Donderdag 08/12/2022

InterviewCharlotte Fox Weber

Psychotherapeute Charlotte Fox Weber: ‘We hebben de neiging om te overinvesteren in hopeloze situaties en vriendschappen’

Charlotte Fox Weber: ‘De hoop opgeven kan ­ontzettend bevrijdend zijn. We hebben de neiging om te overinvesteren in hopeloze situaties en vriendschappen.’ © Joel Hoylaerts / Photonews Beeld Joel Hoylaerts / Photonews
Charlotte Fox Weber: ‘De hoop opgeven kan ­ontzettend bevrijdend zijn. We hebben de neiging om te overinvesteren in hopeloze situaties en vriendschappen.’ © Joel Hoylaerts / PhotonewsBeeld Joel Hoylaerts / Photonews

Charlotte Fox Weber, psychotherapeute en oprichtster van de Londense vestiging van The School of Life, neemt in Wat wij willen onze diepste menselijke verlangens onder de loep, van liefde en vrijheid tot macht en controle.

Stijn De Wandeleer

“Onze verlangens bevatten cruciale informatie over wie we zijn en hoe we in het leven staan”, weet Charlotte Fox Weber. “Toen ik met mijn werk als psychotherapeut begon, merkte ik dat mensen eigenlijk niets liever willen dan zichzelf te doorgronden. Onze verlangens vertolken daarin de rol van richtingaanwijzer: ze laten zien waar we naartoe willen.”

Maar wat als je niet helemaal weet waarnaar je nu precies verlangt in het leven?

“Dat is een vraag die ik geregeld van cliënten krijg. Heel wat mensen hebben geen idee wat ze precies willen van het leven, of hoe ze naar hun verlangens op zoek moeten gaan. Het begint volgens mij allemaal met jezelf wat vaker te bevragen over wat je nu precies wil in het leven, in plaats van gewoon te doen wat je denkt dat er van je verwacht wordt. Wanneer je het moeilijk vindt om je verlangens te benoemen, kan het ook helpen om in plaats daarvan op je ergernissen te focussen. Vaak schuilt er achter onze frustraties een dieper verlangen.”

Praten over onze verlangens is niet altijd ­gemakkelijk, schrijft u.

“Al van jongs af aan krijgen we over verlangen erg gemengde boodschappen mee. Kijk naar Adam en Eva: in een van de bekendste verhalen ter wereld leidt het volgen van een verlangen uiteindelijk tot problemen. Wat het ook al niet gemakkelijker maakt, is dat onze verlangens niet zelden haaks op elkaar staan. Om het eenvoudig te stellen: ik kan enerzijds meer cake willen, maar tegelijkertijd ook niet willen verdikken. Of het kan zijn dat ik op professioneel vlak meer macht wil, maar ook niet afgewezen wil worden omdat ik te uitgesproken ben.”

In Wat wij willen schrijft u dat we soms ­denken dat we verlangen voelen, wanneer dat eigen­lijk niet zo is. Hoe verklaart u dat?

“Ja, we denken vaak dat er in onze samenlevingen dingen zijn waarnaar we móéten verlangen. Zoals het idee dat we kinderen moeten willen, dat we op zoek moeten naar een vastomlijnd idee van liefde, of dat we naar zekerheid moeten verlangen. Maar verplicht verlangen doet ons echt de das om. Velen van ons denken dat we, om een verantwoordelijke volwassene te zijn, onze diepste verlangens aan de kant moeten schuiven. Maar het probleem met die verlangens niet onder ogen te komen, is dat je dan een schijnbestaan gaat leiden.”

‘Een van de grootste obstakels voor het vinden van ware liefde kan schuilen in een star verhaal over hoe het zou moeten zijn’, schrijft u. Wat bedoelt u daarmee?

“We hebben snel de neiging om moralistisch te worden over de liefde en hoe we die beleven. Of we denken dat liefde binnen een vast format moet passen: dat van de monogame, heteroseksuele relatie. Maar dat is inspiratieloos en vooral heel beperkend. In mijn boek beschrijf ik bijvoorbeeld het verhaal van een vrouw die op haar sterfbed vertelt over de ontrouw van haar man. Hij had in het verleden een affaire en kreeg zelfs een kind met die andere vrouw, waar hij haar allemaal nooit over heeft verteld. Je zou den­ken: ‘Hoe kan die vrouw nog bij haar partner blijven?’ Toch zag ze haar man ongelooflijk graag en was er veel dat ze wél samen hadden. Onze blik verruimen over hoe liefde eruit kan zien, geeft ons alleen maar meer ademruimte.”

We verwachten vandaag erg veel van de ­liefde: onze partner moet onze beste vriend, onze minnaar, een goede ouder en onze intellec­tuele gelijke zijn. Moeten we onze verwach­tingen naar beneden halen?

“Ik denk dat het vooral zou helpen als we wat ruimdenkender waren over de gemengde gevoelens die we voor onze partner kunnen hebben. Dat het normaal is dat er momenten zijn waarop je je partner ongelooflijk graag ziet, maar dat het eveneens menselijk is dat je je lief soms niet kan uitstaan. We zijn het niet gewend om over die schaduwzijde van de liefde te praten. Door die niet te erkennen, blijven we achter met een gigantisch schuldgevoel. Stoppen met jezelf intern te censureren kan enorm bevrijdend zijn. En ontdekken dat die tegenstrijdige gevoelens over de liefde niet meteen een signaal zijn dat je in de verkeerde relatie zit, maar dat ze een deel uit­maken van élke liefdesvorm.”

Een populaire video op de YouTube-­pagina van The School of Life is ‘Waarom je met de verkeerde partner zal trouwen’. Kort samengevat: omdat niemand volledig compatibel is.

“Ik zou vooral op zoek gaan naar iemand die op een nieuwsgierige manier in het leven staat. Nieuwsgierigheid is de motor van alle verlangen. Maar nieuwsgierigheid gaat er vooral voor zorgen dat jullie, wanneer je in je relatie met problemen geconfronteerd wordt, verschillende manieren zullen vinden om met die problemen om te gaan.”

Ook aan de populariteit van zelfliefde valt niet te ontsnappen. Maar is het wel realistisch om de intense liefdesgevoelens die we voor een ander ervaren ook voor onszelf te voelen?

“Ik vind zelfliefde een lovenswaardig ideaal, maar tegelijk vind ik dat het ook voor een bepaalde druk kan zorgen. Het klinkt bijna taboe om te zeggen, maar aan ieder mens zijn er aspecten die nu eenmaal moeilijker zijn om graag te zien. Onszelf opleggen dat we ook die moeten liefhebben, vind ik gewoon niet realistisch. Ik ben er compleet voorstander van om die delen van onze persoonlijkheid te erkennen. Maar ze graag zien? Dat hoeft nu ook weer niet.”

Esther Perel schreef ooit dat we in een spagaat zitten tussen een verlangen naar vrijheid en een verlangen naar veiligheid. Hoe houden we die twee ­verlangens in balans?

“Ik denk dat we voortdurend moeten schipperen tussen hoeveel vrijheid en veiligheid we in ons leven inbouwen, zonder ooit in een van de uitersten te belanden. Een leven met enkel maar vrijheid moet je niet willen, net zoals je ook niet enkel veiligheid moet nastreven. Want dan blijf je hangen in de job die je absoluut haat.”

Heel wat jonge mensen zijn, door de eindeloze mogelijkheden die we vandaag hebben om ons leven vorm te geven, bang om de verkeerde keuzes te maken. Wat zegt u tegen hen?

“Tegen die twintiger met keuzestress zou ik zeggen: laat het idee los dat je leven ooit als genoeg zal aanvoelen. Welke keuzes je ook maakt, er zal altijd iets zijn dat je zal teleurstellen, en het leven zal je op de een of andere manier altijd tekortdoen. Hoe sneller we de fantasie loslaten dat we, als we maar de juiste keuzes maken, een bestaan vol glorie en zonder frictie kunnen leiden, hoe sneller we ons leven echt in handen kunnen nemen.

“Ik hou enorm van de Griekse fabel van de ezel die moet kiezen tussen twee balen hooi en, omdat hij niet kan beslissen, uiteindelijk verhongert. Terwijl elke baal hooi goed genoeg had kunnen zijn, maar geen enkele perfect.”

Hoe vertaalt u die filosofie naar het moderne leven?

“We hebben vandaag de neiging om de onrealistische verwachting te koesteren dat we een job moeten vinden die ons eindeloos inspireert en waarin we onszelf voortdurend kunnen ontplooien. Het is geweldig als dat lukt, maar zelfs dan zullen er dagen zijn die doordeweeks en duf aanvoelen. Hetzelfde geldt in relaties: als je maar blijft wachten tot de perfecte partner passeert, ontneem je jezelf de kans écht deel te nemen aan je leven. Soms betekent dat ook dat je moet opgeven, of dat je moet ophouden hoop te koesteren voor iets wat toch niet gaat gebeuren.”

De hoop opgeven? Dat klinkt contra-intuïtief.

“Toch kan het net ontzettend bevrijdend zijn. We hebben de neiging om te over­investeren in hopeloze situaties. We zijn ook trots op het feit dat we blijven hopen – het lijkt nobel en belangrijk om te volharden, zelfs als er in de verste verte geen zicht op verbetering is. Onder ogen komen dat een situatie of een vriendschap hopeloos is, kan je net toelaten om je aandacht op meer constructieve projecten te focussen.”

Wat zijn vandaag de grootste vijanden van echte, authentieke verbinding?

“Echte verbinding vereist spontaneïteit en een gebrek aan voorbereiding. Dat is iets waar we het vandaag steeds moeilijker mee lijken te hebben. We zijn het, onder andere door sociale media, zo gewend geraakt dat we het beeld dat anderen van ons hebben kunnen en moeten controleren. Waardoor we ons niet altijd tonen zoals we echt zijn. Die reflex moeten we proberen te doorbreken. Dat kan zijn door, tijdens een etentje met een vriend, iets persoonlijks ter sprake te brengen waar je je niet helemaal comfortabel bij voelt. Dat ongemak omarmen kan de deuren naar echte connectie openzetten.

“Het is heel normaal dat je in liefdes- of vriendschapsrelaties momenten meemaakt waarop die organische verbinding, die er in het begin in overvloed was, even niet meer voelt. Erkennen dat dat gevoel is verdwenen, kan de basis vormen om die connectie te herstellen.”

Kan je ook de verbinding met jezelf verliezen?

“Absoluut. We zijn er zo in getraind om onszelf druk bezig te houden: we kijken naar onze telefoons, en kopen allerlei spullen om toch maar niet te moeten nadenken over wat daaronder speelt. Maar ironisch genoeg is datgene waar je niet over wil praten of nadenken eigenlijk net datgene waarover je het wél zou moeten hebben. In therapie, met een vriend, of gewoon al door dagboeknotities te maken. Het zijn de dingen die we nog niet onder ogen zijn gekomen, waar we mee blijven worstelen en die we niet kunnen loslaten.”

Dat lijkt me een snelkoker voor identiteits­crisissen.

“Oh, maar ik vind eigenlijk dat we allemaal wat váker een identiteitscrisis zouden moeten hebben. De Duitse psycholoog Erik Erikson zei ooit dat je kan kiezen tussen óf stagnatie, óf een identiteitscrisis. De manier waarop we vandaag over identiteitscrisissen praten, grenst aan het cartooneske: alsof je enkel op je 40ste of 25ste met jezelf in de knoop mag liggen. Terwijl ik vind dat een hardvochtige confrontatie met jezelf je net wijst op wat er níét goed loopt, en mogelijkheden opent om de dingen op een andere manier aan te pakken. In plaats van de crisis als iets slechts te zien, en angstvallig uit de weg te gaan, zouden we haar beter zien als een manier om weer wat dichter tot onze essentie te komen.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234