Zondag 25/10/2020

ReportageBourgondiërs

Met ‘De Bourgondiërs’-auteur Bart Van Loo naar de Bourgondische schat in KBR-museum

Auteur Bart Van Loo oog in oog met Filips de Goede. 'Aan zijn troon liet hij vuile moppen vertellen op winteravonden. Die werden opgeschreven en vormen nu de eerste erotische verhalenbundel uit de Franse literatuur.' Beeld Francis Vanhee

Vandaag opent in Brussel het KBR-museum zijn deuren, met achter zijn strenge gevel een schat die 600 jaar verborgen bleef: de prachtige collectie handschriften van de vroegere hertogen van Bourgondië. Wij gingen al eens kijken met auteur van De Bourgondiërs Bart Van Loo.

Van Loo staat te popelen om binnen te gaan als we elkaar ontmoeten. Hij toont zijn sportschoenen met op de ene schoen ‘Philippe’ en op de andere ‘Le Hardi’, Filips de Stoute dus, de oervader van de Bourgondiërs. Die kocht hij als een soort talisman bij het schrijven van zijn boek en ze zitten nog altijd goed.

Binnen in het gebouw wordt hij meteen koninklijk ontvangen. De directeur komt zwaaien, de verschillende conservatoren in haar zog. Het is voor hen de blijde intrede van Van Loo, de populaire rasverteller, die met De Bourgondiërs een bestseller van jewelste heeft geschreven en die in dit bijna vergeten stukje geschiedenis het ‘oerverhaal’ van de Lage Landen herkende. Omgekeerd is het respect van de auteur voor deze onderzoekers, of schatbewaarders zoals hij ze graag noemt, voelbaar groot.

De schat in kwestie die bewaard wordt betreft de collectie handschriften van de Bourgondische hertogen, de Librije genaamd, een unieke verzameling die ooit tot wel 900 manuscripten telde en die zich kon meten met de mooiste collecties van de Franse koningen, het geslacht de Medici of de pausen. Een kleine driehonderd manuscripten daarvan hebben de tand des tijds doorstaan: ze overleefden oorlogen en plunderingen, brand en wateroverlast.

Bart Van Loo: “Het is bijna een wonder dat ze hier zijn geraakt, op een paar honderd meter van waar ze ooit bewaard werden in dat prachtige sprookjespaleis op de Coudenberg, dat spijtig genoeg is afgebrand, met al die Van Eycks en Van der Weydens die daar hingen. Een aantal boeken kon nog net uit het raam gegooid worden, in de sneeuw. Ongelofelijk toch?”

Wat er alsnog te zien is, doet dromen van wat er ooit geweest moet zijn. Het woord ‘bourgondisch’ betekent vandaag de dag niet voor niets ‘rijk, copieus’. Het is dan ook een en al weelde wat we te zien krijgen. Te veel om op te noemen, maar we doen een gooi.

Filips ‘lippeke’ De Schone

We zien een door Thomas a Kempis eigenhandig geschreven werkje, De Imitatione Christi (Van Loo: “Dát is pas een boek dat goed verkocht heeft”), verderop ligt het handschrift Van Hulthem, een van de belangrijkste verzamelmanuscripten van Middelnederlandse literatuur, we zien manuscripten van Christine de Pizan, een van de weinige vrouwelijke schrijfsters uit die tijd, een Rijmbijbel van Jacob Van Maerlant.

Mooi is het verhaal van de Brabantsche Yeesten, een handschrift dat op modern papier gemonteerd is, omdat de authentieke bladen in te slechte staat waren. Op een bepaald moment lagen deze prachtige miniaturen bij een sigarenhandelaar, bestemd om sigaren mee in te pakken, tot een pientere landmeter ze zag, opkocht en in het rijksarchief in veiligheid bracht. Van Loo: “Ik moet nu denken aan al die miniaturen van Jan van Eyck die ooit zijn ‘opgesmoord’.”

De auteur en de conservatoren gooien elkaar de hele tijd kleine snoepweetjes toe. Van Loo heeft het bijvoorbeeld over een geschiedenisboek dat ooit behoorde aan Filips De Schone, waarin achteraan ‘Ce livre appartient à Philippe le Beau dit lippeque’ stond, Filips die ze ‘lippeke’ noemden dus. Van Loo: “Ofwel noemden ze hem ‘lippeke’ als verkorting voor Philippe, maar anderzijds had hij, als halve Habsburger, ook een grote onderlip, dus... In het boek staat het geschreven als ‘lippeque’, een Vlaams verkleinwoord maar dan op zijn Frans neergeschreven, dat is België samengevat in één zin.”

De schat in deze expo betreft de collectie handschriften van de Bourgondische hertogen, de Librije genaamd, een unieke verzameling manuscripten.Beeld Francis Vanhee

De verzamelde stukken vertellen de grote en tegelijk kleine geschiedenis waar Van Loo zo dol op is en die hij zelf ook bedrijft. “Dat is nu eenmaal geschiedenis, hé. Alleen grote geschiedenis verteer je slecht en in uitsluitend kleine geschiedenis loop je al snel verloren.” We zien de contouren van de Lage Landen zich voor het eerst aftekenen en tegelijkertijd krijgen we, zoals je iemand zijn karakter kan aflezen aan diens boekenkast, een unieke inkijk op de persoonlijkheid van de hertogen.

Van Loo: “Ik stel me voor dat deze boeken in hun pronkzaal opgesteld stonden, toevallig opengelegd op een prent waar ze zelf op stonden. Wij denken toch ook na over wat we in onze living hangen, voor wanneer er bezoek komt? Je kan zien dat het zeer devote mensen waren en tegelijkertijd is dat ambivalent, want een Filips de Goede hield niet op met oorlogen te voeren en zijn vrouw te bedriegen; hij had uiteindelijk tot wel 26 ‘erkende’ bastaardkinderen. Ook liet zo’n Filips aan zijn troon vuile moppen vertellen op winteravonden. Die werden opgeschreven en vormen nu de eerste erotische verhalenbundel uit de Franse literatuur. Het is het hoge en het lage tegelijk en dat spreekt mij aan, dat devote en toch ook platvloerse. Ik heb tijdens het schrijven van mijn boek mensen van vlees en bloed ontdekt.”

De door de hertogen bestelde en verzamelde boeken dienden vaak als een vorm van propaganda. Van Loo: “Het was ‘uitpakken om in te pakken’. Veel blingbling tentoonspreiden om op die manier bij het volk en de groten der aarde het idee op te roepen ‘Die hertogen, dat zijn pas échte koningen.’ Maar tegelijkertijd denk ik dat Filips De Goede ook een diepe, oprechte liefde voelde voor ‘het schone’. Het was propaganda, maar hij hield ook écht van wat mooi is. Je ziet vingerafdrukken, druppels van kaarsen op de pagina’s. Die boeken zijn echt gebruikt.”

Te naakt voor Facebook

Het mooiste aan deze permanente tentoonstelling zijn de miniaturen, de kleine illustraties bij de tekst. Die werden gemaakt door de grootste kunstenaars van hun tijd en het is kunst- en vliegwerk op de vierkante millimeter. Er ligt topwerk van ene Marmion, er ligt een boek uit de 9de eeuw over gynaecologie met op zijn zachtst gezegd bizarre illustraties, er zijn religieuze werken met prachtige prenten van hemel, vagevuur en hel. Conservator Ann Kelders: “Zoals bij Dante is de hel altijd het plezantst.” (lacht)

We zien een onwaarschijnlijk mooie bladzijde openliggen van de Cosmographia van Ptolemaeus, een exemplaar dat toebehoorde aan Raphaël De Mercatellis. Van Loo: “Dat is een van die 26 bastaardzonen van Filips de Goede. Het is hier één familiale rommelpot.”

Daarnaast ligt een hemels werkje met een prent van Adam en Eva. Kelders: “Dit is geblokkeerd op Facebook, wegens te naakt.” (lacht)

Een van de topstukken is de Chroniques de Hainaut, een ‘geschiedeniswerk’ dat Filips de Goede laat schrijven en dat hem moet aanduiden als wettige opvolger van een lange vorstelijke traditie die teruggaat tot de oorlog in Troje. De bladzijde ligt open op een prent van Rogier van der Weyden, een van onze Vlaamse Primitieven.

Bart Van Loo geniet en duidt aan: “Die figuur daar is de eerste minister Rolin, degene die het Hospices de Beaune heeft laten bouwen, het mooiste middeleeuwse hospitaal dat we vandaag nog kunnen bezoeken, en daar is trouwens de film La grande vadrouille voor een groot stuk opgenomen. Zo zie je dat er toch een link is tussen Louis de Funès en de Bourgondische hertogen.”

Er worden niet alleen manuscripten getoond. Ook wordt getoond hoe zo’n handschrift gemaakt werd, hoeveel dierenhuiden, welk pigment, kortom hoeveel materiaal en werkuren er in één boek kropen.

Van Loo: “Hoeveel huiden had je ook weer nodig voor een boek? Twee schapen, geiten of kalfjes voor een dubbel blad? Een kleine kudde voor het hele boek? Dat kan tellen hé.” Hij is duidelijk in zijn sas met wat hij ziet. “Ik voel mij een beetje als Obelix die in de toverdrank valt.” Of ook: “Waarom hebben jullie daar glas voor gezet?! Spijtig, je zou daar boven willen hangen.”

Naarmate we hoger in het gebouw gaan, dichterbij de eigenlijke werken uit de tijd van de hertogen, is Van Loo niet meer te houden. “Er wordt hier duidelijk toegewerkt naar een hoogtepunt. Het woord voorspel gaat herhaaldelijk vallen in dit artikel, denk ik.” (lacht)

Wat vindt hij hier het plezierigste? Van Loo: “Het is enerzijds een feest van herkenning. Ik loop hier rond met de vraag: wat kan ik verbinden met wat ik weet, en elke keer als ik dat kan, is dat een mentaal vreugdesprongetje. En los daarvan is het gewoon beeldschoon. Je moet weten: op dit moment in de tijd wordt de boekdrukkunst uitgevonden, dus ineens kun je honderd bijbels laten drukken. En toch gaan die Bourgondische hertogen dapper door, die blijven deze onbetaalbare handgemaakte werken bestellen. Dit is een zeer spectaculair slotvuurwerk van een eeuwenlange manuscriptentraditie die hier tot zijn einde komt.”

Het KBR-museum brengt het oerverhaal van de Lage Landen tot leven. 'Dit wordt een internationaal topmuseum, dat kan niet anders.'Beeld Francis Vanhee

Van Loo ziet in dit prachtige museum hoe het oerverhaal van de Lage Landen dat hij in zijn boek beschrijft tot leven wordt gebracht, de tijd waarin Vlaanderen en bij uitbreiding Bourgondië zowat het Silicon Valley van zijn tijd was en waarin de Bourgondiërs grootse zaken ondernamen met die rijkdom. “De meeste geschiedschrijvers begonnen hun verhaal met de val van Antwerpen, de scheiding tussen de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden als een soort van nulpunt. De Gouden eeuw was dan de zeventiende eeuw in Nederland met Vermeer en Rembrandt, maar blijkt dat er daarvoor al een gouden eeuw was, namelijk die Bourgondische gouden eeuw. Deze tentoonstelling laat dat duidelijk zien en dat is een majeur evenement.”

De conclusie? Bart Van Loo: “Ik denk dat heel veel mensen hiervan gaan genieten. Een nieuw museum, van dit niveau, met zo’n vermaarde collectie, je kan je wel inbeelden dat ik dit alleen maar kan toejuichen. Dit wordt een internationaal topmuseum, dat kan niet anders.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234