Zaterdag 07/12/2019

Interview

Studio 100-baas Hans Bourlon schrijft verhalen over de toekomst: ‘Doemdenken is te makkelijk’

Beeld Stefaan Temmerman

Hans Bourlon, CEO van Studio 100, is geïntrigeerd door de toekomst. Hij houdt er knipselmappen over bij en heeft er nu een boek over geschreven. Over ruimtereizen, gedachten lezen, seksrobots en ingevroren worden als je dood bent. ‘Ik vind het mijn plicht om positief te zijn over de toekomst. Al is het maar om de jeugd te inspireren.’

Hans Bourlon heeft de smaak te pakken. Van ondernemen, dat spreekt, maar ook van schrijven. Twee jaar na zijn eerste boek heeft de CEO van Studio 100 nu een tweede uit, met 25 fictieverhalen over de toekomst.

Niet dat Bourlon zichzelf een schrijver noemt. “Meer dan een hobby is het niet. Maar ik doe het wel heel graag. Verhalen vertellen is misschien wel het enige wat ik goed kan. Ik heb jarenlang mee de afleveringen van Samson en Gert geschreven. Vandaag is mijn functie anders, en ik geniet daarvan, maar de nood aan het vullen van een wit blad blijft. Ik ben er ook niet bang voor. Soms is het eenzaam als je om zes uur ’s morgens of elf uur ’s avonds alleen aan je bureau zit. En zeker als het lang duurt voor je het verhaal helder in je hoofd ziet.

“Ik zal het anders zeggen: ik heb veel bewondering voor mensen die van schrijven hun beroep hebben gemaakt, maar ik snap ook waarom sommigen een drankprobleem hebben. (lacht) Het is een beestenstiel.”

U hebt een boek over de toekomst geschreven. Waarom?

Hans Bourlon: “Ik ben een nieuwsgierige mens. Dat is altijd zo geweest. Ik heb een abonnement op bijna alle Vlaamse kranten en tijdschriften, en ik lees ook De Groene Amsterdammer en The Economist. Al twintig jaar scheur ik uit wat mij interesseert en hou ik dat bij in thematische mappen. Hier in huis staat een kast vol mappen over de voorbije zeven à acht jaar, en een veertigtal daarvan gaan over de toekomst. Over 3D-printen, augmented reality, robots, ruimte­reizen, gedachtelezen, noem maar op.

“Zo stond er in mei 2018 een groot artikel in De Morgen over de mogelijke terugkeer van de mammoet, dankzij de creatie van een kunst­matig embryo met stamcellen. Zulke artikels verdwijnen meestal weer in de krochten van de actualiteit, maar ik denk daar verder over na. Ook wegens de sector waar ik in zit. 

“Een pretpark met diersoorten die uitgestorven waren, dat zou weleens interessant kunnen zijn. En dus begin ik wat meer op te zoeken, lees ik dat de dinosaurus tot leven wekken niet meer kan, omdat zijn genetisch materiaal 30 miljoen jaar oud is, maar dat de neander­thaler wel een optie zou kunnen zijn. Dat is edgy. Want kun je een soort tot leven wekken waarvan er amper soortgenoten zijn? Zullen die dieren niet eenzaam zijn?

“De vraag is wie zoiets gaat tegenhouden. De Chinezen zijn via de Crispr-technologie (een techniek om DNA aan te passen, red.) al bezig met genetische modificatie van baby’s, dus wie gaat hen verbieden zo’n neanderthaler tot leven te wekken als ze dat zouden willen? Er is geen wereldorde of mondiale ethische commissie die dat kan. Op die manier ontstaan de verhalen in mijn hoofd.”

Na elk verhaal voegt u een hoofdstuk toe over de huidige stand van zaken voor het specifieke onderwerp. Met welke reden?

“Ik wilde aantonen dat die toekomstperspectieven niet uit de lucht gegrepen zijn. Mijn verhalen zijn gebaseerd op ontwikkelingen die aan de gang zijn. Maar evoluties gebeuren geleidelijk. De smartphone heeft op heel korte termijn mensenlevens in de hele wereld drastisch veranderd, maar zoiets is heel uitzonderlijk.”

U bent 57. Welke van de ontwikkelingen waarover u schrijft gaat u zelf nog meemaken?

“Toch een aantal, denk ik. Er wordt al geprobeerd de mammoet tot leven te wekken. Het sociaalkredietsysteem in China – waarbij mensen positieve of negatieve punten krijgen voor het gedrag dat ze stellen, wat gemonitord wordt via gezichtsherkenning door miljoenen camera’s – is volop in ontwikkeling en is daar over vijf jaar waarschijnlijk een realiteit.

Er worden al pogingen ondernomen om de mammoet opnieuw tot leven te wekken. Bourlon: ‘Misschien ga ik dat nog meemaken.’ Beeld Getty Images

“Als ik schrijf over kunstwerken die door robots worden gecreëerd, is dat geen verre toekomst: in oktober 2018 veilde Christie’s in New York een schilderij dat door artificiële intelligentie was gemaakt. En als ik het over gedachten lezen heb: de universiteit van Luik beschikt sinds begin dit jaar over een erg krachtige MRI-scanner waarmee het mogelijk is nauwkeurig te meten wat er in iemands hersenen gebeurt bij het kijken naar een object.”

Na het lezen van De tijdreiziger is het moeilijk om in te schatten of u nu optimistisch of pessimistisch tegenover die veranderingen staat.

“Ik heb wel bedenkingen bij een aantal ontwikkelingen, maar ik probeer in mijn verhaaltjes toch een soort van optimisme naar voren te brengen. Ik heb de plicht positief over de toekomst te zijn, vind ik, al is het maar om de jeugd te inspireren.

“Ik geloof ook niet in de voorspelling dat de mens zal evolueren tot een halve robot, zoals de Israëlische futuroloog Yuval Noah Harari schrijft in Sapiens. In Homo Deus zegt hij zelfs dat de mens misschien zijn eigen sterfelijkheid zal overwinnen. Misschien is dat wel het einddoel van technische innovatie, maar ik denk niet dat het zover komt. Ik weet trouwens niet of we blij moeten zijn met onsterfelijkheid. Het eeuwige leven is niet hetzelfde als eeuwig geluk.”

In uw boek verwoordt u het zo: ‘Een plastic bloem heeft geen ziel. Een echte bloem is mooi omdat je weet dat ze zal verwelken.’

“Een van mijn professoren filosofie gebruikte dat beeld in een les, en het is me altijd bijgebleven.”

In het laatste verhaal vertrekt de ik-figuur voor een ruimtereis van 800 jaar en offert hij zijn eigen leven op aarde op voor de wetenschap. Is dat iets wat u zou kunnen?

“Ik denk niet dat ik genoeg dapperheid voor zulke daden heb. Ik ben geen Columbus of Armstrong. Ik voel me comfortabeler bij het overschouwen en overdenken van de dingen. (glimlacht) Mijn verleden als filosoof durft daarbij weleens op te spelen. Eigenlijk ben ik in mijn boek de allegorie van Plato en de grot aan het vertellen. Je ziet schaduwen van iets, maar je kunt geen vat krijgen op wat het precies is, omdat je vastzit in je eigen context. Onze zintuigen zijn te beperkt om onze eigen waarnemingen te overstijgen, en toch voelt iedereen dat er meer is dan de wereld waarin we ons bevinden.”

Men noemt dat vaak God.

“Maar in mijn boek geef ik het antigodsbewijs. Ik vertel het verhaal van John die zich in 2026 laat invriezen en 70 jaar later zal ontwaken. Die techniek bestaat al. In september 2016 werd de eerste Belg gecryoniseerd: een vrouw van 90 jaar die nu ingevroren rust in het Cryonics Institute in Michigan bij min 197 graden. Als ik zoiets lees, probeer ik daar dus altijd over door te denken, want iemand die ingevroren is en weer wakker wordt, die zal toch wel weten of God bestaat?”

In het voorwoord zegt u dat u briljante nieuwigheden hebt ontdekt op uw reizen als tijdreiziger, maar dat u ook weet dat er nooit veel zal veranderen. Dat is vreemd, want uit een aantal van uw verhalen blijkt toch dat de mens wel grondig gemodificeerd zal kunnen worden in de toekomst?

“Ja, maar ik ga ervan uit dat de mens altijd gedreven zal worden door fundamentele gevoelens. Hij zal altijd op zoek gaan naar hechting en affectie, ook al is dat met een robot. En hij zal altijd moeten leren om te gaan met afscheid nemen en opnieuw beginnen. Niet voor niets is de dood zo aanwezig in het tweede deel van mijn boek.”

In uw eerste boek stelde u zich vragen over uw identiteit, en waren Bruegel en Icarus de rode draad. Is de Vlaming niet eerder bezig met zijn verleden dan met de toekomst? Als alles doorgaat zoals gepland, krijgen we binnenkort zelfs een Vlaamse canon.

“Ik ben wel nieuwsgierig naar hoe die canon eruit zal zien. Identiteit is geen constante, maar is integendeel altijd in evolutie. Kijk naar onze nationale voetbalploeg: vroeger bestond die uit Vlamingen en Walen, en gingen die zelfs apart onder de douche, heb ik me laten vertellen. Vandaag is ons nationale elftal een mengelmoes van mensen met diverse achtergronden, en voor sommigen zal Vlaming wel een deel van hun identiteit zijn, maar het onderscheid tussen Vlamingen en Walen is compleet achterhaald.

Een vrouw kijkt naar ‘Portrait of Edmond de Belamy’, een werk gemaakt met artificiële intelligentie, bij Christie’’s in New York. Het werd op 25 oktober voor 432.500 dollar verkocht. Beeld AFP

“Ik vraag me dikwijls af waarom die diversiteit zich nog niet in andere geledingen van de maatschappij heeft voltrokken. Zeker in mijn branche spelen blanke mannen van mijn generatie nog steeds de hoofdrol. Vorige week was ik te gast op de jaarlijkse uitreiking van de prijs voor onderneming van het jaar. Daarbij wordt een Vlaams bedrijf bekroond dat op groei inzet, en dit jaar was dat Kinepolis. Ineens dacht ik: dit is het enige feest waar een gigantische rij mannen staat aan het schuiven bij de toiletten en de vrouwentoiletten zo goed als leeg zijn. (lacht) Waarom heeft die evolutie van diversiteit niet plaatsgevonden in onze sector? Ik begrijp dat niet zo goed.”

Nu u het over blanke mannen van middelbare leeftijd hebt: die liggen dezer dagen stevig onder vuur. Wat vindt u daarvan, als lid van die groep?

“Wij worden inderdaad voor een heel aantal zaken met de vinger gewezen. Als het over ecologie gaat, wil ik toch enige nuance aanbrengen. Ik was al 27 toen ik voor de eerste keer vloog, en rond dezelfde leeftijd had ik mijn eerste auto. In de jaren 60 en 70 at ik enkel groenten en fruit uit de tuin van mijn vader. Dat geldt voor veel van mijn generatiegenoten.

“Ik vraag me oprecht af of het dat is waar men terug naartoe wil. Begrijp me niet verkeerd: ik sta daarvoor open, ik heb zelfs enige nostalgie naar een tijd waarin gezinnen langs de autosnelweg picknickten om naar de auto’s te kijken die voorbijkwamen, omdat auto’s nog zeldzaam waren. Het zou ook heel simpel zijn om ernaar terug te keren. Maak autorijden en vliegtuigen weer heel duur, en je kunt veel oplossen.”

Zodat enkel mensen zoals u kunnen blijven autorijden en vliegen?

“Ik zeg alleen maar dat die exclusiviteit ook in de jaren 60 en 70 gold. Een nichtje van mij, die ik heel graag heb en voor wie ik veel bewondering heb, ging vorig jaar op een donderdag mee betogen met de klimaatspijbelaars, en de dag erna vertrokken zij en haar vriendinnen met het vliegtuig naar Hamburg. Nogmaals: ik deed dat niet op haar leeftijd. 

“Ik wil daar geen grote standpunten mee verkondigen, ik wil vooral zeggen dat men een realistisch beeld moet hebben van waar men naartoe wil. Ik denk dat we veel mogen verwachten van technologische innovatie. Een nieuwe manier van soberheid zal ook nodig zijn. Een combinatie van die twee zou het beste zijn.”

Maar door wie? En vanaf wanneer? Vlaanderen gaat de Europese klimaatdoelen van 2020 niet meer halen, en wat met die van 2030 gebeurt, valt nog af te wachten.

“Ik vind in elk geval dat we in het rijke Westen een voortrekkersrol moeten spelen. Je kunt niet verwachten dat arme landen, waar mensen ’s morgens niet weten of ze ’s avonds eten zullen hebben, met ecologie bezig zijn.”

U schrijft ook over genetische upgrading. Stel dat er een serum op de markt komt waardoor je in één klap tien jaar jonger wordt, zou u dat dan nemen?

“Mijn uiterlijk is iets waar ik totaal niet mee bezig ben. (glimlacht) Ik ben een fiere, kale man. Maar als de wetenschap me in staat zou stellen gezonder langer te leven, dan zou ik daar wel gebruik van willen maken. Zeker om frisser van geest te blijven.

“Mijn geheugen upgraden vind ik ook een aantrekkelijk idee. Hoe ouder je wordt, hoe meer je vergeet, dat cliché is helaas waar. Anderzijds lijkt het me ook maar griezelig om helemaal niets meer te vergeten. Je moet dingen uit je geheugen kunnen blijven bannen, anders werkt het op den duur niet meer.”

Maar zo’n serum is wellicht ook louter voor de rijksten bestemd.

“Ja, en dat is een interessant gegeven, dat rijke mensen langer jong zullen blijven, terwijl het arme plebs dan maar moet aftakelen. Zoals ik schrijf in mijn boek: vroeger was iedereen gelijk voor Pietje de Dood, of hij nu koning was of slaaf. Maar de kans bestaat dat er twee soorten mensen komen: de elite die eeuwig leeft en de sukkelaars die moeten sterven. Misschien evolueert het niet zo radicaal als naar een eeuwig leven, maar het verschil zal er zijn. Dat houdt me wel bezig.”

Hoe gaat het overigens met Abdulfatah, de jonge vluchteling uit Somalië die u enkele jaren geleden als peter onder uw vleugels nam?

“Het gaat goed met hem. Je maakt als peter of meter echt een groot verschil voor een minderjarige niet-begeleide vluchteling, terwijl je daar geen gigantische inspanningen voor hoeft te doen. Ik denk soms zelfs dat ik er meer aan gehad heb dan hij. Het heeft me veel geleerd door zijn ogen de dingen te beleven.

“Het eerste jaar dat hij hier was, had hij het moeilijk. Logisch: hij miste zijn moeder en dat bepaalde alles. Je zult maar 14 jaar zijn en hier aankomen – natuurlijk mis je dan je moeder. Maar daar denk je niet aan als je hier geboren en getogen bent en weer eens een vreemdeling op een bankje ziet zitten die je wat bedreigend vindt overkomen.

Beeld Stefaan Temmerman

“Het bijzondere is dat je voor je ogen ziet hoe zo’n jongen hier langzaam wortel begint te schieten. Dat gaat van de eerste sneeuw zien tot samen Jommeke lezen. Hij is nu negentien jaar en studeert elektriciteit. De universiteit zal hij niet aankunnen, daarvoor is zijn abstract denkvermogen te weinig ontwikkeld in Somalië. Daar ging hij twee jaar naar de Koranschool, en het enige wat hij leerde was Arabisch en de Koran lezen. 

“Van zijn moeder heeft hij wel een fantastische opvoeding gehad op het vlak van ethische principes, afspraken nakomen en correct zijn. Hij zal dus een betrouwbare elektricien worden die zijn klanten goed bedient, maar daar ligt zijn limiet. Zijn kinderen zullen meer kans hebben om later naar de universiteit te gaan, omdat ze hier als kind al onderwijs gevolgd hebben.

“Vlak voor de zomer heeft Abdulfatah zijn ramadan gehouden. Hij is moslim, omdat het verwijst naar zijn thuis, maar zijn geloof is niet ideologisch onderbouwd. Mijn moeder, die heel katholiek is, bewondert hem daar erg voor. Ze kent geen enkele Vlaamse jongere die nog aan de vasten meedoet.”

Laten we nog even terugkeren naar de toekomst. Daar bent u dus hoopvol over?

“Ik weiger in elk geval aan doemdenken te doen. Dat zou ik niet aanvaardbaar vinden voor mezelf. En het is ook te gemakkelijk. Weerstand tegen vernieuwing is er altijd geweest. Plato was bezorgd dat het schrift zou leiden tot vergeetachtigheid. Over de televisie werd gezegd dat het de sociale cohesie van gezinnen zou kapotmaken. Maar vandaag, met de smartphone en de tablet, is de tv bijna een sociaal moment geworden in een gezin.

“Het is een illusie te denken dat zaken zoals de smartphone of de tv zijn tegen te houden. DPG Media-baas Christian Van Thillo zei ooit: ‘Technologie is zoals water: als het te krachtig is, vloeit het overal naartoe en is er geen dam die het zal stoppen.’

“Edison vond de geluidsdrager uit, en dat heeft een gigantische economie voor lp’s en cd’s teweeggebracht. Toen wij in 1996 met ons bedrijf begonnen, kochten we het gebouw met het voorschot van Universal op de cd’s die we in de toekomst gingen verkopen. Maar die economie is verdampt en muziek zit in de cloud. Als iemand vijftien jaar geleden gezegd had dat de toekomst van de muziek zich in de lucht ging afspelen, zou iedereen hem gek verklaard hebben.”

Koopt u zelf ook geen cd’s meer? Voor in de auto, bijvoorbeeld?

“Wel, toen ik me vier jaar geleden een nieuwe auto aanschafte, heb ik er snel één gekozen uit een catalogus, omdat auto’s me niet interesseren. Achteraf merkte ik ineens dat er geen gleuf was om cd’s in te steken. Dat vond ik lastig. Ik ben zo iemand die een schoendoos vol cd’s naar elke nieuwe auto mee verhuist. Sindsdien heb ik me een abonnement op iTunes en Spotify aangeschaft. Omdat het moest. En dat is dan toch weer een interessante wereld die opengaat.”

Wat is er met de doos gebeurd?

“Die staat ergens in de kelder. Misschien kan ze weer mee naar de volgende auto. Want dan ga ik op voorhand toch eens informeren of zo’n gleuf echt niet meer kan. (lacht)”

Hans Bourlon, De tijdreiziger, Manteau, 176 p., 19,99 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234