Woensdag 16/10/2019

Expo

Oude Citroën-garage herrijst: KANAL neemt vliegende start

Beeld Damon De Backer

KANAL-Centre Pompidou schiet uit de startblokken. De eerste expo van de meest omstreden kunstsite in Brussel is meteen een schot in de roos. De voormalige Citroën-garage blinkt van trots, en terecht!

Vorkheftrucks rijden af en aan de kade naast de iconische Citroën-garage. Binnen heerst gecontroleerde chaos. Medewerkers zitten elkaar op de hielen en lopen als ijverige mieren de gigantische site in en uit. Stukken van installaties wisselen af met verloren paletten vol rommel. Klaar lijkt de opzet allerminst, en dat met nog maar enkele dagen op de teller tot de opening. “Sommige werken zijn nog in opbouw uiteraard, maar er zal niet zo bijster veel meer veranderen”, vertelt topman Yves Goldstein terwijl we bijna struikelen over een uitstekende panlat. “Het is net de bedoeling om de garage in al zijn ruwe facetten te betrekken bij de tentoonstelling.”

Kanal draait een proefjaar. Curator Bernard Blistène van Centre Pompidou zorgt voor de creatieve invulling ervan en vormt de site de komende dertien maanden om tot een laboratorium waarin cinemazaaltjes, tentoonstellingsruimtes, ateliers, de filmfabriek van regisseur Michel Gondry en het CIVA, het Brussels architectuurcentrum tot één geheel samensmelten. Het resultaat lijkt wel een stad in een stad die een internationale ambitie toont en die tegelijk de culturele aders van Brussel blootlegt. Na de proefdraai gaat de garage voor minstens vier jaar dicht voor een grote renovatie.

Kanal Brut

Het kunstencentrum is er niet zonder slag of stoot gekomen. Sinds de keuze van de naam bekend werd, begin oktober vorig jaar, viel er wekelijks wel iets te lezen over het toekomstige museum voor moderne en hedendaagse kunst. Kanal zou te duur, te politiek en te Frans zijn. Zelfs te Vlaams als we de burgemeester van Sint-Pieters-Woluwe mogen geloven.

Alle kritiek ten spijt: de Citroën-garage glanst als nooit tevoren. Er valt enorm veel te zien in Kanal. Tot aan de kleedkamers van de werknemers toe werd kunst aangebracht. Achter elk hoekje schuilt iets nieuws. De architectuur van de garage vormt de rode draad van de opzet en zorgt ervoor dat de vele verschillende disciplines bijna naadloos in elkaar overgaan. Centraal staat de vooruitgang. Elk kunstwerk is er op een of andere manier aan gelinkt.

Kanal Brut, zoals het proefjaar is getiteld, opent met L’enfer, un petit début van Jean Tinguely, een mechanische assemblage die de beeldhouwer bedacht na de dood van zijn moeder in 1979. Op de brug die er loodrecht overheen loopt, hangt de enorme Open Wall van de Kameroense Pascale Marthine Tayou, net als L’enfer een blikvanger die de lens van een heel pak Instagram-gebruikers niet zal ontsnappen. 

Beeld Damon De Backer

Bekijk hier meer foto's van het gloednieuwe museum.

Knipogen

Bij momenten vraag je je af of je nu naar een kunstwerk of naar een reststuk van de autogarage staat te kijken. Sommige werken gaan zo hard op in het geheel dat je er bijna langsloopt. Zoals Compression “Ricard” van de Franse beeldhouwer César. “Een geplette auto, maar het is geen Citroën”, vertelt Blistène erbij. Het werk staat op gelijke as met Les Boucliers van Alexander Calder uit 1944 dat op zijn beurt weer omringd wordt door andere metaalkunstwerken. Een verwijzing naar de vroegere plaatwalserij waar de auto’s werden gemaakt.

Dat idee slingert mee langs de vele hellingbanen die je naar de vroegere showroom, werk- en opslagplaatsen en parkings brengen. In de burelen op het gelijkvloers knipogen Broodthaers, Fischli & Weiss en Jenny Holzer naar de administratieve taken. De fotografie van Victor Burgin doet dan weer denken aan prenten uit de vuile boekskes, die er vroeger al eens aan de muren durfden hangen.

De subtentoonstelling Station to Station op de eerste verdieping toont het grotere werk. Enkele paviljoenen zoals Maison tropicale van Jean Prouvé, de drijvende wolk Pao II van Toyo Ito en het futuristische Pavillon Lasvit van Ross Lovegrove staan her en der opgesteld. Dat laatste herbergt een prospectiekabinet met werk van jonge designers. Stranger Visions van Heather Dewey-Hagborg springt er in het oog. Zij maakt 3D-prints van gezichten met info gegenereerd uit het DNA gevonden op sigarettenpeuken en kauwgum.

Som der delen

De ruwe opzet, de speelsheid waarmee curator Blistène te werk is gegaan, de injectie aan hoogwaardige kunst en uiteraard de prachtige architectuur als werkkader. Die som der delen maakt een bezoekje aan Kanal meer dan de moeite waard. Het Guggenheim van Brussel, zoals Rudi Vervoort het in 2014 voorspelde, is Kanal nog lang niet, maar de weg ernaartoe is alvast geplaveid. 

Beeld Damon De Backer

Bekijk hier meer foto's van het gloednieuwe museum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234