Woensdag 22/09/2021

InterviewHarry & Jerina uit 'Huis gemaakt'

‘Op school werd ik zelfs door de leerkrachten gepest. Dan moest ik naar voren komen en mocht iedereen met mij lachen’

null Beeld VTM
Beeld VTM

Verbouwingswerken zijn veelal een weinig vruchtbare voedingsbodem voor de liefde, behálve voor Harry en Jerina uit het VTM-programma Huis gemaakt. Tussen het plamuren en isoleren door bleef het stel zo gek op elkaar dat ze, ook al wonnen ze het door hen gerenoveerde pand níét, toch half Vlaanderen beroerden: via een crowdfundingactie werd al meer dan 120.000 euro opgehaald, zodat ze hun droomhuis tóch kunnen kopen. Voor ons zetten Harry en Jerina niet gewoon hun voordeur, maar ook hun ziel op een kier – ook dáár hebben ze iets moois van gemaakt.

Plaats van afspraak is een in een industrieterrein verscholen bar aan de Kortrijkse waterkant, in de eerste uren van hun verlof. Na de laatste vraag gaat het richting Ardennen, en wat broodnodige rust.

Harry Descamps: “Onze kop ligt aan diggelen: het is een nogal turbulente periode geweest. (lacht) Ongelofelijk mooi wat er aan het gebeuren is. Maar wij zitten precies op een rollercoaster.”

Jerina Malfait: “De hele rit van Huis gemaakt was gek. Acht maanden werkten we naar één doel toe, we kwamen zo dichtbij, de hoop begon te groeien... En dan verloren we. Toen daarop de tristesse de kop opstak, konden we die met niemand delen.”

Descamps: “Het waren grijze dagen, net na die finale.”

Malfait: “Pas toen we de laatste aflevering met onze familie en vrienden op tv zagen, kwamen we er weer bovenop: zij waren allemaal nog triester dan wij en dat hielp op de één of andere manier. (lacht)

“We voelden zoveel steun, en niet alleen van onze naasten. We kregen meteen de aanbieding om een weekje gratis naar een glamping in Portugal te trekken, omdat de uitbaters het zo erg vonden voor ons. Lief, hè? Nu, het wás ook zwaar.”

Descamps: “De zwaarste periode was toen Femke en Tobias, het andere koppel met wie we vier maanden in ons huis hadden samengewerkt, afvielen. Opeens waren we uit ons ritme. We zaten er even helemaal door, niet zo nice.”

In de finale grepen jullie naast het huis waaraan jullie maandenlang hadden gewerkt, maar dat was buiten kijkend Vlaanderen gerekend. Fans zetten een crowdfundingactie op waarmee in een mum van tijd meer dan 120.000 euro werd opgehaald. Hoe zit het daarmee? Hebben jullie het geld al in handen en kunnen jullie het huis ermee kopen?

Malfait: “Nee, we hebben ons even laten overspoelen door die golf van liefde, en voor de rest wachten we af. Na onze vakantie hebben we afgesproken met de werfleider die ons in het programma begeleid heeft.”

Descamps: “Wij gaan van 5 euro op onze bankrekening naar meer dan 100.000 euro: dat is te zot voor woorden. Wij willen ons laten bijstaan door een financieel adviseur.”

null Beeld Koen Bauters
Beeld Koen Bauters

Geld staat even noodgedwongen centraal in jullie leven. Hoe belangrijk was het daarvóór?

Malfait: “Niet. Ik vind het moeilijk om er nu mee om te gaan. Wat ons het méést deugd doet, zijn de reacties die mensen bij hun gift schrijven. Als wij iets liefs lezen – ‘Fuck, jullie hebben dat zo goed gedaan! Wij zijn trots!’ – maakt dat onze dag goed. Ik weet: als ik er over tien jaar even door zit, moet ik gewoon die reacties checken.

(twijfelt) Er zit jammer genoeg ook een schaduwzijde aan. ‘Wow, zo chic!’ zeiden we. ‘Iedereen staat achter ons!’ Maar zodra dat geld er was, gold dat soms niet meer. We hebben al een aantal afgunstige reacties gekregen, zelfs van vrienden en kennissen. Als ik merk dat iemand die ik graag zie moeite heeft om mij gewoon proficiat te wensen, kwetst mij dat enorm. Terwijl wij nog nét dezelfde personen zijn als gisteren, hè?”

Descamps: “Je merkt snel wat je hebt aan iedereen rond je.”

Malfait: “Je échte vrienden, die er altijd voor je zullen zijn, no matter what, kun je volgens mij op de vingers van één hand tellen.”

Descamps: “Als je iets hoort over familieruzies, gaat het toch altijd over financiële zaken? Van in het begin van onze relatie hebben wij gezworen: we laten geld nooit tussen ons komen.”

Malfait: “Wij hebben er in het verleden financieel vaak niet zo goed voor gestaan. Het was altijd knokken om rond te komen. Net daarom hebben we die afspraak gemaakt. Want ik kom zelf uit een gezin waar er wél veel ruziegemaakt werd over de financiën – daar heb ik nog een trauma van. Daar draait het leven toch niet om?

“Het is niet altijd makkelijk geweest. Dat wij zo vroeg ouders zijn geworden, bijvoorbeeld, was niet gepland. Het zorgde ervoor dat wij ons leven helemaal opnieuw hebben moeten inrichten. Ik werkte in een koffiebar. Het was niet de bedoeling dat ik daar mijn hele leven zou blijven. Maar nu werk ik er nog steeds. Ik zit er goed, en heb werkzekerheid. Harry ging toen nog op tour met bands.”

Descamps: “Ik was lichtman bij Raketkanon. Voor een appel en een ei, omdat ik de stiel nog aan het leren was. Dat was de max. Maar plots werd ik vader. Ik dacht: tijd om een echte job te zoeken.

“Mijn eerstvolgende job was in een magazijn. Een kutjob, waarbij ik na een maand werd buitengesmeten. (blaast) Die periode was vree mottig. Ik ging echt van de ene job naar de andere. Zo heb ik nog in Bellewaerde gewerkt als technicus voor de Stunt & Dive Show: muziek draaien, vuurwerk regelen...”

Malfait: “Een aanrader: moet je zeker eens gaan bekijken.”

Descamps: “Maar ook kutwerk. (lacht) Ik werkte er met dagcontracten en zodra het seizoen erop zat, vloog ik buiten en had ik niks om op terug te vallen. Er waren ook toffe jobs, hoor. Zo heb ik voor de musea in Kortrijk gewerkt: transport van kunstwerken, expo’s opbouwen... Bij de jeugddienst maakte ik podia en feestzalen klaar voor gebruik, als een soort conciërge, net als in het cultuurcentrum van Menen.”

Malfait: “Maar toen kwam corona, hè.”

Descamps: “(knikt) Nu werk ik in een supermarkt.”

Puur vanwege corona?

Descamps: “De uren waren ook heel handig.”

Malfait: “Het moest combineerbaar zijn met Huis gemaakt.”

Hoeveel uren klopten jullie gemiddeld?

Malfait: “Het was zeven dagen op zeven. Sommige weekends hebben wij amper geslapen.”

Descamps: “We werkten van acht uur ’s morgens tot een gat in de nacht. We waren ook de enige kandidaten met een fulltimejob én kinderen: dat was toch maniakaal, eigenlijk? (lacht)

Vonden de kindjes dat allemaal oké?

Malfait: “Nee, dat was heel erg...”

Descamps: “Wij hebben er serieus van afgezien, maar de kindjes ook: om die reden alleen al zou ik het nooit opnieuw doen. (blaast) Onze zoon Fidel is 3 en staat tegenwoordig ’s nachts op om te zien of we er nog zijn. Onno’tje, onze dochter, is 5 en huilde elke keer bij de oppas: ‘Ik heb pijn aan mijn hartje’, zei ze. Pff.”

Malfait: “Maar goed, de ervaring heeft ons leven ook rijker gemaakt.”

Descamps: “Da’s waar. We hebben niet alleen veel praktische dingen bijgeleerd, we zijn ook als persoon gegroeid. We hebben onszelf en elkaar op een totaal andere manier leren kennen.”

Malfait: “Het is zo intens.”

Descamps: “Je bent op elkaar aangewezen, hè. Jerina was de enige die mij kon begrijpen en omgekeerd. Het moeilijkste: het moet allemaal maar lukken, liefst nog zonder dat je elkaar begint te wurgen.”

Malfait: “Ik heb enkele keren getwijfeld, maar ik heb mij kunnen inhouden.”

null Beeld Koen Bauters
Beeld Koen Bauters

PANIEKAANVAL

Jullie zijn nu negen jaar samen. Staan jullie nu nog dichter bij elkaar, of was de band al onlosmakelijk?

Descamps: “We hebben altijd hard aan elkaar gehangen.”

Malfait: “We hebben als koppel sowieso altijd al vree hard moeten knokken. We hebben al wat watertjes doorzwommen. (lachje)

Lieve stroompjes of woeste rivieren?

Descamps: “Het was toch vaak kolkend. Het is vooral voor mij een gevoelig onderwerp. Maar goed, voor één keer wil ik daar wel open over praten.

“Onze relatie is begonnen toen ik 17 was en Jerina 21. Op die leeftijd geen klein verschil. Bovendien had ik een enorm minderwaardigheidscomplex. Altijd al gehad. Maar om dan ook nog eens met iemand van vier jaar ouder samen te zijn... Ik was enorm geïntimideerd door haar vriendengroep, bijvoorbeeld. Op de één of andere manier was dat in mijn hoofd – ook al zag ik haar doodgraag – niet zo’n goeie verhouding. Ik voelde mij geen gelijke. En als ik eerlijk ben: nog altijd niet. Een minderwaardigheidscomplex gaat niet zomaar weg.

“Op school heb ik het erg moeilijk gehad: er werd een vorm van autisme bij me vastgesteld. Ik heb gigantische concentratieproblemen en kan niet om met te intense prikkels. Drukke plaatsen, sterke geuren... Alles wat zintuiglijk te veel is, veroorzaakt in mijn schedelpan een enorme chaos. En dat heeft z’n weerslag gehad: ik werd zwaar gepest en haalde altijd slechte punten. Door die samenloop van omstandigheden begon ik, in de periode dat wij nét samen waren, stevige paniek- en angstaanvallen te krijgen. Tot in het extreme: mijn neus bloedde, ik huilde en sloeg dingen kapot. Ik ging van de ene psychiater naar de andere, en ben uiteindelijk een tijdje opgenomen geweest in de psychiatrie. Dat mag je opschrijven: ik schaam mij daar niet écht over. Maar toch...”

De werkelijkheid komt bij jou lichtjes anders binnen dan bij iemand anders.

Descamps: “Ja, ik besefte dat ik anders was.”

Malfait: “Jij hebt je daar lang alleen in gevoeld, hè?”

Descamps: “Heel lang. Zelfs als er veel geliefden rond mij zijn, kan ik me nog erg alleen voelen. Maar dat minderwaardigheidscomplex kwam er vooral in combinatie met het pesten. Ik heb op veel scholen gezeten – ik moest elke keer weg door mijn slechte punten – en op íédere school werd ik zwaar gepest. Overal.

“Ik denk dat het kwam omdat ik andere gedragingen had; ik was ‘raar’, zeker? Ik probeer veel op te lossen met humor. Maar dat komt zelfzeker over. In combinatie met mijn slechte punten dachten mensen misschien dat ik een olifantenhuid had, dat het mij allemaal niks kon schelen. Wat totaal niet waar was.”

Malfait: “Misschien was je een makkelijk slachtoffer omdat je zelf nooit oordeelt over anderen. Ze konden om het even wat naar jou roepen, jij zou nooit iets slechts terugzeggen.”

Descamps: “Nee. Ik ben iemand die wil dat iedereen zich goed voelt. Ik zou geen vlieg kwaad doen. In één van de laatste scholen waar ik heb gezeten, werd ik zelfs gepest door de leerkrachten. En door mijn klastitularis.”

Dat is walgelijk.

Descamps: “Ik werd aldoor belachelijk gemaakt: dan moest ik naar voren komen in de klas en mocht iedereen met mij lachen. Ik moest toertjes lopen rond de school, zonder reden, zodat de hele school me kon zien. Bij de les elektriciteit pakte de leerkracht me vast en zette mij vooraan, om te lachen met de gaten in mijn broek.”

Hebben je ouders daar ooit iets tegen ondernomen?

Descamps: “Ik was een binnenvetter, ik kropte alles op. Alles is er pas, in één grote gulp, uit gekomen in de periode dat ik die paniek- en woedeaanvallen kreeg. En dan ben ik dus opgenomen geweest, omdat ik het allemaal niet meer zag zitten.

“Om maar te zeggen: onze relatie is echt wel in een gigantisch dal begonnen.”

Als 21-jarig meisje had jij makkelijk kunnen zeggen: ‘Leuke jongen, maar misschien wat véél.’ Niemand had je dat kwalijk genomen.

Malfait: “Misschien, maar dat wilde ik niet.”

Descamps: “Jerina is er altijd geweest voor mij. Daar ben ik haar nog altijd heel dankbaar voor. (tot Jerina) Dat jij daar iedere dag stond, twee maanden lang, dat vind ik zo schoon.”

Malfait: “Ik heb altijd een zorgend karakter gehad. Voor mij was dat geen opoffering. Harry had iemand nodig die bij hem was, en ik wilde heel graag die persoon zijn.”

Ging het na de psychiatrie béter?

Malfait: “Toen zijn je ouders net gescheiden, hè?”

Descamps: “(knikt) Een zware scheiding, waar ik erg van heb afgezien. Ik heb mijn moeder zelfs een tijd niet willen spreken. Dat weegt op je, én op je relatie. Nu is de band weer volledig hersteld. Ik ben ook geen mens die krampachtig blijft vasthouden aan rancune. Ik heb mijn moeder nodig, want ik zie haar graag.”

Jerina, ben jij de grote constante, de eeuwige rots in de branding?

Descamps: “Wat mij betreft: zéker.”

Malfait: “Ik denk ’t ook. (lacht) Maar ik heb het moeilijk op andere momenten – na de geboorte van Fidel had ik een postnatale depressie – en dan is Harry er even hard voor mij. Als de ene valt, staat de ander klaar om op te vangen.”

null Beeld Koen Bauters
Beeld Koen Bauters

EEUWIGE LIEFDE

Komen jullie uit soortgelijke gezinnen?

Descamps: “Totaal niet. Mijn gezin was een warm nest. Wij pakten elkaar graag vast.”

Malfait: “Bij mij was dat minder. Mijn ouders hadden veel ruzie. Ik had het daar moeilijk mee: thuis was vaak de plaats die ik probeerde te ontvluchten. Dat zeg ik niet om afbreuk te doen aan mijn ouders, want ik zie ze heel graag.”

Jullie hebben op romantisch vlak allebei niet het beste voorbeeld gekregen. Geloven jullie desalniettemin in de eeuwige liefde?

Malfait: “Ik heb er héél lang niet in geloofd, maar Harry heeft dat geloof hersteld.”

Descamps: “Het concept van ‘de ware’ bestaat volgens mij niet, maar als je er allebei hard genoeg voor werkt – en elkaar graag genoeg ziet – dan kan het wat mij betreft wél eeuwig duren.”

Malfait: “Als je lang samen bent, dan verander je als persoon. En dus verandert ook de dynamiek in je relatie. Wij hebben altijd opnieuw gezocht naar een dynamiek die wérkte.”

Descamps: “Elke tegenslag hebben we overwonnen.”

Het begon mooi: in je onzekerste periode raapte jij op café al je moed bijeen om op Jerina af te stappen.

Malfait: “(glundert) Cool, hè?”

Descamps: “Ik zag Jerina en dat was... boem! Ik was ondersteboven, verbluft, ínstant verliefd.”

Malfait: “We zaten er met een bende gemeenschappelijke vrienden. Harry stond op van zijn stoel en kwam naar mij: ‘Hallo, ik ben Harry, wat is uw naam?’ En niet veel later: ‘Zou ik uw nummer mogen, voor het geval ik het ooit nodig heb?’ Ik dacht eerst: what the fuck, snotaap? (lacht) Maar achteraf was ik onder de indruk: je moet het toch maar doen – zo lief en toch met zoveel lef.”

Waarvan was jij zo ondersteboven, Harry?

Descamps: “Het eerste wat je ziet, is natuurlijk het uiterlijk. Zij was gewoon de perfectie, alles waar ik naar op zoek was. En dan bleek ze nog eens een chique madame ook.”

Malfait: “We hadden dezelfde humor en dezelfde muzieksmaak. In het begin was het vooral de muziek die ons verbond. Harry zat op school in Kortrijk en ik wist dat hij het daar niet leuk vond. Zelf zat ik in de blok, maar in plaats van te studeren in de bib, ging ik naar Harry als hij pauze had, om samen in het park te gaan zitten, en liedjes te luisteren op de iPod.”

Descamps: “Jerina had altijd pintjes en een boterham mee.”

Malfait: “En dan zaten we daar, elk met één oortje, te luisteren naar Serge Gainsbourg, David Bowie, Django Reinhardt, Chet Baker...”

Descamps: “Beetje wegdromen, hè.”

Harry, jij hebt het muziekgen van geen vreemden: jouw vader Dick Descamps was in 1990 finalist van Humo’s Rock Rally met de Ugly Papas. En nu speelt hij bij IDIOTS.

Descamps: “(knikt) Hij heeft mijn muzikale fond gelegd. Én die iPod gevuld, dus eigenlijk heeft hij ook Jerina en mij dichter bij elkaar gebracht.”

Malfait: “Jij hebt mij gewoon verleid met de stem van je papa!”

Descamps: “Ik heb véél van hem meegekregen. Ik ben trouwens grote fan van de Ugly Papas, en ook van Two Russian Cowboys: ken je het nummer ‘Gegingegeugengie’? Heel coole, eclectische, weirde shit met gekke teksten: chic om dat van je vader te horen.”

Jouw vader omschreef de muziek van IDIOTS ooit als ‘Johnny Rotten, Frank Black en Nick Cave die aan het ouwehoeren zijn in een groezelig bordeel’.

Descamps: “(lacht) Zalig.”

Zelf ben je frontman van Whorses. Hoe zou jij die muziek omschrijven?

Descamps: “Soms heel hard, soms heel fragiel. Dat zijn twee kanten die ook in mezelf zitten. Whorses is een goeie samenvatting van mijn karakter: ongefilterd, woest en onstuimig, maar tegelijk breekbaar, zacht en oprecht. Ik ben altijd eerlijk.”

Malfait: “Ik vind ’t beirechique muziek.”

Jerina, jij hebt het regenbooglogo van de band ontworpen, toch?

Malfait: “Ja, de uitleg is simpel: Whorses – en Harry in het bijzonder – heeft alle kleuren van de regenboog. De emoties die je voelt bij de muziek gaan alle kanten uit.”

Jullie hebben allebei een hoop kleine tattoos. Voor een man met Pickle Rick van ‘Rick & Morty’ op z’n arm kan ik alleen maar respect hebben, maar wat betekent de rest?

Descamps: “Ik heb er één van Whorses, één van Raketkanon en één van Brutus. En deze (de naam ‘dick’, red.) heb ik laten zetten voor Vaderdag (lacht). Maar mijn all-time favoriet is deze (laat de grote paprika op zijn borst zien). De platenhoes van White Pepper van Ween, de beste band aller tijden.”

Malfait: “Die van mij zijn bijna allemaal kunstgerelateerd. De quote ‘Altijd kamikaze’ is van de Belgische schilder Philippe Vandenberg: daarmee bedoelde hij dat je, als je vérder wilt raken als persoon, soms moet durven om net stukjes van jezelf af te breken. (wijst naar haar armen) Deze is van Basquiat, deze van Matisse en deze van Onno haar geboortekaartje.”

Van wie heb jij je creatieve talent, Jerina?

Malfait: “Dat weet ik niet. Creativiteit werd thuis niet speciaal gestimuleerd. Ik had gewoon plots iets nodig om mijn gevoelens mee te uiten. Vroeger heb ik nog gedrumd, maar ik bereikte er niks mee omdat ik podiumvrees had. Ik durfde zelfs niet met Harry samen te spelen. Nu kan ik mijn ei kwijt door te schilderen.”

Zou je graag kunnen leven van je kunst?

Malfait: “Ergens wel, maar ik ben zo onzeker... Ik heb lang alleen voor mezelf geschilderd. Maar dan heb ik de stap gezet om naar de academie te gaan: daar móét je wel je werk aan anderen tonen. En dus ook kritiek krijgen; elke commentaar blijft een steek in mijn hart. (lachje) Stukje bij beetje probeer ik mijn werk naar de buitenwereld te brengen. Het is een droom om ooit een eigen expo te hebben. En een eigen atelier, waar ik dag en nacht in kan werken.”

Wie weet kan het geld van de inzamelactie jullie leven ook veranderen op professioneel vlak?

Malfait: “We droomden daarover toen we meededen aan het programma: met een gratis huis zouden we toch meer vrijheid hebben? Maar nu weet ik het niet goed.”

Waarom niet?

Descamps: “Misschien vanwege de reacties. Wij krijgen zoveel geld, maar voor bepaalde mensen die gestort hebben, hangen daar misschien verwachtingen aan vast?”

Malfait: “Omdat het van zoveel mensen komt, is het bijna collectief geld. En daar plannen wij zomaar even ons ding mee te doen?”

Descamps: “Wij zijn pleasers, wij willen altijd goed doen voor iedereen. Ik wil elke beslissing heel goed afwegen.”

GEEN NIEUWS MEER

Jullie zijn integere, zachtaardige mensen. Waar worden jullie kwaad van als jullie naar het nieuws kijken?

Malfait: “Een paar jaar geleden heb ik Harry verplicht om te stóppen met naar het nieuws te kijken. Toen er een filmpje verscheen op een nieuwssite waarin enkele gasten een bedelaar aftuigden, was Harry daar kapot van. Hij begon keihard te huilen. ‘Fuck, de wereld is naar de kloten! Wat is er mis met al die mensen?!’ Alsof het met hém was gebeurd. En toen heb ik gezegd: ‘Harry, het moet gedaan zijn.’ Ik heb toen ook het nieuws niet meer gevolgd. Dat helpt ons om onze hoop in de wereld wat te behouden.”

Descamps: “Anders was het om zeep. (lacht)

Malfait: “Wij zijn allebei positief ingestelde mensen, maar bij momenten kunnen we ook cynisch zijn. Vóór Huis gemaakt hadden wij geen vertrouwen meer in de mensheid. Wij zagen iedereen op zijn eilandje zitten, te denken aan eigen gewin. Maar sinds die crowdfunding weten we: dat klopt totaal niet. Eerlijk: die actie voelde bijna als een revolutie van het volk! (lacht) Mensen blijken nood te hebben aan warmte: ‘Wees nu eens verdorie líéf voor elkaar!’”

Ik haal er even een compleet willekeurig nieuwsbericht bij: Tom Van Grieken zegt dat ‘het blanke’ ‘een dominante factor’ moet zijn in onze maatschappij.

Malfait: “Verschrikkelijk, hè? Zoals mensen die het n-woord blijven gebruiken. Ik vind dat onrechtvaardig. En onrecht heeft de neiging om ons bloed te doen koken.»

“Al die mensen die denken dat ze beter zijn dan een ander, ik zal ze nooit begrijpen. We zitten toch allemaal in hetzelfde schuitje, we maken toch allemaal deel uit van hetzelfde?”

Even tussendoor: jullie zoontje heet Fidel...

Malfait: “(lacht) Géén ode aan Castro, we vonden het gewoon een mooie naam.”

Descamps: “Zo politiek zijn we niet. We staan wel achter acties als #MeToo en Black Lives Matter, maar...”

Malfait: “...we zijn zeker niet activistisch. We proberen vooral een verschil te maken in onze omgeving. Iedereen op een respectvolle manier behandelen vind ik al een mooi doel.”

Descamps: “Laat elkaar verder toch met rust.”

Malfait: “Live and let live.

Je bent niet lang geleden 30 geworden, Jerina: was dat een moment van reflectie?

Descamps: “(schatert) Jep!”

Malfait: “Ik was opeens geen twintiger meer. Dat voelde aan als... Mensen moesten mij opeens niet meer zeggen wat ik moest doen. Ik kon opeens serieus worden genomen. Ik kan me nu de vrijheid veroorloven om zelf te bepalen wat ik goed vind en wat niet, snap je? Mijn zoekende jaren zijn voorbij.”

Descamps: “(blijft schateren) Maar vent toch!”

Malfait: “(lacht) Natuurlijk wérkt het zo niet. Morgen zit ik weer te twijfelen in een hoekje. Maar ik heb er veel over nagedacht.”

Over waar je wilde staan op je 30ste?

Malfait: “Nee, want dat begrijp ik niet echt. Wij hebben twee kindjes gekregen zonder dat dat ooit op de planning heeft gestaan. Doelen heb ik niet meer. Ik heb net kracht gevonden door méé te gaan in de flow van het leven.

“Toen we onze kinderen kregen, panikeerden we: ‘Dat gaat toch niet? We zijn nog veel te jong!’ Harry was pas 20. We woonden zelfs nog niet samen. En opeens werden we geconfronteerd met zoiets groots, zoiets onoverkomelijks. Maar het is gebeurd, en het was beirechic hoe makkelijk we ons aanpasten. Het bleek het mooiste dat ons ooit is overkomen. Sindsdien denk ik... (twijfelt) Ik zit met die stomme quote in mijn hoofd: ‘If life gives you lemons, make lemonade.’ (lacht)

Descamps: “Aanvaard wat het leven je geeft, in plaats van te vloeken omdat je niet vérder staat.”

Malfait: “Ik vraag me af: stel dat je je wél strikte doelen stelt en je haalt die, ben je vanaf dat moment dan gelukkig?”

Descamps: “Ik heb veel geblèt en gevloekt, omdat ik dacht dat ik het niet ging kunnen, vader zijn. Maar plots kwam er een klik: ik aanvaardde het en ik ging erin mee. ‘Het komt wel goed’ zou mijn levensmotto kunnen zijn: een naïeve, maar móóie gedachte.”

Wat willen jullie meegeven aan jullie kinderen?

Descamps: “Doe wat je wilt. Omarm wat op je pad komt. Behandel iedereen met liefde en respect.”

Malfait: “Qua opvoedingsstijl geven we veel vertrouwen aan de kinderen. (glimlacht) Fidel klom toen hij anderhalf jaar was de trap op. Harry schoot in een kramp, maar ik zei: ‘Ssst, laat hem doen. We gaan eens kijken wat hij ervan bakt.’ En plots stond hij boven. Zo gaat het leven toch? Je moddert maar wat aan, en plots sta je bovenaan de trap.”

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234