Zondag 20/10/2019

Interview Lezersvragen

Milow beantwoordt uw vragen: ‘De periode van mijn doorbraak is een totale waas’

Milow: “Ik doe niet mee aan de vuile trucs van ‘Dag Allemaal’.” Beeld Tim Coppens

De lezer regeert! In deze reeks bedenkt ú de vragen voor bekende Belgische muzikanten. Deze week leggen we Milow (38) een selectie voor. Zit er nog een grote hit in? Heeft hij al eens lsd genomen? En hoe zit dat met die GAS-boete wegens een verboden zwempartij?

Hoe is ’t? (Fred Vermeulen, Waregem)

“Heel goed, eigenlijk. Het is al een bijzonder jaar geweest, met veel tijd om terug te blikken. Ik heb meegedaan aan Liefde voor muziek en de Duitse versie, Sing meinen Song. Ik vind het wat gevaarlijk om als jonge muzikant je gloriedagen te romantiseren, maar ik heb er eigenlijk wel van genoten. En toen ik aan die programma’s begon, lag er een nieuwe plaat klaar, dat vond ik wel belangrijk.

“De laatste tijd heb ik het gevoel dat ik op kruissnelheid zit. Ik laat me minder hinderen door futiliteiten en ik krijg snel veel gedaan met minder inspanning. Toen de vraag kwam van Sing meinen Song, was dat op één voorwaarde: ik moest Duits kunnen spreken. Waarom niet, dacht ik? Ik had vier maanden tijd. Dat was pittig, maar ik heb er wel van genoten. Dat soort uitdagingen geeft me voldoening.

“Ook privé ben ik nooit gelukkiger geweest. De periode van mijn doorbraak, tussen 2007 en 2011, was een totale waas. Ongelooflijk tof, maar ik zei ‘ja’ op elke vraag, vanuit het idee dat het misschien nooit meer terugkwam. Dat is uiteindelijk ook Avicii overkomen, maar dan extremer.

“Ondertussen heb ik meer balans ingebouwd. Ik woon deeltijds in Los Angeles, dat zorgt voor een zekere rust. Vandaag is het druk en ik ben moe, maar ik weet dat ik over een paar dagen naar ginds vertrek, dus ik wind me daar niet meer in op.”

Je zit heel vaak in het buitenland. Hoe ga je om met eenzaamheid of heimwee onderweg? (Sigried Godderis, Sint-Amandsberg)

(vertederd) “Heeft iemand echt die vraag ingestuurd? Kijk eens aan. Dit leven heeft zeker zijn eenzame momenten, ik ben vaak alleen onderweg. Al word ik daar niet snel triestig van. Mijn broers hebben eens in een documentaire verteld dat ik vroeger vaak alleen op mijn kamer zat, en ik was dat al vergeten, maar het is waar. Een table for one, daar word ik niet droevig van. Ook omdat ik weet dat mijn leven in cycli verloopt. Na vermoeiende of eenzame periodes volgt weer een periode dat ik heel sociaal ben en zoveel mogelijk volk wil zien.

“Wat ik wel weinig doe, zijn solo­tournees. Voor en na een optreden alleen zijn, dat vind ik moeilijk. Na een uur op het podium moet je toch iets kanaliseren. Als ik dat niet met mijn muzikanten kan beleven, dan mis ik dat.”

Denkt u dat u nog een grote hit zult scoren? (Elias Fret, Rotselaar)

“Ik denk dat ik weet wat Elias bedoelt. Ik weet ook wel dat als ik straks verongeluk, er in het nieuws enkel tijd zal zijn voor ‘Ayo Technology’ en misschien ‘You Don’t Know’. Mijn verhaal zal gereduceerd worden tot die twee hits, maar ik kan dat relativeren omdat ik weet dat ik avond na avond, showcase na showcase heb opgetreden om te bewijzen dat ik meer kan dan een bekend nummer coveren. En ondertussen is het effect van die twee hits wel uitgewerkt, daar teer ik niet meer op.

“Maar ja, ik denk inderdaad dat ik nog een hit ga scoren. En ik zeg dat met een glimlach omdat ik die naïviteit wil bewaren. Wat is het alternatief? De handdoek in de ring gooien? Ik zal niet ongelukkig zijn als het niet meer gebeurt, natuurlijk niet. Ik heb al een paar keer mogen proeven van iets waar veel artiesten een leven lang naar hunkeren. Maar als ik er over tien jaar niet meer zou zijn, dan zou ik het leuk vinden als er nog andere nummers op dat lijstje staan.”

Kun je aub stoppen met zingen? (Mark Overzins, Machelen)

“Ik vraag mij af: wat drijft Mark om zo’n vraag in te sturen? Als je niet geïnteresseerd bent, dan laat je zo’n oproep van De Morgen toch passeren?

“Het wordt snel gezegd: Milow polariseert. Ik stel vast dat dat enkel in Vlaanderen zo is. Als het al klopt, want ik durf dat te relativeren. Ik heb sociologie gestudeerd: je mag een slechte steekproef niet overschatten. Het is een luide minderheid die klaagt op Twitter of Facebook, en als je doorklikt, dan blijken dat vaak mensen te zijn die over alles bitter zijn. Volgens mij reageert 95 procent van de mensen nooit op sociale media, maar die kleine groep van 5 procent vindt het echt heel belangrijk om duidelijk te maken wat ze niet leuk vindt.

“Maar onlangs was het weer de insteek van een interview: die gepercipieerde negativiteit over Milow. Ik ben daar ook niet blind voor, maar er zijn genoeg mensen die mijn muziek wél goed vinden, dus ik wil daar niet al te veel energie in steken.

“Maar om op de vraag te antwoorden: mensen hebben me lang gevraagd wat ik hierna zou doen. Maar al van toen ik zestien was, wist ik dat ik verhalen wilde vertellen. Ik zou schrijven of films maken, maar ik heb ontdekt dat muziek een vorm is die me enorm ligt. De passie voor film kan ik kwijt in mijn videoclips en live kan ik zoveel vertellen tussen de nummers. En dan krijg je plots de kans om Duits te studeren, dus die honger om bij te leren wordt ook gestild. De muziek geeft mij zoveel vrijheid en mogelijkheden.”

Beeld Tim Coppens

Waar haal je je inspiratie voor nummers? Komt die altijd van ervaringen die je had of kan het ook uit andere hoeken komen? (Marie Hendrix, Bree)

“Mijn doorbraak­album, Coming of Age, stond vol kleine epossen: er stond een nummer op over de Herald of Free Enterprise, die ramp had ik volledig onderzocht, alsof ik er een thesis over moest schrijven. Er was ook een liedje over Stefanie De Mulder, het slachtoffer van de zogenaamde sms-moord in 2004. Ik wilde die verhalen vereeuwigen, zoals zangers in de jaren 60 en 70, maar die plaat was nogal all over the place.

“Ik leg mezelf alvast geen taboes op. Ik wil geen salon­fähige, politiek correcte, bordkartonnen artiest zijn. In 2011 schreef ik ‘The Kingdom’, over de regeringscrisis. Hier stuit zoiets snel tegen de borst, maar dat idee van shut up and sing vind ik doodzonde. Ik reis veel en ik kom in contact met andere culturen. Dan zie je de dingen vanuit andere perspectieven, of herken je patronen. En als muzikant heb en neem je veel tijd om over maatschappelijke kwesties na te denken. Dus ik vind het wel jammer dat we niet meer betrokken worden bij belangrijke debatten.

“Ik probeer wel mijn momenten te kiezen: ik heb genoeg concerten in de AB gezien waarbij de zanger roept: ‘En dit nummer is tegen George W. Bush.’ Dat noem ik preken voor de eigen parochie.

“Er wordt ook vaak gezegd dat mensen weinig over me weten, maar het is allemaal daar, in mijn teksten. Elk album voert me terug naar wie ik op dat moment was en waar ik mee bezig was, en er staat altijd minstens één nummer op over mijn vader (die in 2008 plots thuis overleed, LB).

“Ik merk dat de jongens met wie ik ben opgegroeid, een gelijkaardige band hadden met hun pa: vol frustratie, onuitgesproken kwesties en geprojecteerde verwachtingen. Wij moesten doen wat onze vaders zelf hadden willen doen. En de lat lag zo hoog. Als ik thuiskwam met mijn rapport, was zijn eerste vraag: wat vind je er zelf van? Alsof hij meteen zei dat het niet goed was.

“Die relatie heeft mij gevormd, maar ik kan er vandaag naar kijken met een mildheid die ik voorheen niet had. Ik begrijp nu dat hij ook maar een kind was van zijn generatie. In mijn nummers ga ik dan op zoek naar iets universeels dat Vlaams-Brabant overstijgt.

“En ja, het is een groot cliché, maar ik vind het therapeutisch om daarover te schrijven en die nummers elke avond op een podium te brengen. Toen mijn vader stierf, stond ik net voor een grote tournee. Ik heb geen enkel optreden afgezegd. Dat eerste concert was heavy, want veel nummers gingen over ons, maar ik vond het ook een hele opluchting.

“Niet iedereen begreep toen waarom ik er zo op gebrand was om ook buiten Vlaanderen te spelen, maar dat was meer dan pure ambitie. Ik heb rust gevonden door veel op te treden. Omdat zo de angst wegviel dat het nooit zou lukken met mijn carrière als muzikant, maar ook omdat ik vaak alles van mij kan afzingen, als een therapeutische sessie. Die regelmaat trekt mij enorm aan.”

Heb je al eens lsd genomen? (Charly Potiau, Duitsland)

“Nee. (lacht) Grappige vraag. Hoe het zit met andere substanties? Euh... cannabis is mijn go to en dat is altijd genoeg geweest. Ik heb nooit de goesting gevoeld om iets straffers te proberen, net zoals ik bijvoorbeeld nooit in een casino heb gegokt. Ik ken mezelf: ik ben competitief en kan niet goed doseren. En ik heb een levendige fantasie, dus ik ben niet per se nieuwsgierig naar hoe die andere middelen zouden voelen. Ik heb het idee dat ik dat al weet. Is dat een goed antwoord?”

Als u geen muziek maakt, hoe ziet een doordeweekse dag er dan voor u uit? (Wannes Depoortere, Nieuwrode)

“Mijn leven is zo onregelmatig dat ik heel erg kan genieten van kleine routines als ik vrij ben, zoals elke ochtend op dezelfde plek gaan ontbijten.

“Ik gruw van regelmaat, daarom heb ik voor de muziek gekozen, maar gek genoeg is net onvoorspelbaarheid routine geworden. Dit leven – elke dag een andere stad – ken ik ondertussen zo goed dat ik stiekem blij kan zijn met een zekere saaiheid.

“Op die detox­dagen sport ik. Surfen als het kan, hiken of fietsen. In Los Angeles is het heel gemakkelijk om buiten actief te zijn. Na een week daar voel ik mijn energie en creativiteit weer stromen.

“Ik probeer gezonde keuzes te maken. Dat heeft wel wat te maken met mijn vader en grootvader, die beiden jong gestorven zijn, al ben ik nuchter genoeg om te beseffen dat je een eventuele genetische aanleg niet volledig kunt uitvlakken met gezonde voeding.

“Muziek is ook veel meer dan vroeger topsport geworden. Je bent altijd onderweg en als je uitgeput bent, glijd je makkelijk in een donkere stemming. Daar wijs ik altijd op, als mensen een anekdote vertellen over een artiest die heel moeilijk deed: misschien heeft hij niet geslapen en is hij door zijn rug gegaan. Dat is mij ook al overkomen, en dan lukt het echt niet om ontspannen op het podium te staan.”

Van wie kreeg je je eerste gitaarles? (Lennert Schepers, Houthalen)

“Ik heb het grote geluk gehad dat ik heel vaak in mijn carrière op het juiste moment bij de juiste mentoren ben beland. Rond mijn negende was dat mijn muziekleraar Jules Willems. Die heeft mij van een paar instrumenten de basis aangeleerd. Ik heb ook even notenleer gevolgd, waardoor ik genoeg vocabulaire heb om te praten met geschoolde muzikanten.

“Mijn ouders stuurden mij af en toe naar vrienden in Wallonië, om mijn Frans te oefenen, en daar heeft hun zoon Timothée, die even oud was, mij op een dag van die typische drie­snaren­songs geleerd: ‘Zombie’ van The Cranberries, en ‘The Man Who Sold the World’ van David Bowie, in de versie van Nirvana. Veertien, vijftien jaar was ik toen, en uitgekeken op Bach.

“Mijn vader was geen professionele muzikant, maar hij speelde ook gitaar en hij zong. Hij schreef Nederlandstalige nummers. Ik heb het dus wel van hem. Thuis lagen altijd veel instrumenten en als we met de auto op vakantie gingen, ging er belachelijk veel ruimte in de koffer naar curver­boxen vol boeken en cd’s. Altijd was er muziek, van Franse chansons en Italiaanse liedjes tot klassiekers als Leonard Cohen en The Beatles.”

Beeld Tim Coppens

Je kijkt en oogt altijd zo gelukkig. How come? (Hubert Goossens, Spanje)

“Ik doe elke dag wat ik het allerliefste doe. De rest – een beetje moe zijn, of even stil moeten staan bij iets wat tegenvalt – is achtergrondruis. Ik probeer mijn geluk daar niet van te laten afhangen en naar het grotere geheel te kijken.”

Waar haal je het meeste plezier uit: een concert voor duizenden mensen of eerder een intiem optreden? (Emma Denis, Schilde)

“Het is een saai antwoord, maar: ik hoop dat ik nooit zal moeten kiezen. Een intiem concert vind ik best moeilijk, omdat je zo kwetsbaar bent en je niet kunt verstoppen. Maar het is indrukwekkend hoe je met elke noot en trilling iets kunt vertellen. Dat effect verlies je als je voor duizenden mensen staat. Wat je dan in de plaats krijgt, is de energie van een collectief gebeuren. Maar als ik lang grote concerten heb gedaan, probeer ik toch weer kleinere optredens in te plannen, zodat ik mijn nummers kan terug­nemen. Zonder publieksparticipatie. (lacht) Soms is het fijn als de interactie zich beperkt tot muisstil luisteren.”

Is het niet moeilijk om te weten welke mensen je benaderen en met je bevriend willen worden omwille van je bekendheid, en welke om wie je bent als mens? (Tom Steeghen, Mechelen)

“Dat is een goede vraag. Ik heb altijd mijn buikgevoel gevolgd en dat laat me zelden in de steek.

“Er is een tijd geweest dat ik het moeilijk vond om nieuwe vrienden te maken in landen waar ze mijn muziek kennen, alsof er een muur in de weg stond. Ook gek is dat het bij mensen hier een hindernis is als Milow niet helemaal hun ding is. In 2012 ging ik voor een sabbatjaar naar L.A. en dat was heel verfrissend: iedereen daar werkt hard, maar als ze ontspannen dan praten ze vooral niet over het werk. Ik sta ook nog heel dicht bij mijn familie en de vrienden die al meegaan van in het middelbaar en van op de universiteit. Ik vind het fijn dat er mensen zijn die ik al zo lang ken.”

Je nam afgelopen seizoen deel aan het VTM-programma Liefde voor muziek. Wat is je favoriete moment uit die reeks afleveringen? (Colalie Masnier, Frankrijk)

“Ik vond het tof om daar te beseffen dat ik al lang niet meer bezig ben met de vraag: pas ik hier wel? Onzekerheid kan gezond zijn, maar al die muzikanten die hun eigen parcours rijden, dat vind ik inspirerend. Keitof was ook Stef Kamil Carlens die mijn ‘Lay Your Worries Down’ coverde. Van iedereen daar was hij de artiest die ik vroeger het vaakst live gezien heb, met Zita Swoon.

Dag Allemaal publiceerde onlangs een artikel waarin gezegd werd dat ik niet kon opschieten met de andere artiesten en achter de schermen negatief was over hun covers van mijn nummers, maar dat is helemaal verzonnen. Ik ga me echt niet anders voordoen dan ik ben.

Dag Allemaal is voor dat programma een partner, maar VTM heeft nu toch die samenwerking verbroken. En drie artiesten hebben meteen hun interview met het blad ingetrokken. Dat zouden ze nooit doen als de sfeer niet goed was.

“Het is de eerste keer dat er over mij flagrante leugens verschenen zijn. Ik kan dat wel plaatsen: twaalf jaar lang heb ik alle interview­aanvragen van Dag Allemaal geweigerd, een principekwestie waar ik niet van afwijk, en daar hebben ze mij nu op teruggepakt. Ze dachten wellicht dat ik de week daarop wel een interview zou geven om (met geaffecteerde stem) het een en ander recht te zetten. Maar aan dat soort vuile trucs doe ik niet mee.”

Milow, je hebt die belachelijke GAS-boete van het dictatoriale regime der dikke, kalende huisvaders die mensen verbieden te zwemmen toch niet betaald, hè? (Igor Guilts, Gent)

“Weet je waar dat over gaat? (Vorig jaar kreeg Milow in Oostende een GAS-boete nadat hij met enkele fans in de zee was gesprongen na zijn optreden op Q-Beach House, LB) Dat was wel even schrikken. Het was een keitoffe avond en er waren geen golven. Niemand heeft me gezegd dat we niet in de zee mochten en als ik kom optreden voor 15.000 mensen, ga ik ervan uit dat er gezorgd wordt voor politie en redders. Maar iedereen heeft zich willen indekken op mijn kosten. Dan sta je daar vol goede bedoelingen en dan krijg je dat in je gezicht terug.

“Soit, ik ben het helemaal niet eens met dat soort regeltjes en ik was eerst niet van plan om die boete te betalen, maar ik heb het toch maar gedaan. Strikt genomen vind ik wel dat Qmusic mij die 50 euro nog moet terugbetalen, maar goed, choose your battles. (lacht)  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234