Zondag 21/07/2019

High Life

Robert Pattinson in 'High Life': “Ik wil bewijzen dat ik méér ben dan een humorloze vampier”

Robert Pattinson in 'High Life'. Beeld RV

Er was een tijd dat Robert Pattinson er een dagtaak aan had om de hyperventilerende bakvissen van zich af te slaan. Maar de laatste jaren heeft de ster uit de vampierensaga Twilight zich van een opgejaagd tieneridool ontpopt tot een intrigerende karakteracteur.

High Life is zijn meest uitdagende worp tot nu toe: een verontrustende sciencefictionfilm die werd geschreven en geregisseerd door de befaamde Franse cineaste Claire Denis.

Ze zijn er nog, de hyperventilerende fans, maar niet langer met massa’s. Aan de ingang van het luxehotel waar we Pattinson mogen interviewen, staan niet meer dan twintig meisjes die straks een selfie met R-Patz hopen te maken. Ze zullen vermoedelijk geschokt opkijken wanneer ze hun idool aan het werk zien in High Life. Pattinson (32) vertolkt een veroordeelde crimineel die samen met enkele andere gevangenen in een ruimteschip op weg is naar een zwart gat. In de inktzwarte duisternis ontspint zich evenwel geen wervelend spektakel in de stijl van Star Wars, maar een hypnotiserend drama waarbij de gedoemde gevangenen als proefkonijnen worden gebruikt in een reeks bizarre seksuele experimenten. 

De openingsscène van High Life is magistraal. Monte, jouw personage, is bezig met herstellingen aan de romp van het ruimteschip. Via een microfoon spreekt hij sussend een baby toe die in het schip ligt te huilen.

Robert Pattinson (lurkend aan een e-sigaret): “Aanvankelijk hadden we voor de rol van Willow, de baby, een identieke tweeling gecast. De avond vóór we aan die scènes begonnen, zei Claire: ‘Misschien moet je maar even met die twee ukken gaan kennismaken, zodat jullie gewend raken aan elkaar.’ Ik ging ervan uit dat ze via een agentschap de twee makkelijkste baby-acteurs van de wereld hadden ingehuurd, maar zodra ze me zagen, begonnen ze allebei luid en onophoudelijk te krijsen. Ze waren doodsbang van me! Ik heb enkele uren met hen proberen te spelen, maar het had totaal geen zin. En er waren twee weken opnamen gepland met die baby’s!

“Diezelfde avond nog heb ik naar mijn vriend Sam gebeld, wiens dochtertje van 13 maanden ik al eens had ontmoet. Ik vroeg: ‘Hey, Sam, wat doe je de komende twee weken? Denk je dat je dochter Scarlet in een film wil meespelen?’ De volgende dag stond ik samen met Scarlet voor de camera, en ze heeft het schitterend gedaan. Ze heeft zelfs haar eerste stapjes op de set gezet!”

Lees ook 

De recensie van ‘High Life’:meer dan wat seksuele experimenten op een ruimteschip 

Wat ruimtefilms ons over aardbewoners vertellen

Monte is een mysterieuze man die deelneemt aan een missie naar de verste uithoeken van het heelal. Hoe benader je zo’n rol?

“Ik vroeg me krek hetzelfde af toen ik voor High Life tekende. Ik had niet zoveel stof om mee aan de slag te gaan: in het begin was er zelfs geen script, alleen een korte schets van 25 bladzijden. Waarin niet eens stond wat nu eigenlijk het doel was van de missie. Waar komen die gevangenen vandaan? Wat vreten ze uit op dat schip? Waar komt die baby vandaan? Wie is die Monte eigenlijk? In die schets stond geen enkel detail, maar dat kon me geen reet schelen. Ik wilde gewoon met Claire Denis werken.

“Toen de start van de opnamen dichterbij kwam, heb ik dan toch om meer achtergrondinformatie gevraagd. Maar hoe meer vragen over Monte ik aan Claire stelde, over de aard van zijn misdaad bijvoorbeeld, hoe terughoudender ze werd. En daar werd ik best wel zenuwachtig van. Ik ben nu eenmaal zo’n acteur die altijd alles wil weten over de drijfveren en de karaktertrekken van mijn personage. Heeft Monte zijn ouders vermoord? Heeft hij in zijn kindertijd een trauma opgelopen? Waarom gedraagt hij zich zo raar? Claire heeft me doen inzien dat het vaak nutteloos is, en zelfs idioot, om een rol op die manier te benaderen. Nou, dat had iemand me dan weleens aan het begin van mijn carrière mogen vertellen (lacht).

“Maar het bleef lastig. Twee weken voor de start van de opnamen ben ik in Keulen gaan lunchen met Juliette Binoche (die in High Life de rol van een perverse dokteres vertolkt, red.). Tijdens die lunch kreeg ik een regelrechte paniekaanval: ‘Ik weet geen bal over mijn personage! Ik heb dringend meer informatie nodig!’ Juliette, die al eerder met Claire had gewerkt, haalde eens luchtig haar schouders op: ‘Waarom?’ Een antwoord dat me niet bepaald geruststelde (lacht). 

“Na de lunch bezochten we een museum, waar mijn oog viel op een beeldhouwwerk. Ik zei tegen Juliette: ‘Ik weet niet waarom, maar dit kunstwerk doet me denken aan mijn rol. Ik denk dat dit beeld de essentie van mijn personage belichaamt!’ Ik maakte er een foto van en stuurde die door naar Claire, en zij stuurde meteen een bericht terug: ‘Je hébt het!’ (Pauzeert even) Nu ik mezelf bezig hoor, realiseer ik me dat het allemaal wel héél raar en abstract klinkt. En een beetje belachelijk (lacht).”

Welk beeldhouwwerk was dat?

“Het was het beeld van een vrouw die borstvoeding geeft. De manier waarop die vrouw haar baby vasthield, deed me in één flits beseffen dat alles in High Life draait rond de relatie tussen Monte en Willow. Het punt is: alles wat ik dacht te weten over acteren, heb ik dankzij Claire leren loslaten. Zij heeft me geleerd om alle voorbereidingen overboord te gooien, en om me meer te laten meedrijven door de energie van het moment. Om me helemaal te laten gaan op de vibe die op de set voelbaar is. 

“In het begin had ik het daar knap lastig mee – misschien omdat ik een Brit ben. Britten gedragen zich traditiegetrouw nogal stijfjes. We durven ons niet makkelijk te laten gaan, maar ineens werd me gevraagd om in mijn onderbroek rond te rennen in de claustrofobische gangen van een ruimteschip. En het voelde nog bevrijdend ook!”

Klopt het dat je zo graag met Claire Denis wilde werken dat je haar zelf hebt benaderd?

“Zeg maar dat ik haar jarenlang heb gestalkt! Toen ik in 2011 of 2012 White Material zag, een unieke film waar ik echt gek van was, dacht ik onmiddellijk: met haar wil ik werken. Afgaande op haar oeuvre dacht ik dat ze een intellectuele en intimiderende kunstenares zou zijn, maar in werkelijkheid is ze een buitengewoon grappige en ontwapenende vrouw. Een tikkeltje excentriek ook: precies het soort regisseur waar ik van hou. Pas op: Claire is misschien klein van gestalte, maar op de set kan ze zich gedragen als een gigantische tiran! Soms moet dat ook. Op een filmset staan tweehonderd mensen. Als je wil dat die allemaal precies doen wat jij zegt, kun je soms niet anders dan de zweep bovenhalen.”

Ze vond je aanvankelijk te jong voor de rol. En ze had ook twijfels over je uiterlijk, dat ze te iconisch vond. Hoe heb je haar overtuigd?

“Door haar te laten zien dat ik met sprekend gemak een oude knar kan vertolken (lacht). En door lang met haar te babbelen. Ik denk dat ze uiteindelijk wel zag dat ik de rol zou aankunnen.”

Iemand omschreef High Life als kinky sciencefiction. Hoe zou jij de film omschrijven?

“Kinky sciencefiction... Hmmm, klinkt wel goed. Want er zit wel wat schunnigheid in de film, nietwaar? Ik bedoel: we hebben het hier over een film waarin een belangrijke rol is weggelegd voor een machine die The Fuckbox wordt genoemd! (lacht) Oorspronkelijk zat er ook een waanzinnige scène in waarin André Benjamin (alias Andre 3000, die één van de gevangenen vertolkt, red.) en ik een lang gesprek voeren over The Fuckbox. Je hoort ons de hele tijd doodserieus praten over het oogsten van sperma en over het vinden van energiebronnen om The Fuckbox aan te drijven... Ik was eigenlijk niet verrast dat Claire hem eruit heeft gesneden: het ‘What the fuck?!’-gehalte lag eenvoudigweg té hoog. Maar laat dat nu net de reden zijn waarom ik de film wilde doen.”

Krankzinnig

Ben je niet bang dat die scènes het publiek zullen afschrikken?

“Dat is al gebeurd. Tijdens de wereldpremière op het filmfestival van Toronto liep de helft van het publiek de zaal uit. Tijdens de scène waarin je uit een stel blote borsten melk ziet lekken, kon je de toeschouwers horen kreunen van afgrijzen: ‘Aaaah! Walgelijk!’ Waarna nog eens honderd mensen opstapten (lacht). Ik zat naast Claire, en ik weet nog dat we tegen elkaar fluisterden: ‘Oeioei, dit hadden we niet verwacht.’”

Neem je die negatieve reacties persoonlijk op? Blijf je verweesd achter?

“Neen. Ik vind de film zelf erg goed, en op een duivelse manier heel erg grappig, en dat is het enige wat telt. Wat de anderen ervan vinden: I don’t give a shit. Al begrijp ik wel dat veel mensen op de film afknappen. High Life vertelt het stikdonkere verhaal van enkele mensen die voor eeuwig op drift zijn in het heelal en elkaar verkrachten en vermoorden. Niet bepaald het soort film waarvan je zegt: ‘O, charmant!’ (lacht). Bovendien suggereert de film dat Monte er een incestueuze relatie op nahoudt met zijn dochter... Wow!”

En om het plaatje compleet te maken, bevat de film ook nog eens één van de meest geflipte seksscènes ooit.

“Eigenlijk word ik gewoon verkracht door Juliette Binoche (lacht). Gevolgd door een scène waarin je Juliette mijn sperma uit haar geslachtsorgaan ziet scheppen, waarna je haar met mijn zaad door het schip ziet stappen als betreft het een heilige relikwie: hilarisch! (lacht) Ik vind Juliette de coolste dame van de wereld. Niet veel actrices zouden het aandurven om zo’n krankzinnige seksscène te spelen, maar Juliette vind zoiets ongelooflijk grappig. Tussen de opnamen door lagen we te huilen van het lachen.”

Adam Driver vertelde me ooit dat hij letterlijk moet overgeven wanneer hij zichzelf op het scherm ziet. Herkenbaar?

“Ik voel met hem mee, maar zelf vind ik het helemaal niet erg om mezelf op het grote scherm te zien afgaan (lacht). Ik heb het slechts één keer meegemaakt dat ik in een bioscoopzaal misselijk werd, en dat was toen ik ging kijken naar mijn allereerste film Vanity Fair, waarin ik de zoon speel van Reese Witherspoon. Ik was apetrots dat ik in een prestigieuze Hollywood-film had meegespeeld – alleen waren ze mij vergeten te vertellen dat mijn rol er helemaal was uitgeknipt. Daar zat ik in die zaal, wachtend op mijn grote scène (lacht).”

Hoe kijk je terug op de Twilight-films? Met grote trots, of met enige gêne?

“Het was vooral de gekte rónd de films die mij verbijsterde. Toen ik eraan begon, wist ik niet eens dat die boeken van Stephenie Meyer zo populair waren. Regisseuse Catherine Hardwicke had met Thirteen en Lords of Dogtown net twee goed ontvangen arthousefilms gedraaid, wat mij deed geloven dat Twilight een kleine indiefilm ging worden. Ik vond het dan ook een beetje lachwekkend toen ik ineens die gillende tieners langs de set zag staan. Ik kon die massale belangstelling voor mijn persoontje niet goed plaatsen; het voelde allemaal heel erg surreëel. Op de wereldpremière barstte de hel helemáál los. Toen ik in die zaal zat, met mijn vrienden en mijn familie, begon ik pas écht door te krijgen dat miljoenen en miljoenen mensen naar die film zouden gaan kijken. Het voelde waanzinnig, maar ook dat gevoel went, hoor.”

In Cosmopolis laat je je rectum onderzoeken, in Good Time speel je een seksscène met een minderjarig meisje, in High Life heb je een bizarre vrijscène met Juliette Binoche. Het lijkt wel alsof je dit soort ontregelende scènes doelbewust speelt om af te rekenen met je imago van posterboy.

“Nee, ik probeer niet bewust te choqueren of provoceren. De films die ik de afgelopen jaren heb gemaakt, vormen géén opgeheven middelvinger naar de Twilight-saga.”

Het valt toch op dat je na Twilight met gereputeerde regisseurs als David Cronenberg, Werner Herzog, Anton Corbijn en Claire Denis bent gaan werken. Omdat je eindelijk serieus wil worden genomen?

“Het is waar dat ik word gedreven door de ambitie om aan de wereld te laten zien dat ik een gedegen acteur ben. Dat ik méér kan zijn dan die humorloze vampier (lacht).

“Kijk, in de beginjaren voelde ik me net een bedrieger. Ik had nooit acteerlessen gevolgd en had geen flauw idee wat ik aan het doen was, maar het vak beviel me wel. Ik had in die eerste jaren geen hoge verwachtingen en was tevreden met elke rol die in mijn schoot viel, maar na verloop van tijd begon er iets te knagen. Nu ben ik op het punt gekomen dat ik niet langer zomaar wat wil aanmodderen, maar echt iets speciaals wil toevoegen aan de films waarin ik meespeel. Ik wil bewijzen dat ik het waard ben om een bekend acteur te worden genoemd.”

Is dat al gelukt?

“Ik ben er nog altijd niet van overtuigd dat ik een goed acteur ben. Het is raar. Soms denk ik van mezelf dat ik op een set heel slecht bezig ben, en ineens zegt de regisseur: ‘Knap, Robert!’ Maar ik heb het ook al meegemaakt dat de regisseur na een opname zegt: ‘Dat was reteslecht, Robert. En het ligt volledig aan jou.’ Wel, dat is wat ik een slechte dag noem (lacht).”

Is dat niet vernederend?

“O, maar vernedering is goed! Van jezelf denken dat je geweldig bent, om vervolgens te moeten vaststellen dat je suckt: dat is voor mij de pijnlijkste vorm van ontgoocheling. Dus begin ik altijd aan een film met de laagst mogelijke verwachtingen en met de gedachte dat ik zo waardeloos ben als een drol. Om achteraf héél af en toe met enige trots te kunnen vaststellen dat het eindresultaat ergens op lijkt.”

Ben je nooit bang om te worden ontslagen?

“Constant. Gelukkig zijn mijn contracten zo opgesteld dat het haast onmogelijk is om mij te ontslaan (lacht).”

Je maakt er de laatste jaren de gewoonte van om zelf je regisseurs te zoeken. Zo heb je niet alleen Claire Denis gestalkt, maar ook de broers Safdie, met wie je in 2017 het schitterende Good Time hebt gemaakt.

“De goeie rollen liggen niet zomaar voor het oprapen. Je kunt dus maar beter zelf wat moeite doen. Ik ben voortdurend op zoek naar frisse talenten en zie verschrikkelijk veel films, vooral op festivals. Zo heb ik de Safdies leren kennen: ik zag de trailer van hun film Heaven Knows What, en ik wist dat ze uniek waren. In zo’n geval komt ook de roem die ik aan Twilight heb overgehouden goed van pas. Als ik mijn naam aan een project verbind, dan zal het iets makkelijker groen licht krijgen, ook al kent niemand de regisseur.”

Maar is je naam groot genoeg om het publiek in dichte drommen naar High Life te krijgen?

“De dag van vandaag is geen énkele naam nog groot genoeg om het publiek massaal naar de bioscoop te lokken. De mensen gaan tegenwoordig naar de cinema voor de superhelden, of voor de actie, of voor de speciale effecten, niet voor de naam van één specifieke acteur of actrice. Volgens mij is Daniel Day-Lewis de enige die nog toeschouwers kan lokken op basis van zijn naam en zijn reputatie; iederéén wil wel zijn nieuwe indrukwekkende krachttoer zien. En zelfs hij heeft het nodig om met grote regisseurs te werken, zoals Steven Spielberg.”

Ben je niet bang dat je, door het spelen van al die rare rollen, op een dag geen fans meer zult overhouden?

“De roem, de aandacht en de commerciële successen heb ik gehad, nu is het tijd voor risico’s. Met High Life heb ik mijn incestfilm gedraaid, nu zou ik dolgraag willen meespelen in een dansfilm. Ja, ik meen het. Maar ik heb het nog niet aan mijn agent durven te vertellen. Ik hoor zijn reactie al: ‘Wát?! Jij wil Roedolf Noerejev vertolken? Mijn God, Robert, jij bent wel de láátste die in staat is om de grootste balletdanser aller tijden te spelen!’ Waarop ik zal antwoorden: ‘Geef me negen maanden om mijn grand jeté te trainen! Ik weet dat ik het kan!’ (lacht) Het is de onmogelijkheid van een rol die me prikkelt.”

Gesproken als een echte klasbak!

“Maar neen. Ik ben alleen maar een Houten Klaas die zich ophoudt in de buurt van interessante mensen, in de hoop dat iets van hun schittering zal overslaan op mij.”

High Life loop vanaf 20 maart in de bioscoop.

©Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden