Zondag 05/07/2020

Film1917

Regisseur Sam Mendes: ‘Zijn beste vriend werd gedood door een granaat, terwijl hij naast mijn opa stond’

Soldaat Schofield (George MacKay) in ‘1917', de nieuwe oorlogsfilm van Sam Mendes.Beeld AP

Na twee James Bond-films heeft regisseur Sam Mendes zich op een persoonlijk project gestort. Voor de oorlogsfilm 1917, goed voor twee Golden Globes, inspireerde hij zich op de herinneringen van zijn grootvader. Dat waren ‘ongelooflijk choquerende en gruwelijke verhalen’.

Toen Sam Mendes (54) nog niet de gevierde regisseur van onder andere American Beauty (1999) en Revolutionary Road (2008) was, heeft hij een belofte gemaakt aan zijn grootvader Alfred Mendes. “Hij heeft mij, toen ik twaalf jaar was, gedwongen om een contract te tekenen dat hij had opgesteld: dat ik mijn eerste roman zou schrijven op mijn achttiende”, vertelde de filmmaker aan LA Times. “Ik heb het nooit gedaan, dat is duidelijk. Maar ik heb wel dít gemaakt. En ik denk dat hij dat goed zou hebben gevonden.”

‘Dit’ is 1917, Mendes’ nieuwste film. De eerste film die hij maakte na Skyfall (2012) en Spectre (2015), de twee James Bond-prenten die hij de afgelopen jaren inblikte. De eerste film waarvoor Mendes, samen met Krysty Wilson-Cairns, zelf het scenario schreef. Een scenario over twee jonge Britse soldaten die een bericht moeten overbrengen in het noorden van Frankrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog. Op die manier is 1917 ook een film die begon bij Alfred Mendes, die in 1912 als jongeman van Trinidad en Tobago naar Groot-Brittannië trok om te studeren. Drie jaar later, op zijn achttiende, sloot hij zich aan bij het Britse leger.

Mendes diende twee jaar aan het loopgravenfront in Vlaanderen, onder andere in de Slag bij Poelkapelle, tijdens de Derde Slag om Ieper. Hij werd bekroond met een medaille en keerde na de oorlog terug naar Trinidad, waar hij een succesvolle carrière als een sociaal bewogen auteur uitbouwde. Zijn eerste twee romans, Pitch Lake (1934) en Black Fauns (1935), gelden als mijlpalen in de Caribische literatuur. In de laatste vijftien jaar van zijn leven wijdde hij zich aan een autobiografie, die uiteindelijk postuum zou verschijnen in 2002, elf jaar na zijn dood.

Regisseur Sam Mendes wint twee Golden Globes.Beeld EPA

In die autobiografie staan verhalen over zijn tijd bij het Britse leger, in en rond de geallieerde loopgraven in het Vlaams-Franse grensgebied. Tegen zijn eigen kinderen was Alfred Mendes eerder gesloten over zijn oorlogsverleden, maar tegenover zijn kleinkinderen, onder wie Sam, bloeide hij open. Hij was toen al in de zeventig en nam de verhalen op in zijn autobiografie. “Hij vertelde ons tonnen en tonnen verhalen”, herinnerde Sam Mendes zich in The Guardian. “Zeker nadat hij al een paar glazen rum had gedronken. Hij was heel theatraal, heel charismatisch. En hij was nogal doof, dus hij schreeuwde al die verhalen.”

Geen lijk

De aanleiding voor die verhalen was een bizarre gewoonte van grootvader Mendes, die de neiging had om obsessief zijn handen te wassen. Als de kleine Sam – toen een jaar of elf – aan zijn vader vroeg waarom ‘opa Alfie’ dat deed, luidde het antwoord: “Hij herinnert zich de modder van de loopgraven uit de oorlog, en dat hij zich nooit helemaal schoon kon maken”, zoals Mendes aan The New York Times vertelde. “Mijn neven en ik verwachtten, denk ik, de gewoonlijke verhalen over heroïek en dapperheid. We verwachtten in geen geval wat hij ons écht vertelde, namelijk ongelooflijk choquerende en behoorlijk gruwelijke verhalen over de absolute zinloosheid en chaos.”

Mendes gaf in de Times een paar voorbeelden. Er was de herinnering aan een Duitse soldaat die zijn hoofd verloor in een explosie, maar wiens lichaam op de een of andere manier bleef voortrennen. Er was de gewonde soldaat die zijn grootvader terug naar een loopgraaf voerde, maar die bij aankomst dood bleek te zijn omdat hij getroffen was door een kogel die voor Alfred bedoeld was.

In de LA Times herinnerde Sam Mendes zich nog een ander verhaal dat zijn grootvader met hem had gedeeld. “Hij beschreef hoe zijn beste vriend, de man die zich met hem had ingeschreven bij het leger en met hem naar het front was gegaan, werd gedood toen hij geraakt werd door een granaat en letterlijk verdween, terwijl hij naast mijn opa stond. Er was geen lijk, er was niets. Dat soort dingen, als je elf of twaalf bent en in vredestijd bent geboren, blijft je bij.”

Kolonel MacKenzie (Benedict Cumberbatch) in ‘1917'.Beeld AP

Alfred Mendes heeft tegenover zijn kleinzoon altijd beweerd dat hij het aan geluk en stomme toevalligheden heeft te danken dat hij levend uit de Groote Oorlog is gekomen. Feit is dat Mendes bij minstens één specifieke missie zijn leven heeft geriskeerd, waarbij hij door het niemandsland trok. Dat was de strook tussen de Duitse en de geallieerde loopgraven die lag bezaaid met granaatkraters, prikkeldraad en lijken van soldaten, vaak jonge mannen, net als Alfred Mendes zelf. 

“Hij was klein en snel, de mist hing tot een meter tachtig hoog in niemandsland”, legde kleinzoon Mendes uit in de LA Times. “De Duitsers konden zijn hoofd niet zien door de mist, dus hij kon berichten van de ene post naar de andere brengen. De snelste manier was meestal om uit de loopgraaf te springen, door het niemandsland te rennen en dan weer in de loopgraaf te springen.”

Oscar-favoriet

Het is een beeld dat kleinzoon Mendes altijd is bijgebleven en het is het uitgangspunt van 1917. In de film moeten twee Britse soldaten, Schofield (George MacKay) en Blake (Dean-Charles Chapman), een belangrijke boodschap overbrengen aan het tweede bataljon, om een afslachting door de Duitsers te vermijden. De film is opgebouwd als één lang shot – alle cuts werden netjes gemaskeerd – om de kijker zo veel mogelijk onder te dompelen in de chaos en het geweld van de Eerste Wereldoorlog. 

“Ik wilde het publiek opsluiten bij de personages”, duidde de regisseur in The New York Times. “Het publiek reageert dan anders op de scènes, omdat ze beseffen dat ze er niet uit geraken als de personages er niet uit geraken. Dat heb je niet als je een film conventioneel opneemt.”

Nauwelijks een dik halfjaar na de opnames – 1917 werd in april gedraaid – is Sam Mendes’ nieuwste werk een van de grote favorieten bij de aankomende Oscar-uitreiking. Zondagnacht werd de film bekroond met twee Golden Globes: een voor beste dramafilm en een voor beste regie. Het doet de filmmaker (die twintig jaar geleden bij de Oscars al triomfeerde voor zijn debuutfilm, American Beauty) ongetwijfeld deugd. Al vraagt hij zich vast en zeker af wat zijn grootvader van de film zou vinden.

“De waarheid is: dit voelde nooit als mijn verhaal om te vertellen. Het voelde als mijn grootvaders verhaal, dat ik niet bezat”, besloot Sam Mendes in The New York Times. Om zich dan te herinneren wat zijn grootvader hem vertelde toen hij hem het contract met de plechtige belofte om schrijver te worden voorschoof. “Hij zei me: ‘Jij gaat verhalen vertellen. Dat is wat jij moet doen.’”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234