Maandag 16/09/2019

Pukkelpop

RIP Skatestage op Pukkelpop: ‘Er stond éffectief een halfpipe’

Basement, Pukkelpop 2019, zaterdag, dag 3, Francis Vanhee Beeld a

Ze maakt ondertussen al meer dan tien jaar geen deel meer uit van de Pukkelpop-layout, maar op een dag waar bands als Pup, Basement en The Story So Far geprogrammeerd staan zeilt de hunkering naar de voormalige Skate Stage als een crowdsurfer over het publiek. Om loeihard tot stilstand te komen tegen de crash barriers. ‘Het is niet denkbaar dat zoiets ooit nog terug kan komen hier.

Hij kan niet groter zijn dan een meter 65, maar wat een energie geeft Stefan Babcock, frontman van het Canadese PUP dat de Club op zaterdag mag openen. Na enkele nummers springt hij van het podium, steekt de frontstage over en kruipt over de dranghekken om tussen het publiek, zìjn publiek, dat speciaal voor hem uit de tent kwam gerold, te staan. Hij wordt niet op de hielen gezeten door security. Hij wordt niet belaagd door fans. Hij krijgt respectvol de ruimte, en op het einde van de song een omhelzing.

Niet dat ze bij PUP makke hondenjongen zijn die aanzetten tot kumbaya. Jà, er zijn singalongs, maar nummers als ‘If This Tour Doesn’t Kill You, I Will’ en ‘Dark Days’ veranderen de planchee evengoed in een moshpit die de korsten uit de ogen jaagt en vuisten het wolkendek doen doorklieven. “Just ‘cause you’re sad again, it doesn’t make you special at all!” zingt de Club uit volle borst mee. Free at last.

“Gaat ge ook kijken in Trix?” vraagt een meisje dat heel de tijd tegen me aan botst. Uiteraard. Ik ga waar mijn bands gaan. En met mij, mijn mensen, die ik door deze bands heb leren kennen. “Ik heb gewoon een ticket voor vandaag gekocht, ook al is de programmatie een beetje basic”, zegt Lisa (29). “Het is een beetje ‘ik tik poppunk in op Spotify en ik neem de drie grootsten’, maar ja kijk, ik ben hier toch. The Story So Far én Basement samen, da’s wel goe gaan.”

Fingerpointen

Geen scene zo hecht als de hardcore- en punk, waar vitale organen simultaan leeglopen en waar het er soms ruig aan toe lijkt te gaan, maar waar je in het geduw en getrek altijd een schouder om op uit te huilen vindt. Soms letterlijk. Daar wordt weleens mee gelachen, maar samen brullen, fingerpointen en op elkaars ribbenkast klauteren is goedkoper dan therapie en minstens even efficiënt. Vroeger kreeg dit genre een eigen hoekje van de Kiewitse wei toebedeeld. In het heilige jaar 1996 werd de Skate Stage in leven geroepen, die toen bands als Lagwagon, Downset en Osdorp Posse mocht verwelkomen. De jaren daarop zouden punk(rock)legendes als Millencolin, Bad Religion, No Use For a Name en Sick Of It All er aantreden.

Basement, Pukkelpop 2019, zaterdag, dag 3, Francis Vanhee Beeld Francis Vanhee

Ik vond er mijn tribe, ik vond er de liefde en ik brak er het hart van een vakantielief dat speciaal voor mij een dag naar het festival kwam afgezakt en die ik desalniettemin dumpte door tijdens de show van AFI –wat écht zijn ding niet was maar hij onderging het- met een ander te muilen. Gilles, als je dit leest; het spijt me nog steeds, maar niet echt.

De skatestage was de plek waar mijn helden boven me uit torenden maar tegelijkertijd volledig op dezelfde golflengte zaten, waar ik ontiegelijke keren ben ingestort maar waar ik steeds weer overeind wist te krabbelen. Letterlijk én figuurlijk. Op het plekje weide waar het gras samen met dromen vertrappeld werd en waar enkel een zandkuil (in het beste geval) en een modderpoel (in het slechtste geval) overbleef, liep ik een stoflong op in de circle pit bij Boysetsfire en kreeg een hersenschudding toen een crowdsurfer bij The Ataris in mijn gezicht trapte. Mocht u denken dat ik deze witruimte opeiste voor persoonlijke nostalgie: wie op zaterdag in de Club de woorden “skate stage” uitspreekt wordt evenzeer bedolven onder anekdotes.

Familiefeestje

“New Found Glory in 2002, man, vraag mij niet meer exact waarom, maar ik ga me dat blijven herinneren”, zegt Rob (35). “Ik vond het eigenlijk wel fijn dat die muziek vroeger een designated spot had op de wei. Pukkelpop doet nog wel zijn best, maar het is een beetje verspreid over de dagen en de podia de laatste jaren, dus soms moet je keuzes maken.”

“Een van de eerste bands die ik ooit op een festival heb gezien moet Toy Dolls op de Skate Stage geweest zijn”, herinnert Laura (30) zich. “Dat was nu niet meteen mijn favoriete band, maar ik vond het heerlijk dat er een volledig podium gewijd werd aan de muziek die ik luisterde. Punkrock in Vlaanderen heeft een klein, maar ongelooflijk dedicated publiek. PUP voelde dan ook aan als een familiefeestje.”

“Wat ik ontzettend cool vond aan de Skate Stage was hoe het zijn naam waardig was: er stond éffectief een halfpipe, waar de gitarist van Millencolin ook gewoon mee op stond te skateboarden”, weet Seppe (40) nog. “Dat was echt een ons kent ons sfeertje: je kwam er iedereen tegen die je in het dagelijks leven op shows ook tegen kwam. Dat is de laatste jaren heel wat minder. Ik denk dat ik dat vooral mis: the sense of scene.

Hart vasthouden

Ook voormalig stagemanager Pim en stagehand Ken hebben niets dan warme herinneringen aan de tijden dat ze flight cases en versterkers in goede banen probeerden te slepen in de uithoek van de Kiewitse wei die vandaag dienst doet als Food Wood. “Zeker vanaf 1998, toen we met de Vans Off The Wall tour begonnen, werd het daar echt een ding”, vertelt Ken. “Ik denk dat het na NOFX was, dat het ontzettend hard geregend had en ze het podium vol modder hadden gegooid. Toen we het podium wilden opkuisen hebben we die modder terug in het publiek gesmeten, maar dat hebben we geweten: ineens een regen van moddersmijters”. Hij grinnikt. “Ja, dat zie je nu niet meer.” 

Pup Beeld Stefaan Temmerman

Ook Pim weet nog goed hoe het publiek vroeger gewoon mee op het podium klom, en de stage op een gegeven moment vol met publiek stond. “Die gasten stonden op de boxen, tegen de boxen, en daartussen moest de band nog spelen. Of toen de zanger van AFI volledig tot in de tentpaal was gekropen en zich naar achter wilde laten vallen in het publiek. Dat waren momenten waarop je als stage manager je hart wel even vasthield.”

“Eigenlijk waren dat wel tijden. We moesten daar werken, maar tegelijkertijd konden we verbroederen met de bands die we graag luisterden. Ik weet nog hoe ik er door de security op een gegeven moment werd uitgepikt omdat ik bleef crowdsurfen. ‘Kom jong, we gaan uw bandje doorknippen’ zeiden ze. Ik in paniek roepen dat dat niet ging, omdat ik moest werken op het festival.” Beide mannen lachen. “Al koester ik vooral de momenten waarop we met de stagecrew Uno speelden om wie er pinten moest gaan halen”, zegt Pim.

Barrières 

“Een skatestage zou vandaag helemaal niet meer kunnen”, daar is Jan (38) van overtuigd. “Dat is niet meer relevant. Je ziet ook in de scene veel meer crossovers, mensen luisteren niet meer énkel naar punk of hardcore, maar ook naar hiphop of popmuziek. Vroeger was de skatestage de plek waar je je volledige lifestyle op één plaats kon terugvinden, vandaag zijn subculturen veel minder eng.”

Pim, die tegenwoordig stagemanager in de Marquee is, is het daarmee eens. Hij haalt het voorbeeld van de Shelter aan, de tent die op de plek en in de plaats van de Skate Stage is gekomen, maar die sinds enkele jaren ook geen ding meer is. “We hebben daar echt hele grote namen gehad, zoals Graveyard, Neurosis en Mastodon, maar die tent was telkens half vol. Ik snap wel dat de hardere gitaren tegenwoordig verspreid worden over het terrein en over de verschillende podia. Er is zeker nog wel een markt voor, maar voor een mainstream festival is het gewoon niet meer zo interessant.”

Basement, Pukkelpop 2019, zaterdag, dag 3, Francis Vanhee Beeld Francis Vanhee

“Ik ben tout court al blij dat punkrockshows nog een plek krijgen op Pukkelpop”, zegt Emiel (23) die te jong is om de open air Skate Stage meegemaakt te hebben. “Maar het is wel jammer dat het punkgegeven ervan verloren gaat. Het is hier zo netjes, zo afgebakend. Dat is geen teken des tijds, want op Groezrock kan ik wél nog gewoon mee met de bands op het podium kruipen. Of neem The Street op Rock Herck, de showspace die uit niet meer bestaat dan krijtlijnen en waar niemand – band noch publiek- zich aan houdt… Nee dit is dan allemaal wel wat strikter. Schrijf maar op: fù-cking-barriers. Voor mijn part mogen ze zoiets als de Skate Stage zeker terug invoeren.”

“Ik was aan het hopen dat het hier zonder dranghekken zou zijn”, zegt Anthoni (29) ook. “Het voelt toch een beetje vreemd om zo’n bands op zulke statische wijze te moeten meemaken. De connectie, de singalongs, het fysieke contact, die zijn echt essentieel voor deze scene.”

De letterlijke metalen barrières tussen band en publiek spelen heel wat mensen in de Club vandaag parten. Het is begrijpelijk in een genre waar de muziek en de lyrics er alles aan doen om onder je huid te kruipen en mensen dichter bij elkaar te brengen. Zij het door op en over elkaar te duikelen, door op elkaars rug te timmeren, op elkaars schouders gehesen of op handen gedragen te worden. Het stoffelijke is een verlengde van het emotionele, het vleesgeworden gevoel dat iedereen rondom je op dezelfde manier uit elkaar gescheurd en weer in elkaar gezet wordt.

 Gedeelde smart is halve smart, lijkt het Pukkelpoppubliek te denken, dat bij gebrek aan fysiek contact met de band dan toch maar de ogen sluit bij Basement in de hoop een metafysische connectie te bewerkstellingen. “Ik voel het wel, maar ik voel het ook niet, snapt ge”, roept Marieke (32) in mijn oor. “Sjans dat de tent tenminste zwart is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234