Woensdag 13/11/2019

Festival Tomorrowland

Taxi Tomorrowland: ‘Ik weet dat ik in het zak zal worden gezet’

Beeld ID/ Jonas Roosens

Eens de laatste glitterbal gedoofd is, begeeft het niet-VIP-deel van the people of Tomorrowland zich noodgedwongen naar een andere realiteit. Een realiteit van smeken om een rit naar huis doorheen de kille, natte nacht. Verslag vanop de taxistandplaats in Boom.  

“Hundred euros”

“Please! I pay whatever your price is!”

Soms bestaat mijn job erin om ’s nachts in een piepkleine short langs een drukke steenweg te wandelen en auto’s tegen te houden. Niet al mijn leerkrachten uit het middelbaar zullen hierdoor verrast zijn. Wanneer ik door de striemende regen de 500 meter tussen de Colruyt en de kerk van Boom afleg, word ik zeker vier keer aangesproken. “Taxi nodig? You need a ride? Miss, it’s too wet, you should go home.” Ze zijn vastberaden, de bolidedealers die een warme plek op de achterbank van hun wagen aanbieden in ruil voor harde cash. 

Tomorrowland zelf raadt op de website festivalgangers aan om “other options” te overwegen omdat taxi’s telkens zo overbevraagd zijn. Maar om het gegeven toch ietwat officieel te laten verlopen, wordt er al acht jaar een centraal pick-up point georganiseerd waar vergunde taxi’s netjes aanschuiven om het volk dat hopelijk even netjes aanschuift achter de dranghekken in te laden. 

De stad Boom deelt jaarlijks een paar honderdtal vergunningen uit aan erkende taxibedrijven. Vorig jaar waren dat er 565, dit jaar zo’n tweehonderdtal minder: 364. Enkel deze  taxi’s mogen tot in de kern van Boom rijden om festivalgangers op te pikken. Wie zelf een taxi belt, moet met die chauffeur afspreken aan de officiële kiss & ride- zone aan de kerk.

Beeld ID/ Jonas Roosens

Tippelende taxi’s

“Och, die van Rupeltaxi hebben gewoon een bom geld betaald om zo’n vergunningen te kunnen krijgen”, zegt een chauffeur misnoegd. Net als heel wat van zijn collega’s kampeert hij de komende uren langs de Boomsesteenweg, tippelend naar doorregende feestbeesten die verdwaasd weer in de echte wereld zijn beland. Hij klampt me aan in de hoop dat ik naar Brussel zou moeten. “Naar Antwerpen ga ik niet vannacht. Daar verdien ik te weinig aan – ik rij met een officiële taxi dus ik moet de meter aanzetten. Brussel, Gent of Rijsel, die mensen moet ik hebben.”

August Janssens, voorzitter van de taxi-arbitragecommissie die alles hier in samenwerking met de politie in goede banen probeert te leiden, beaamt dat de koekenstad niet echt een populaire bestemming is. “Maar hier aan de pick-up geldt het principe dat de eerste mensen in de rij in je wagen stappen. Soms zit er wel eens een slimmerik bij, die zegt dat hij met zijn wagen niet de LEZ-zone binnen mag. Als de volgende in de rij echter naar Wilrijk wil dan is hij alsnog gesjareld”, lacht Janssens. “Je ziet hier wel wat hoor. Chauffeurs die gewoon “Brussel! Brussel!” roepen, of wagens die wel mensen voor Antwerpen inladen omdat ze dat verplicht zijn, maar hen er achter de bocht uit smijten om vervolgens weer aan te schuiven in de hoop op mensen die de prijs wat meer de hoogte in zullen jagen.”

Beeld ID/ Jonas Roosens

Omstreeks kwart na één verloopt het aan het officiële pick-up point nog verbazingwekkend vlot. De mensen blijven achter de dranghekken en volgen braaf de gekortwiekte light sabers waarmee Janssens en zijn collega’s klant en taxi naar elkaar toe seinen. Ze vormen een geoliede machine die geen detail over het hoofd ziet. “Wel uwe meter opzetten hé vriend, geen ritjes in het zwart, ook al is het donker”, zegt een man in een oranje hesje terwijl hij een tikje op het dak van een vertrekkende wagen geeft.  “De stewards van Tomorrowland zijn toffe gasten, maar die kunnen geen gezag uitoefenen over die chauffeurs. Wij wel, van ons zijn ze bang. Ik kan hun vergunning afnemen”, lacht Janssens. “Nu kunnen we nog ademen, maar straks, wanneer de grote mensenzee komt, lopen ze de dranghekken plat”, de voorzitter van de arbitragecommissie haalt de schouders op. “Dan moeten we ze lossen.”

Effectief. Rond een uur of twee wordt het aanzienlijk drukker aan het pick-up point, al is de wachtrij nog steeds te overzien. Dat is echter buiten een aantal balorige festivalgangers gerekend die geen zin hebben om vijf minuten in de regen te wachten. Ze wringen zich tussen de heras-afsluiting en wuiven zelf een busje naar zich toe. “Het is een beetje loemp van Tomorrowland om alle dj’s op hetzelfde uur te laten stoppen”, vindt Jamie. “We hebben superlang moeten aanschuiven om naar de uitgang te geraken, omdat iedereen op hetzelfde moment doorging… Liz! Die mensen gaan via de berm!” Hij haalt verontschuldigend zijn schouders naar me op terwijl hij richting een donkergrijze Mercedes spurt. Het hek is van de dam, of alleszins: het hek doet niet meer dienst als dam, enkel nog als obstakel waar mensen over klimmen om zo snel mogelijk een wagen te bemachtigen. 

Ieder voor zich

Waar taxichauffeurs eerst bedelden om klanten, zijn het nu de verzopen People of Tomorrow die met een smekende blik proberen een rit te scoren. “Het kan me niet schelen wat zij betalen, ik geef u vijftien euro meer”, schreeuwt een Brits meisje naar een taxi die aan het onderhandelen is met een groepje. Iets verderop staat een chauffeur die mensen voor Brussel ronselt. Prijs per persoon: twintig euro. Wanneer zijn busje volgeladen is, rijdt hij aan hoge snelheid dwars over het grasperk voorbij de controlepost van Janssens de rijbaan op. 

Op de Boomsesteenweg, waar enkele politieagenten al voldoende werk hebben met het verkeer te regelen, is het helemaal ieder voor zich. Enkele jongens stappen in een wagen zonder taxikenteken die hen voor 100 euro naar het Wyndham Hotel in Antwerpen zal brengen, een rit van zo’n 20 minuten. Ikzelf betaalde voor de omgekeerde beweging een paar uur geleden 50 euro bij een officiële taxi.  “Particulieren die, laat ons zeggen, barmhartig willen zijn, vormen wel een plaag hier” weet Janssens. “Jaarlijks kunnen we samen met de verkeersdienst via anonieme controles zo’n 15 a 20 wagens in beslag nemen.” 

Beeld ID/ Jonas Roosens

“Ik weet dat ik waarschijnlijk in het zak zal worden gezet, maar voor mij is dat deel van de festivalervaring”, schokschoudert Thibault. “Ik verwacht dat bijna. Op Primavera Sound is het veel erger”, aldus de jongeman die in een roze regenponcho op de rijbaan staat en auto’s probeert tegen te houden. 

Wanneer ik rond drie uur ‘s nachts doodmoe post vat aan de kerk zijn er geen taxi’s meer te bespeuren. Ik probeer wat bekende Antwerpse contacten maar eindig steevast in de wachtrij, allicht samen met de in plastic gehulde lichamen die onderuitgezakt aan mijn voeten op straat liggen. Met wat geluk zijn ze nog steeds buiten bewustzijn wanneer hun bestelde taxi opdaagt. Dit is Darwin, mompel ik met mijn balpen tussen de tanden. Een man met paraplu ziet me schrijven en vraagt een tikje angstig waar ik mee bezig ben. 

“Ik werk aan een artikel over hoe lastig het is om thuis te geraken na Tomorrowland.” 

-“En?” 

“En nu probeer ik zelf thuis te geraken.” 

- “I see. Ik neem je wel mee hoor. Antwerp? Eighty euros.” 

Beeld ID/ Jonas Roosens
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234