Maandag 09/12/2019

Interview

Pixies-frontman: "Ik schrijf over weird shit, sorry"

Pixies bestaan uit (vlnr) David Lovering, Paz Lenchantin, Joey Santiago en Black Francis. Beeld RV Travis Shinn

De reünie van de legendarische Pixies leverde weinig bijzonders op. Tot nu: album Head Carrier is ouderwets fel en puntig. Wij spraken met de immer norse frontman Black Francis en bassiste Paz Lenchantin.

Het is deze week 25 jaar geleden dat Nirvana Nevermind uitbracht en daarmee de alternatieve gitaarrock groot maakte. Grunge werd het nieuwe woord du jour. Nirvana brak grootschaliger door dan een punkachtige band uit de underground ooit had gedaan.

Als dat een kwarteeuw geleden is, moet het dus ook bijna zo lang geleden zijn dat Kurt Cobain in interviews verklaarde dat hij, toen hij de wereldhit 'Smells Like Teen Spirit' schreef, vooral probeerde de Pixies uit Boston te imiteren: de punkriffs, de krijszang, de dynamiek van loud-quiet-loud zoals hij die kende uit 'Gouge Away', 'Debaser' en 'Tame' van het Pixies-succesalbum Doolittle (1989).

Een hele generatie jonge Nirvana-fans omhelsde na 1991 de Amerikaanse gitaarbands die ze van hun nieuwe idool Kurt Cobain kregen aangereikt: Mudhoney, Sonic Youth, Dinosaur Jr. én de Pixies dus. De meeste 'grunge kids' waren in de jaren voor 1991 net te jong geweest om die bands zelf te ontdekken.

Eén ding was jammer. Toen Kurt de Pixies tipte en jonge Nirvana-fans Doolittle ontdekten, was de band rond frontman Black Francis (met alternatief sekssymbool Kim Deal als bassist en sensuele tweede stem) bezig uiteen te vallen. Mudhoney, Sonic Youth en Dinosaur Jr. konden we live gaan zien, maar de Pixies brachten twee dagen voor Nevermind (op 23 september 1991) het album uit dat hun laatste zou blijken: Trompe le monde. Na de tourverplichtingen was het in 1993 voorbij.

Korzelig

Dat verklaart waarom rond de optredens van de herenigde Pixies (in de zomer van 2005 op Pukkelpop) zo'n tastbare euforie hing en waarom een generatie Pixies-fans van rond de dertig ei zo na stond te huilen van geluk: het was hun eerste keer. De 'Generatie Die De Pixies Had Gemist' kreeg toch nog de kans.

"En tot die generatie behoor jij dus?", vraagt Charles Michael Kittridge Thompson IV (51), alias Frank Black, alias Black Francis (laatstgenoemde pseudoniem geldt als zijn Pixies-naam). Hij zit zwetend op een bankje in een warme hotellobby in de stad Luxemburg. De Pixies spelen straks op een festival verderop. Met een zakdoek wist de dikke man het zweet van zijn voorhoofd.

Jazeker, zegt ondergetekende. Bouwjaar 1975.

"Leuk", zegt Black, waarop hij zijn ogen sluit, het hoofd achterover laat rusten in de nek en een lange, ongemakkelijke stilte laat vallen, een handelsmerk van de frontman, net als zijn korzeligheid. Het is heet, hij is moe en heeft een jetlag.

"Wat je zegt over die Nirvana-generatie snijdt wel hout. Maar goed, hadden we dan bij elkaar moeten blijven om jullie te bedienen?"

Hij grinnikt, denkt dan even na. "We merkten het wel, na de doorbraak van Nirvana: er diende zich een nieuwe lichting liefhebbers aan, de belangstelling voor indierock was plotseling heel groot en er werd ons veel lof toegezwaaid. Maar doorgaan zou op dat moment een commerciële showbizzbeslissing zijn geweest en zo zijn we niet. We waren klaar."

De eerste Pixies-periode duurde van 1987 tot 1993, de tweede fase (sinds de reünie) inmiddels bijna tweemaal zo lang. De band speelt in grotere zalen dan tijdens de creatieve hoogtijdagen. De studioproductie is aanzienlijk kleiner, dat wel, maar nu is er fijn nieuws: het vandaag verschenen Head Carrier, het tweede studioalbum sinds de reünie en het zesde in totaal, is een ouderwets felle en goede Pixies-plaat. Lekker brullende gitaren. Compacte, heftige en gedreven songs met goede hooks. Véél beter dan Indie Cindy uit 2013.

"Indie Cindy was een overgangsplaat, die - hoe zal ik het zeggen - onder een ongunstig gesternte tot stand kwam", zegt Black, en je weet meteen waarop hij doelt. De band ging eindelijk weer eens nieuw werk opnemen, toen de onder fans zeer geliefde bassist Kim Deal opstapte. Ze had er genoeg van en had ruzie met Black. "Ze vertelde me dat ze ermee stopte, en toen ging ze", reconstrueert Black. "Daarvan kan ik verder geen spannende film maken."

Beeld RV Travis Shinn

Weer een meisje

Het album werd opgenomen met gastbassisten. Aanvankelijk Simon 'Ding' Archer, een vriend van Black, maar uiteindelijk vooral de sensuele Amerikaans-Argentijnse Paz Lenchantin, die eerder tournees deed met bands als Queens of the Stone Age, A Perfect Circle en Zwan. Voor de tournee werd eerst nog Kim Shattuck van de bevriende band The Muffs gerekruteerd, maar dat klikte niet, waarna Paz Lenchantin in 2014 definitief de nieuwe bassist werd. Tegen de tijd dat de groep ging werken aan Head Carrier was ze ingespeeld en 'gesetteld'.

"Weer een meisje, ja", zegt Black. "We zijn een jongensband met een vrouw op bas. Dat is een belangrijk aspect van de Pixies, zeker ook vocaal. Pas toen Paz kwam, klopte de dynamiek binnen de band weer. Ik kan eromheen draaien, maar kennelijk hebben wij een bassende vrouw nodig."

Daar komt ze net aanlopen, Paz Lenchantin (43). Ze neemt plaats op het bankje naast Black en mengt zich in het gesprek.

"Ik ben altijd fan van de Pixies geweest, dus op muzikaal vlak was er geen enkele twijfel: ik wilde dolgraag toetreden tot deze band. Maar ik wist niet zeker of ik me welkom zou voelen en of het op persoonlijk vlak goed zou uitpakken. Wel dus. Ik voelde me welkom. Dit is een hechte band. Er is broederschap."

Paz Lenchantin. Beeld Redferns

Voor Head Carrier schreef Black op het allerlaatste moment het liedje 'All I Think About Now', dat door Paz wordt gezongen, haar definitieve inwijding als de 'nieuwe Kim'.

De échte Kim Deal, ondertussen, liet via e-mail en WhatsApp aan gitarist Joey Santiago en drummer David Lovering weten dat ze best een potje wilde komen bassen als dat nodig was. "Maar zo zijn we niet getrouwd", zegt Black, die sinds haar vertrek geen contact meer met Deal heeft.

"Als je jong bent, zijn dit soort dingen misschien hele drama's, maar hoor eens: we hebben het hier niet over de atoombom op Hiroshima, hè? Of over D-Day. We hebben het over een rockbandje. En over één persoon, in dit geval onze voormalige girl bassist, die geen zin meer had om met de band te spelen. Hoe groot kun je zoiets maken? Ik ben te oud om dat soort zaken nog als rampen te zien."

Ziedaar een geliefd stijlfiguur van Black: een relativerende historische vergelijking om op knorrige toon te onderstrepen dat hij iets overdreven vindt, of een vraag stom. Hij zal het vaker doen.

Tussen 2004 en 2013 waren de Pixies veelvuldig op tournee, maar bleef Black Francis óók productief als Frank Black. Drie volwaardige soloalbums, een soundtrack en een EP maakte hij in die jaren. Hij is altijd liedjes blijven schrijven, maar erkent wel dat hij op Head Carrier weer echt richting heeft gevonden.

Heeft het album eigenlijk een rode draad? Iets van een overkoepelend thema dat van Head Carrier een album maakt dat iets zegt over de Pixies nú?

"Nee, dat is bij mij nooit zo. Het zijn twaalf liedjes, twaalf verhaaltjes en ze hebben niets met elkaar te maken. Wat bedoel je precies met deze vraag? Of ik een conceptalbum heb geschreven zoals Dark Side of the Moon? Ik weet dat journalisten dat soort dingen interessant vinden. Jullie willen vragen waarover een album gaat en dan is het qua verhaal natuurlijk fijn wanneer ik zeg: het is een songcyclus over de fucking Hertog van Wellington. Maar nee, zo simpel ligt dat bij mij nooit. We zullen het per liedje moeten bekijken. Over welk liedje wil je het hebben?"

Euh, de ouderwets goede eerste single 'Um Chagga Lagga', bijvoorbeeld? "Die gaat over plattelandsprostitutie", zegt Black.

Paz Lenchantin kijkt verwonderd opzij. "Hoezo: platteland?"

Black zucht. "Het gaat niet expliciet over de handelingen die een prostituee verricht bij haar klanten. Het gaat over, laten we zeggen, het exterieur van de prostitutie. Niet zoals in Amsterdam, want dat is urbane prostitutie, maar bijvoorbeeld zoals op de B-wegen in Vlaanderen, waar je seksboerderijen en onduidelijke besloten clubs tegenkomt. Die borden, die neonverlichting, daar raakte ik door geïnspireerd. Er zit zelfs een verwijzing naar België in: 'Black coal night in Wallonia sticks'.

Ode aan Pixies-generatie

Paz knikt. Black zucht. De man die het 27 jaar geleden in de klassieker 'Debaser' had over 'slicing up eyeballs' mag nog altijd graag ondoordringbare en bij voorkeur bizarre teksten schrijven, met oneliners die zich in je hoofd nestelen: 'Um chagga lagga on the side of the road' als blackiaanse, eigentijdse variant op het eveneens seksueel getinte 'wop-bop-a-loo-bop-a-lop-bam-boom'. Slechts een enkele keer is de betekenis ondubbelzinnig, zoals in 'Oona', waarin Paz mag verzuchten: 'I wanna be in your band!'

Black, kribbig en bijna verontschuldigend: "Sorry hoor. Ik schrijf over weird shit. Voor een duiding van de opkomst en ondergang van het Romeinse Rijk moet je niet bij mij zijn."

Dan, aan het eind van het gesprek, is er plots een merkwaardige vlaag van vriendelijkheid.

"Die generatie van jou," zegt Black, "zijn we wel enige dank verschuldigd. Dankzij jullie voelden we ons welkom na de hereniging en kregen we het gevoel dat we nog iets voor mensen konden betekenen. Dat gevoel had ik wel nodig, want ik ben nooit ontspannen op het podium. Nooit. Ik zie er altijd vreselijk tegenop, maar het spelen zelf is fijn. Enfin, ik wil geen al te dramatische uitspraken doen."

Nee zeg. Stel je voor. Het is de bestorming van de Bastille niet.

Head Carrier is verschenen bij PIAS. Pixies spelen 25/11 in de Lotto Arena, Antwerpen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234