Zondag 17/11/2019

Interview

“Na afloop van elke scène kregen we highfives, knuffels, kussen en complimenten van Jens Dendoncker”

Hoe zal ik het zeggen Beeld rv

Aan de formule van het met een Emmy Award bekroonde Hoe zal ik het zeggen? werd in het tweede seizoen niet gesleuteld. Alleen de zingende motards werden vervangen door drie kwinkelerende ‘hangmarokkanen’, die hun nietsvermoedende slachtoffers eerst dreigend omsingelen en vervolgens op een lyrische serenade trakteren. Nadere inspectie leert dat het hier twee Belgen van Marokkaanse en één van Turkse komaf betreft: Ilias Akkouh, Adnane Lamarti en Ersin Sahin.

Alle drie zijn ze jonge twintigers uit het Brusselse. Ilias Akkouh is student toerisme en communicatie, Adnane Lamarti is danser en acteur (hij werkt nu aan zijn eerste solovoorstelling Muntthee) en Ersin Sahin, die de rol van leadzanger voor zijn rekening neemt, studeert marketing. 

Hoe zijn jullie hierin verzeild geraakt?

Ilias Akkouh: “Ik kreeg een telefoontje van Hakuna-casting, een bureau waar ik ingeschreven ben, dat ze voor een programma op VTM mensen met een allochtone afkomst zochten. Ik dacht: ‘Waarom niet?’”

Adnane Lamarti: “Mij hebben ze de dag van de casting nog gebeld: ‘Zie je het zitten om deze namiddag langs te komen?’ Ik heb eerst wat uitleg gevraagd, want ik had geen zin om een terrorist te spelen of zo. Maar het bleek net de bedoeling om de vooroordelen van veel mensen over jongens van allochtone komaf op hun kop te zetten. Dat vond ik wel plezierig.”

Ersin Sahin: “Ik stond in Antwerpen op de set van Spider in the Web, een grote Amerikaanse thriller (met Ben Kingsley en Monica Bellucci, red.), toen iemand me erover vertelde. Geen seconde moeten nadenken.”

Wat deed jij op de set van Spider in the Web?

Sahin: “Ik ben euh… Hoe heet dat ook weer, een figurant die iets vaker in beeld komt dan de meeste andere figuranten?”

Lamarti: “Een edelfigurant.”

Sahin: “Voilà, een edelfigurant. Ik zit in het laatste jaar marketing, maar ik hou me ook bezig met theater: vandaar.”

Wat moesten jullie op die casting doen?

Akkouh: “De castingdirector bang zien te maken.” (lacht)

Sahin: “Zonder woorden of gebaren te gebruiken, gewoon met je blik. Die spanning moest je zo lang mogelijk zien op te drijven, tot je plots met een compliment voor de dag kwam: ‘Coole coiffure, gast!’”

Akkouh: “Daarna moesten we in Antwerpen de straat op, om datzelfde trucje uit te proberen op toevallige passanten. Een paar mensen van het productiehuis stonden dan verdekt opgesteld om alles te filmen – nog niet voor het programma, maar als deel van de auditie.”

Lamarti: “In het begin was het raar om op een willekeurige vent af te stappen, hem een tijdlang dreigend aan te kijken, en dan te zeggen: ‘Heb jij die schoenen zelf gekocht? Ja? Wel, ik vind ze echt mooi.’ Vroeger heb ik nog wat verborgen camerafilmpjes gemaakt en op YouTube gezet – ik heb me eens laten filmen terwijl ik aan de lopende band dabs deed in een benzinestation – maar dit was een pak moeilijker. Je moet er echt serieuze ballen voor hebben.”

Sahin: “Ik werd er wel snel beter in. Eerst hield ik me nog aan de regel dat ik geen groepen groter dan drie personen mocht aanspreken, maar toen ik tegen het einde een groep van vier koppels zag, allemaal veertigers, dacht ik: ‘Weet je wat, die ga ik eens bang maken.’ (lacht) Ze stonden in een cirkel te praten, dus ik ging middenin die cirkel staan en keek iedereen om de beurt boos aan, recht in hun ogen. Níémand durfde iets te zeggen, en toen ik ten slotte één van hen een compliment gaf – ‘Mooi hemd heb je aan’ – slaakten ze allemaal tegelijk een zucht van opluchting. Die gast riep me nog na: ‘Dank u, jij ook!’”

Lamarti: “Ik ben eerst op twee meisjes afgestapt die nogal schuw reageerden, en daarna op een oma. Toen ik haar op het einde van mijn kleine show een compliment gaf, zei ze: ‘Meniër, ik zen 65!’ Ze dacht dat ik haar aan het versieren was.” (lacht)

Akkouh: “We moeten dat al bij al niet slecht gedaan hebben, want uiteindelijk heeft Shelter voor ons gekozen.”

Sahin: “Hebben jullie ook moeten zingen op de casting?”

Akkouh: “Een beetje, ja.”

Lamarti: “Ik niet. Ja, ik heb twee seconden een bepaalde toon moeten aanhouden, maar dat was het dan.”

Sahin: “Dan hebben jullie het makkelijker gehad dan ik. Maar ja, ik ben uiteindelijk wel de leadzanger geworden.”

Kenden jullie ‘Zeg ’ns meisje’ van de Vlaamse schlagerzanger Paul Severs al, het nummer waarvan jullie de melodie zingen?

Lamarti: (molto vivace) “Dam-dam-dam, dam-dam-biedoebiedoebie dam-dam-dam! Nee, ik kende het niet.” (hilariteit)

Akkouh: “Ik kom uit Halle, net als Paul Severs, dus ik ken ‘Zeg ’ns meisje’ al sinds mijn prille jeugd. Een tof nummertje, al is het nu niet meteen mijn genre: ik hou meer van hiphop en r&b.”

Lamarti: “Ilias is een zanger, hè? Een echte, dan.”

Akkouh: “Ik zing Nederlandstalige r&b.”

Sahin: “Je moet dat eens checken: Ilias heeft een heel aparte stem. Pas op, zelf ben ik ook een geweldige zanger - thuis onder de douche toch (grijnst).”

Zijn jullie ooit hangjongeren geweest?

Lamarti: “Ik niet.”

Akkouh: “Ik ook niet. Ja, ik zit weleens met kameraden op straat, maar ik ga altijd naar huis wanneer het donker wordt. Wat heb je daarna nog te zoeken op straat?”

Sahin: “We zijn geen van ons drieën ooit hangjongeren geweest. Maar we weten wel hoe die gasten praten, zich bewegen en hoe ze eruitzien.”

Een joggingpak, sneakers en veel blingbling?

Sahin: (lacht) “Zoiets.”

Lamarti: “Ik draag bijna iedere dag een joggingbroek. En dat is niet omdat ik van allochtone komaf ben, hè. Het zit gewoon lekker.”

Sahin: “Belgen dragen dat toch ook? In kledingwinkels hangen geen bordjes met: 'Trainingsbroeken voor allochtonen', hè (hilariteit).”

Beeld VTM

Een groot deel van de opnames vond plaats tijdens de ramadan. Dat moet zwaar zijn geweest.

Sahin: “Ja, vooral omdat het snikheet was. We begonnen dan ook nog eens heel vroeg en gingen tot vrij laat door. En we bléven vaak maar repeteren voor we eindelijk in actie schoten. Ik kon soms niet meer van de dorst, maar alhamdoelillah is het allemaal goed afgelopen.”

Alhamdoelillah?

Lamarti: “Dat betekent ‘met dank aan God’.”

Ilias, jij zou je wat minder strikt aan de ramadan hebben gehouden, hoorde ik.

Akkouh: “Ja, euh... Ik weet niet hoe ik dat moet zeggen.”

Sahin: “Laat mij het dan maar zeggen. De ramadan doe je voor jezélf, en voor niemand anders. Je bent ook vrij om eraan mee te doen of niet. Voor Adnane en mij lukte dat, voor Ilias was het misschien wat moeilijker.”

Lamarti: “Wie het fysiek niet aankan, mág in feite zelfs niet meedoen.”

Tim Van Aelst, baas van productiehuis Shelter, vertelde me vanochtend dat jullie vóór iedere opname nerveus waren. ‘Diep vanbinnen zijn ze lieve jongetjes, geen stoere patsers.’

Lamarti: “Hij heeft gelijk. Het was soms lastig om mensen bang te maken of zich ongemakkelijk te laten voelen, want ik dacht voortdurend: 'Shit, dit ben ík niet.’ Ik kon altijd amper wachten tot we mochten beginnen te zingen en de mensen begrepen dat het maar om te lachen was, én dat we een mooie boodschap voor hen hadden.”

Sahin: “Ik heb vaak moeite gehad om mijn lach in te houden. De situaties waarin we terechtkwamen, waren pure comedy, alleen beseften de mensen die we beetnamen dat nog niet. Maar falen was geen optie, want elke scène moest in één keer opgenomen worden. Je krijgt geen tweede kans om een eerste reactie te filmen, hè.”

Akkouh: “Wonderwel is alles van de eerste keer goed verlopen.”

Sahin: “En na afloop van elke scène kregen we altijd highfives, knuffels, kussen en complimenten van Jens Dendoncker en de rest van de crew. De sfeer was echt – hoe zal ik het zeggen? – hartverwarmend.”

Lamarti: “Hoe zal ik het zeggen? Hahaha!”

Sahin: “Ka-tsjing!”

Heren, bedankt voor het gesprek.

Sahin: “Zou ik nog een oproep mogen doen? Adil en Bilall, als jullie dit lezen: ik ben de grootste Will Smith-fan van het land, en ik wil ab-so-luut een rol in Bad Boys 3. Al is het die van poetsvrouw: ik doe het.”

Hoe zal ik het zeggen?, VTM, maandag , 20.35  uur

©Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234