Woensdag 23/10/2019

Muziek

Op stap met Het Zesde Metaal: aarzelen met ziel

Wannes Cappelle tijdens de try-out in Lichtervelde. Beeld Bas Bogaerts

De akoestische drang en dwang die hoort bij theatertours, vermijdt Het Zesde Metaal straks bewust. Méér nog: elektronica neemt zelfs de bovenhand. Door het geweer van schouder te veranderen, schiet de groep zichzelf gelukkig niet in de voet. ’t Es nog al nie na de wuppe!

“Ik dacht dat we naar Bobbejaanland gingen”, meesmuilt Tom Pintens. Gespeelde verontwaardiging schemert in zijn stem. Terwijl de regendruppels als kiezeltjes tikken tegen de golfplaten boven het rokerskot, steekt de Antwerpse toetsenist en trouwe handlanger van Wannes Cappelle een sigaret op. Een dénksigaret. Want er volgt meteen een spoedvergadering met de groep over tempo, arrangement en gevoel.

Wie buiten de provinciegrenzen woont, verwart het West-Vlaamse Lichtervelde allicht makkelijk met Lichtaart. Het gehucht dat een jodelende cowboy ooit op de wereldkaart plaatste met zijn legendarische pretpark. Een geografisch verschil van 150 kilometer moet je dan wel negeren.

Prachtig archaïsch

Maar we staan dus in Lichtervelde. Een sympathiek slaapdorpje tussen Roeselare en Torhout. In een duf en stoffig verleden sleten we onze korte en lange broek – helaas ook lelijke baggy pants – op de schoolbanken in dit Houtland. Na twintig jaar lijkt er niet zo knap veel veranderd aan het decor. Ook in Cinema De Keizer staat de tijd al minstens een eeuw stil. ’s Avonds zal Het Zesde Metaal hier zijn eerste concert van het jaar spelen. Een try-out voor de aankomende theatertour, die hen langs net geen dertig theaters zal leiden.

De bioscoopzaal oogt prachtig archaïsch. “Het is de oudste dorpscinema van het land”, knikt David Zegers. Met Het Zesde Metaal organiseert hij er 's avonds een van zijn Witlofsessies: een kleinschalige concertreeks, waar hij lokale buren en dorpsgenoten tussen pot en pint laat meegenieten van muziek die hij zelf graag hoort. Liefst nog op locaties die een ziel hebben.

Op dat vlak verliest De Keizer alvast niet zijn recht. Het is een relikwie uit een andere tijd, waar de geest van het verleden zichtbaar spookt. Die ene wijkplaats in het dorp waar je nog stiekem met je lief kon tongen. Wannes Cappelle is meteen onder de indruk van de kleine cinema, die verborgen ligt in een zijstraat.

Het verweerde hout en decor uit een andere tijd voelt net zo warm aan als de nostalgische aanblik die de backstage biedt: een projectieruimte, die ook een vliegtuigatelier onderbracht en nu dienst doet als bescheiden museum in beton en planken. Loodzware projectoren, vergeelde posters, fluoroze lichtreclame, en grauwe foto’s getuigen van een lang vervlogen verleden. In de gang naar de zaal lezen we op een antieke lichtbox 'Niet spuwen'. Een ticket kostte er destijds tien Belgische frank. Voor 25 cent knort vandaag zelfs het spaarvarken van een peuter niet meer.

De groepsleden kunnen zich evenwel minder lang nestelen in nostalgie dan wij. De blik staat op scherp, de zenuwen zijn gespannen. Eerder die middag liepen we Wannes Cappelle tegen het lijf, op het perron van het station. Toen al gaf de frontman aan: “Vannacht droomde ik zelfs over wat er allemaal kan misgaan. Dan wéét je dat het menens is. Ik hoop dat iedereen zijn huiswerk heeft gemaakt.” Dat blijkt het geval. “Ik heb een waslijst vol aanmerkingen”, zegt Pintens bijvoorbeeld meteen. Vlak voor het nieuwe jaar probeerde de groep al eens de nieuwe arrangementen uit in Doornik, en volgens hem is er nog werk aan de winkel.

Kraftwerk

Alle songs klinken onveranderlijk herkenbaar, maar de elektronica die zijn weg vond naar de laatste plaat, Calais, vertakt zich vandaag ook naar de rest van de set. ‘Ploegsteert’ zwelt zachtjes aan met synth-arpeggio’s, en klinkt alsof Kraftwerk het zou aanleggen met ambient kids. Ze spelen de song bovendien in een hoger opgevoerd tempo dan gewoonlijk. ’s Avonds zal Cappelle die West-Vlaamse hymne over gevallen coureur VDB dan ook uitleiden met een onderkoeld: “U hoorde net een lichtjes andere versie. We wilden trouwens twintig nieuwe interpretaties bedenken, zodat we een heel concert alléén ‘Ploegsteert’ kunnen spelen.” De zaal die tot aan de nok gevuld is, laat zich alles welgevallen. Geen wonder: de songs boeten geen spat in aan intensiteit. De teksten lichten zelfs nog veel duidelijker op, in de vrij ascetische arrangementen.

Maar niet alles wat blinkt, blijkt goud bij de voorbereidingen. Tijdens de repetitie test Pintens een planfluit-geluid uit, dat hij snel weer aan de kant schuift. “Shit! Dat klinkt meer als de Peruvianen op de Meir”, lacht hij verontschuldigend. Wat wél werkt tijdens de voorbereidingen: we horen beats passeren die als paardenhoeven kletteren en etherische synths. ‘Akattemets’ houdt zelfs het midden tussen de gouden jaren van Talking Heads en ‘Wire’ van U2.

Opvallend genoeg staat Cappelle deze tour ook zonder gitaar op de planken. “Het voordeel is dat ik niets meer hoef mee te sleuren”, glimlacht hij. “Maar op het podium sta ik nu écht wel naakt. Ik kan me letterlijk nergens meer achter verbergen.” Fans van het eerste uur hoeven zich evenwel niet te verwachten aan een groep die meesurft op de populaire elektropopvibe van Bazart, Oscar and the Wolf of Warhola. Het Zesde Metaal wordt tijdelijk Het Zesde Elektromechanica, maar aan de basisleerstof verzaken ze niet.

Ook ’s avonds zal ‘Paradis’ dus weer naar de strot grijpen, zélfs met valse start. “We noteren voor dit nummer: de zanger heeft toon nodig”, grinnikt Cappelle verneukeratief voor de song voor een tweede keer wordt ingezet. Een hele avond vertelt hij ook geestige anekdotes, waarvan één zelfs als running gag door de set loopt, inclusief onverwachte clou. Dat de groep naar eigen zeggen soms wat ligt te eisel'n (“aarzelen” volgens het handboek West-Flemish for Dummies), valt niemand in de zaal wezenlijk op.

In tegenstelling tot het concert wordt in de backstage vooraf nauwelijks gelachen of gezwetst. De sfeer is ongemakkelijk sereen. Er wordt hooguit en douceur geouwehoerd terwijl het eten op tafel komt. Cappelle liet een veganistische kok meekomen, en terwijl zij een van de beste linzenschotels ooit serveert, gaat de groep nog eens nerveus door de setlist.

Hoe mooi het concert ook is, blijft ons absolute hoogtepunt toch voorbehouden aan de laatste minuut voor hun entree. “Broeders, laat me niet in de steek”, neemt Cappelle het woord, in een innige omhelzing met de andere groepsleden. “En geníét er straks van.”

Het Zesde Metaal speelt 27 theatershows in Vlaanderen. De première in De Grote Post, Oostende is al uitverkocht. Meer info: https://www.hetzesdemetaal.be

Aan tafel in Lichtervelde. Beeld Bas Bogaerts
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234