Dinsdag 07/07/2020

40 jaar na de dood van Ian Curtis

‘Punk was: fuck you. Joy Division was: I'm fucked’

Ian Curtis tijdens een Joy Division-optreden in Rotterdam. Beeld Redferns

Vandaag veertig jaar geleden maakte Ian Curtis er een eind aan. Het was het begin van de blijvende invloed die zijn band Joy Division zou blijven uitoefenen. Terwijl Curtis vocht tegen ontelbare demonen, verzetten hij en zijn drie bandmaats de bakens van de rockmuziek. ‘Na zijn dood zei onze manager: ‘Don’t worry, over tien jaar is Joy Division heel groot.’’

“Als een militair die zich voorbereidt op een defilé.” De verbetenheid waarmee Ian Curtis zijn bruine, lederen schoenen poetste, zal voormalig De Morgen-journalist Marc Schoetens nooit vergeten. In januari 1980 legde hij de inmiddels legendarische zanger van Joy Division te slapen in zijn appartement op het Antwerpse Zuid. Joy Division trad die avond op in de King Kong, een ter ziele gegane zaal in de huidige studentenbuurt, maar Curtis’ vriendin, Annik Honoré, wilde niet met de rest van de band in een goedkoop rendez-voushotel slapen. Schoetens, die de bevriende organisator van het concert uit de nood wilde helpen, bood zijn eigen bed aan.

“Hij zei nauwelijks een woord”, herinnert hij zich over Curtis. “Hij was een mysterieuze, teruggetrokken figuur. En dat stond in schril contrast met hoe hij zich liet gaan op het podium, met die ongewone dansbewegingen. Dat optreden was hallucinant goed. Ik was erg onder de indruk.”

Het concert in de King Kong vond plaats op 14 januari 1980. Vijf maanden later, in de nacht van 17 op 18 mei, verhing Curtis zich in de keuken van zijn huis in Macclesfield, een stadje op dik twintig kilometer van Manchester. Hij was nauwelijks 23 jaar, maar had met Joy Division in vier jaar de bakens van de punkmuziek verlegd.

Nood aan een gesprek?

Praten helpt, dat kan bij Tele-Onthaal: bel 106 of ga naar de website tele-onthaal.be.

Wie met vragen zit over zelfdoding, kan terecht bij de Zelfmoordlijn op het gratis nummer 1813 en op de website zelfmoord1813.be.

Een jaar voor de release van Unknown Pleasures (1979), het magistrale debuut van Joy Division, had Siouxsie & The Banshees al The Scream uitgebracht en de punk in een nieuwe richting geduwd. Joy Division heeft, met andere woorden, de postpunk niet in z’n eentje uitgevonden. Maar Unknown Pleasures werd de ultieme definitie van het genre: repetitieve baslijnen, spaarzame gitaarmotiefjes, machinale drums en een diepe bariton die gevoelens van vervreemding, eenzaamheid en onbegrip verwoordt.

Tony Wilson, de oprichter van Joy Divisions legendarische platenlabel Factory Records, zou het later zo verwoorden: “Punk was geweldig, maar het had maar één simpele emotie: fuck you. Vroeg of laat moest iemand die muziek gebruiken om te zeggen: I’m fucked. En dat was Joy Division.”

Curtis had veel redenen om “I’m fucked” te zeggen. Hij groeide op in het troosteloze Macclesfield en trouwde op 19-jarige leeftijd met zijn jeugdliefde, Deborah Woodruff. Hun dochter Natalie, werd geboren in april 1979, kort voor Curtis een buitenechtelijke relatie aanknoopte met de Belgische Annik Honoré. Bovendien werd epilepsie bij hem vastgesteld, een ziekte die woog op zijn bestaan als rockzanger en als vader – hij durfde zijn dochter niet vast te houden uit schrik voor een aanval – en waarvoor hij een immense hoeveelheid medicatie moest nemen. Gecombineerd met het toenemende succes van zijn band ontstond zo een giftige cocktail die zijn tol eiste van de jonge zanger.

Vergiftigd geschenk

“Voor hen kwam het succes van de band heel plots", denkt Equal Idiots-zanger Thibault Christiaensen. Vorig jaar trok Christiaensen met StuBru-presentator Stijn Van de Voorde naar Manchester en Macclesfield, in de voetsporen van Curtis, voor de docureeks Rock-’n-Roll High School. Hij sprak er ook met Joy Division-bassist Peter Hook. “Dat het zo snel is gegaan, heeft er misschien toe bijgedragen dat Curtis zich slecht in zijn vel voelde. Hij droomde van een carrière als rockster, maar hij was ook een vader die voor zijn gezin moest zorgen. Dat zijn droom plots werkelijkheid werd, was misschien een vergiftigd geschenk.”

Hook, die met de overgebleven Joy Division-leden na Curtis’ overlijden het al even invloedrijke New Order oprichtte, pende zijn herinneringen aan zijn eerste band neer in Unknown Pleasures: Inside Joy Division (2012). Curtis’ weduwe Deborah schreef in 1995 dan weer Touching From a Distance, over haar huwelijk met de Joy Division-zanger. Die twee boeken vatten op een griezelige manier het bizarre dubbelleven dat Curtis leidde.

Als een ietwat stille, maar goedlachse vriend en one of the guys komt Curtis uit het boek van Hook. De bassist herinnert zich een avond in een Brusselse jeugdherberg, na Joy Divisions eerste Europese optreden. Curtis had een paar Duvels te veel gedronken en besloot in de asbak op de kamer van zijn bandleden te urineren. “Ha, rukkers, ik pis in jullie kamer!” Dat Curtis leed onder zijn epilepsie en zijn ingewikkelde liefdesleven was voor de groepsleden duidelijk, maar hoe getormenteerd hij precies was, konden ze niet vatten. “Hij zei dat hij oké was, dus we deden gewoon verder”, vat Hook samen. Ze zouden later toegeven dat ze pas na zijn dood echt naar zijn teksten luisterden.

Beeld RV

Het portret dat zijn weduwe van hem tekent, is echter veel grimmiger. De jongeman op wie ze verliefd werd, groeide tijdens hun huwelijk uit tot een ongelukkige, manipulatieve en soms maniakale echtgenoot. “Ian had altijd een en excentrieke, schizofrene persoonlijkheid, en dat vond ik zo aantrekkelijk in mijn tienerjaren. Nu leek de slechte en bedriegende kant van hem te winnen”, schrijft ze.

Intussen groeide het groepje dat ooit was ontstaan op een concert van The Sex Pistols uit tot een underground-succes. Unknown Pleasures werd opvallend enthousiast onthaald door de Britse pers. De enigmatische hoes, ontworpen door Peter Saville, werd later iconisch, net als het unieke, atmosferische geluid dat producer Martin Hannett op plaat vastlegde. “Joy Division was een totaalconcept”, vertelt Eppo Janssen, die jarenlang de plaatjes voor het Studio Brussel-programma Duyster uitkoos en daar vaak een Joy Division erfenis in ontwaarde. “De visuele stijl en de donkere sfeer waren even belangrijk als de muziek zelf. Ze waren echte pioniers. Voor Joy Division was er geen andere Joy Division.”

Joy Division in hun repetitiekot in Manchester. Beeld RV

Nog geen jaar na de release van Unknown Pleasures was de band tijdens de opnames van Closer hun geluid al duchtig aan het bijschaven, met meer aandacht voor synthesizers en andere geluidseffecten. Maar, zo schrijft Hook: “Dat was wanneer er een schisma ontstond in de band.” De muzikanten vonden hun zanger “artsy” en “pretentieus”. En: “Zijn ziekte hing als een schaduw over ons.” 

Twee maanden voor de release van Closer maakte Curtis er een eind aan. Na een ruzie met zijn vrouw over hun aanstaande scheiding, vroeg hij haar hem ’s nachts alleen te laten.  Vroeg in de ochtend hing hij zich op.

Na de begrafenis, schrijft Hook, zei hun manager Rob Gretton: “Don’t worry, over tien jaar zal Joy Division heel groot zijn.” Hook: “Hij had gelijk, natuurlijk. Tien, vijftien, zelfs twintig jaar later. Niet dat het iemand van ons op dat moment een barst kon schelen.” De bassist schrijft ook: “We hebben nooit overwogen om met Joy Division verder te gaan. Jaren eerder hadden we een pact gesloten dat, als iemand van ons niet meer verder wilde of als er met iemand van ons iets zou gebeuren, dan zou Joy Division voorbij zijn.”

Uniek

De band hield woord, vond zichzelf opnieuw uit als New Order en werd een van de invloedrijkste acts in de jonge geschiedenis van de dancemuziek. Ondertussen vulden andere bands het vacuüm dat Ian Curtis had gelaten in, vaak met nog veel breder succes. Tijdens de opnames van Closer kwam een jong bandje langs, dat zich uitte als grote fans van Joy Division. “Het bleek dat ze U2 heetten”, schrijft Hook.

In de jaren 80 was er ook The Cure, en later beleden Smashing Pumpkins en Radiohead openlijk hun liefde voor Joy Division. En in de vroege jaren 2000 leek postpunk plots overal: bands als Interpol, Editors en later White Lies gingen aan de slag met melodische baslijnen, ijle gitaarpartijtjes en een grafkelderstem. The Killers coverden ‘Shadowplay’, voor de soundtrack van de Ian Curtis-biopic Control (2007).

“Bij elke postpunkband zie je de invloed van Joy Division opduiken”, weet Janssen. “Maar je ziet hun invloed ook bij folky singer-songwriters of bij bands als Low en Mogwai, die vooral inzetten op die typische, donkere sfeer.” Het laatste decennium was er onder meer Savages: toen Lily Allen hen zag optreden, omschreef ze op Twitter de podiumpresence van frontvrouw Jenny Beth als “Ian Curtish”. Ook vandaag nog blijft de nalatenschap van Curtis voelbaar. “Als ik nu naar The Murder Capital of Fontaines DC luister”, zegt Christiaensen, “kan ik me niet van de indruk ontdoen dat ze véél naar Joy Division hebben geluisterd.” Dichter bij huis is er Whispering Sons, dat sinds hun triomf op Humo’s Rock Rally steevast in één adem met Joy Division wordt genoemd.

Toch, zo zegt Janssen: “Geen enkele band is een kopie van Joy Division. Die band was uniek. De Peter Hook-achtige baslijnen en de zware zangstem van Ian Curtis worden vaak gekopieerd, maar Joy Division was veel meer dan de som der delen.”

Dat zag ook Schoetens, op de avond van 14 januari, in de King Kong in Antwerpen. Daags nadien schotelde Schoetens zijn gasten gekookte eitjes voor, waarop Honoré boos reageerde dat ze beiden veganisten waren. “Maar Curtis lepelde zijn eitje zonder iets te zeggen op. Toen we hen daarna terug naar het hotel van de band brachten, zei hij: ‘We gaan nu naar Keulen en over twee weken treden we op in Plan K in Brussel. Als je wilt, zet ik je op de gastenlijst.’ Ik ben opnieuw gaan kijken, maar ik heb hem niet meer gesproken.”

Vijf maanden later zou Ian Curtis voor altijd zwijgen. Maar veertig jaar na zijn dood is zijn nalatenschap in de songs van vrijwel elke jonge postpunkband te horen. 

Wie met vragen zit over zelfdoding, kan terecht bij de Zelfmoordlijn op het gratis nummer 1813 en op de website zelfmoord1813.be.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234