Dinsdag 05/07/2022

Moeder

Monica is terminaal: "Je bent moeder voor het leven, maar bij mij zal het iets korter zijn"

Monica: 'Helaas, sommige zaken kun je niet voorzien. Ik heb kanker. Mijn verhaal loopt binnenkort ten einde.' Beeld Karoly Effenberger
Monica: 'Helaas, sommige zaken kun je niet voorzien. Ik heb kanker. Mijn verhaal loopt binnenkort ten einde.'Beeld Karoly Effenberger

* Monica is 53 jaar, universiteitsmedewerker, Wilrijk
* mama van Geert (26), Liana (24), Evy (22) en Robin (14)
* Monica is een van de 100 moeders die hun verhaal vertellen in het boek Ben ik een goede moeder? van Marijke Libert

Marijke Libert

"Mijn man en ik waren acht jaar samen toen ik zwanger werd. Zat er toen al een moeder diep in mij? Ik was niet fanatiek met al die gevoelens bezig. Ik ben rationeel, heb een groot verantwoordelijkheidsgevoel, dus een kind krijgen betekende dat ik de volgende twintig, vijfentwintig jaar voor hem moest zorgen. Ik vertoefde niet op een roze wolk. Euforie is me nogal vreemd. Mijn oudste kind was een huilbaby en dat was rampzalig voor de feestvreugde. Ik werd gek van vermoeidheid én gek van de onbeschofte commentaren die ik overal kreeg. Dat ging van ‘hij is te warm aangekleed’ tot ‘laat hem een week bij mij en het zal over zijn’. Ver­schrik­kelijk, die correcties die je krijgt op jouw om­gang met een zogenaamd ‘lastig’ kind. Mijn moedergevoel was nogal zwak toen, omdat ik de hele tijd de grenzen van mijn draagvlak aftastte."

“Ons tweede kind Liana was een droombaby. Ze at alles wat ik haar gaf, sliep door na acht weken. Ik werd rustiger, maar bleef de redelijke moeder. We kregen nog een derde kindje en later kwam Robin, die twaalf jaar scheelt met de oudste. Ik was 38 en had twee miskramen achter de rug. Dat vrat aan mij, de gedachte dat mijn lichaam mij in de steek liet. Al is dat dubbel. Je lichaam faalt, maar het reguleert ook: een kind dat niet levensvatbaar is, wordt gewoon niet geboren."

“Ik ben heel trots op mijn kroost, maar ik ben streng geweest. Ik combineerde mijn job aan de universiteit met de opvoeding van mijn kinderen. Ik was meestal alleen met hen op stap omdat mijn man vaak in het buitenland werkte. Er moest dus orde heersen in mijn roedel. Als ik geen emo­tio­nele moeder ben, wat dan wel? Een coach, denk ik, die aan de zijkant toekijkt en op het gepaste moment ‘ga maar’ zegt. Mijn oudste zoon woont en studeert intussen in Rome, Liana studeert in Gent en Evy in Maastricht. De jongste zit nog in het middelbaar. Ze zijn vrij onafhankelijk. Ik heb hen niet overvleugeld, ik gaf hen vooral comfort. Als mijn kinderen met problemen kampten, dan deed het wel pijn. Ik voelde machteloosheid omdat ik niet hou van onoplosbaarheid."

“Helaas, sommige zaken kun je niet voorzien. Ik heb kanker. Mijn verhaal loopt binnenkort ten einde. Heel vreemd dat het net mij moet overkomen, de daadkrachtige moeder die alles graag inricht. Het begon met longkanker, terwijl ik nooit had gerookt. Later bij een onderzoek vond men een tumor in de nieren. Een stuk van mijn nier werd verwijderd, ik recupereerde en ging weer werken. Zes maanden later was de nierkanker uitgezaaid tot in mijn beenderen. Nu krijg ik een medicament dat mijn leven ‘verlengt’."

“Toen ik de diagnose longkanker kreeg, heb ik mijn kinderen meteen op de hoogte gebracht. Een week later moest de longspecialist extra stoelen in haar kantoor zetten. Met zijn zessen aanhoorden we de diagnose. Toen de nierkanker werd vastgesteld en nog later het verdict ‘terminaal’ viel, heb ik het thuis gewoon verteld. Uiteraard was de schok groot. Ikzelf voelde vooral frustratie. Alles waar ik controle over had, verpulverde. Mijn lichaam was eindig. Ik bevond me in een mij toegemeten tijd. Nu zelfs in extra time. Het supermedicament dat de tumoren onder controle houdt, werkt normaal gezien acht maanden. Ik neem het al zestien maan­den en bevind me dus aan de happy side van de statistieken. Toch moet ik redelijk blijven. Het zwaard van Damocles hangt boven mij."

“De kinderen zijn ermee bezig, maar ze zeggen het niet. Ik zie geen grote veranderingen in hun gedrag. Ik zie er ook niet ziek uit. Ik word alleen snel moe en sta niet meer zo scherp als vroeger. De drie oudsten hebben hun leven min of meer uitgebouwd. Alleen die jongste hè, van veertien. (slikt, zwijgt) Ik ben zeer bezorgd. Hij moet nog door die apenjaren heen. Robin is een heel evenwichtige wijze jongen, maar hij moet nog doorgroeien en dat zal ik helaas moeten missen. Je bent moeder voor het leven, zegt men. Het zal bij mij iets korter zijn dan verwacht. Wat als ik er niet meer ben wanneer mijn kroost mij nog écht nodig heeft? Moet ik mijn moederschap nu afgeven? Wie neemt over? Daar ben ik nog niet uit."

“Mijn erfenis kan ik regelen. Mijn euthanasieverklaring is af. Administratief is alles rond. Ik heb een doos vol papieren. Ik noteerde wanneer de grote rekeningen binnenkomen, wanneer stook­olie moet worden besteld. Ik maakte een lijst voor Collect&Go met de basisproducten die we elke week nodig hebben. Ik heb de paswoorden van al mijn kaarten genoteerd. Maar, aan wie draag ik mijn kinderen over? Wie zal er naar de proclamatie van Robin gaan, wie juicht de drie anderen toe als ze hun diploma’s ophalen? Naar wie kunnen ze bellen als het even lastig wordt in hun leven?"

“Ik heb de neiging hen te veel in het oog te houden, in de hoop het pad vrij te maken. Mijn man zegt dat het proefondervindelijk ook kan. Dan lopen ze maar eens met hun kop tegen de muur. Ik zit anders in elkaar. Ik wil die muur opzij.”

Ben ik een goede moeder?

“Ik evalueer mijn moederschap niet anders omdat ik een deadline heb. Ik dacht nooit na over hoe goed ik het heb gedaan. Wel een belangrijke vraag was: is dit het resultaat dat ik wil? Je kunt je kinderen een beetje sturen, maar uiteindelijk doen ze het zelf. Ik heb wel het geluk gehad dat mijn kinderen niet de behoefte hadden om zwaar de ezel uit te hangen. Bij alle vier werd iets geplant. Het kiemde, ik zie stilaan de oogst en dat ziet er goed uit. Maar mee de vruchten plukken, zit er niet in.”

Monica: 'Ik voel me niet slecht als ik zie wie mijn kinderen geworden zijn.' Beeld Karoly Effenberger
Monica: 'Ik voel me niet slecht als ik zie wie mijn kinderen geworden zijn.'Beeld Karoly Effenberger

Welk cijfer geef je jezelf?

“Ik geef mezelf een zeven, omdat ik erin ben geslaagd een deel van wat ik belangrijk vind in de wereld aan hen over te dragen. Ik voel me niet slecht bij de persoon die ze geworden zijn. Ze zijn er geraakt en ik heb ge­hol­pen. Waar­om geen acht? Dat is grote onderscheiding, en ik vind me niet excep­tioneel. Ik heb mijn hebbelijkheden. Het cijfer heeft ook niets te maken met het feit dat ik het niet kan afronden zoals gewenst. Dat is niet mijn keuze.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234