Maandag 23/09/2019

Boeken

Ontdekkingsreiziger Ranulph Fiennes, de man die zijn eigen vingers afzaagde

Ranulph Fiennes. Beeld Contour by Getty Images

Hij zag en overwon de gevaarlijkste streken ter wereld. In zijn autobiografie doet Ranulph Fiennes (75) uit de doeken hoe hij tig keer aan de dood ontsnapte, vijf vingers verloor en miljoenen inzamelde voor liefdadigheid.

Sir Ranulph Fiennes is de enige mens die Antarctica en de Noordelijke IJszee is overgestoken en die de Everest heeft beklommen. Hij is een verre neef van de Britse koninklijke familie, en moest ooit nipt de duimen leggen tegen Roger Moore voor de rol van James Bond. Al die adelbrieven in acht genomen zou je denken dat hij door een wagen met chauffeur naar het strandtheater van de Welshe kustplaats Llandudno – hij geeft daar een lezing – gebracht zou worden, met een escorte van het Special Air Service-regiment (SAS) waar hij vroeger deel van uitmaakte.

Maar nee, hij rijdt zelf met zijn gedeukte Ford Mondeo break, met in de koffer een doos boeken die hij na zijn lezing hoopt te verkopen. Er is geen comité om hem te verwelkomen, hand­teke­ningen­jagers ontbreken op de ijskoude promenade. De lezing heet ‘Living Dangerously’, maar het is niet duidelijk of die gaat over zijn exploten in het verleden of zijn gewoonte om in zijn auto te slapen als hij reist voor zijn lezingen.

Als iemand bestand is tegen een koude nacht in een Mondeo, dan wel ‘Frostbite Fiennes’. Maar Fiennes is 75 geworden, en dat kruipt in de kleren. Aan het ontdekkingsreizigerschap is geen geld te verdienen, legt hij uit, en aan zijn barontitel was geen erfenis verbonden. Hij slaapt nog liever in een Ford dan geld uit te geven aan hotels.

“De auto is lang genoeg om me helemaal uit te strekken. Hij is niet oncomfortabel of zo. In Londen parkeer ik tussen 22 uur en 8 uur op een bewonersparking in een residentiële wijk. Dat bespaart me 300 pond (347 euro) voor een hotel of een B&B. Ik sta dan tussen Ferrari’s en Range Rovers, wellicht van oligarchen die in het buitenland zitten. Daarom zijn er ook vrije plaatsen. Het is in Queen’s Gate (West-Londen), maar meer zeg ik niet want misschien is het niet helemaal legaal.”

Schulden

Grootse daden garanderen nog geen inkomen. Er zijn wel meer helden geweest die moesten vaststellen dat de bewondering van het publiek de rekeningen niet betaalt. Bobby Moore, kapitein van het Engelse voetbal­elftal dat in 1966 de wereldbeker won, moest de laatste jaren voor zijn dood in 1993 een inkomen bij elkaar schrapen door voetbalcommentaar op de lokale radio te geven. Gordon Banks, de voormalige doelman van het Engelse nationale team (hij overleed vorige maand), verkocht de medaille die hij won op de wereldbeker om de hypotheek van zijn kinderen te betalen.

Fiennes moest zich meermaals in de schulden steken voor zijn expedities, ook al werden ze geroemd om hun grensverleggende en wetenschappelijke waarde en brachten ze miljoenen op voor liefdadigheid. De Transglobe – waarbij hij van 1979 tot 1982 via de twee polen rond de wereld trok – zadelde hem op met een schuld van ruim 100.000 euro. Het duurde een hele poos om die af te betalen, geeft hij toe.

Fiennes wordt vaak in één adem genoemd met Bear Grylls (44), een andere afgestudeerde van Eton College die de Everest beklom. Maar Grylls heeft slim en handig een zakenmodel uitgebouwd gebaseerd op merchandising en survival­reeksen. Fiennes behoort tot de generatie die niet vertrouwd is met reality-tv, en knoopt de eindjes aan elkaar door het schrijven van boeken en het geven van lezingen. Hij maakt ook reclame voor Land Rover, dat zijn expedities sponsort. Het wordt alsmaar moeilijker, geeft hij toe, en hij heeft een dertienjarige dochter uit zijn tweede huwelijk die hij moet onderhouden. Zijn eerste vrouw, Ginny, overleed in 2004 aan kanker.

“Als broodwinner van het gezin moet ik zowat om het jaar een boek schrijven”, zegt hij. “Maar dat volstaat niet als je daar de belastingen, het aandeel voor de literair agent en de vaak aanzienlijke researchkosten aftrekt. Mijn enige andere inkomsten zijn mijn lezingen met kleurendia’s. Door voldoende lezingen te geven kom ik net rond tussen expedities door.”

De miljoenen die sponsoring opbracht, gingen naar goede doelen. Vaak was dat Marie Curie, de instelling die Ginny verzorgde. Tot dusver heeft hij 18 miljoen pond (20,8 miljoen euro) bij elkaar gebracht. Het is de bedoeling daar 20 miljoen pond van te maken voor zijn pensioen, ook al wordt het zijn dood – wat best mogelijk is.

Hij heeft woestijnen, ijsvlaktes en de hoogste toppen ter wereld overleefd. De enige woeste omgeving die Fiennes nog niet heeft getemd, is de oceaan. Voor zijn volgende en mogelijk laatste expeditie wil hij de 8 kilometer lange oversteek van Robben Island naar Kaapstad maken, te voet over de oceaanbodem, zonder enige aandrijving of bescherming, met enkel beademingsapparatuur.

Bevroren oogbal

Gaat hij een van de verraderlijkste diepzee­passages ter wereld overleven? “We zien wel”, zegt hij, allesbehalve overtuigd. Robben Island was berucht voor zijn gevangenen – zoals Nelson Mandela – maar ook omdat de haaien en de stromingen de cipiers een aardig handje hielpen. Voor de witte haai is een zeventigplusser geen partij. De enige bescherming die hij heeft tegen hongerige roofdieren is een bakje met een knop, een soort onderwaterafstandsbediening. Dat zou een signaal uitzenden dat haaien afschrikt.

Het klinkt onwaarschijnlijk, en als het niet werkt, gaat ook niemand zijn geld terugeisen. Bovendien lukt het alleen als de oceanografen die de expeditie organiseren voor het Nelson Mandela Children’s Hospital erin slagen genoeg sponsors te vinden.

Voorlopig maakt Fiennes zich meer zorgen over zijn leeftijd dan over haaien. De ouderdom eist zijn tol. Zijn zicht is niet meer zo goed – tijdens een poolexpeditie bevroor een van zijn oog­ballen –, hij heeft jicht in de heupen, pijn in de lage rug en chronische aambeien door het sleuren met sleeën op Antarctica, een continent dat groter is dan India en China samen. Hij heeft prostaat­kanker en diabetes type 2, maar die kan hij naar eigen zeggen afhouden.

Kers op de taart

In 2003 keek hij de dood in de ogen toen hij een hartaanval kreeg op een vliegtuig dat zou opstijgen op de luchthaven van Bristol. Medische hulpverleners gaven hem meerdere schokken, pas bij de dertiende poging begon zijn hart weer te kloppen. Hij lag drie dagen in een coma en kreeg een dubbele overbrugging. De draad van de hechtingen is nog zichtbaar onder een lelijk litteken op zijn borst.

Het vervelendste aan de kwestie was dat het gebeurde vier maanden voor hij zou deelnemen aan een andere liefdadigheidsactie: in zeven dagen zeven marathons op zeven continenten lopen. Hij mocht er van zijn arts alleen mee doorgaan als zijn hartslag nooit boven de 130 zou komen. “Het probleem was dat ik mijn hartslag­meter vergat mee te nemen”, zegt Fiennes. Niettemin bracht hij het tot een goed einde.

In 2005 kreeg hij opnieuw een hartaanval, bij zijn eerste poging om de Everest te beklimmen, op 300 meter van de top. Hij had het geluk dat hij nitro­glycerine­tabletten (NG) op zak had. De stollings­remmers haalden hem erdoor, maar hij moest de beklimming wel staken. Bij zijn tweede poging drie jaar later moest hij opgeven door uitputting. Op de weg naar beneden kwam hij voorbij het bevroren lichaam van een bergbeklimmer die ook een door de hoogte veroorzaakt hart­infarct had gehad en geen medicatie bij zich had. Fiennes haalde toch de top, bij zijn derde poging in 2009. Hij was 65 en werd zo de eerste ‘bejaarde’ die daarin slaagde.

Hij noemt de Everest de ‘derde pool’, omdat de beproeving vergelijkbaar was met het doorploegen van duizenden kilometers ijs en sneeuw. Is oud worden de vierde? Ja, hij prijst zichzelf gelukkig omdat hij veel naasten overleefd heeft. Ook zijn geliefde Ginny, met wie hij 34 jaar getrouwd was.

Hij verloor ook zijn vriend Charlie Burton, die hem vergezelde op de Transglobe-expeditie naar de polen en die in 2002 op 59-jarige leeftijd stierf aan een hartaanval. En er was zijn neef James Fiennes, die werd vermoord in een bar in West-Londen door een wildvreemde die mentaal ziek bleek te zijn.

“Als je de gezegende leeftijd van pakweg 50 jaar hebt bereikt zonder ernstige ziektes of ongevallen, zonder dat je ooit verlegen hebt gezeten om voedsel, zonder ooit oorlog te hebben meegemaakt, dan besef je dat je je ongelooflijk gelukkig moet prijzen en negatieve gedachten (over ouder worden) niet mag toelaten. Dat ik twee keer gelukkig getrouwd ben geweest, en een prachtige dochter heb, is de kers op de taart.”

Ranulph Fiennes in een sneeuwhut op de Zuidpool, aan het begin van zijn Transglobe-expeditie (1979-1982), een reis rond de wereld via de twee polen. Beeld Getty Images

Fiennes werd in maart 1944 geboren in Windsor. Minder dan vier maanden daarvoor was zijn vader in Italië op een landmijn gestapt. Luitenant-kolonel Sir Ranulph Twisleton-Wykeham-Fiennes, 2nd Baronet of Banbury, overleed aan zijn verwondingen en heeft zijn zoon nooit gezien. Fiennes erfde de barontitel, maar verhuisde naar Zuid-Afrika met zijn moeder en drie zussen, waar ze tot zijn twaalfde woonden. Na zijn terugkeer in Engeland ging hij aan Eton studeren. Hij was een van het handvol jongens die ’s nachts het grootste gebouw van de school beklommen, tot ergernis van de schoolautoriteiten.

Zijn roekeloze natuur bracht hem opnieuw in de problemen toen hij in zijn jeugd verkering kreeg met Virginia ‘Ginny’ Pepper, zijn latere vrouw, en haar meenam op zijn Vespa. “Ginny’s vader wist niet dat zijn dochter op een scooter reed. Jammer genoeg kregen we een ongeval en belandden we in het ziekenhuis. Toen hij erachter kwam, mocht ik haar niet meer zien – al duurde dat niet lang.”

Hij trad toe tot het oude cavalerieregiment van zijn vader, en stapte vervolgens over naar de SAS. Hij vertrok daar toen hij op het nippertje aan een gevangenisstraf was ontsnapt omdat hij explosieven van het leger had gebruikt om een dam op te blazen die de inwoners van Castle Combe in Wiltshire een doorn in het oog was. De laatste jaren van zijn militaire loopbaan bracht hij door in het leger van de sultan van Oman, waar hij in actie kwam tegen communistische rebellen en gedecoreerd werd voor zijn moed.

Een van de vele en erg gevarieerde avonturen van Fiennes was de eerste trekking zonder hulpmiddelen door Antarctica, samen met dr. Mike Stroud. Op zijn 62ste beklom hij de Eiger in Zwitserland, op zijn 71ste liep hij door de Marokkaanse Sahara de Marathon des Sables, de zwaarste loop­race ter wereld, om 1,8 miljoen pond op te halen voor Marie Curie.

Boze echtgenote

Hij is een van de oudste sprekers in het lezingencircuit. Desgevraagd verzorgt hij motivatiepraatjes in plaatselijke culturele centra en op cruise­schepen, meestal variaties op het thema ‘de aanhouder wint’. Het verbaast hem dat hij nog zo vaak gevraagd wordt. Misschien komt dat doordat zijn verhalen over bedaard doorzettingsvermogen en zelfredzaamheid zo schril afsteken tegen het aandachtszoekende toontje dat de sociale media zo domineert tegenwoordig.

Het verhaal dat hij het vaakst moet vertellen is hoe de vingers van zijn linkerhand zo hard bevroren waren dat hij ze eigenhandig moest afzagen. Een uitermate pijnlijk karwei, dat ook nog eens erg lang duurde – over zijn duim deed hij twee dagen. Ginny, de toenmalige mevrouw Fiennes, bracht af en toe warme thee naar het tuinhuis, waar Fiennes bezig was met de amputaties.

Zijn vingers waren bevroren geraakt tijdens een expeditie naar de Noordpool, toen Fiennes zijn uitrusting probeerde te redden die in het donker in het ijskoude water was terecht­gekomen. Bij min 49 graden bevroren zijn vingers in zijn natte wanten. “Mijn slee gleed weg. Ik kon me razendsnel losmaken van het ding, maar mijn tent en mijn kook­toestel schoven het water in. Er zat niks anders op dan op mijn buik over de sneeuw naar het water te kruipen, om te proberen mijn slee eruit te trekken. Dat lukte uiteindelijk – met mijn linkerhand, en dat was het enige wat er die dag goed ging: ik ben immers rechtshandig.”

Ranulph Fiennes amputeerde zelf de vingers van zijn linkerhand, na een misgelopen expeditie. Beeld AFP

Terug in Groot-Brittannië kreeg hij te horen dat er een wachtlijst was voor een chirurgische ingreep. Hij nam de zaken in eigen handen – of toch één hand – en gebruikte een figuurzaag om dode huid en bot te verwijderen op de werkbank van Black & Decker die hij voor die gelegenheid gekocht had. Toen hij Ginny telefonisch vanuit Canada op de hoogte bracht van zijn blessure, was ze boos, herinnert hij zich. Ze had alle moeite van de wereld om hun runderen op hun boerderij in het Engelse Exmoor National Park te managen. “We komen al handen tekort met de Aberdeen Angussen en nu doe je dit”, hoort Fiennes haar nog zeggen.

Ik vraag hem tijdens welke expeditie het ongeval gebeurde. “Ik dacht wel dat je dat zou vragen”, zegt hij. Hij wrijft over zijn kin terwijl hij zich de gegevens voor de geest haalt. “Het was een van de Noordpool-expedities, de enige die ik alleen heb gedaan. Als ik een gok moet doen, in 2000 of daaromtrent.”

Hij wordt wat vergeetachtig, geeft hij toe, zeker als er wat tijd tussen zijn lezingen zit. “Het is oké als ik de dia’s erbij heb, maar als het gewoon praten is, moet ik heel voorzichtig zijn.”

Doodsbedreigingen

Als hij over Ginny praat, is hij duidelijk geëmotioneerd. Ze steunde hem voor de Transglobe en zijn vroege expedities en kreeg als erkenning daarvoor de Polar Medal, als eerste vrouw ooit. Het koppel probeerde vruchteloos kinderen te krijgen en ging door zeventien jaar van ivf. Ze gingen voor adoptie, maar hun aanvraag werd afgewezen omdat Fiennes geen vast inkomen had. Toen hij uiteindelijk een baan aanvaardde – bij Armand Hammer, de oliemagnaat – verklaarden de autoriteiten hen te oud om in aanmerking te komen als adoptieouders. Kinderloos zijn was een teleurstelling, maar het maakte het wel makkelijker om tijd aan zijn avonturen te besteden.

Hij leerde zijn tweede vrouw, Louise, 24 jaar jonger, kennen tijdens een van zijn lezingen. Ze trouwden een jaar na het overlijden van Ginny. Een tweede gezin hebben, helpt om jong te blijven, zegt hij, maar het is ook een van de redenen waarom hij niet met pensioen kan gaan.

Hij praat liever niet over zijn huidige woonplaats. Die voorzichtigheid is het gevolg van de doodsbedreigingen die hij kreeg na de publicatie van een boek van hem, The Sett. Het was gedeeltelijk fictief, maar bevatte nauwkeurige details over de criminele onderwereld. Hij zei tegen James Dyson, de industrieel en de sponsor van een expeditie die hij plande, dat hij de reis zou uitstellen omdat hij Ginny niet alleen durfde achter te laten in Exmoor. Dyson wilde dat de expeditie doorging en regelde permanente bewaking voor Ginny.

“Ik zei tegen Dyson dat ik naar de politie was gegaan om bescherming aan te vragen tijdens mijn afwezigheid en dat ik te horen had gekregen dat de belastingbetaler de politie daar niet voor betaalt. James zei vriendelijk: ‘Ik heb mensen van de special forces in dienst, ik zeg ze wel dat ze Ginny’s boerderij moeten bewaken terwijl jij weg bent.’ Ik was dankbaar, maar uit pure nieuwsgierigheid vroeg ik: ‘Waarom heeft een fabrikant van stofzuigers ex-leden van de special forces in dienst?’ Hij zei dat hij beducht was voor spionnen van Hoover (ook een stofzuigerproducent, red.) en dat hij al hopen geld had uitgegeven aan een rechtszaak tegen Hoover voor de namaak van zijn Dual Cyclone.”

Indiana jones

Is hij het met Guinness World Records eens dat hij de grootste levende ontdekkingsreiziger is? Hij denkt erover na. Robert Falcon Scott (1868-1912) is zonder twijfel de grootste ooit, zegt hij, en hij heeft een boek geschreven om Scott te verdedigen tegen moderne revisionisten.

En dan is er nog een andere die nog in leven is, een lid van de British Trans-Atlantic Expedition uit 1969, gesponsord door The Sunday Times. Dr. Ken Hedges (84) is een voormalige arts bij het leger die samen met Fiennes bij de SAS zat. Het was daar dat ze bevriend werden. Onder leiding van Wally Herbert staken Hedges en twee anderen per slee via de Noordpool de Noordelijke IJszee over, als eerste mensen ooit. Hun expeditie kreeg nooit navolging, omdat de zee niet meer in dezelfde mate dichtvriest. Op hun tocht maten ze de dikte van het ijs. Die gegevens vormen nog altijd de basis voor berekeningen over de klimaatverandering. “Ken was een fantastische kerel”, zegt Fiennes. “Misschien de grootste nog levende ontdekkingsreiziger.”

Vergeleken met de eerbiedwaardige Hedges vindt Fiennes zichzelf een piepkuiken. Hij probeert dat te blijven, maar een leven als avonturier eist zijn tol. Het zijn niet zozeer de jaren, het zijn de kilometers op de teller, zoals Indiana Jones zei. Wat ooit een trainingsloop was om fit te blijven, vertraagde tot een jogging en is nu nog hooguit wat geschuifel. Soms moet hij even gaan liggen om op adem te komen. Toch geeft hij niet op.

“Mijn oude loopcoach bij de Scots Greys, Ernie Newport, had een vuistregel voor oudere lopers: ‘Wijk nooit af van je dagelijkse routine.’ Als je dat doet, is dat het begin van het einde.” Waarop hij het op een bescheiden lopen zet op de promenade van Llandudno.

© The Sunday Times

Ranulph Fiennes, ‘Mad, Bad and Dangerous to Know’, Hodder and Stoughton, 464 p., 26,99 euro. (De geüpdatete editie van de auto­biografie van Fiennes voor zijn 75ste verjaardag). Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234