Maandag 23/09/2019

"Nooit geweten dat stilte zo spannend kon zijn"

Foto Alex Vanhee Beeld UNKNOWN

Begin dit jaar stelden we Aeroplane voor in deze krant. Hun debuut We Can't Fly lag nog lang niet in de rekken, maar toen al was duidelijk dat je het Italo-Belgische duo in de gaten moest houden. Met een plaat vol dansbare italodisco die lonkt naar Ibiza, wist Vito De Luca effectief wereldwijd aandacht te trekken.

Nog maar net bracht hij dan weer een single uit met Orbital, Billy Bragg en The Kooks. Maar ondanks al dat succes, bleek er net zo goed turbulentie op zijn continentale vlucht tussen Namen en de Balearen.

Maar éérst het goede nieuws. Na succesvolle remixes voor Grace Jones, Bloc Party en Robbie Williams werden ook Aeroplane's zelfbedachte songs dit jaar opgepikt. Opmerkelijk, want We Can't Fly biedt geen veilig recept voor instant succes: met een hyperkitscherige voorliefde voor disco en progrock volgt De Luca bepaald een eigenzinnige koers.

Dit ging ook niet voorbij aan synth-legende Giorgio Moroder, die zijn pensioen eenmalig onderbrak om met de Italiaanse Waal te werken. En ook vandaag weer staat de jonge producer in de kijker: sinds deze morgen ligt een nieuwe versie van John Cage's stiltecompositie '4'33" in de winkelrekken. "Vorige maandag ben ik afgezakt naar Londen, om in één van de studio's niéts op te nemen," lacht De Luca. Tijdens de opnames van die cover deelde hij de studio met Peter Doherty, de jongens van The Kooks, UNKLE en Orbital. "Nooit geweten dat stilte zo spannend kon zijn. Billy Bragg speelde zijn partij overigens in via een telefoonverbinding (lacht). Hoe onnozel zoveel moeite ook mag lijken voor vier en een halve minuut gekuch en geschuifel: ik vond het een superieur idee. Al hebben we achteraf wel goed gelachen: daar stònden we dan met onze keurig ingeplugde instrumenten! Het bleken wel stuk voor stuk fijne mensen. (sarcastisch:) Peter Doherty kwam zelfs min of meer op tijd (Doherty stuurde op de laatste knip zijn kat; gva)."

Maar hoe kwamen ze in Engeland in godsnaam juist bij De Luca uit? "Bij mijn buitenlands label Wall of Sound dachten ze dat deze opname misschien wel een kolfje naar mijn hand was," klinkt het. "Er werden namelijk ook remixes verwacht van de compositie - hoe raar dat ook was. Ik heb de oorspronkelijke versie gewoon wat uitgerekt, tot de ruis op de achtergrond iets spookachtigs krijgt."

De opbrengst van de bizarre cover gaat overigens naar vijf verschillende goede doelen. Voor De Luca is dat initiatief veel belangrijker dan het alternatieve opzet: actie voeren tegen "de dictatuur van slijmerige kerstliedjes in de hitparade". In Engeland is het immers de gewoonte dat de winnaar van een liedjeswedstrijd de kersthit van het jaar scoort. Vorig jaar maakte Rage Against The Machine voor het eerst komaf met die traditie, dankzij een actie op Facebook.

Schizofreen kind
Ook op We Can't Fly werkte De Luca met bekend volk samen: zo wist hij Bertrand Burgalat te strikken als producer en Merry Clayton als backing. Zij zong indertijd de sterren van de hemel in Rolling Stone's 'Gimme Shelter' en 'Sweet Home Alabama' van Lynyrd Skynyrd: "Twee mailtjes waren genoeg om haar te overtuigen," vertelt de knoppendraaier trots. "Ik voel me dan ook gezegend dat ik dankzij Aeroplane met zoveel talent kan samenwerken. In juni ben ik bijvoorbeeld naar Zürich gevlogen, op vraag van mijn jeugdheld Giorgio Moroder nog wel. Toen ik hem voor het eerst aan de lijn kreeg - hij belde mij! - kon ik even geen woord uitbrengen. Dit was een droom die waarheid werd."

Helaas leverde het onderonsje met zijn held weinig op. "Gelukkig was ik voorbereid op een mogelijke teleurstelling. Tja, soms is er gewoon geen magie in de studio, hoe graag je dat ook wil. Maar je hoort me niet zeuren. Misschien werken we ooit nog samen, en lukt het wél."

Net voor de zomer bleek het echter ook niet meer te boteren met zijn vroegere partner in crime Stephen Fasano. Vlak voor de release werd Aeroplane daarom gehalveerd. Artistieke meningsverschillen, was de officiële uitleg. Verklaart Fasano's prompte vertrek waarom zijn debuut tamelijk schizofreen klinkt? "Nee, dat valt volledig op mijn conto te schrijven," grijnst De Luca. "Aeroplane is steeds meer van mij geworden, omdat ik het meeste studiowerk deed. Stephen kon zich niet langer vinden in onze sound, dus moesten we beslissen wie voor het kind ging zorgen. Niet de leukste discussie, nee. Maar we haten elkaar niet. We bellen nog elke dag, en werken zelfs nog samen in de studio. Eind goed, al goed."

In de blogosfeer - waar het duo als eerste aan de boezem werd gedrukt - leek men minder gerust op een goede afloop. De Luca zucht. "Tot voor kort las ik al die reacties op Facebook en fora, maar eerlijk gezegd word ik er lichtjes mismoedig van. Nog voor ons debuut in de rekken lag, werd de dood van Aeroplane al afgekondigd. Terwijl de split ons juist nieuw leven heeft gegeven! Ik bekijk het zo: toen Peter Gabriel Genesis verliet, maakte Phil Collins de groep gigantisch. En Gabriel is op eigen kracht een superster geworden. Iedereen won er dus bij. Dat beeld hou ik zelf steeds voor ogen."

Minder vrolijk wordt De Luca dan weer van het beeld dat ze in het buitenland hebben over België. "Voor sommigen blijf ik "die kerel uit het land van de pedofielen", klinkt het enigszins geïrriteerd. "Hopelijk kan m'n muziek daar ooit verandering in brengen: ik zou willen dat België niet langer beschouwd wordt als een kikkerlandje van taalbarrières en kinderverkrachters."

We Can't Fly is verschenen bij Eskimo Recordings

 Voor sommigen blijf ik 'die kerel uit het land van de pedofielen'  
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234