Dinsdag 20/08/2019

Graphic Novel

‘Star Trek’-acteur George ‘Sulu’ Takei vertelt over jeugd in Amerikaans detentiekamp in graphic novel

George Takei Beeld RV

82 is hij, maar pas nu vertelt George Takei - alias Sulu uit Star Trek - over zijn jeugd in een Amerikaans detentiekamp tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat zijn boek verschijnt nu ook de detentiekampen aan de Mexicaanse grens onder vuur liggen, is geen toeval. Want Takei is naast acteur ook een bekend activist. ‘Oude wreedheden komen opnieuw boven water.’

“Ik weet wat concentratiekampen zijn”, tweette George Takei in juni nog aan zijn drie miljoen volgers. “Ik kwam als kind terecht in twee zo’n kampen in de VS. En ja, we hebben opnieuw zo’n kampen geopend.”

De activist en voormalige Star Trek-acteur, die naast politieke ook vooral LGBTQ- en mensenrechten thema’s aanklaagt, wilde daarmee niet enkel de Amerikaanse detentiekampen aan de Mexicaanse grens bekritiseren, hij had ook een boek te promoten: de 200 pagina’s dikke graphic novel They called us enemy, waarin zijn turbulente leven als vierjarige tijdens de Tweede Wereldoorlog centraal staat. Takei was immers één van de 120.000 Japanse Amerikanen die onder het presidentschap van Franklin D. Roosevelt gevangen werd gehouden in detentiekampen. De oorzaak: de aanval op Pearl Harbour op 7 december 1941. Vier jaar zou zijn leven achter prikkeldraad duren. “Een vernederende, pijnlijke ervaring”, aldus Takei, die zijn verhaal liet neerschrijven door Justin Eisinger en Steven Scott, en met tekeningen van Harmony Becker.

Beelden uit ‘They called us enemy’. Beeld RV

Niet-assimileerbaar

Dat zoiets (zo snel) kon gebeuren, begrijpt Takei nog steeds niet. Al een dag na de aanval op Pearl Harbour richtten de Amerikanen zich op hun Japanse buren, wat al snel ontaardde in racisme en vernielingen van Japanse eigendommen. Takei beschrijft hoe plots ‘No Japs’-bordjes opdoken in vitrines, over het hele land ‘Lock them up!’ werd geschreeuwd en retoriek schering en inslag werd. Zo ook bij politici, die maar wat graag inspeelden op die gevoeligheden. Zoals de Californische procureur-generaal Earl Warren, die zich een weg vocht naar het gouverneurschap en gretig de taal van de straat overnam. Takei: “Hij zei dat er geen rapporten waren van spionage of sabotage, maar dat Japanners sowieso ondoorgrondelijk waren en je niet wist wat ze werkelijk dachten, en het daarom aangewezen was om ze preventief op te sluiten. De afwezigheid van enig bewijs, was volgens hem net het bewijs”.

Zowat elke politicus trok plots aan dezelfde kar. Ook Fletcher Bowron, de burgemeester van LA, waar Takei met zijn ouders woonde. Bowron verklaarde voor het Congres dat de Amerikaanse Japanners ‘niet-assimileerbaar’ waren. “Velen bedoelen het misschien wel goed, maar wie kan met zekerheid zeggen wat ze zullen doen bij de laatste test? ‘Wat zal hun bloed hen zeggen?”

Uiteindelijk zou president Roosevelt op 19 februari 1942, 74 dagen na de aanval op Pearl Harbour, executive order 9066 tekenen. Tien dagen later zou de hele westkust - Californië, Oregon, Washington en Arizona - uitgeroepen worden tot ‘militaire zone’. In de weken erna werden over het hele land alle Japanse Amerikanen gerapporteerd en uiteindelijk gedeporteerd. Maar voor het zover was werden eerst hun financiële activa en bankrekeningen bevroren en gold een avondklok. Amerikanen werden opgeroepen om als ware patriotten te waken over de uitvoering ervan.

Takei beschrijft het in zijn boek door de ogen van een kind, wiens levendigheid en nieuwsgierigheid hielp om die vier jaar te overbruggen. Een hard politiek pamflet wordt het daarom niet. Pas later, wanneer hij uit de kampen trekt en noodgedwongen op straat leeft en discriminatie aan de lijve ondervindt, begrijpt hij wat zijn ouders moesten doorstaan. Hij beschrijft verder zijn carrière als acteur en activist, walst doorheen de politiek van de afgelopen 70 jaar om te eindigen bij een tekening van een huilend meisje achter tralies. ‘Juni 2018, Oude wreedheden komen opnieuw boven water’, kopt het plaatje.

Hysterie

Geen toeval dus dat Takei de voorbije maanden door de Amerikaanse media werd opgevoerd. Zeker toen bleek dat latino-kinderen in dezelfde kampen terechtkwamen als die waarin de Japanse Amerikanen tijdens de Tweede Wereldoorlog verbleven. Op MSNBC omschreef Takei die beslissing als “een nieuw dieptepunt waarvan vele kinderen de negatieve impact hun hele leven lang zouden meedragen.” Hij gaf aan dat men niets van de geschiedenis had geleerd. “Toen wij gevangenen waren karikaturiseerden ze Japanse Amerikanen als potentiële spionnen en saboteurs, op dezelfde manier waarop men nu de latino’s aan de Mexicaanse grens omschrijft als moordenaars, verkrachters en drugdealers, of moslims kenmerkt als potentiële terroristen. Het is dat het achterlijke, hysterische idee dat kan doorgevoerd worden zonder proces, klachten of bewijsvoering. Enkel en alleen omdat we er zo uitzien (wijst naar zijn gezicht) of een ander geloof hanteren.”

Takei gaf aan dat zijn boek niet enkel over zijn jeugd of de detentiekampen gaat, maar ook over de vraag wat betekent het om een Amerikaan te zijn. En wie dat bepaalt…

They called us enemy (Engelstalig) verscheen bij Top Shelf 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden