Maandag 27/01/2020

Kunst

Privéondernemers Fernand Huts en Hans Bourlon bepalen mee expokalender: ‘Het was hoog tijd voor een soort revolutie in de expowereld’

Beeld BELGA

Steeds uitdrukkelijker pakken Vlaamse topondernemers uit met prestigieuze kunstexpo’s. ‘Beleving’ geldt daarbij als toverwoord. Hans Bourlon deed het met Het Kunstuur en lonkt nu naar de provinciesteden. Fernand Huts opent in 2020 twee grote Antwerpse expo’s, plus een nieuw Antwerps Cobra-museum.

Wie de expokalender voor 2020 openvouwt, zeker de Antwerpse, kan er niet naast kijken. Katoen-Natiebaas en kunstverzamelaar Fernand Huts (70) koestert met zijn The Phoebus Foundation grootse plannen. Meer dan ooit wil Huts het verschil maken met laagdrempelige, multimediale ‘belevingsexpo’s. Zoals hij dat in 2019 deed met PIKANT in Moorsel, en met Voor God en Geld (2016), Oer (2017) of VOSSEN (2018, met Bart De Pauw als regisseur). “Het was hoog tijd voor een soort revolutie in de expowereld”, vertelt Huts. “Het gaat niet meer op zomaar het ene schilderij na het andere te tonen. Je moet een levendig verhaal vertellen en vooraf nadenken over een totaalervaring.”

In 2020 gaan Huts en zijn echtgenote Karine van den Heuvel op dat elan door. Half maart pakt The Phoebus Foundation – die Huts’ collectie beheert en ontsluit – uit met de expo Blind Date in het Antwerpse Snijders/Rockoxhuis. “De klemtoon ligt er op portretschilderkunst uit de renaissance en de barok, een soort ‘van selfie tot groepsportret’. De expo vertakt zich ook naar de Carolus Borromeuskerk en de Keizerskapel”, zegt Huts. Katharina Van Cauteren van The Phoebus Foundation en Hildegard Van de Velde fungeren als curator. “Wij doen niets liever dan samenwerken met musea”, zegt Huts. Hij spiegelt zichzelf graag aan een Angelsaksische aanpak à la The Getty Foundation en geeft toe dat de kunstwereld voor hem “nog altijd een leerschool” is. 

Na een actieve politiek van binnen- en buitenlandse bruiklenen drukt Huts in 2020 ook volop zijn internationale expostempel. “Op termijn willen we op wereldschaal meespelen.” In april 2020 opent Van Memling tot Rubens, een prestigieuze expo in de Estse hoofdstad Tallinn, in Kadriorg Palace, het voormalig barokpaleis van Peter De Grote. “Vergeet niet dat Tallinn ooit een welvarende Hanzestad was, de link tussen economie en kunst is daar erg sterk.” Dat Tallinn-project vormt het fundament voor een expo in het Antwerpse MAS, die in december 2020 opent. “De invulling wordt iets Antwerpser en Vlaamser, maar het basisconcept blijft.” Voor zowel de expo in het Snijders/Rockxoxhuis als het MAS neemt Huts Walter Van Beirendonck onder de arm. “Iemand die weet hoe je Antwerpen aan de wereld moet tonen.”

Karel Appel

Huts kondigt ook een volledig nieuw, permanent Cobra-museum aan in Antwerpen waarvoor de plannen in 2020 gerealiseerd worden. “Het museum zal zich toespitsen op de Cobra-collectie van The Phoebus Foundation. Het moet een permanent onderkomen en expositiekader bieden aan deze werken”, zegt hij. Huts’ echtgenote Karine Van den Heuvel wordt de drijvende kracht. Avant-gardebeweging Cobra, die de spontaniteit en het experiment predikte, werd in 1948 opgericht en kende een kort en woelig bestaan. Huts verzamelt vooral werk uit de vroege Cobra-periode en bezit onder meer schilderijen van Karel Appel, Pierre Alechinsky, Corneille, Asger Jorn en Christian Dotremont. Waar het museum in Antwerpen komt, wil Huts nog niet kwijt. “In de loop van 2020 geven we daar meer details over vrij.”

Lies Buyse, coördinator Musea en Erfgoed van de stad Antwerpen, juicht de coöperatie met Huts toe. “Al zijn het gelegenheidssamenwerkingen. Dit is zeker nog geen stedelijk beleid op lange termijn. Maar gezien het Antwerpse kunstenaanbod door de sluiting van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten (KMSK) beperkter is, komt ons dat goed uit. Op bruikleenniveau werkten we al samen met The Phoebus Foundation.”

Dat topondernemers uitdrukkelijker naar de expobranche lonken, is een trend die 2020 ongetwijfeld verder kleurt. Kijk maar naar Studio 100-baas Hans Bourlon, die in 2019 vriend en vijand verbaasde met zijn expo Het Kunstuur in Mechelen met 32 werken uit voornamelijk de Latemse School, waaronder Permeke en Gustave Van de Woestyne. Dat BV’s zoals Tom Boonen en Goedele Liekens de schilderijen mee becommentarieerden, klonk als vloeken in de kerk. Bourlon noemt het innovatief. “Het Kunstuur is vrij organisch en spontaan ontstaan, zoals de meeste projecten bij Studio 100. Als bezoeker ga je een engagement aan van precies één uur, op één locatie, in dit geval de Heilige Geestkapel in Mechelen. We spelen in op de geslonken aandachtsspanne van bezoekers. We horen zo vaak dat mensen in een ‘gewoon’ museum lang ronddolen zonder voldoende oriëntatie en dat ze meer leidraad wensen.” 

Hans Bourlon bij de voorstelling van zijn boek ‘De tijdreiziger’. De beleving van kunst staat ook bij hem centraal. ‘Kunst moet weer op een piëdestal komen te staan.’ Beeld Stefaan Temmerman

De beleving van Bourlon

Net als Huts heeft Bourlon de mond vol over ‘beleving’: “Ik moet altijd terugdenken aan hoe je in de Antwerpse kathedraal in de 19de eeuw naar een Rubens kon gaan kijken. Je stak toen blijkbaar wat geld in een stuiverbakje en er werd een gordijn opengetrokken. Welgeteld één minuut kon je aandachtig de Rubens bewonderen. Wel, zoiets wilden we ook: dat kunst weer op een piëdestal komt te staan. En de keuzestress van de kunstliefhebbers beperken en hen emotioneel raken. Noem het ‘slow art’. In een normaal museum spenderen mensen 17 seconden aan een werk, wees onderzoek uit, bij ons zijn ze bijna verplicht om er minstens 2 minuten naar te kijken (lacht).”

“Kunstexpo’s als onderdeel van de leisure-industrie zijn booming business”, vermoedt Bourlon die zo op de lijn van Huts lijkt te zitten: “Als een musical als 40-45 zo aanslaat, waarom zou beleving dan niet in de expowereld centraal mogen staan?” Zijn Kunstuur-expo loopt tot september 2020, maar Bourlon heeft, naast Mechelen, al andere Vlaamse provinciesteden in het vizier. “Die steden bieden zich bij bosjes aan. Je hebt talloze mooie, ongebruikte huizen van stand, of geklasseerde panden waar je kunst kan tonen, ook in samenwerking met privécollecties. Het is een kwestie van je vlag te planten. Bovendien liggen er veel mogelijkheden tot citymarketing.” 

Ook Fernand Huts toont in 2020 in de kleinere Vlaamse stad Geel een paradepaardje: “In Zot van Dymphna laten we het gerestaureerde Dymphna-retabel (1505) van Goswin van der Weyden in vol ornaat zien.” 

Vermarkting van kunst

Toch doet de ondernemersfilantropie cultuurwatchers ook fronsen. Robrecht Vanderbeeken, vakbondssecretaris ACOD-cultuur en auteur van Buy Buy Art. De vermarkting van kunst en cultuur, heeft het niet begrepen op de aanpak van Huts: “Zijn kunstspektakels zijn allesbehalve onbaatzuchtig en onschuldig. In de beleidsnota Toerisme van de regering-Jambon lezen we hoe miljonairs als Huts en Gert Verhulst als ‘culturele ambassadeurs’ subsidies zullen kunnen cashen”, stelt Vanderbeeken. “Huts heeft weinig respect voor het erfgoed dat men als ‘Vlaamse cultuur’ wil promoten. Zijn tentoonstellingen vervalsten doelbewust de kunstgeschiedenis. De oude meesters waren geen Vlamingen – Breugel kwam van Breda en Rubens is in Duitsland geboren – maar Zuid-Nederlanders.” 

Huts lacht de kritiek weg: “Wie mij een fixatie op Vlaanderen verwijt, moet eens goed kijken naar de oorsprong van mijn verzameling”, pareert hij. “Ik begon ooit met het verzamelen van oudheidkundig textiel en Latijns-Amerikaanse en koloniale kunst. Er zit geen enkel Vlaams textielstuk bij. En als ik binnenkort uitpak met Cobra – wat staat voor Copenhagen, Brussel en Amsterdam –, zal ik dan ook horen dat ik een Nederlands-Vlaamse kunstbeweging stimuleer? Overigens twijfelt niemand eraan dat Vlaanderen en Brabant vanaf de Middeleeuwen voor zo’n 400 à 500 jaar het kunstgebeuren domineerden. We mogen toch fier zijn op onze Van Eyck en Van Dycks?”

Beeld Alex Vanhee
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234