Zondag 21/07/2019

Class of 2000

'Persepolis' van Marjane Satrapi: "Er zijn maar weinig strips van dat kaliber"

In 'Persepolis' schetst Marjane Satrapi een beeld van haar kindertijd in Iran, waar in 1969 de Ayatollahs de macht overnamen. Beeld rv

We herinneren het ons misschien niet meer, maar ooit was de strip een mannenzaak. Met Persepolis doorbrak Marjane Satrapi dat papieren plafond. Ze toonde dat strips niet louter over superhelden, maar ook over echte mensen konden gaan, over de grote politiek en zijn kleine slachtoffers bijvoorbeeld, en meteen lag de hele wereld aan haar voeten, mannen én vrouwen.

Het zal je maar overkomen. Je bent een jonge vluchtelinge die met lede ogen moet aanzien hoe de Westerse media de ene kwakkel op de andere leugen stapelen over je land van oorsprong. Wanneer je daar tegen je nieuwe vrienden over klaagt, zeggen ze vol medelijden dat het inderdaad niet makkelijk voor je moet zijn, maar dat je er natuurlijk ook niet voor gekozen hebt om daar geboren te worden en op de vlucht te moeten gaan. Dat is wat de Iraanse Marjane Satrapi eind jaren 90 overkwam. 

Geboren in 1969 was ze tien toen de Ayatollahs de macht overnamen in haar geboorteland en daarmee een einde maakten aan de marxistische dromen van haar geprivilegieerde ouders. Voortaan zouden ze goede moslims zijn en moest Marjane naar een exclusieve meisjesschool. Daar schopte ze echter zoveel keet dat ma en pa het vier jaar later raadzaam achtten haar naar een Weense kostschool te sturen. Via Straatsburg kwam ze in Parijs terecht, waar ze overstelpt werd door alle onzin die toen over Iran werd verteld en daar haar eigen waarheid tegenover wou plaatsen, de graphic novel Persepolis.

Het eerste deel van het autobiografische Persepolis, waarin Satrapi over haar kindertijd in Iran vertelt, verscheen in 2000 in Parijs bij het vermaarde L’Association. Tussen 2001 en 2003 verschenen nog drie delen, waarin ze het had over haar jaren in Wenen, haar korte tijd terug in Teheran en haar uiteindelijke emigratie naar Frankrijk.

Andere ogen

“Er zijn maar weinig strips van dat kaliber,” zegt Mara Joustra, docente strip aan de Nederlandse Artez Academie en lid van de stripcommissie van het Vlaams Fonds voor de Letteren. “Na Art Spiegelmans veertien jaar eerder gepubliceerde Maus, waarin de auteur snoeihard vertelde over wat zijn Poolse familie moest ondergaan tijdens de nazibezetting, is Persepolis wellicht de belangrijkste graphic novel ooit. Beide boeken zijn trouwens heel gelijkaardig. Ze hebben eenzelfde omvang, benaderen de geschiedenis vanuit een persoonlijk verhaal en zijn uitgevoerd in sober zwart-wit. Puur esthetisch vielen ze misschien niet bij iedereen in de smaak, maar ze hadden een immense impact.”

Jeroen Janssen, de Gentse striptekenaar die zichzelf graag de traagste slow-journalist van de wereld noemt en wiens Er wonen nog mensen / tekenen van leven in Doel recent verscheen, is het daarmee eens. “Ik las het boek meteen toen het uitkwam,” zegt hij, “en het veroorzaakte een aardverschuiving. Het was een helder, niet echt virtuoos getekend maar wel heel persoonlijk, mooi verteld verhaal dat ook nog eens ergens over ging. Wanneer je Persepolis leest, heb je het gevoel dat Marjane Satrapi gewoon bij je aan tafel zit en haar leven vertelt. De cultuurshock die ze onderging door als veertienjarige naar het Westen te komen weet ze perfect op de lezer over te dragen, waardoor die opeens ook zelf met andere ogen naar zijn leefwereld gaat kijken.”

Beeld rv

Oscars

Persepolis, genoemd naar de hoofdstad van het oude Perzische Rijk, sloeg niet alleen bij Janssen in als een bom. Het boek werd meteen wereldwijd opgepikt en vertaald. Er gingen anderhalf miljoen exemplaren van over de toonbank en in 2007 werd het bewerkt tot een animatiefilm die bekroond werd in Cannes en zelfs een nominatie voor de Oscars in de wacht sleepte. 

Persepolis kwam net op het goede moment,” verklaart Joustra een deel van het succes, “Er zinderde iets in de stripwereld en grote uitgeverijen als De Bezige Bij en Atlas Contact besloten voor het eerst ook op volwassenen gerichte graphic novels te gaan uitgeven, waardoor de strip opeens een totaal ander publiek vond. En dat bleek vooral vrouwelijk te zijn. Voor Persepolis waren er natuurlijk ook al vrouwelijke striptekenaars, en succesrijke, maar het publiek bleef overwegend mannelijk. Satrapi bracht daar verandering in. Craig Thompsons Een deken van sneeuw dateert trouwens ook uit die periode en ook dat boek sprak een vrouwelijk lezerspubliek aan.”

Uit het leven gegrepen

Voor Jeroen Janssen is Satrapi’s Persepolis een echte inspiratiebron geworden, zegt hij. Opeens zag hij dat je ook relevante strips kon maken over de werkelijkheid: “Patrick de Saint-Exupéry de stichter en hoofdredacteur van het Franse reportagemagazine XXI zei mij vele jaren later dat de verhalen uit de echte wereld zoveel boeiender kunnen zijn dan die uit onze fantasie. Dat was voor mij de ultieme aansporing om ook verhalen te beginnen vertellen die over het echte leven gingen, maar het was toch Satrapi dat me daar voor het eerst op wees. Sindsdien ben ik een stripjournalist die door de wereld zwerft met alleen zijn ogen, zijn oren en wat potloden, op zoek naar de verhalen van gewone mensen. En zo maakte ik enkele jaren geleden mijn persoonlijke Persepolis, Abadaringi, het verhaal van de kunstschool in Rwanda waar ik in de jaren voor de genocide lesgaf.”

Achttien jaar na zijn oorspronkelijke verschijnen staat Persepolis nog steeds recht overeind, en dat hoeft volgens Joustra helemaal niet te verbazen. “Die strip is een blijvertje,” zegt ze, “omdat een persoonlijk verhaal over iemand die in een cruciaal tijdsgewricht op een bijzondere plek op de aarde leefde nooit dateert. We lezen vandaag toch ook nog steeds boeken over WO I? Zo lang een boek of strip maar goed verteld is, houdt hij stand.” 

“Precies,” sluit Janssen zich daar bij aan, “Want ook al is het inmiddels al een eeuwigheid geleden dat ik Persepolis las, het verhaal speelt nog steeds door mijn kop, vooral wanneer vluchtelingen, integratie, de gespannen relaties met Iran of de mensenrechtensituatie aldaar in het nieuws zijn. Dan blijft Persepolis voor mij altijd de referentie, en voelt Iran aan als een land dichtbij waar mensen wonen die ik dankzij Marjane Satrapi persoonlijk lijk te kennen. Zulke boeken bevorderen empathie, in plaats van vijandigheid en wantrouwen tegenover migranten en andere culturen aan te wakkeren, zoals trollen op sociale media en opportunistische politici meer en meer doen. Ik denk dat Persepolis verplichte lectuur zou moeten zijn voor iedereen, en zeker voor Bart De Wever en Donald Trump.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden