Donderdag 14/11/2019

Interview

Schrijvers over hun grootste angst: ‘Ik twijfel tussen de klimaatproblematiek en extreemrechts populisme’

Dalilla Hermans. Beeld Bob Van Mol

De wereld draait door en gevaarlijke gekken regeren hem, maar wij gaan straks fijn naar de Boekenbeurs. We vroegen een uitgelezen gezelschap van Vlaamse en uitheemse schrijvers, eminente chroniqueurs van hun tijd, wat hun grootste angsten zijn. En of ze ons ook bang zullen maken met boeken. Leest en vreest!

“Mijn allergrootste angst? Mmm, ik twijfel heel erg tussen de klimaatproblematiek en extreemrechts populisme.” Dalilla Hermans, de schrijfster en opiniemaakster die voorlopig geen opinies meer wil maken voor de VRT, heeft aan angsten geen gebrek.

Hermans: “Als we het klimaat niet redden, gaan wij, of onze kinderen, vreselijke decennia tegemoet. Daar lijkt geen ontsnappen aan. Dat vind ik zeer beangstigend, maar het is ook nog redelijk abstract. Althans, hier bij ons in het Westen. De ruk naar extreemrechts heb ik zelf wel erg gevoeld. Aan den lijve, zeg maar. Die angst voelt acuter aan. En ik ben echt heel bang dat het nog verder uit de hand zal lopen. Dat het beleid nog onmenselijker wordt, het samenleven steeds moeilijker, en dat de reacties en de tegenreacties feller worden. En dat té veel mensen er gehavend uit zullen komen.”

Uw laatste boek, de thriller Black-out, ging over een internettrol met extreemrechtse sympathieën. Lucht schrijven op?

Hermans: “Soms, maar niet altijd. Angst en woede kunnen bij mij ook verlammend werken. Ik denk dat ik om die reden nog nooit over het klimaat heb geschreven, en weinig over vluchtelingen en over sommige conflictgebieden: omdat ik me zo ontzettend klein en machteloos voel tegenover die reusachtige problemen.”

U hebt een luide schaterlach. Hebt u soms geen zin om een potje onbezorgde escapeliteratuur te stoven en de problemen staalhard te ontkennen?

Hermans: “Creativiteit is een persoonlijk proces. Schrijvers, kunstenaars of muzikanten moeten hun eigen parcours volgen. Ik hoop dat er altijd mensen zullen zijn die pure fictie schrijven, grandioze poëzie die nergens over gaat, louter escapisme. We hebben een beetje van alles nodig. En we móéten niets. Maar als je naast schrijver ook columnist bent, zoals ik, vind ik wel dat je je huiswerk moet maken. Wie opiniërend wil schrijven, wie mensen wil overtuigen en geloofwaardig maatschappijkritisch wil zijn, heeft de plicht te weten wat er gaande is in de wereld.”

U hebt net beslist die opinies niet langer te ventileren via de programma’s van de openbare omroep, omdat u zich daar het ‘diverse’ wiel aan de wagen voelt. Betekent dat dat u zich méér gaat uitspreken via boeken en geschriften?

Hermans: “Ja, minder spreken, meer schrijven. En mijn column in De Standaard blijft mijn spreekbuis.”

Of betekent het dat u meer gaat zwijgen? Omdat de reacties die een geëngageerd schrijver en opiniemaker tegenwoordig krijgt, angstaanjagend worden?

Hermans: “Nee, zwijgen zie ik mezelf niet doen. (schaterlacht) Ik hoop wél dat ik ooit minder over racisme moet schrijven. Omdat het niet langer zo’n gigantisch probleem is. Of omdat er zoveel andere stemmen een platform krijgen dat ik de noodzaak niet meer zie.”

Peter Buwalda. Beeld ANP

Peter Buwalda: ‘Altijd crisis’

“Ik vind deze tijd beklemmend”, zegt Peter Buwalda, de schrijver van de monumentale romans Bonita Avenue en Otmars zonen. “Apocalyptisch is een groot woord. Maar er hangt dreiging in de lucht.”

Buwalda: “Ik heb het gevoel dat er van alles op til is, en ik ben níét benieuwd naar de uitkomst. Maar voorlopig heeft dat zich bij mij nog niet aangediend in de vorm van concrete angsten. En al evenmin als een lumineus idee voor een volgend boek.

“Als schrijver zie ik er weinig heil in om de maatschappelijke gebeurtenissen en fenomenen van vandaag gauw even om te zetten in fictie. Een roman schrijven is en blijft een verhaal verzinnen en personages creëren. De tijd waarin je leeft, sluipt vanzelf wel mee naar binnen. Hoe losser het verhaal staat van de waan van de dag, hoe interessanter ik het vind. Mijn favoriete boeken zijn niet degene die nadrukkelijk maatschappelijk relevant proberen te zijn, die ons de ogen willen openen of een standpunt uitventen, maar de tijdloze verhalen die daar net boven uitstijgen.”

Noem er eens twee.

Buwalda: “De avonden van Gerard Reve en Honderd jaar eenzaamheid van Gabriel García Márquez.”

Márquez was toch een bij uitstek politiek geëngageerde schrijver? Een gezworen vijand van de Zuid-Amerikaanse bananenrepublieken, en trouwe vriend van Fidel Castro en co.?

Buwalda: “Ja, maar ik heb Márquez niet nodig om te weten wat een bananenrepubliek is. Ik heb Márquez nodig voor zijn atypische, fonkelende stijl, dat gekke fictieve dorp Macondo en zijn curieuze personages. Ik heb hem ook nodig als ambachtelijk rolmodel: hoe hij zijn boeken opbouwt, hoe de tijd bij hem verstrijkt en toch niet voorbijgaat, hoe hij generaties in elkaar laat overvloeien. Schrijvers die een wereld bij elkaar fantaseren en die hun obsessies botvieren in hun boeken, bevallen mij het best.”

De tijd waarin u leeft uitdrukken, de polsslag van de wereld voelbaar maken in uw boeken: dat rekent u niet tot uw persoonlijke takenpakket?

Buwalda: “Er zijn natuurlijk verschillende soorten schrijvers, en je kunt er zelf maar één zijn. Ik ben inderdaad geen uitlegger, ik schrijf geen programmatorische of pamflettaire teksten. Een mening hebben mijn personages allemaal. Maar meestal worden ze tegengesproken of zelfs geridiculiseerd door een ander personage. (lacht) Eén van mijn columnbundels heet: Van mij valt niks te leren. De literatuur is volgens mij niet het beste middel om ideeën aan de man te brengen. Als ik dat wilde doen, had ik maar politicus moeten worden, of essayist.”

Vindt u het een aardige bijkomstigheid dat uw lezers een tijd zoet zijn als ze worden meegezogen in uw universum, in uw altijd ingenieus gecomponeerde en wijdvertakte verhalen? En dat ze dus eventjes compleet weg zijn van de echte wereld?

Buwalda: “Nee, dat vind ik geen leuk idee. En dat is ook niet wat mijn boeken met je doen, hoop ik. Otmars zonen zit vol met hedendaagsheid, machtsmisbruik, onderzoeksjournalistiek, onverkwikkelijke man-vrouwkwesties, #MeToo-verhalen. Maar dat is vanzelf ontstaan. Als je je verhaal en je personages diepte geeft, komt de wereld vanzelf mee. Dan worden fictie en werkelijkheid communicerende vaten.”

Zou u in een andere tijd andere boeken schrijven? Vrolijker, luchthartiger?

Buwalda: “Ik denk het niet. Trouwens, vrolijke tijden, zijn die er ooit geweest? Was er pakweg in de jaren 80 minder doom? Toen had je de angst voor De Bom. Nu zijn we bang voor de klimaatverandering en het virus van het nationalisme, terwijl die kernwapens er óók nog altijd zijn. Als ik terugkijk, heb ik soms de indruk dat het altijd crisis is geweest. Economische crisis, politieke crisis, morele crisis, migratiecrisis, oorlog. En tijdens al die crisissen zijn er fantastische boeken geschreven, die vaak beter waren naarmate ze minder over de crisis van de dag gingen, een uitzondering daargelaten.”

Ivo Victoria. Beeld Stefaan Temmerman

Ivo Victoria: ‘Koket geweld’

“Ik betwijfel of de wereld werkelijk doldraait”, zegt de in Amsterdam residerende Vlaamse schrijver Ivo Victoria, wiens jongste boek Alles is oké, over de dementie van zijn moeder, alom wordt geprezen.

Ivo Victoria: “Ik denk dat alles nu veel zichtbaarder is door de alomtegenwoordigheid van sociale media. De bewering dat de wereld doldraait, dreigt daardoor een self-fulfilling prophecy te worden. Los daarvan is mijn grootste angst de normvervaging en het toenemende gekoketteer met geweld onder een bepaalde groep jonge mensen. En parallel daarmee de teloorgang van elk historisch besef. De eerste generatie jongeren die geen enkele link met de Tweede Wereldoorlog meer heeft, wordt nu volwassen. Zelfs hun grootouders zijn na die oorlog geboren. Dat is mee de oorzaak van de welig tierende memecultuur op internetfora, waarin met alles wordt gelachen: met het nazisme en de Holocaust, met Syrië en IS… Maar ook van de nieuwe wapencultuur onder jongeren: airsoft guns worden steeds populairder.”

Zolang het maar geen echte pistolen zijn.

Victoria: “Dat was ook de reactie van een aantal recensenten toen ik die problematiek aansneed in mijn vorige roman Billie & Seb: ‘Jongens met speelgoedgeweren, moeten we ons dáár druk over maken?’ Ja dus, want ik vrees dat die cultuur tot een normalisering van wapenbezit én van geweld zal leiden. Die foto van Dries Van Langenhove waarop hij met een airsoft gun poseerde, was voor mij een bewijs dat ik juist zat met Billie & Seb. Dat boek wordt straks verfilmd, samen met Eva Cools (regisseur van ‘Cleo’, red.) ben ik het scenario aan het schrijven. We hebben met veel jongeren gepraat over memes, wapens en vreemdelingen, en over het gemak waarmee ze meegaan in het discours van Dries Van Langenhove en Vlaams Belang. Mijn angst is niet afgenomen, integendeel. De actualiteit heeft de fictie ingehaald en voorbijgestoken.”

Beschouwt u dat als een bewijs dat u de vinger aan de pols van deze tijd hebt?

Victoria: “Misschien, hoewel je in een echt goed boek voorbij de actuele anekdotiek moet kunnen kijken. Er moet een diepere laag zijn, een gevoel, een gemoedstoestand die de lezers bij zichzelf herkennen. Gelukkig zijn we machteloos, mijn tweede roman, ging over de onredelijke angst die veel mensen in zijn greep krijgt als ze niet rationeel kunnen verklaren wat hun overkomt. Een meisje verdwijnt en een oom van haar wordt er totaal ten onrechte van verdacht daar iets mee te maken te hebben. Hoe snel we alle redelijkheid verliezen als zoiets gebeurt, hoe we ons laten leiden door aannames en emoties, het wantrouwen dat dan in ons sluipt: dat is de diepere laag. En dat is nog steeds erg actueel, je ziet het nu voortdurend gebeuren op sociale media. White Noise, een roman uit 1985 van Don DeLillo, was een belangrijke inspiratiebron voor mijn boek. Daarin legt hij haarfijn bloot hoe we ons gek kunnen laten maken door een ongrijpbare, misschien zelfs onbestaande dreiging. Kortom, hoe wij vaak zelf onze grootste vijand zijn.”

Een snelschrijver van lekker weglezende escapeliteratuur is duidelijk niet aan u verloren gegaan.

Victoria: “Nee. Ik lees om na te denken. En wat ik schrijf, kan alleen maar gaan over wat mij bezighoudt en wat ik belangrijk vind. Soms zijn dat persoonlijke kwesties, zoals in Alles is oké – hoewel alzheimer ook heel actueel is, en de komende decennia nog veel actueler zal worden. Soms kies ik heel bewust een maatschappelijk thema, zoals in Gelukkig zijn we machteloos of Billie & Seb, maar ik probeer het altijd op zo’n manier uit te werken dat het boek over tien jaar nog steeds gelezen kan worden en iets betekent. Uiteindelijk gaat elk goed verhaal over mensen en hoe ze omgaan met elkaar, en met wat hun overkomt. De schrijver kan wel van alles vinden van de wereld, maar het verhaal dat hij vertelt, moet waar zijn. Niet in de letterlijke betekenis van ‘echt gebeurd’, maar in de zin van ‘waarachtig’. Doorleefd en doordacht. Ik geloof dat het Nick Cave was die zei: ‘Goeie songs gaan over wie ernaar luistert, slechte songs gaan over wie ze geschreven heeft.’ Dat geldt ook voor de literatuur. Een goed boek gaat over wie het leest, een slecht boek over wie het geschreven heeft.”

Lisa Taddeo. Beeld rv

Lisa Taddeo: ‘De dood. In al haar verschijningsvormen’

Zo onbevreesd en zelfverzekerd als ze lijkt in haar boeken, zo bang en onzeker is de Italiaans-Amerikaanse schrijfster Lisa Taddeo in werkelijkheid. Het internationale succes van Drie vrouwen, de bestseller over vrouwelijke lust, heeft daar tot haar grote spijt niets aan veranderd.

Wat is uw grootste angst?

“De dood. In al haar verschijningsvormen.”

Is uw angst louter rationeel, of overvalt hij u op de meest onverwachte momenten, als een steeds terugkerende nachtmerrie?

Taddeo: “Er zijn mensen die mij een geboren zwartkijker noemen, maar ik vind dat mijn angst rationeel is. Het is een feit dat het leven een loterij is, dat alles op elk moment kan gebeuren. Het ene moment is er niets aan de hand, en een vingerknip later ben je een vogel voor de kat. En alsof dat nog niet genoeg is, is de wereld van vandaag voor veel mensen een regelrechte hel. Wat zou ik willen dat ik mijn angsten kon wiegen als een baby, opdat ze zouden bedaren.”

Is uw angst substantieel toegenomen sinds u een dochter hebt?

Taddeo: “Met een factor duizend! Ik dacht vroeger al dat er geen banger mens bestond dan ik, maar nu is mijn angst pas echt wild en tomeloos. Hij terroriseert me elke dag. Kun je je inbeelden wat mijn geliefden moeten doorstaan door met mij samen te leven?”

Gebruikt u uw angst voor literaire doeleinden? Voedt hij uw boeken?

Taddeo: “Absoluut. Angst, woede en eenzaamheid zijn mijn thema’s. In mijn boeken gaan zij in alles en iedereen schuil. Grote passie gaat nu eenmaal gepaard met schurende pijn. Grote hoop en gruwelijke angst, dat is wat het leven voor ons in petto heeft. Dat kunnen we gewoon niet negeren – ik althans ben daar geestelijk en fysiek niet toe in staat. Mensen houden van happy endings, maar alles eindigt altijd met de dood, dat is de enige zekerheid. Ik heb te veel dood gezien, van te dichtbij, om nog in happy endings te geloven (Taddeo’s beide ouders zijn gestorven toen ze jong was, red.).”

Denkt u dat uw boeken helpen tegen uw eigen angst en tegen die van uw lezers?

Taddeo: “Ja en nee. Als denkend, lezend en vrezend wezen beschouw ik het als mijn taak om andere angstige, rouwende en eenzame mensen te helpen opdat ze zich minder alleen zouden voelen. Ik doe mijn stinkende best, maar hun diepste angsten wegnemen, daarin zal ik altijd tekortschieten, vrees ik. Als ik ze al niet aanwakker. Ik ben wie ik ben, ik krijg mezelf niet eens gesust.”

Kunt u zich voorstellen dat u ooit een onbezorgd boek schrijft?

Taddeo: “Nee.”

Stefan Hertmans. Beeld BELGAIMAGE

Stefan Hertmans: ‘Kanarie in koolmijn’

Het zal niet verbazen dat Stefan Hertmans, éminence grise, bestsellerschrijver en internationale literaire ster in één stijlvolle voordeelverpakking, het lijden van de mensheid en het falen van zijn leiders met haast filosofisch mededogen gadeslaat. En dat hij ook weet waarom we tegenwoordig zo bang zijn.

Hertmans: “De enige fundamentele angst van mensen is die voor lijden en pijn, en verlies van geliefden. Maar vandaag is er iets anders aan de hand: onze klassieke notie van angst raakt gekoppeld aan de vrees voor het lot van de mens als soort en dat van de planeet die we bewonen. Het gaat dus niet alleen meer om de angst voor het eigen lijfsbehoud, maar om het lot van de menselijke samenleving tout court. Dat is ongezien.”

Zou dat thema kunnen opduiken in een volgend boek van u?

Hertmans: “Vreemd genoeg heb ik het 25 jaar geleden al eens aangeraakt, in Naar Merelbeke: een onleefbare planeet, een leeg aardoppervlak, mensen die hun steden ondergronds bouwen...”

Terwijl we daar toen nog niet collectief van wakker lagen.

Hertmans: “(lacht) De verbeelding is een hond die gaat liggen waar hij wil, om het met een variant op Cees Nootebooms bekende uitspraak te zeggen. Hoe komt het dat iets een thema wordt in een roman? Er zijn twee mogelijkheden: ofwel omdat je dat van tevoren zo hebt besloten, ofwel omdat het plots opduikt, in de drive van het schrijven, zonder voorbedachten rade.

“Gottfried Benn heeft ooit een verhaal geschreven met de titel Der Radardenker. Als schrijver blijk je, tijdens en door het schrijven, zo’n radar te kunnen ontwikkelen die signalen opvangt. Je wordt een kanarie in de koolmijn. Het is het punt waar de werkelijkheid overgaat in verbeelding. Waarna de verbeelding de werkelijkheid op haar beurt een ander elan en een andere dimensie zal geven.

“Maar het overleven van de soort verbeelden, dat is nog iets heel anders dan de dood van een personage beschrijven. Er zijn al tal van romans en films gemaakt die de ondergang van de natuur zoals we die kennen in beeld of onder woorden brengen, maar wat het voor ons zal betekenen als het klimaat écht op hol slaat, zullen we toch maar te weten komen uit individuele ervaringen en verhalen. Net als film gaat literatuur vaak over de manier waarop de enkeling reageert op een collectieve uitdaging. Richard Powers heeft onlangs een wat mij betreft brandend actuele roman gepubliceerd, uitgaande van de ecologische crisis: Tot in de hemel. Maar tegelijk heeft dat verhaal ook alles te maken met zijn persoonlijke ervaringen in de Amerikaanse wouden. Men spreekt in dat verband al van een nieuw literair genre: ecofictie.”

Uw succesvolste romans, Oorlog en terpentijn en De bekeerlinge, gaan over het verleden.

Hertmans: “Klopt. Gebeurtenissen moeten eerst transformeren in je eigen verbeelding voor je ze een meer universele gestalte kunt geven. Daarom staat er geen vervaldatum op de actualiteit van verhalen. Ze kunnen over een verleden gaan waardoor we het heden anders gaan bekijken. Maar weinig romans die kort op de bal spelen, overleven de tand des tijds, omdat goede literatuur juist meer bezonkenheid vraagt. Thema’s kunnen het best een tijdje rijpen voor ze omgevormd worden tot iets wat ook voor anderen waarde heeft. Maar er zijn geen wetmatigheden. Soms gebeuren dingen spontaan, en blijkt het tijdloze aan het actuele te raken. Zoals toen ik een paar jaar geleden Antigone in Molenbeek schreef, over een jonge rechtenstudente, een moslima, die haar broer, een terrorist, wil begraven.

“Elke schrijver voelt hoe de actualiteit constant knabbelt aan de randen van zijn of haar verbeelding. Je staat altijd tussen een vorm van verleden en de actualiteit in.”

Bregje Hofstede. Beeld Joris Casaer

Bregje Hofstede: ‘Vast komen te zitten in een destructieve cirkel’

Bregje Hofstede, de jonge Nederlandse schrijfster en journaliste wier laatste boek, Drift, ging over haar eigen relatiebreuk, is niet te beroerd om het bij zichzelf te zoeken.

Hofstede: “De stuurloosheid die ik zie, bij anderen maar soms ook bij mezelf, jaagt me angst aan. Ik denk dat iedereen wel mensen kent die zich vastdraaien in een destructief patroon: ze drinken, gokken, maken schulden. Er is iets wat hen ongelukkig maakt, maar ze zijn niet in staat om dat te zien of om daar iets aan te doen. In plaats daarvan zoeken ze een uitweg die heel even verlichting biedt, maar hun probleem alleen maar groter maakt. Mijn grootste angst is dat we met z’n allen dat patroon blijven volgen. Individueel, door bijvoorbeeld maar spullen te blijven kopen als we ons rot en eenzaam voelen. En collectief, door op een totale klimaatramp af te blijven denderen, omdat we niet goed weten wat we anders zouden moeten doen en dan maar blijven streven naar méér van hetzelfde.”

Gaat u daar een boek over schrijven?

Hofstede: “Ja, dat ben ik wel van plan. Op dit moment ben ik erg bezig met de manieren waarop mensen zin proberen te geven aan hun leven, nadat de traditionele handvatten zijn weggevallen. Er gaan nog weinig mensen naar de kerk, en dus zoeken ze op allerlei andere manieren naar houvast. Hoe vinden we richting? En zal dat nog op tijd lukken?”

Vindt u het een godsgeschenk om met zo’n thema aan de slag te kunnen, of is het een hondsmoeilijke opdracht waarmee u uzelf opzadelt?

Hofstede: “Elk boek is een moeilijke oefening én iets heerlijks. En elk boek helpt me om de wereld iets beter te begrijpen. ‘Godsgeschenk’ is wel een mooi woord in deze context. Misschien gaat het eerder om de erfenis van een overleden God. Is die erfenis een schat, of erven we schulden? Ik weet het nog niet. Ik praat niet graag over een boek dat nog niet af is.”

Is een goede schrijver per definitie een geëngageerde schrijver?

Hofstede: “Ja en nee. Ik vind niet dat elke schrijver geëngageerde boeken moet schrijven, of dat je je in elke roman rekenschap zou moeten geven van de vluchtelingencrisis of de klimaatramp. In veel gevallen zou dat doodgeboren proza opleveren. Ik denk wél dat elke schrijver die het lezen waard is, de werkelijkheid op zijn of haar specifieke manier tegemoet treedt en de confrontatie aangaat met die werkelijkheid, inclusief de verschrikkelijke kanten ervan. Dat kan trouwens op allerlei manieren. Een schrijver die afdaalt in de krochten van de menselijke ziel, kan evengoed een verhaal afleveren dat de lezer helpt om de wereld het hoofd te bieden. En een schrijver die de werkelijkheid verdraait en vervormt, kan juist helpen om die werkelijkheid extra scherp te zien. Kijk maar naar Margaret Atwood. De bizarre werelden die zij schept, behoren tot de meest relevante en actuele literatuur van nu.”

Hebt u soms geen zin om te ontsnappen aan het getob en een wild en zorgeloos boek te schrijven?

Hofstede: “Ik denk dat geen enkel boek ons uit de wereld laat ontsnappen. Wel kan een boek ons een tijdelijke schuilplaats bieden vanwaaruit we de wereld op een heel andere manier kunnen bekijken. Maar niemand kan zich onttrekken aan de tijd waarin zij of hij leeft, ook ik niet. De schrijver is ook maar een oester die is gestrand op een bepaalde plek, op een bepaald moment in de geschiedenis, en die het moet doen met wat er toevallig langsstroomt. Afhankelijk van de gevoeligheden en de eigenaardigheden van je geest blijven er dingen hangen, dingen die je irriteren, die je wakker houden en die je niet meer kwijtraakt – en daar maak je dan je parel van.”

De Boekenbeurs vindt nog plaats van morgen tot maandag 11 november in Antwerp Expo. Info en tickets: boekenbeurs.be

© Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234