Woensdag 24/07/2019

Opera

"Opera en hedendaagse dans hebben veel gemeen"

Het dreamteam van Opera Vlaanderen: Sidi Larbi Cherkaoui, Damien Jalet en Marina Abramovic. Beeld Tim Coppens

Voor Pelléas et Mélisande van Debussy, die vrijdag in de opera van Antwerpen in première gaat, heeft Opera Vlaanderen een dreamteam bij elkaar gebracht: Sidi Larbi Cherkaoui en Damien Jalet tekenen voor regie en choreografie en de oermoeder van de performance Marina Abramovic verzorgt de scenografie. Het is hun eerste opera samen maar niet de eerste keer dat ze samenwerken: dat was in 2013 in de opera van Parijs voor de Bolero van Ravel. Toch kennen ze elkaar al langer.

Sidi Larbi Cherkaoui (SLC): "In 2004 hebben we elkaar ontmoet in Rome, waar Marina de performance The Biography Remix deed in het Roma Europa Festival en ik Tempus Fugit met Les Ballets C. de la B. We konden haar toen vertellen…"

Damien Jalet (DJ): "… dat de eerste keer dat ik met Larbi een duet danste, in 2000, de naam Marina Abramovic meteen bij ons opkwam. Zij bleek voor ons allebei een referentie te zijn."

Marina Abramovic (MA): "En ik was meteen onder de indruk van hun werk. Ik dacht: dit is mijn nieuwe familie."

Wat precies trok jullie aan bij elkaar?

MA: "We denken op dezelfde manier: we vermengen verschillende culturen met elkaar. Ik ben geboren in Joegoslavië maar voel mij niet echt zo. Ik leef in Frankrijk maar ben niet Frans, ik werk in Duitsland maar ben niet Duits. Ik denk niet graag in territoria. Ik vind niet dat een kunstenaar moet uitdrukken waar hij vandaan komt. 

"Bij Larbi en Damien voelde ik diezelfde drang naar vermenging, datzelfde zoeken naar een spirituele taal: van sjamanisme via India naar de islamitische cultuur. En dan hun manier om het lichaam te bewegen: als de wind, gewichtloos. Tot dan vond ik dans hermetisch en gesloten, met uitzondering van Pina Bausch. Nu vind ik: je hebt Pina Bausch en deze twee jongens. En dat is het ongeveer."

Maar opera is geen dans.

MA: "Pina Bausch zei: alles is dans. Als je wandelt: dans. Als je stilstaat: dans. Dans is een middel."

SLC: "En dat geldt ook voor opera, en met name voor Pelléas et Mélisande. Het verhaal van Maeterlinck was theater. Debussy maakte er muziek bij en het werd een opera. Je zou kunnen zeggen ‘muziek is geen theater’, maar opera is alles."

DJ: "Opera en hedendaagse dans hebben veel gemeen. Wij werken vaak samen met beeldend kunstenaars, met musici. We gebruiken tekst en muziek, mode en video. Opera doet hetzelfde, het wordt niet voor niets een gesamtkunstwerk genoemd. Operazangers zingen niet alleen: ze acteren en bewegen."

Maar ze zingen wel en dat is op zichzelf al een grote inspanning.

MA: "Ik heb eens naar een paar opvoeringen van Pelléas et Mélisande gekeken. Dat was telkens zo statisch! Er gebeurde niets. Acht mensen stonden in een middeleeuws kasteel, tussen middeleeuwse meubels, in middeleeuwse kostuums en zongen in een antiek soort Frans. Ik dacht: wat kan je daarmee aanvangen voor de 21ste eeuw? Mijn idee was: weg daarmee, ik maak er sciencefiction van."

DJ: "Ik denk dat het de eerste keer is dat er dans wordt gebruikt in deze opera. Dat was een waagstuk. De dans mocht niet decoratief of uitleggerig zijn. Hij moest een nieuwe laag toevoegen aan het geheel."

Pelléas et Mélisande is een opera waarin veel ongezegd blijft.

DJ: "En hij gaat sterk over visie, over het zichtbare en het onzichtbare. De dansers maken het onzichtbare zichtbaar. Het publiek ziet het maar de personages ziet het niet. En dan is er nog een laag die zelfs het publiek niet ziet."

Hoe kom je dan tot een concept voor de opera?

DJ: "We wilden geen concept opleggen aan de opera."

SLC: "We wilden een concept vinden in de opera. Het stuk vertelt ons waar het over gaat. Het doet ons kijken. En dat heeft veel te maken met het werk van Marina, bijvoorbeeld in The Artist Is Present, waar zij zeven uur lang tegenover iemand zit en hem/haar in de ogen kijkt. De gevoelens die bij dat kijken ontstaan: die zijn allemaal ook te vinden in Pelléas et Mélisande. Er is iets ongelooflijk hedendaags in de manier waarop deze opera met het mysterie omgaat. Daardoor was het niet eens zo moeilijk om het naar onze wereld te brengen. Al is mysterie vandaag de dag misschien niet echt modieus."

MA: "Wat mij intrigeert is het mysterie van Mélisande. Je weet niet waar ze vandaan komt. Ze lijkt geen geheugen te hebben. Ze weet niet waar ze gaat, waarom ze in het kasteel is, van wie ze zwanger is… Haar enige antwoord is la vérité, de waarheid, en daarmee sterft ze. Daarin ligt heel het mysterie van het leven, van ons bestaan. Zij is niet bevreesd voor de dood. Zij bezit een etherische vrijheid, waardoor ze deze wereld kan verlaten zonder antwoord. Zo zou ik willen dat het publiek buitengaat na de voorstelling: zonder een antwoord te hebben gekregen, maar elk afzonderlijk met een eigen visie op wat hij of zij heeft gezien."

Hoe geef je zoiets vorm?

MA: "Daartoe heb ik onder meer twaalf kristallen met verschillende vormen in de scenografie verwerkt, die verschillende plaatsen suggereren: het kasteel, de tuin, de grot… Maar alles kan ook iets anders zijn. We kennen tijd en plaats niet."

DJ: "Voor mij waren het de dansers die mij de toegang gaven tot de opera. Ik had al veel naar de muziek geluisterd maar dacht vooral dat die erg moeilijk was om op te dansen. Pas toen de dansers begonnen te bewegen werden alle lagen van de opera voor mij duidelijk. Het was prachtig om te zien hoe de dansers dat konden belichamen, dingen konden laten zien die in de opera onuitgesproken bleven."

SLC: "Zij zijn de echo van wat de personages denken en voelen."

MA: "Mag ik nog iets zeggen over de zangers? Het probleem is dat ze hun rollen in heel de wereld spelen. Ze weten alles op voorhand. Het komt er op aan ze uit hun comfortzone te halen. We leren ze op elkaar betrokken te zijn, te leven met de dansers die tussen hun benen rondkruipen, met de kristallen die bijna op hun hoofd vallen."

En lukt dat?

MA: "Het was hard werk, vooral voor hen. Maar ja, nu is het prachtig."

SLC: "Hoe ze hun lichaam accepteren, hoe ze begrijpen dat een heel kleine beweging een enorme impact kan hebben, hoe ze tussen de regels lezen."

DJ: "Erg belangrijk vind ik ook het element sculptuur. Dit is de tijd van Rodin, Camille Claudel, George Minne… Die anatomisch enigszins vervormde figuren hebben ons erg geïnspireerd. Sculptuur komt ook terug in de kostuums van de Nederlandse modeontwerpster Iris Van Herpen. Zij transformeert als het ware het menselijk lichaam."

MA: "Neem daarbij nog de video van Marco Brambilla en het hele beeld wordt als het ware een reis door de ruimte, tussen sterren en melkwegstelsels, zwarte gaten en asteroïden."

SLC: "Compleet buiten de tijd en middenin het niets."

Van 2 tot 13 februari in de opera van Antwerpen, van 23 februari tot 4 maart in de opera van Gent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden