Vrijdag 22/11/2019

Film

Met Daniel Day-Lewis' zelfgekozen pensioen verliest Hollywood een van zijn grootste acteurs

Daniel Day-Lewis in 'Gangs of New York'. Beeld REUTERS

Daniel Day-Lewis stopt met acteren. Een van de meest gelauwerde en geprezen filmacteurs van de afgelopen drie decennia gaat met pensioen. 60 jaar is de in Londen geboren Ier pas, die bij monde van zijn impresario Leslee Dar heeft laten weten dat het om een 'persoonlijke beslissing' gaat. Een reden voor het besluit van Day-Lewis is niet gegeven en zal er ook niet komen.

Een vroegtijdig einde van een bejubelde acteurscarrière. Het gebeurt slechts zelden. Vermoeidheid, ziekte, teleurstelling met de showwereld en de spotlights komen geregeld voor onder acteurs en actrices. Maar een zelfgekozen pensioen en ook nog eens officieel medelen? "De filmwereld pensioneert jou", zei ooit de Britse acteur Michael Caine cynisch. "Je krijgt geen script, het script is beroerd of de beloning is te laag en je zegt: Ik blijf liever thuis om tv te kijken."

Soms gebeurt dat op hoge leeftijd, zoals filmhelden Sean Connery of Gene Hackman, die geruisloos van de filmposters zijn verdwenen. Dan weer ruilen Hollywoodlegendes acteren in voor andere liefhebberijen. Neem Jack Nicholson, die sinds 2010 liever golft, of Robert Redford, die heeft laten weten nog in twee films te spelen om dan nog slechts te regisseren en te schilderen.      

Daniel Day-Lewis in 'There Will Be Blood'. Beeld rv

In het geval van Daniel Day-Lewis zijn er vooralsnog slechts vragen over zijn pensioenmotieven. Mysterie, zoals dat altijd is geweest rond zijn goed afgeschermde privéleven aan de zijde van echtgenote en regisseur Rebecca Miller en hun kinderen. Maar ook naar de reden waarom Day-Lewis in 1989 midden in een theatervoorstelling van Shakespeares Hamlet plots opstapte. Een verklaring erover heeft hij nimmer willen geven, naar verluidt zou hij de geest van zijn dode vader hebben gezien.

Hoe dan ook: Day-Lewis, zoon van dichter Cecil Day-Lewis en actrice Jill Balcon, stond daarna nooit meer op de planken.

(De tekst gaat verder onder de video.)

Met het witte doek was dat anders. Het niet de eerste keer dat Day-Lewis afstand neemt van de bezigheid die hem op zijn 14de zijn allereerste filmklus opleverde: als jeugdige vandaal in de film Sunday Bloody Sunday. Eind jaren negentig na zijn rol als pugilist en IRA-terrorist in The Boxer nam hij al eens een jarenlange pauze. En ook na zijn volgens filmcritici beroerdste rol uit zijn loopbaan, als maestro Guido Contini in Nine, de muzikale versie van Fellini's 8 1/2, gunde Day-Lewis zichzelf langdurig vrijaf.

Beide keren gebeurde dat geruisloos. Day-Lewis verdween gewoon uit de filmwereld en hield zich bezig met naar eigen zeggen "een leven waar ik mijn nieuwsgierigheid net zo vurig volg als wanneer ik werk". Dat zijn belangstelling ver reikt, bewees Day-Lewis onder meer door een tijdje in de leer te gaan bij de Florentijnse meester-schoenmaker Stefano Bemer.

(De tekst gaat verder onder de video.)

Bovendien leek de charismatische en veelzijdige acteur, die bij het grote publiek doorbrak als rechtse punker Johnny in My Beautiful Laundrette, er de nodige inspiratie uit te putten.

Tweemaal kwam Day-Lewis glorieus terug uit zijn zelfverkozen terugtreden. Eerst als sadistische slager Bill 'The Butcher' Cutting in Martin Scorseses Gangs of New York, dat Day-Lewis in 2003 een Oscarnominatie opleverde. Vijf jaar geleden kroop hij onder regie van Stieven Spielberg in de huid van de Amerikaanse president Abraham Lincoln. Day-Lewis werd ervoor beloond met zijn derde Oscar voor beste mannelijke hoofdrol. Een prestatie die geen enkele andere acteur ooit voor elkaar heeft gekregen.

(De tekst gaat verder onder de video.)

Day-Lewis speelde geen Lincoln, hij wás Lincoln, aldus collega's en filmcritici. Het verhaal wil dat de Ier buiten de filmopnames zich steevast liet aanspreken als 'Mr. President'. Het typeert de zogeheten method-acting waarop Day-Lewis als geen ander zijn carrière op heeft gebaseerd. Maandenlang verdiepte hij zich in een rol, werkte die uit en liet uiteindelijk zijn leven er langzaam door overnemen.

Zo leerde hij Tsjechisch voor
The Unbearable Lightness of Being of zat voor My Left Foot (waarvoor hij in 1990 zijn eerste Oscar kreeg) ook naast de filmset in een rolstoel. En hij speelde zijn rol als bikkelharde, misantropische oliebaron Daniel Plainview in There Will Be Blood zo intens dat acteur Kel O'Neill zou zijn opgestapt. Het leverde Day-Lewis aan de hand van regisseur Paul Thomas Anderson in 2008 wel een terechte Oscar op.

Daniel Day-Lewis als Abraham Lincoln. Beeld AP

Met diezelfde Anderson heeft Day-Lewis nu samengewerkt in zijn mogelijk allerlaatste film: Phantom Thread. Een Brits drama dat zich afspeelt in de modewereld van de jaren vijftig en eind dit jaar in de bioscopen te zien is. Dan volgt Day-Lewis' onverwacht pensioen. Of dat voorgoed is? Zelfs Jack Nicholson maakt volgend jaar mogelijk een comeback in een Amerikaanse remake van Toni Erdmann.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234