Zondag 23/02/2020

Reportage

Op citytrip naar Parijs in de winter? Mais oui!

Parijs in de winter: de stad is (vrijwel) voor jou alleen.Beeld Louel de Jong

We houden van Parijs in het voor- en najaar, want dan staan de Tuilerieën in bloei en valt er gouden zonlicht over de Seine. Maar vergeet de winter niet, die biedt ook veel voordelen. Als de Fransen tenminste niet staken...

Het echte Parijs

Eens per jaar ga ik naar Parijs. Dat heb ik mezelf ooit beloofd. Ik ben al blij als ik even door wijken als St-Germain-des-Prés kan dwalen, een koffie kan drinken bij een bistro en een mooie expositie zie. Ik proef de sfeer zo graag, en heb ­ontdekt dat de winter een eigen romantiek én zijn voordelen heeft. Want loop je in mei in een bonte stoet toeristen over de Pont Neuf, nu heb je de ruimte. De stad is weer van de inwoners. Zoals Parijzenaar Jean-François het zegt: “Mooie buurten als Montmartre en Quartier Latin zijn dorpen op zich, maar ook populair bij toeristen. ’s Winters krijgen we het dorpsgevoel even terug.” 

Ongestoord struinen langs de 'bouquinistes' aan de Seine.Beeld Louel de Jong

Het is een kwestie van muts op, sjaal om en wandelen maar. De groene boekenstalletjes langs de Seine staan er gewoon, daar zorgen deze bouquinistes al sinds de 17de eeuw voor. Gemaakt van scheepshout zijn de stalletjes bestand tegen weer en wind.

Touren in een vintage 2CV

De afspraak met onze chauffeur van het bedrijf ‘4 roues sous 1 parapluie’ is voor het Petit Palais. Tijdens het wachten kijken we uit op het indrukwekkende Grand Palais met zijn enorme koepeldak van staal en glas. In 1948 werd daar de eerste 2CV gepresenteerd aan het publiek.

Deze Citroën was bedoeld voor het landleven: een vat wijn en een mand eieren moesten hierin ­ongeschonden kunnen worden vervoerd. De 2CV werd niet alleen geliefd bij boeren, ook hippies en Parijzenaars reden erin. De auto werd cultureel erfgoed en precies daarom is het zo leuk om in een 2CV Parijs te ontdekken. Warm en dicht tegen elkaar aan op de achterbank, terwijl een privéchauffeur alles vertelt over de stad.

Een tour met een 2CV, oftewel ‘4 roues sous 1 parapluie’.Beeld Louel de Jong

Die van ons weet alles over de drie meest voorkomende bouw­stijlen in Parijs – Haussmann, art nouveau en art deco – en loodst ons soepel door het chaotische ­verkeer rond de Arc de Triomphe, intussen uitleggend dat de eeuwige vlam voor gesneuvelde, onbekende soldaten zelfs in de oorlogsjaren bleef branden. De naam van het bedrijf? Die verwijst naar het bolle, stoffen dak van de auto, dus vier wielen onder een paraplu.

Macarons maken

Macarons koop je bij het beroemde en exclusieve Ladurée, dat het koekje ooit bedacht, maar bij Le Foodist kun je ze in tweeënhalf uur zèlf leren maken. De kleine kookschool is gevestigd in een omhoog­lopende straat in Quartier Latin. Terwijl passanten buiten hun kraag nog eens opzetten tegen de kou, waan je je binnen een echte ­patissier. Gemakkelijk is het bepaald niet, elk stapje luistert zeer nauw. Zo moet je voor de meringue suiker en water opwarmen tot exact 118 ­graden Celsius en is het uiteindelijke mengsel pas goed als het een parelmoerachtige glans heeft en als een lint van de spatel glijdt. Maar chef Sarah is een vriendelijke en ­enthousiaste leermeester, bovendien spreekt ze Engels. Als we uiteindelijk met een doos vol voortreffelijke, zelfgemaakte macarons de deur ­uitgaan, voelen we ons ware Parijzenaren.

Níét aanschuiven om de wonderbaarlijk mooie Sainte-Chapelle te bewonderen.Beeld Photo News

Kortere rijen in musea

Als de reisgids zegt ‘u moet Sainte-Chapelle zien om het te geloven’ dan ga je er natuurlijk heen. Het nadeel is alleen dat het lang ­aanschuiven is aan deze ‘mooiste kapel van Parijs’. Maar ’s winters kun je soms gewoon doorlopen. Datzelfde voordeel geldt voor musea: geen eindeloze wachtrijen én meer rust. En het mooie is dat de stad nu op bijzondere tentoonstellingen trakteert, zoals Marie-Antoinette, métamorphoses d’une image (Conciergerie), Degas à l’Opéra (in Musée d’Orsay) en Leonardo da Vinci (in het Louvre). Ga vooral ook naar Musée du quai Branly - Jacques Chirac, de nieuwste van de grote musea, over inheemse kunst en culturen van Afrika, Azië, Oceanië en Amerika.

Geheime passages

Aan het begin van de 19de eeuw werden allerlei overdekte passages gebouwd, vooral in het hart van de stad tussen het Louvre en L’Opéra. Ze moesten het winkelend publiek beschermen tegen modder en vuil: straten waren ongeplaveid en er was geen riolering. In de galerijen was het warm en droog. Van de honderd destijds zijn er nog 27 over die in ere zijn hersteld. Nog steeds zijn ze een oase van rust, vaak met kleine, exclusieve ­winkels. Je kunt een mooie ­wandeling maken van passage naar passage. Sommige zijn niet te ­missen, andere loop je zo voorbij.

Paraplu kapot? Thomas maakt 'm voor je als nieuw.Beeld Louel de Jong

Passage de l’Ancre is er zo een, waar in een van de piepkleine pandjes de laatste paraplu-reparateur van Frankrijk is gevestigd. Uit heel Europa en Amerika krijgen Thomas en zijn vrouw Sylvie ­paraplu’s opgestuurd ter reparatie. Laatst nog, van een Canadese dame die zulke fijne herinneringen heeft aan die van haar opa, omdat ze als kind vaak samen wandelden. En zo heeft Thomas vele verhalen. Nog een tip: klap je paraplu altijd uit met de punt naar boven, zo worden de krachten gelijkmatig verdeeld. Mensen klappen hun paraplu doorgaans veel te slordig uit, waardoor spanners kapotgaan.

Enkele van de mooiste passages zijn Galerie Vivienne, Galerie Véro-Dodat en Passage du Grand-Cerf. Een volledig overzicht is te krijgen bij het toeristenbureau.

Níét over de koppen lopen in de Passage du Grand-Cerf.Beeld alamy

Chocolat à l’ancienne

Eindelijk een goede reden een ­chocolat à l’ancienne te bestellen. Doe dat vooral in het beroemde literaire café Les Deux Magots, waar in de jaren 40 en 50 Albert Camus en Pablo Picasso vaste ­klanten waren, of theesalon Angelina in belle-époquestijl aan de Rue Rivoli. Beide staan bekend om hun recept, gemaakt van ­brokken pure chocolade. Niet alleen de warme drank, geserveerd in een klassiek kannetje, is ­goddelijk. De hele entourage van obers in witte schorten en ­kroonluchters aan het plafond voelt echt als Parijs.

Stilleven midden in Parijs.Beeld Louel de Jong

Ook naar Parijs?

Reizen: de Thalys rijdt vanuit Brussel in anderhalf uur naar Parijs, en dat wel 25 keer per dag, zie thalys.com. Een goedkopere optie (vanaf 10€) is de Izy, die drie maal per dag uit Brussel vertrekt en er een uurtje langer over doet.

Info: uitgebreide informatie over Frankrijk en Parijs op nl.france.fr

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234