige Gilliam kan omslaan. Het ene moment staat hij op de set grapjes te maken met Jonathan Pryce, zijn nieuwe Don Quichot: “Komaan, Jonathan! We moeten de journalisten entertainen!” Het andere loopt hij er verloren, soms zelfs effenaf moedeloos bij. 

Evenzeer opmerkelijk: de eerste keer dat we hem spreken, loopt de productie twee dagen voor op schema. “Een mirakel!” Een halve dag later heet het dat ze een week achterlopen. “Dit komt niet goed.” We gaan ervan uit dat iemand de touwtjes van de productie stevig in handen heeft, maar Gilliam is het alvast niet.

“Deze film draait zichzelf op dit moment”, laat de regisseur op verschillende tijdstippen vallen. Nu eens vol vuur, omdat het eindelijk zover is - zijn droom wordt werkelijkheid. Dan weer haast teleurgesteld, om precies dezelfde reden. 

“Misschien blijkt straks – wanneer de film in de zalen komt en mensen er een mening over hebben – dat de droom zo veel beter was dan de realiteit. Dat gevoel heb ik in mijn loopbaan sowieso al wel vaker gehad: dat mijn verbeelding krachtiger is dan wat ik er uiteindelijk van heb kunnen maken, omdat er nooit genoeg geld is om de film te maken die ik voor ogen heb. En laten we eerlijk zijn: de verwachtingen over deze film zijn na al die jaren zo hooggespannen dat het haast niet anders kan dan dat mensen teleurgesteld zullen zijn.”

Elke dag een teleurstelling

Jonathan Pryce, met wie Gilliam eerder BrazilThe Adventures of Baron Munchausen en The Brothers Grimm maakte, begrijpt hoe de regisseur zich voelt. “Terry heeft deze film al zeker honderd keer in zijn hoofd gemaakt, en hij heeft over elk detail al zeker vijftig keer nagedacht. Dan moet het ongelofelijk frustrerend zijn als tijdens de opnames blijkt dat je het niet precies zo kunt krijgen.” 

Beeld rv

Zoals inderdaad ook blijkt op de eerste dag van ons setbezoek: Gilliam is zowat de hele dag in de weer met een scène waarin Jonathan Pryce en Adam Driver (die gast uit Girls, die de rol van Johnny Depp heeft overgenomen) te paard de tuin van het klooster moeten oprijden. 

“Werk nooit met paarden”, laat Gilliam zich halverwege de dag ontvallen. “De scène duurt nog geen halve minuut en ze staat er nog totaal niet op. Door die beesten duurt alles ontzettend lang.” Hij pauzeert. “Ach, uiteindelijk is elke dag een teleurstelling. De truc is om je er niet door te laten doen.” Dat blijkt duidelijk makkelijker gezegd dan gedaan.

Gilliam heeft nog een truc die hij wil prijsgeven. “Zorg dat je met een goede cast werkt. In feite ben ik een verschrikkelijke regisseur, maar dat valt meestal niet op omdat ik met zo’n goede acteurs werk.” Pryce moet erom lachen. “Terry onderschat zichzelf. Het is waar dat hij zijn acteurs de vrijheid geeft om hun job te doen – hij staat voor alles open – maar hij doet die van hem ook uitmuntend. Zijn genie zit hem misschien niet in zijn acteursregie, maar in zijn unieke visie. En in het feit dat hij erin slaagt die niet zozeer narratief dan wel visueel door te drukken.”

Al is dat gelijk de vaakst gehoorde kritiek op Gilliams films: dat ze er allemaal erg vindingrijk uitzien, maar dat de plot rammelt. “Ik heb deze keer zelfs geen idee waar het precies over gaat”, geeft de Zweedse acteur Stellan Skarsgård toe. “De film speelt zich af in het heden, maar vandaag loopt iedereen in 17de-eeuwse kostuums rond. Maar goed, je weet gewoon dat dit een bijzondere film wordt, en dat je er deel van wilt uitmaken.” Skarsgård grijnst: “Alleen al om te zien of het Terry deze keer wél lukt om hem af te werken.”

Leugenaars

Afwerken zou deze keer niet het probleem zijn. De film in de zalen krijgen daarentegen… “De eerste keer dat ik iemand over Don Quichot sprak,” herinnert Gilliam zich, “was in 1989. Ik had net The Adventures of Baron Munchausen gedraaid, ook een film over een leugenaar, en de ironie is dat het pad naar The Man Who Killed Don Quixote bezaaid is gebleken met nóg meer leugenaars.” 

Gilliam doelt op de producenten die hem al die jaren aan het lijntje hebben gehouden en die – maar dat wist hij vorig jaar in april nog niet – nu ook de première van de film in Cannes hebben proberen tegen te houden.

Extreme stress

Twee dagen geleden besliste een rechter in Parijs dat de wereldpremière volgend weekend alsnog kan doorgaan, maar een definitieve uitspraak in de zaak, die de Portugese producent Paulo Branco heeft aangespannen, is er daarmee nog niet. 

Branco is van mening dat hij ten onrechte van de generiek werd geschrapt, en het aanhoudende conflict heeft er intussen toe geleid dat Amazon zich volledig uit het project heeft teruggetrokken. De internetreus brengt The Man Who Killed Don Quixote in de VS nog liever niet uit dan geld te verdoen aan advocaten.

Nog meer slecht nieuws: Terry Gilliam bracht vorig weekend een nacht in het ziekenhuis door. Sommige media maakten gewag van een ‘lichte hartaanval’, maar intussen liet een van de – hooguit lichtjes overdreven – 137 andere producenten van de film weten dat het louter een geval van ‘extreme stress’ was.

Na bijna dertig jaar is het hoe dan ook officieel aftellen naar de wereldpremière en afwachten hoe de pers in Cannes op The Man Who Killed Don Quixote zal reageren. Een cultstatus kunnen ze de film sowieso niet meer afpakken, en de parallellen tussen Gilliam en Quichot leveren vast een hoop spraakmakende artikels, studies en thesissen op. 

Maar het enige waar verder écht zekerheid over bestaat, is dat de nieuwe making of – overigens opnieuw geregisseerd door Keith Fulton en Louis Pepe – geenszins minder interessant zal zijn dan Lost in La Mancha.

The Man Who Killed Don Quixote komt op 25/7 in de Belgische zalen. Als alles goed gaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234