Maandag 14/10/2019

Games van de week

Ook gamemakers hebben duidelijk vakantie nodig

De cast van het beste wat er voorlopig nog te scoren valt: 'LEGO The Incredibles'. Beeld WB Games

Ach, het is toch bijna zomer, moeten de kleine en grote gamehuizen hebben gedacht: laat ons nu maar stilaan de rest op de markt pleuren. Verwacht dus geen grote verrassingen meer in dit aanbod, dat de afgelopen week nog verscheen. Het jaarlijkse zomerslaapje van de game-industrie is, kortom, begonnen.

LEGO The Incredibles (★★★☆☆)

Speel één LEGO-game, en je hebt ze eigenlijk allemaal gespeeld. Dat geldt in niet geringe mate ook voor LEGO The Incredibles, een nieuwe titel die de verhalen van Pixars twee Incredibles-films in één videogame giet. Qua structuur en spelmechanieken is alles hetzelfde gebleven als de Lego-games die naar Star Wars, de Marvel- en DC-comics, Indiana Jones, Lord of the Rings, Harry Potter en andere blockbusterfranchises werden gemaakt. U en eventueel een tweede speler besturen twee personages, die - vaak vanuit hun unieke karakteristieken - moeten samenwerken om bepaalde logische puzzels op te lossen. Die laatste hebben natuurlijk meestal met bouwen te maken: vaak moet er een decorstuk aan barrels worden geslagen, waarna het vanuit de individuele brikjes weer in elkaar moet worden gezet tot een attribuut dat u wél verderhelpt in uw missie. Die puzzelopdrachten worden afgewisseld door sequenties waarin er op platformen moet worden geklommen en kleine legers aanstormende tegenstanders tegen de kop moeten worden geslagen.

De fysieke verschijningen vallen soms buiten de traditionele proporties van een 'minifig'. Beeld WB Games

Dat is zo'n beetje de formule waarop de Lego-games al bijna anderhalf decennium drijven. Maar LEGO The Incredibles is een van de zeldzame titels uit die lange reeks die effectief een paar nieuwe dingen introduceren. Gezien de grote fysieke verschillen tussen de leden van het Parr-gezin konden de Britse ontwikkelaars het ten eerste niet meer maken om ieder hoofdpersonage in een minifig van dezelfde omvang te prangen: Mr. Incredible is in deze game dus - net als in de films - een stuk bonkiger dan de andere personages. Ook worden er soms meer dan twee hoofdpersonages tegelijkertijd in de strijd gegooid, en moeten hun speciale karakteristieken samen worden ingezet om het obstakel te ronden. Het rooster aan beschikbare personages is veel kleiner dan in pakweg LEGO Marvel Superheroes, maar u zult hun unieke kenmerken veel beter moeten uitspelen.

LEGO The Incredibles voelt bovendien wat actievoller dan de voorgaande LEGO-games: het verhaal van de game loopt als een trein doorheen de gebeurtenissen uit eerst de tweede, en daarna de eerste film. En de superkrachten van de personages hebben ook een veel grotere fysische impact op het decor van LEGO-blokjes. Maar toch mist de game ook iets: dat ontwarbaar stapje verder in de gein, dat LEGO-games meestal wel zetten. LEGO The Incredibles heeft een beetje de handicap dat hij gebaseerd is op een product dat zélf een pastiche is, terwijl de betere LEGO-games uit de afgelopen dertien jaar altijd schitterden in de manier waarop ze een op zich vrij ernstig verhaal in de zeik namen. In LEGO The Incredibles moet u al een enorme fan van de twee films zijn om te ontleden welke grollen er nu uit het origineel komen, en welke de halvegaren van ontwikkelstudio TT Games er zelf aan hebben toegevoegd.

Uit voor PlayStation 4, Nintendo Switch, Xbox One en pc.

The Crew 2 (★★☆☆☆)

De Franse uitgever Ubisoft is zó voorzichtig met het lanceren van zijn The Crew-racegames dat het een beetje verdacht ruikt. De eerste kwam vier jaar geleden op de markt in de maand december, net buiten het blockbusterseizoen dus, en ontliep daarmee de titels die toen écht het mooie weer maakten in het eindejaarsseizoen. En ook met de opvolger, die aan het absolute achtereind van juni verscheen, bleven ze angstvallig weg uit het relatief drukke voorjaar. Waarom? Misschien omdat ze al een voorgevoel hadden. Het idee dat hun titel toch niet helemaal 'mee' is. En nee, dat is ie ook niet. Na een uur of tien rondsjezen in The Crew 2 voelt de game als een oppervlakkig rommeltje aan.

Sjezen ter land, ter zee en in de lucht. Beeld Ubisoft

Dat ligt niet aan het decor, waarin de ontwikkelaars een enorme zorg staken: de (uiteraard zwáár gecondenseerde) Verenigde Staten die u doorkruist in The Crew 2, constant afwijkend voor een race-uitdaging hier en daar, geeft u bijna het gevoel dat u in een videogameversie van Jack Kerouacs On the Road bent. Maar dan wel met muscle cars of een brede selectie van andere voertuigen, zoals motorfietsen, monstertrucks, speedboten, hovercrafts en landbouwvliegtuigjes. Erg prettig is dat u uw voertuig onmiddellijk van de ene naar de andere soort kunt transformeren.

Maar de besturing van die transportmiddelen voelt niet helemaal op snee, en het grote probleem met dat weidse decor waarin u vrij kunt rondjakkeren is hetgeen wat u erin kunt dóén. Wanneer u afwijkt van de vastgelegde paden die de makers u opleggen tijdens uw roemrijke opkomst, is de kans erg klein dat u aan een lukraak gekozen uitdaging mag deelnemen omdat u daarvoor gewoon nog niet het juiste level (dat wordt uitgedrukt in aantal social media-volgers - mooie vondst!) hebt bereikt. The Crew 2 voelt als een duizenden vierkante kilometers grote zandbak waarin de meeste kindjes u niet laten meespelen, en u braaf in uw eigen hoekje moet blijven tot u over wat beter speelgoed beschikt.

Het feit dat u recht van het ene naar het andere voertuig kunt overgaan geeft een enorme vrijheid. Beeld Ubisoft

Natuurlijk is het mogelijk dat The Crew 2 binnen een jaar of twee wél een aanrader wordt: dit is het soort game waaraan constant nieuwe content wordt toegevoegd, een discipline waarin Ubisoft vandaag een meester is geworden. Ook de eerste game werd beter en beter doorheen de twee jaar na zijn release. Maar voorlopig snappen we erg goed waarom ze - met hetgeen wat The Crew 2 vandaag te bieden heeft - liever eventjes buiten de momentele strijd blijven.

Uit voor PlayStation 4, Xbox One en pc.

Flashback (★☆☆☆☆)

Ineens bij bewustzijn komen op een plateau in de bomen boven een zompige jungle, niet meer wetend wie u bent. Dankzij een door uzelf opgenomen boodschap beseffen dat u zich, in het jaar 2140, ergens op Titan bevindt, een inmiddels door de mens gekoloniseerde maan van Saturnus. Het vormde in 1992 het begin van Flashback, een tweedimensionale sf-avonturengame van Franse makelij waarin er vooral van platform naar platform moest worden gesprongen, dingen moesten worden opgeraapt en met elkaar verbonden, en vijandige aliens dienden te worden neergeschoten. Het Franse Microïds, de uitgever van deze Nintendo Switch-heruitgave, dacht wellicht dat hij ook met een kwarteeuw op de teller niet zou misstaan tussen het huidige brede aanbod van indiegames met ouderwetse pixelgraphics. Maar dat hadden ze dus mis.

Het packshot van 'Flashback' ziet er min of meer hetzelfde uit als 26 jaar geleden. Beeld Microïds

Ten eerste slagen de ontwikkelaars van hedendaagse pixelgraphic-games erin om met wel iets mooiers voor de dag te komen dan wat Flashback presenteert: hun blokjes hebben veel meer kleurtinten, bijvoorbeeld, en er worden ook moderne belichtingstechnieken op toegepast. Ook Microïds probeerde om de graphics wat te moderniseren, maar die oefening is niet gelukt: in de gemoderniseerde uitvoering lijkt alles eerder weggevijld dan verscherpt. Als u de moderne visuele technieken uitschakelt, en dus terugkeert naar de originele graphics van destijds, ziet Flashback er veel beter uit.

In hun bijgewerkte versie - hier afgebeeld - zien de graphics er iets te afgevijld uit. Beeld Microïds

Maar wacht nog even, want er is nog een tweede en belangrijkere reden waarom Flashback het echt niet verdient om naar uw Switch te worden gehaald. Het was, ook in zijn eigen tijd, een overroepen titel, die zijn cachet van klassieker ook niet heeft verdiend. Zijn flukse animaties waren gewoon een evolutie van een ware sprong die de wél nog steeds als een huis staande Another World een jaar eerder had gemaakt. Hij mist ook de originele visuele panache van die voorganger (waarvan er overigens ook, dieper in de zomer, een remake komt). Zijn verhaal is erg doorsnee sf-meuk. En zijn spelmechanieken zijn een samenraapsel van oudere titels als Prince of Persia, Impossible Mission, Space Quest II en Rolling Thunder. Een fossiel uit de late prehistorie van het medium, dat ze beter in de klei hadden laten zitten.

Uit voor Nintendo Switch.

Starman: Tale of Light (★★☆☆☆)

Van sommige dingen hebben we gewoon te veel gezien. Tot enkele jaren geleden gold dat alleen maar in het blockbustergenre, maar vandaag hebben ook indie-gamemakers de neiging om elkaars ideeën en visuele stijltjes klakkeloos over te nemen. Een game als Starman: Tale of Light is er zo een. 

Hebben we dit niet al eens eerder gezien? Beeld nada Studio

Minimalistisch muziekje, dromerig duister decor met een protagonist die daarin een beetje oplicht, niet al te moeilijke puzzels: het had zowaar Year Walk of Monument Valley kunnen zijn, maar het is in dit geval een vorig jaar op mobiel uitgebrachte game over een eenzame astronaut die tussen de overblijfselen van een verlaten buitenaardse beschaving jakkert. Een betoverende omgeving die stilaan een metaforische betekenis krijgt.

Starman: Tale of Light speelt beter op een iets groter scherm als dat van een pc, maar de originaliteit blijft even ver te zoeken. Het is een probleem dat ook de makers van cartooneske 2D-platformers stilaan zouden moeten inzien. Of die van first-person-fysicapuzzelgames. Er dreigt, kortom, bloedarmoede in de indie-sfeer. Of misschien zijn we wel gewoon knorrig omdat we wel héél dringend vakantie nodig hebben.

Nu uit op pc en Mac. Eerder al op iOS.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234