Woensdag 08/07/2020

Brussels Summer Festival

Pet Shop Boys: de pop kids willen meer pop hits

Beeld Bas Bogaerts

Goldfrapp schudde de magnumfles tot ze bruiste, Pet Shop Boys lieten de kurk met veel vertraging dan toch nog knallen. Yep, Brussels Summer Festival eindigde met een halve greatest hits-show. Beetje bizar, toch.

Alison Goldfrapp (☆) zag eruit als een hoog oplaaiende vlam, zo met haar wapperende bloedrode cape en die felrode latexbroek. (Of was dat een regenbroek, Sally?) Met haar band joeg ze er meteen het recente 'Anymore' door: elektropop met een zinderende baslijn die de kinderkopjes van het Paleizenplein herschikte.

In 'Train' mochten haar twee retecoole keytarspeelsters - ja, dat leest u goed - de geile slaapkamerharmonie van het refrein mee hijgen. Denk: twee koele gothic chicks die halverwege beginnen te headbangen over hun instrument. Impressionant.

Flou artistique

De Britse cultchanteuse hield zich staande in lijziger materiaal als 'Oceans' en in midtempoliedjes als 'You Never Know', maar ze triomfeerde pas in de knetterende high energy-elektro van haar cultklassiekers. Neem 'Slide' (Kylie Minogue in een SM-kelder), 'Number One' (pre-coïtaal gefluister in een stomend synthbad) of 'Ride a White Horse' (quasi-elektroclash met bitchy tics): jongelingen als Chvrches kunnen er alleen maar van leren.

Beeld Bas Bogaerts

Een fraai gezicht trouwens, de zachtoranje gloed van de ondergaande zon die het hoofdpodium een onverwacht flou artistique verleende dat niet misstond in Goldfrapps sensuele koortsdroom."So nice to see you dancing", zei Alison Goldfrapp, want dat deed u nu eenmaal als u op de eerste rijen stond. Uw moves waren nogal intens, zo blijkt, want de zangeres wilde ook even weten "of het meisje in de oranje outfit wel in orde was".

Beeld Bas Bogaerts

'Strict Machine', na meer dan tien jaar nog steeds niet gedateerd, deed het half gevulde plein eindelijk deftig shaken. Goldfrapp mag dan misschien geen hipstervoer meer zijn, sexy en dwingend was de show wél.

Poor man's chic

De Pet Shop Boys dan! En wat stelde dat hoofddeksel van Neil Tennant nu eigenlijk voor? Een pruik in papier-maché? En was dat een kapotte discobol op Chris Lowes kruin? Wat te denken van een licht- en videoshow die goedkope tv-programma's uit de eighties in gedachten riep: Max Headroom! De Juiste Prijs! Het productiedesign van deze Pet Shop Boys-show (☆☆) opteerde klaarblijkelijk voor, euh, the poor man's chic, ook al zong Tennant "let's make lots of money" - een lyric uit 'Opportunities'. Niet verwonderlijke dat The Guardian hun nieuwe look beschreef als die van de gastheren van een dystopisch spelletjesprogramma.

Beeld Bas Bogaerts

Dat Tennant en Lowe ervoor kozen om in de eerste helft van deze festivalshow nauwelijks grote hits te spelen, deed zowel nobel als nukkig aan. Er sprak vertrouwen in hun recente werk uit en een rotsvast respect voor het eigen afgelegde parcours. Tegelijk tornde het aan een onwrikbare wet in de popmuziek: people are always gonna want to hear the hits.

Pintjes bij poëzie

In de plaats daarvan schotelde het duo (bijgestaan door een drummer en extra toetsenist) het nostalgische 'The Pop Kids' voor, geënt op warmbloedige ninetieshouse. Niet meteen een liedje waar het brede publiek in Brussel op stond te wachten, maar soit, ontegensprekelijk het betere werk uit de herfst van de woelige carrière van de Pet Shop Boys. Eerlijk is eerlijk: hun laatste twee platen, Electric en Super, allebei geproducet door elektrowonder Stuart Price, klinken opnieuw geïnspireerd en doen de flauwe albums uit de nineties en de noughties bijna vergeten.

Beeld Bas Bogaerts

Althans, bij sommige festivalgangers dan. Op de voorste rijen van het plein mochten de superfans dan al helemaal uit hun dak gaan, halverwege het terrein, aan het achterste videoscherm, was dat veel minder het geval. Jazeker, wij moesten nog eens goed grinniken bij de tongue-in-cheek-deuntjes van de voorbije jaren zoals 'Love Is a Bourgeois Construct' (gebaseerd op een roman van David Lodge), een slimmig tussendoortje op een uitgeholde Moroder-groove. Maar het pintjes hijsende publiek had helaas weinig oor voor Tennants bitterzoete poppoëzie, zo merkten we.

Art wank

Toegegeven, de derde adem van Pet Shop Boys is lang niet zo memorabel als hun kleppers uit de jaren tachtig. Die eightiesklassiekers hadden een schaduwkant en een tristesse onder de poriën die meerdimensionaliteit suggereerden. Vergelijk die hits met een latere song zoals het vals-Caraïbische 'Se a vida é', een draak van een song die niet meer over de Boys verklapt dan dat het een stelletje verwaande art wankers zijn met een verstoorde kijk op wereldmuziek. De huivering die in Brussel over ons vel kroop was bijgevolg geenszins te wijten aan een kil avondbriesje.

Beeld Bas Bogaerts

Maar kijk, u en ik voelden de opwinding in rotten van tien door ons gestel gieren bij de inleidende synthakkoorden van 'West End Girls', een popmonument met - nog steeds - een motherfucker van een elektrogroove. De visuals huwden abstract met sciencefiction en Tennants silly plastic vestje weerkaatste prachtig het pastelkleurige spotlicht. In die song stak de bovenvermelde unieke mélange van lust en weemoed de kop op: een bluesy tint die generatiegenoten als Yazoo, The Human League en Depeche Mode ook ooit zo treffend in hun liedjes vingen.

Elvis in de Zillion

Wij voelden weinig bij de nogal logge acid house van 'Home & dry' en keken verbaasd op van de bijval die obscure nummers als 'Vocal' en 'The Sodom & Gomorra Show' kregen. Het moet vast die dreinende technobeat zijn geweest. Tja, dan vonden we 'It's a Sin' toch een mooier cadeau - zelfs in de discotheekversie vol Vangelis-allures mét bijpassende lasershow.

Beeld Bas Bogaerts

We hadden de Britten vervolgens liever het prachtige 'Rent' horen spelen in plaats van hun godsgruwelijke Village People-cover 'Go West', maar dat zouden de feestvarkens vooraan vast niet hebben gepikt. Het koninklijk paleis daverde op zijn grondvesten bij al dat dolle, regenboogkleurige geweld, en de fans spatten als confetti over onze hoofden tijdens 'Always On My Mind', een meezinger die Elvis opsloot in de dark rooms van de Zillion.

Wij waren wél tevreden met 'Domino Dancing', toch nog een classic met wat standing. Pet Shop Boys mogen van ons gerust eigenzinnige setlists opstellen, alleen hadden we graag net iets meer pareltjes uit de eighties gehoord, zorgvuldiger verspreid over het concert. “They called us the pop kids / ‘Cause we loved the pop hits / And quoted the best bits”, zo zong Tennant al in 'The Pop Kids'. Je zegt het, Neil, je zegt het.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234