Vrijdag 20/05/2022

Review

Robin Verheyen Quartet in AB: de universele taal van de muziek

null Beeld Alex Vanhee
Beeld Alex Vanhee

"I never know what language to speak in Brussels, so I'll just go with English," begroette saxofonist Robin Verheyen zijn honderdkoppige publiek in de AB Club. Het had evengoed Swahili mogen zijn: vanavond sprak hij vooral de universele taal van de muziek.

Vincent Van Peer

Voor wie de man niet kent en uit vage interesse op dit artikel heeft geklikt: hij is het ondertussen al behoorlijk uit de kluiten gewassen wonderkind van de Belgische jazz, die tien jaar geleden in New York ging studeren, en altijd in de stad is blijven plakken. Waar zou je, om jazz te beleven, anders ook naartoe moeten?

Zelf speelt hij tenor-, alt- en sopraansaxofoon - gisterenvanavond zou hij vooral die laatste ter hand nemen - en in de andere posities van zijn klassieke kwartet rekruteerde hij Russ Johnson (trompet), Drew Gress (bas) en Jeff Davis (drums), schoon volk dat op hun gezamenlijke cv al onder meer Bill Frisell, Marc Ribot en Jack DeJohnette heeft staan. Normaal moet je voor jazz naar New York; nu kwam New York voor het gemak eens naar België.

Er werd afgetrapt met het fantastische nummer 'Half-Off': na 'Re Run Home' van Kamasi Washington misschien wel de beste jazzcompositie van vorig jaar. Daarin gingen saxofoon en trompet meteen in dialoog; zonder twijfel hét koppel van de avond, die twee. Wanneer bas en drums eindelijk invielen, wilden die de gemoederen niet bedaren, maar wel oppoken. Het klonk soms alsof de vier instrumenten allemaal op een andere planeet zaten, maar je weet dat je naar een goeie groep zit te kijken als de resulterende semi-chaos altijd honderd procent steek blijft houden.

Toegegeven, mensen die jazz zien als iets dat je opzet tijdens het dessert, zullen de muziek van het Robin Verheyen Quartet niet graag horen, maar dat is oké; Norah Jones moet ook cd's verkopen. De manier waarop afgewisseld werd tussen solo's, melodische herkenbaarheid (ta-ta-ta-dáá-dáá!) en vrijere improvisatie was tijdens heel 'Half-Off' - en bij uitbreiding de hele set - naadloos en ook wel indrukwekkend.

null Beeld Alex Vanhee
Beeld Alex Vanhee

Internetbio's vertelden mij op voorhand dat Verheyens laatste plaat, A Look Beyond - die vanavond bijna integraal gespeeld werd - geïnspireerd is op werk van de componist Olivier Messiaen enerzijds en op Senegalese muziek anderzijds, maar zover reikt mijn muziektheoretische kennis niet. Ik hoorde wél: 'Gewel', dat opende met een drumsolo die klonk als metalen straatpercussie. Hard, strak, in your face. Daarna begonnen trompet en sax weer met elkaar te dansen - ze konden hun ogen nooit lang van elkaar afhouden en hun baasjes gingen graag mee in het liefdesspel. Elke keer dat ze elkaar aflosten en dan - op net het juiste moment - terug in elkaars arm haakten, was een emotioneel bevredigend moment: een luide klik. Jazz is namelijk ook: de luisteraar nu eens gidsen, dan weer volledig loslaten en af en toe zachtjes bijsturen. Je voelt je als toeschouwer volledig vrij om te focussen op wat dan ook, tot één bepaald instrument invalt met de juiste noten en je weet: "Ah, het was altijd de bedoeling dat ik híér zou uitkomen."

Het tweeluik 'Prelude'/'Beyond Illuminations' was dan weer iets totaal anders dan wat ervoor kwam: filmischer, drukkender, droever. Denk aan de soundtrack bij een begrafenisscène van een maffiafilm uit de jaren 70. Het begin was zo zacht dat je een speld kon horen vallen en het gesprek van twee kerels aan de bar kon volgen. De inzet van Robins sopraansax even later was even minimaal als - om in Amerikaanse sferen te blijven - unsettling. Na een maffiafilm, moest ik ook nog denken aan een bepaald lugubere aflevering van Twin Peaks. De bassolo - de enige uit de set - toonde aan hoe diep een bas kan gaan, en toen daarna de sax eindelijk op volle kracht boven de doemsfeer kwam fladderen, was dat een opluchting. Wéér vielen trompet en sax op exact het juiste moment samen in, en wéér was dat een kippenvelmoment.

Tijdens 'Senegal Revisited' probeerde ik nog wat referentiepunten aan te stippen, voor later gebruik in dit artikel. Crescent en Africa/Brass van John Coltrane kwamen voor de geest, maar de ene plaat heeft een piano in plaats van een trompet, en de andere gebruikt een heel orkest. Ik denk ook vaak aan Coltrane terwijl ik mijn cornflakes opeet, dus dat wil niet noodzakelijk iets zeggen. Verder geen notities meer in mijn boekje. Waarmee ik maar bedoel: dit was iets dat ik nog geen duizend keer had gehoord, en dat mij al eens op het verkeerde been zette - zalig gevoel. Modérne jazz.

Een tijd geleden heb ik een aantal avonden meegemaakt in de Village Vanguard, de legendarische jazzclub. Dit kwartet is eigenlijk voorbestemd om dáár te spelen, maar het is geweldig dat ze in Brussel waren.

null Beeld Alex Vanhee
Beeld Alex Vanhee
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234