Maandag 18/11/2019

Concertrecensie

Sam Fender in de Botanique: sexy posterboy moet de rock-’n-roll redden ★★★★☆

Brits singer-songwriter Sam Fender (BBC's Sound of 2018) tijdens Les Nuits Botanique 2019 – Brussel, op 28 april 2019. Beeld Damon De Backer

Sam Fender schoot recht in de roos op Les Nuits Botanique. De jonge Brit balanceerde moeiteloos tussen een ijzig cool en gloeiende bezieling. Zal dit popventje de koploper van de nieuwe rocklichting worden?

“Jullie zijn zo’n respectvol publiek”, sprak Sam Fender oprecht verbaasd. “Het is alsof ik in de opera speel. Mijn concert in Glasgow was beslist anders.” De introverte houding van de Belgische muziekliefhebbers zou een concert lang voer blijven voor een running joke, tot jolijt van de balorigsten in de zaal. Niet dat het de jonge singer-songwriter uit het Britse North Shields deerde. Fender toonde zich in de Botanique onaantastbaar en koelbloedig. Tegelijk kwam hij bij momenten ontwapenend droogkomisch uit de hoek. “Op de affiche van mijn Amsterdamse concert staat dat ik een Ierse zanger ben”, klonk het, “Typisch dat ze de Geordies en de Ieren weer door elkaar halen. Nu ja, ook wij spreken met een raar accent. En ook wij zijn alcoholici.”

Dat Fender dit Botaniqueconcert met één vinger in de neus uitverkocht, voorspelde al dat hij the next big thing in de alternatieve pop is. Aan de andere kant van de Noordzee doet deze 25-jarige pretty boy het evenmin ondermaats. Hij gooide hoge ogen in de televisieshow Later…With Jools Holland, eind vorig jaar, veroverde een gegeerd plekje in de BBC Sound Of 2018, verpatste zijn liedje ‘Play God’ aan de game FIFA 19 en mocht toeren in het voorprogramma van goudhaantje George Ezra. Begin dit jaar won hij de Brits Critic’s Choice-award, een prestigieuze muziekindustrieprijs die in het verleden naar Adele, Ellie Goulding en Sam Smith ging. Hij krijgt de steun van een shitload aan invloedrijke radio-dj’s én zag zijn Spotify-streams tot voorbij de elf miljoen schieten.

En dat allemaal met een blitse rocksound die de fans van het genre de broodnodige hoop in bange dagen biedt. Want hoewel de media lopen te toeteren dat de rock-’n-roll aan een heropleving toe is, zoeken de koffiedikkijkers hun heil op de verkeerde plek. Het zijn niet de veelgeprezen alternatieve hipsterbands zoals Shame, Idles, Fontaines D.C., black midi of ons eigen Sons die de gitaren opnieuw bij een breder publiek zullen brengen. Hoe uitstekend die groepen ook mogen zijn, ze kunnen geen ingang vinden bij een mainstream waar hiphop en EDM-pop een onwrikbare monopoliepositie bekleden. Een rockrevolutie zoals die in de grungejaren of zoals de New Yorkse retrorockrevival van de noughties blijft bijgevolg uit.

Dan moet de verandering komen van gitaarbands die de popvocabulaire beheersen, die de scherpste kantjes er willen afvijlen en die schaamteloos op de grote emoties mikken of een blik feelgood durven opentrekken. De renaissance van de rock zou dus weleens in de mainstream kunnen plaatsvinden in plaats van in het ondergrondse. Kijk naar felgestreamde heavy hitters zoals Yungblud, Pale Waves of Fidlar: popbands met gitaren die door fans van het ruige gitaarwerk wellicht worden verguisd. Sam Fender hoort in dat rijtje thuis, hoewel hij eleganter koorddanst tussen pop en indie dan bovengenoemde nieuwlichters.

Brits singer-songwriter Sam Fender (BBC's Sound of 2018) tijdens Les Nuits Botanique 2019 - Brussel, op 28 april 2019. Beeld Damon De Backer

Kedeng-kedeng

In de Botanique verleidde hij de alternativo’s met de rammelende Replacements-vibe van ‘Millennial’ (“Sit back, relax / Watch the world collapse / as they rob your tomorrow / You’re forced to borrow”, klonk het cynisch). Of met het kurkdroog raggende ‘Will We Talk In The Morning?’ dat was getooid met een prachtige, weemoedige zanglijn. Ook ‘Start Again’ koketteerde met een jengelende Lemonheads-gitaar maar drapeerde er een zonnig fladderende zangmelodie over. Fenders ritmes zijn steevast ultra-energiek en vierkant: weinig swagger, veel kedeng-kedeng. Kijk eens, altijd ervan gedroomd ooit Guus Meeuwis te kunnen citeren.

Wanneer Fender nu en dan een onverwachte bluesfrasering door zijn wat egale white boy-croon weefde, kroop het kippenvel tot in je nek. ‘All Is On My Side’ was een fonkelende meezinger die The War On Drugs wellicht niet durft te schrijven, wegens té catchy. In ‘The Borders’ huisde er een toefje Ryan Adams, evenals een loeiende gitaarsolo met een zinderende sustain. ‘Dead Boys’, dat Fender schreef na de zelfmoord van twee vrienden, outte zich als een opzwepende gitaarpopparel, ondanks zijn macabere thema: tragisch en onoverwinnelijk tegelijk, wanhopig maar vol panache. “We all tussle with the black dog”, zong Fender, “Some out loud and some in silence / Everybody ‘round here just drinks / Cause that’s our culture”. Dat kuchje in uw keel is een krop.

Jeff Buckley achterna

Met zijn begeleidingsband in de rug deed Fenders sound erg New Yorks aan. Denk: Television met poprefreinen. Maar solo, aan het einde van de show, trippelde de zanger op kousenvoeten richting Live at Sin-é van Jeff Buckley. Niet alleen omdat hij over hetzelfde soort sexy jukbeenderen beschikt als wijlen Buckley, maar omdat hij er zijn in de blues gedrenkte zangtics etaleerde over etherisch echoënde gitaarakkoorden. Toegegeven, zo onwerelds als Buckley is hij (nog) niet, maar hij beschikt over een gloedvolle, unheimische stem die nog talloze meisjesharten zal breken.

De radiohits onderstreepten dat Fender meer voor de gitaarmuziek kan doen dan de hippe postpunks uit de underground. ‘Hypersonic Missiles’ knetterde furieus met een Clarence Clemonce-saxofoon uit een sampler (“Als jullie mijn platen blijven kopen, zal ik me hopelijk ooit een échte saxofonist kunnen veroorloven”). Het onverwoestbare ‘That Sound’ liet argeloos metalige riffs clashen met Fenders smachtende zang. Enorm, ja.

U hoort nog van hem. Als u zich tenminste voor zijn passionele pop durft open te stellen. Vergeet intussen niet naar adem te happen.

Gezien op 28 april in de Botanique, Brussel

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234