Donderdag 15/04/2021

PostuumKris De Bruyne

Poëtische songsmid met rock-’n-roll attitude

Kris De Bruyne bij de onthulling van het kunstwerk op de muzikantenroute aan museum Zilverreiger in Weert in 2019. Beeld RV/ Repro David Legreve
Kris De Bruyne bij de onthulling van het kunstwerk op de muzikantenroute aan museum Zilverreiger in Weert in 2019.Beeld RV/ Repro David Legreve

Met nummers alsAmsterdam’, ‘Lieve Jacoba’ en ‘Vilvoorde City’ bewees Kris De Bruyne dat je ook in het Nederlands songteksten kunt schrijven die diep snijden. Daarmee plaveide hij de weg voor een hele generatie Nederlandstalige artiesten. De legendarische singer-songwriter overleed na een slepende ziekte. Hij werd zeventig jaar.

“Kris had aan zijn akoestische gitaar en zijn gave stem genoeg om gelijk welke zaal stil te krijgen”, vertelt Mich Walschaerts van Kommil Foo. Mich en zijn broer Raf leerden De Bruyne kennen in het Gentse café Trefpunt. “Wij waren toen nog jonge broekies, hij was de grote man naar wie we opkeken.” Niet alleen vanwege zijn podiumprésence, maar ook en vooral door de songs die De Bruyne schreef. “Heel straffe, poëtische teksten die ons, tot op vandaag, erg beïnvloeden.”

Dat De Bruyne zich thuis voelde op een podium, was van kleins af aan al duidelijk. “Toen ik vijf was, zong ik in familiekring of vertelde ik verhalen”, vertelde De Bruyne in een Humo-interview. “Mijn vader zette me op de grote tafel en ik deed mijn ding. Het waren de enige momenten waarop ik zeker wist: nu houden ze van mij.”

Ook buiten die familiale kring wist De Bruyne op te vallen. Op het Skiffle Festival in Hove, bijvoorbeeld, waar de toen 18-jarige De Bruyne in 1968 een eigenzinnige bluesversie van Klein, klein, kleutertje ten berde bracht. De reacties van het publiek waren gemengd, maar in de coulissen stond Wannes Van de Velde, die in De Bruyne toen al een ruwe diamant zag.

Kris De Bruyne op 24 juli, 1977. Beeld brt
Kris De Bruyne op 24 juli, 1977.Beeld brt

Een paar maanden na dat optreden liep De Bruyne, die ondertussen in Brussel aan Sint-Lukas studeerde, Wim Bulens en Guido Van Hellemont tegen het lijf. “Kris speelde toen vooral Engelstalige Dylan-achtige dingen, terwijl wij onder de naam Lamp & Lazerus Nederlandstalige persiflages op kleinkunst maakten”, vertelt Van Hellemont. “Maar omdat we geen van beiden genoeg materiaal hadden voor een volwaardig optreden, sloegen we onder de noemer Lamp, Lazerus & Kris de handen in elkaar.” Het trio nam een eerste langspeler op en had met ‘De peulschil' en ‘De onverbiddelijke zoener’ meteen twee radiohits te pakken. Van Hellemont: “Het effect was enorm. Opeens moesten we vijfentwintig optredens per maand doen.”

Hoogtepunt

Het onverwachte succes luidde het begin van het einde in. Op het hoogtepunt van hun roem moesten Lamp en Lazerus zonder Kris verder. Die had andere plannen. Het zou een constante worden in de carrière van De Bruyne, die er een gewoonte van maakte om buiten de lijntjes te kleuren en zijn weg te zoeken buiten de geijkte paden. Bijvoorbeeld door zijn songs consequent in het Nederlands te schrijven. “Een keuze waardoor je in die tijd automatisch bij de charmezangers werd ondergebracht”, vertelt generatiegenoot Johan Verminnen. Maar De Bruyne deed er alles aan om dat hokjesdenken te doorbreken. Mich Walschaerts: “Hij was een van de eersten die in het Nederlands echt rockte. Hij heeft laten zien dat je ook in het Nederlands songteksten kan schrijven die echt diep snijden.”

Er zitten nog wel meer vreemde kronkels in het carrièrepad van De Bruyne. Zo besliste hij om eind jaren 70, nadat hij in zestien maanden tijd zijn twee oudere broers verloor, naar de Verenigde Staten te trekken. “Ik wilde weg”, zou hij daar later over vertellen. “Weg uit België, weg van het podium, weg van het succes.” Toen De Bruyne twee jaar later terugkeerde, besloot hij zijn gitaar aan de wilgen te hangen. In Knack klonk de uitleg daarvoor zo: “Ik dacht: als mijn musicerende broer én mijn schilderende broer hier brutaal worden weggerukt, is de zingende en schilderende Kris als volgende aan de beurt. Ik dacht mijn noodlot te kunnen ontlopen door uit die artistieke wereld weg te blijven.”

Kris De Bruyne op 29 januari, 1978. Beeld hln
Kris De Bruyne op 29 januari, 1978.Beeld hln

De Bruyne ging marketing studeren en startte een eigen audioproductiehuis op. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan en het podium bleef aan De Bruyne trekken. Hij sloeg de handen in elkaar met Thé Lau, de ondertussen overleden frontman van de Nederlandse rockband The Scene en maakte met het album Keet in de lobby een opgemerkte comeback. Maar makkelijk was die terugkeer naar zijn eerste liefde niet altijd, weet Verminnen. “Tijden en trends veranderen. Dat heb ik zelf ook aan den lijve ondervonden.”

Showbizz

Ook het eigenzinnige karakter van De Bruyne was daarbij geen hulp. “Kris hield er een echte rock-’n-roll attitude op na”, vertelt fotograaf Charlie De Keersmaeker, die de zanger via zijn ouders leerde kennen en jarenlang, als een soort minderjarige roadie, met hem op pad ging. “Hij ging, net als zijn grote held Dylan, weleens met zijn rug naar het publiek staan. En ook bij televisie-opnames, hoe belangrijk die ook waren, weigerde hij zich in allerlei bochten te wringen. Hij heeft er altijd een heel dubbele houding op na gehouden tegenover alles wat naar showbizz rook.”

Drie jaar geleden stond De Bruyne voor het laatst op het podium. “Maar toen had de ziekte van Alzheimer hem al in haar greep”, vertelt Kris Eelen, die twintig jaar lang de manager van De Bruyne was. “Hij raakte steeds moeilijker uit zijn woorden en uiteindelijk hebben we die toernee vroegtijdig stopgezet.” Uiteindelijk is De Bruyne deze week gestorven in het bijzijn van zijn vrouw, zijn dochter en zijn zoon. Zij hebben volgens Verminnen alvast één troost. “Iemand als Kris, die zo veel mooie liedjes heeft gemaakt, zal altijd belangrijk blijven.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234